De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

 Het project 'Weer samen naar school' zorgt ervoor dat kinderen die extra zorg en begeleiding nodig hebben deze zo veel mogelijk op de basisschool krijgen.

Verwante presentaties


Presentatie over: " Het project 'Weer samen naar school' zorgt ervoor dat kinderen die extra zorg en begeleiding nodig hebben deze zo veel mogelijk op de basisschool krijgen."— Transcript van de presentatie:

1

2  Het project 'Weer samen naar school' zorgt ervoor dat kinderen die extra zorg en begeleiding nodig hebben deze zo veel mogelijk op de basisschool krijgen.  Het gaat bijvoorbeeld om kinderen die moeite hebben met leren of kinderen met gedragsproblemen

3  Ongeveer één op de vijf kinderen op de basisschool heeft voor korte of langere tijd extra zorg en begeleiding nodig. Ze hebben bijvoorbeeld moeite met leren of hebben gedragsproblemen. Dit zijn bijvoorbeeld leerlingen met ADHD, dyslexie of bepaalde vormen van autisme.  Maar ook hoogbegaafde leerlingen vragen specifieke aandacht. Doel van het project 'Weer samen naar school' (WSNS) is dat kinderen de benodigde zorg en begeleiding zo veel mogelijk op de basisschool krijgen.

4  Basisscholen werken hiervoor samen in een samenwerkingsverband. Als blijkt dat het op de basisschool toch niet goed lukt, gaan kinderen naar een speciale school voor basisonderwijs. Dit is bij voorkeur tijdelijk.  Het WSNS-beleid is bedoeld voor alle basisschoolleerlingen inclusief de leerlingen die speciale zorg en begeleiding nodig hebben. Lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk gehandicapte leerlingen en leerlingen met ernstige gedrags- of psychiatrische stoornissen zijn géén doelgroep van WSNS.  Deze leerlingen kunnen naar een school voor speciaal onderwijs of met een leerlinggebonden financiering (het rugzakje) naar de reguliere basisschool.

5  Het project WSNS houdt zich bezig met een brede doelgroep, namelijk 'alle leerlingen die extra zorg nodig hebben'. Daaronder vallen vier specifieke groepen:  1.Leerlingen met een stoornis in het  autisme-spectrum  2.Leerlingen met ADHD  3.Dyslectische leerlingen  4.Hoogbegaafde leerlingen.

6  De basisscholen gaan samenwerken met een  speciale school voor basisonderwijs(SBO)  Het doel van een samenwerkingsverband is:  1.Om het aantal verwijzingen naar het speciaal  onderwijs te verminderen  2.Om de mogelijkheden van het reguliere  basisonderwijs te vergroten om die leerlingen  op te vangen

7  Interne begeleider (ook wel: intern begeleider of IB'er)  is een taak of een functie binnen het Nederlandse basisonderwijs.basisonderwijs

8  De invulling van de interne begeleiding is verschillend op basisscholen. Grofweg kunnen er vijf niveaus worden onderscheiden: [2] [2]  De IB'er als RT+: In dit geval werkt de IB'er voornamelijk als remedial teacher met daarnaast enkele IB-taken.RT  De IB'er als instrumentalist: De IB'er is verantwoordelijk voor het leerlingvolgsysteem en de orthotheek. Ook draagt hij de zorg voor het opstellen van handelingsplannen en het plannen van de toetsen.leerlingvolgsysteemorthotheekhandelingsplannen  De IB'er als collegiaal consulent: De IB'er is consulent voor leerkrachten met hulpvragen over kinderen.leerkrachten  De IB'er als coach: De IB'er coacht de leerkrachten bij het ontwikkelen van vaardigheden op het gebied van klassenmanagement, pedagogisch en didactisch handelen. Ook legt hij klassenbezoeken af, voert feedbackgesprekken en gebruikt video-interactie-begeleiding.klassenmanagementpedagogischdidactischfeedbackgesprekken video-interactie-begeleiding  De IB'er als kenniscoördinator: De IB'er is de onderwijskundig leider van de school en verantwoordelijk voor de in de functieomschrijving genoemde onderdelen.  De interne begeleider kan een leerkracht zijn met een speciale taak. Ook kan het een functie zijn. In het laatste geval hoort hierbij ook verantwoordelijkheid en een hogere beloning.

9  Veel remedial teachers op de basisschool zijn tevens intern begeleider. Het grote verschil is dat de remedial teacher zich bezighoudt met de individuele begeleiding van de leerling die hulp op maat nodig heeft, terwijl de intern begeleider binnen de basisschool coördinerende, begeleidende en innoverende(= vernieuwende) taken heeft.

10  RT=er  Opleiding  Akte van bekwaamheid bao en diploma/certificaat 2 e fase opleiding rt  Akte van bekwaamheid bao en diploma/certificaat 2 e fase opleiding ib  Kennis en vaardigheid  dient te beschikken over de noodzakelijke achtergrondkennis op het gebied van theoretische verklaringsmodellen  dient de kennis van de ontwikkeling van het kind toe te kunnen passen w.b. s-e ontwikkeling, cognitie en motoriek  dient gebruik te kunnen maken van de geëigende gesprekstechniek  dient onderzoek bij kinderen te kunnen uitvoeren en verslaan met de geëigende instrumenten en m.b.v. de gegevens te kunnen diagnosticeren  een handelingsplan te kunnen opstellen, vastleggen en uitvoeren, te evalueren en eventueel bij te stellen  kennis te hebben van de didactische lijn in methodes, van specifieke leer- en hulpmiddelen, verschillende leerstrategieën, observatiemodellen, specialismen en verwante disciplines

11  IB-er  dient te beschikken over de noodzakelijke achtergrondkennis op het gebied van coachings-, managements-en veranderingsprocessen en de noodzakelijke achtergrondkennis op het gebied van theoretische verkla-ringsmodellen m.b.t. leer- en gedragsstoornissen  dient de kennis toe te kunnen passen op de zorgcultuur en –structuur van de school  dient gebruik te kunnen maken van de geëigende gespreks-techniek  dient onderzoek te kunnen uitvoeren en te verslaan op schoolniveau v.w.b. zorgcultuur en – structuur met de geëigende instrumenten en m.b.v. de gegevens te kunnen diagnosticeren  beleidsvoorstellen te kunnen formuleren op grond van het onderzoek en de gedane voorstellen te kunnen invoeren binnen de school  kennis te hebben van de didactische lijn in methodes, van specifieke leer- en hulpmiddelen, verschillende leerstrategieën, observatiemodellen, specialismen en verwante disciplines

12  Een leerlingvolgsysteem of LVS bestaat uit een set van methodeonafhankelijke, genormeerde toetsen. Deze toetsen betreffen vooral (de voorbereiding van) de instrumentele vaardigheden: functieontwikkeling (motoriek, rekentaal,... ), het lezen, hoofdrekenen, spellen, rekenen/wiskunde en begrijpend lezen.normeerde  Een volledig leerlingvolgsysteem betreft de hele basisschool. Dus in Nederland de groepen 1 t/m 8.basisschool  Aan de hand hiervan kan de leerkracht meten in hoeverre de leerlingen de leerstof van een bepaald leerjaar beheersen, en wie op welke onderdelen eventueel extra oefening of uitleg behoeft.  Aansluitend op de resultaten van het LVS kunnen dan ook een reeks remediëringsoefeningen, verdiepings- of uitbreidingstaken worden toegepast.  Via het leerlingvolgsysteem krijgt de schoolleiding (en bij uitbreiding de overheid) ook zicht op het niveau van klas en school.  Een leerlingvolgsysteem wordt voornamelijk gebruikt in het basisonderwijs.

13 Voor alle leerlingen in een groep worden de vorderingen vastgesteld en geregistreerd.  Eventuele achterstanden kunnen tijdig worden gesignaleerd en er kunnen gepaste maatregelen worden genomen (remediëring). Een LVS is daarmee onderdeel van de evaluatieve cyclus in het onderwijsleerproces: informatie verzamelen, registreren, interpreteren en beslissingen nemen.  Een LVS kent drie functies:  1.communicatie (rapportage naar ouders, leerlingen, collega’s, intern begeleiders (ib-ers),  remedial teachers (rt-ers), de directie); 2.ondersteuning van het leren en onderwijzen; 3.kwaliteitszorg

14 Leerlingvolgsystemen zijn er in allerlei varianten.  Ze onderscheiden zich naar:  1.dekking van vaardigheden: 2. van specifiek (bijvoorbeeld alleen bewegingsonderwijs) 3. tot breed (alle basisvaardigheden); 4.dekking van de leeftijdsgroep: peuter - kleuter - (s)bo - (s)vo; 5.kwaliteit van de toetsen; 6.vorm van rapportage: DLE’s*** of vaardigheidsscores/niveaus 7.kwaliteit van de meegeleverde materialen; 8.uitgebreidheid van registratie en rapportagemogelijkheden (software); 9.aanwezigheid van extra (hulp) materiaal: wel of geen diagnostische toetsen, hulpboeken,  didactische software.

15  1.Cito-LVS van Citogroep  Het LVS van Citogroep bestaat uit toetsen voor taal en lezen, rekenen/wiskunde, studievaardigheden, wereldoriëntatie en sociaal- emotionele ontwikkeling. Er zijn 16 pakketten, bestemd voor leerlingen van groep 1 tot en met groep 8. Bij taal is er afzonderlijk materiaal voor spellen, technisch lezen, begrijpend lezen, luisteren, woordenschat, taalconventies en tweetaligheid. Elk pakket bestaat uit een handleiding, inhoudsverantwoording, leerlingmateriaal en registratieformulieren.   Er zijn diverse hulpmaterialen ten behoeve van remediëring beschikbaar in de vorm van hulpboeken en als didactische software. Het systeem beschikt over een computerprogramma waarmee toetsafnames kunnen worden gepland, resultaten kunnen worden ingevoerd en gearchiveerd en rapporten worden geproduceerd. Ook resultaten van toetsen die niet in het LVS- systeem zitten, kunnen hiermee worden beheerd.  Het systeem is ook geschikt voor gebruik in het speciaal basisonderwijs

16  2.DLE-LVS van Eduforce  DLE-LVS is een volledig geautomatiseerd leerlingvolgsysteem voor de basisschool met tests voor groep 1 tot en met groep 8. Het bestaat uit toetsen voor sociaal-emotionele ontwikkeling (groep 1 en 2), taal en rekenen. De taalonderdelen zijn beginnende woordenschat (groep 1), technisch lezen, spellen en begrijpend lezen. Rekenen bestaat uit hoofdrekenen en rekenen/wiskunde.  In het pakket zit eveneens een cd-rom om testuitslagen te verwerken en overzichten uit te draaien. Er zijn leerling-, groeps- en schooloverzichten mogelijk.  Per leerling is een perspectief voor het vo-advies te berekenen.

17 Een greep uit de meer recente systemen:  1.Peuters en kleuters: ‘Kijk op ontwikkeling in de onderbouw’ (SLO); ‘Kleuterobservatielijst’ (Citogroep); ‘Ontwikkelingsleerlijnen voor de groepen 1 en 2’ (Ajodakt); ‘Peutervolgsysteem’ (Citogroep); ‘Pravoo leerlingvolgsysteem voor groep 1, 2 (3) en sbo’ (PRAVOO); ‘Zo leren kleuters’ en ‘Zo volg je peuters’ (ZieZo educatief);SLOCitogroepAjodaktCitogroepPRAVOOZieZo educatief 2.Gedrag en sociaal-emotionele ontwikkeling: ‘Eerste Genormeerde GedragsObservatiekaart – EGGO’ (PRAVOO); ‘LVS sociaal-emotionele ontwikkeling PO en VO’ (Leefstijl voor jongeren);PRAVOOLeefstijl voor jongeren 3.Bewegingsonderwijs: ‘LVS bewegingsonderwijs’ (Jan Luiting Fonds); ‘Planmatig bewegingsonderwijs’ (Swets);Jan Luiting FondsSwets 4.Lezen: ‘Begrijpend lezen door rolwisselend leren – VO/VSO’ (Swets);Swets 5.School- en leerlingadministratie: ‘ESIS’ (Rovict); ‘Volg- en ontwikkelsysteem voor het VO’ (VOS).RovictVOS

18  De laatste ontwikkelingen op het terrein van LVS gaan in de richting van afname van toetsen via de computer: CBT (Computer Based Testing). Dat kan lokaal, met behulp van een cd-rom op een stand- alone computer of een netwerk, maar dat kan ook via internet (Web Based).  Momenteel worden bestaande toetsen gedigitaliseerd en nieuwe toetsen ontwikkeld. Deze maken gebruik van de ruimere mogelijkheden die de computer biedt als het gaat om de aanbieding van toetssituaties, vergeleken met de papieren versies. Een belangrijk voordeel is uiteraard de automatische planning, registratie, scoring en archivering van de data. Geavanceerde toetsen zijn bovendien adaptief: Computer Adaptive Testing (CAT). De leerling maakt opgaven die passen bij zijn niveau en is minder tijd kwijt dan bij de papieren toets. Voor het Cito-LVS zijn reeds beeldschermtoetsen in ontwikkeling, zie de voorbeelden op kennisnet en de Cito-site

19  Leerling- en onderwijsvolgsysteem voor groep 1 tot en met 8  Het Leerling- en onderwijsvolgsysteem (LOVS) omvat al onze toetsen voor het basisonderwijs: de Entreetoets, de Eindtoets Basisonderwijs en de verschillende LVS- toetsen. Met de toetsen van het LOVS kunt u de vorderingen van individuele leerlingen, groepen leerlingen en het onderwijs op uw school volgen. Het systeem voorziet in een optimale onderlinge afstemming van alle toetsen, bijvoorbeeld op het gebied van rapportage. Voor de verwerking van de gegevens kunt u gebruikmaken van het Computerprogramma LOVS. Daarnaast is er educatieve software.Entreetoets Eindtoets BasisonderwijsLVS- toetsenhet Computerprogramma LOVSeducatieve software

20  Wat biedt het leerlingvolgsysteem van CITO voor jonge kinderen van 3 tot 6 jaar?  de Peuterobservatielijst (peuters van 3 tot 4 jaar)  toets Taal voor peuters  toets Ordenen voor peuters  toets Ruimte voor peuters  de Kleuterobservatielijst (groep 1 en 2)  toets Taal voor kleuters  toets Ordenen voor kleuters  toets Ruimte en Tijd voor kleuters


Download ppt " Het project 'Weer samen naar school' zorgt ervoor dat kinderen die extra zorg en begeleiding nodig hebben deze zo veel mogelijk op de basisschool krijgen."

Verwante presentaties


Ads door Google