De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

LILIAN VAN RUMPT- VAN DE GEEST SURINAME, JANUARI 2010 Meerlingzwangerschappen.

Verwante presentaties


Presentatie over: "LILIAN VAN RUMPT- VAN DE GEEST SURINAME, JANUARI 2010 Meerlingzwangerschappen."— Transcript van de presentatie:

1 LILIAN VAN RUMPT- VAN DE GEEST SURINAME, JANUARI 2010 Meerlingzwangerschappen

2 Incidentie van meerlingen Tweelingen  Europa/VS11:1000  Japan6.7:1000  Nigeria40:1000 Drielingen 1:8.000 (spontaan) Vierlingen1: (spontaan)

3 It takes two to tango

4 Inleiding Definities Chorioniciteit/zygositeit Complicaties in de zwangerschap, foetaal Complicaties in de zwangerschap, maternaal Beleid in de zwangerschap Complicaties bij de partus Beleid bij de partus Take home messages

5 Definities Monozygoot: afkomstig uit 1 ei Dizygoot (polyzygoot): afkomstig uit 2 eitjes Monochoriaal: samen 1 chorion Dichoriaal: ieder eigen chorion

6 Definities Polyzygoot vs Monozygoot dizygoot 33%66%1% Dizygoot=dichoriaal Monozygoot= dichoriaal, monochoriaal of monoamniotisch

7 Monozygote gemelli splitsingsmomentType tweeling 0-3 dagenDichoriaal-diamniotisch 4-8 dagenMonochoriaal- diamniotisch 8-12 dagenMonochoriaal- monoamniotisch > 12 dagenConjoined (Siamese tweeling)

8 Diagnose meerling Sterke zwangerschapsverschijnselen Discrepantie grootte van de uterus en AT datum Uitwendig onderzoek palpatie foetale delen Auscultatie verschillende hartjes Moeders kant van de familie Ovulatieinductie

9 Diagnose chorioniciteit/zygositeit mbv echo Placenta Verschil in geslacht in 1/3 Tussenschot  wk altijd conclusief, bewijst chorioniciteit met T en λ –sign

10 Diagnose chorioniciteit dichoriaalmonochoriaal Lambda sign: veroorzaakt door doorlopen van chorionvlokken in de scheidingsmembraan T sign: dunne scheidingswand bestaand uit 2 lagen amnion

11 Foetale risico’s Aangeboren afwijkingen Prematuriteit Intrauteriene groeivertraging Liggingsafwijkingen TTTS Navelstrengincidenten

12 Foetale risico’s Aangeboren afwijkingen Prematuriteit Intrauteriene groeivertraging Liggingsafwijkingen TTTS Navelstrengincidenten

13 Kansen congenitale afwijkingen Incidentie chromosoomafwijking per foetus  eenling (zowel MZ als DZ) Kans dat 1 kind een chromosoom afwijking heeft, is dus 2 x zo groot als voor een eenling bij DZ maar niet bij MZ! Kans op structurele defecten is 1.2 –2 maal groter bij tweelingen, (vooral MZ, in 80 –90% van de gevallen is er discordantie)

14 Foetale risico’s Aangeboren afwijkingen Prematuriteit Intrauteriene groeivertraging Liggingsafwijkingen TTTS Navelstrengincidenten

15 Kans op vroeggeboorte < 32 wk< 35 wkMediaan Eenling1.2%3.1% Tweeling11%25%37 wk Drieling31%67%34 wk Vierling31 wk Vijfling28 wk

16 Foetale risico’s Aangeboren afwijkingen Prematuriteit Intrauteriene groeivertraging Liggingsafwijkingen TTTS Navelstrengincidenten

17 Groeivertraging 10% bij 30 weken 40% bij 40 weken Discordante groei bij 6,5-34,5% Oorzaken:  Ongunstige ligging van een van beide placentae  Onvoldoende mogelijkheden tot groei voor placentae  Insufficiënte maternale placentaire circulatie door overrekking vd uterus of door druk aan-en afvoerende vaten  Onvoldoende maternale placentaire adaptatie

18 Foetale risico’s Aangeboren afwijkingen Prematuriteit Intrauteriene groeivertraging Liggingsafwijkingen TTTS Navelstrengincidenten

19 TTTS Twin to twin transfusion syndrome Monochoriale tweelingzwangerschap Vaatverbindingen tussen twee placentahelften

20 Vaatverbindingen

21 TTTS DONOR hypovolemie oligurie oligohydramnion RECIPIËNT hypervolemie polyurie polyhydramnion Monochoriale gemelli: Incidentie 10-15%, meestal tussen weken

22 Quintero stagering 1. Combinatie polyhydramnion (DVP >8 cm 10 cm > 20 weken) met anhydramnion (DVP <2cm) 2. Stuck twin heeft geen blaasvulling 3. Doppler afwijkingen 4. Hydrops 5. één of beide foetus overleden

23 Behandelopties 5 opties laser amniodrainage navelstrengcoagulatie expectatief afbreken laserdrainage overall71%66% 2 overlevers58%52% 1 overlever26%18% 0 overlevers16%30% cerebral palsy 7%26% AD partus33 wkn29 wkn

24 Foetale risico’s Aangeboren afwijkingen Prematuriteit Intrauteriene groeivertraging Liggingsafwijkingen TTTS Navelstrengaccidenten

25 Navelstrengincidenten Monoamniotische gemelli mn in 2 e trimester door navelstrengverstrengeling Bij partus kans op navelstrengincident verhoogd, daarom electieve sectio te verkiezen.

26 Maternale risico’s Hyperemesis gravidarum Diabetes gravidarum Hypertensie Preeclampsie Abruptio Placenta previa Anemie Sectio caesarea Fluxus postpartum

27 Diabetes gravidarum Eenling 3-5% Tweeling 3-6% Drieling 22-39%

28 Hypertensie/ PE Eenling 7% Tweeling 14% Drieling 30%

29 Antenatale controles Dichoriaal  Minimaal elke 4 wk  Vaker bij groeidiscrepantie vanaf 24 wk Monochoriaal  Vanaf 16 wk elke 2 wk  Let op tekenen van TTTS Monoamniotisch  Minimaal elke 4 weken

30 Monochoriale gemelli Risico op TTS 10-15% Aangepaste controlefrequentie en aard van controles  echo à 2 weken gedurende de hele zwangerschap: hoeveelheid vruchtwater (DVP), foetale biometrie, maag- en blaasvulling. Instructies  contractiliteit, gespannen uterus en snelle toename van de buikomvang Bij klachten bellen!!!!!!

31 Adviezen Voedingsadviezen  Intake verhogen met 600 kCal  IJzer: 65 mg/dag  Foliumzuur: 1 mg/dag Arbeidsadviezen

32 Complicaties tijdens de baring Liggingsafwijkingen Foetale nood Navelstrengincidenten Abruptio Weeënzwakte Niet vorderende uitdrijving Fluxus postpartum Subinvolutio uteri

33 Moment van de baring Sterfte bij dichoriale gemelli neemt duidelijkt toe > 40 weken Bij monochoriale gemelli > wk KEA Hack ea BJOG 2008:

34 Beleid bij de partus Modus partus afhankelijk van de ligging van de kinderen

35 Beleid bij de partus hoofd-hoofd: ip vaginaal hoofd-stuit: onvoldoende bewijs SC betere uitkomst stuit-stuit/hoofd: kleine studies, geen duidelijke verschillen in uitkomst, na de Term Breech Trial niet meer geaccepteerd in de meeste landen

36 Beleid bij de partus In principe vaginaal onder foetale bewaking Waakinfuus Oxytocine paraat Evt epiduraal Echoapparaat op de kamer Geen strikt tijdsinterval 2e kind z.n.: Bijstimulatie Versie & extractie/Sc nageboortetijdperk actief leiden.

37 Beleid bij de partus rcog Assessment of lie and presentation by US Intravenous access Continuous fetal heart rate monitoring Epidural anaesthesia US machine in delivery room Active third stage of labour

38 Up to date Modus partus hangt af van  Ligging  Geschatte foetaal gewichten  Amnioniciteit Epiduraal wordt aanbevolen Na geboorte kind 1, echo van kind 2 Continue monitoring beide kinderen

39 Monitoring 3 risico’s:  2x hetzelfde kind registreren  Maternale hartaktie registreren, vooral na geboorte kind 1  Foetale nood van het 2e kind, vooral na geboorte kind 1 -echo om de positie van de uitwendige monitor te bepalen -saturatiemeter ter onderscheiding van de maternale hartslag

40 Interpartuminterval Secundaire weeënzwakte Aktief beleid (oxytocine, amniotomie) pH zakt 0,005/min Risico op sectio voor kind 2 stijgt met de duur van het interval Zolang foetale conditie goed blijft (CTG) en er een reële kans op vaginale baring bestaat is er geen absolute tijdslimiet

41 Intrapartuminterval Kind 2 alleen slechter bij vaginale partus  Instabiele ligging (25% HL draait alsnog)  Navelstrengprolaps  Partiele solutio  Acute TTTS Opties partusmodus afh van ligging kind 2

42 Stuitligging boven bekken/dwarsligging/voetligging Uitwendige versie: o 40-50% kans op succes o Complicatierisico (10%) o Misschien derde keuze Sectio op de tweede: o Morbiditeit o Is geen falen!!!! o 24 % Inwendige versie + extractie: o 98% kans op succes o Snelheid o Ervaring o Geniet de voorkeur boven ECV

43 Contraïndicaties inw versie & extractie  Foetus 2 > 20% (750 gr) groter dan foetus 1  Foetus 2 < 1500 gr of < 32 AD  Moeizame uitdrijving kind 1 (veel moulage en caput succudaneum, moeilijke vacuüm)  Ervaring  Fantoomervaring

44

45 Nageboortetijdperk Markeren navelstreng Oxytocine Onderzoek placenta Dichoriale tweeling met zelfde geslacht = ± 18% monozygoot

46 Verhaking Kans op verhaking 1 % 72% bij primigravida Mortaliteit 43,5% Zavanelli-maneuvre optie

47 Verhaking, risicofactoren Intra-uteriene groei retardatie Geboortegewicht < 2000 gr. Antenatale sterfte Aantal verhakingen: Stuit-hoofd29 Hoofd-hoofd8 Hoofd-stuit1 Stuit-stuit3 NNT = 100 Pregnancies with growth-retarded twins in breech-vertex presentation at increased risk for entanglement during delivery. H. Rydhstrom et al. 1990

48 Take home messages Vaststellen chorioniciteit wk, foto in dossier Verhoogde kans Diab grav, hypertensie/PE, fluxus Monochoriale gemelli:  Echo à 2 wk 14 weken – partus  Duidelijke instructies mbt klachten Partus:  Registratie beide kinderen  echo  Anticiperen op fluxus


Download ppt "LILIAN VAN RUMPT- VAN DE GEEST SURINAME, JANUARI 2010 Meerlingzwangerschappen."

Verwante presentaties


Ads door Google