De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Projectmanagement bij PRJ12 Najaar 2014 Projectonderwerp Carbapenem resistente Enterobacteriën bij de mens.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Projectmanagement bij PRJ12 Najaar 2014 Projectonderwerp Carbapenem resistente Enterobacteriën bij de mens."— Transcript van de presentatie:

1

2 Projectmanagement bij PRJ12 Najaar 2014 Projectonderwerp Carbapenem resistente Enterobacteriën bij de mens

3 Belang Projectmanagement Hoe zorgen we dat het Project op tijd goed resultaat oplevert Nut management: bijna alle HLO-ers gaan leiding geven aan stagiaires of MLO-ers Alle HLO-ers krijgen te maken met projecten, managers en leidinggeven Het onderwijs bij de Opleiding BML is deels Projectonderwijs Van Projectmanagement moet elke HBO-er wat weten Nuttig om verschillende stijlen van leidinggeven te herkennen

4 Belang Projectmanagement Dit onderdeel richt zich vooral op Projectmanagement, de vorm van management die in de HLO- beroepspraktijk het meest voorkomt Veel onderzoekswerk wordt projectmatig aangepakt Met name in bedrijven worden veel vernieuwingen projectmatig aangepakt Deze projecten hebben vaak een sterk interdisciplinair karakter

5 Projectmatig werken Soorten projecten: - Een nieuwe brug bouwen - Een nieuwe netwerkomgeving installeren - Een VMT-lab bouwen - Een nieuw vaccin ontwikkelen - Sociale en buurtprojecten - Economische ontwikkeling van een regio

6 Projectonderwijs Onderwijs door middel van projectmatig werken Doel projectonderwijs:  Verantwoordelijkheid nemen voor je eigen leerproces, ontwikkelen van eigen initiatief en zelfstandigheid: Zelfsturing  Leren deelnemen in een project,  Een project leren managen  Vak-inhoudelijk ook nog iets opsteken

7 Projectonderwijs PRJ12 in 2014: Opdracht: 1. Advies uitbrengen aan de Overheid over de laboratoriumdiagnostiek van de antibioticum resistente Enterobacteriën (met name de carbapenem-resistente, CRE), en over antibiotica beleid in de veeteelt, en over een mogelijk vaccin tegen deze bacteriën 2. Advies uitbrengen aan het bedrijf DSM over het op de markt brengen van nieuwe antibacteriële middelen

8 Projectonderwijs algemeen Achtergrond: waarom projectonderwijs voor een HLO-er? Nieuwe inzichten in rol van laboratorium bachelor de HLO-er moet ook in innovatief en communicatief opzicht voldoende ´competent´ zijn, resultaatgericht, en moet kunnen samenwerken met anderen in het bedrijf of de instelling (zoals DSM)DSM HLO-er moet zich kunnen positioneren als belangrijke motor in ontwikkeling kenniseconomie (jawel!) Als een HLO-er een project start, wordt hij geacht niet in het wilde weg te beginnen, maar tevoren een plan te hebben gemaakt volgens een rationale werkwijze

9 Landelijk vastgestelde competenties op gebied van Technisch HBO (niet beroeps-specifiek) Segment sociaal-communicatief: 1. Zelfstandig en in team functioneren; het communiceren en samenwerken met anderen in een multiculturele, internationale en/of multidisciplinaire omgeving en voldoen aan de eisen die het participeren in een arbeidsorganisatie stelt Dit houdt in:

10 Landelijk vastgestelde competenties op gebied van Technisch HBO (niet beroeps-specifiek) Volgens planning uitvoeren van gerichte taken die bijdragen aan een vastgesteld resultaat Als deskundige, alleen of in teamverband, in opdracht van een klant uitvoeren van resultaat gerichte, onderling samenhangende handelingen Als deskundige, alleen of in teamverband, advies uitbrengen over vakinhoudelijke of beroepsmatige aangelegenheden Over het eigen handelen verantwoording aan zichzelf en anderen afleggen

11 Landelijk vastgestelde competenties op gebied van Technisch HBO (niet beroeps-specifiek) Segment sociaal-communicatief: 2. Leiding geven Op basis van leiderschapsstijl werknemers aanmoedigen om door te zetten, hun fouten te tolereren en hen te laten leren van hun fouten Werknemers te stimuleren tot het ondernemen van eigen initiatieven Geeft het voorbeeld naar medewerkers Toont zelfvertrouwen en zelfverzekerdheid Geeft medewerkers een gevoel van gedeelde verantwoordelijkheid

12 Landelijk vastgestelde beroepscompetenties HBO-ingenieur Laboratoriumtechniek Voor allen: onderzoeken, experimenteren en zelfsturing (o.a. zelfreflectie, en verantwoording afleggen over eigen handelen) Daarnaast: Adviseren/verkopen: wensen/vragen van klanten vertalen naar oplossingen of adviezen; rapporteren Leidinggeven/managen: o.a. leiden van vergaderingen, project-/planmatig werken, etc.

13 Landelijk vastgestelde beroepscompetenties HBO-ingenieur Laboratoriumtechniek Bij het project wordt de student beoordeeld op zijn functioneren in een groep: Competentie Leiding-geven: voert leidinggevende taken uit op niveau 1: Geeft assistentie en richting aan medewerkers wanneer daar om gevraagd wordt. Laat dit zien door: - Blijk te geven van plaats en functie van zijn organisatie-onderdeel. - Mede voor taak- en werkverdeling te zorgen. - Aanspreekbaar en bereikbaar te zijn voor medewerkers. - Eerlijk en betrouwbaar te handelen naar medewerkers. - Anderen te steunen in hun initiatieven. - Vanuit zijn eigen werkzaamheden bij te dragen aan vergaderingen en werkoverleggen. - Heldere en eenduidige uitleg of instructies te geven over een te verrichten taak. - Medewerkers inzicht te geven in het belang van de randvoorwaarden van het project. Kortom: door goed mee te draaien in een groep

14 Projectmanagement algemeen De aanpak van het project gebeurt in fasen om de beheersbaarheid en overzichtelijkheid te bevorderen:  Specificatiefase  Ontwerpfase  Uitvoeringsfase  Presentatiefase

15 Nu eerst Projectmanagement volgens Roel Grit

16 Projectonderwijs algemeen  Specificatiefase (=definitiefase): het uitwerken van de opdracht. Hierbij hoort a) onderlinge kennismaking in de groep b) afspraken maken over werkwijze c) oriëntatie op de opdracht d) oriëntatie op het praktijkprobleem e) een eerste analyse van het probleem f) afbakenen van de opdracht

17 Projectonderwijs algemeen  Specificatiefase (vervolg): g) opstellen van werkplan, waarin opdracht, een eerste voorlopige analyse van het praktijkprobleem: wat is nu precies het probleem van de opdrachtgever, waarom komt hij er nu mee, etc.; planning; taakverdeling; benoemen van eindproduct(en) h) Document: Werkplan (=plan van aanpak)

18 Projectonderwijs algemeen Dit plan van aanpak wordt voorgelegd aan opdrachtgever De opdrachtgever moet het gevoel krijgen dat zijn bedoeling goed is begrepen, en dat de projectgroep in staat zal zijn het probleem nader te analyseren, en met verstandige en deskundige adviezen te komen De opdrachtgever geeft het groene licht, al dan niet na aanpassingen van het plan van aanpak

19 Projectonderwijs algemeen  Conceptfase (=ontwerpfase): a) Concretiseren van de projectdoelen, omschreven als eindproducten. Beschrijft aan welke eisen deze eindproducten moeten voldoen (productspecificaties) b) Document: Projectontwerp dit kan bijvoorbeeld een bouwtekening zijn voor een huis, of een matrix met beoordelingscriteria voor verschillende technieken waar uit gekozen moet worden, of een inhoudsopgave van een projectverslag

20 Projectonderwijs algemeen  Uitvoeringsfase (=realisatiefase): a) uitvoering van het plan, waarbij b) controle plaatsvindt op de voortgang, en c) na regelmatige tussentijdse evaluaties bijstelling van de planning plaatsvindt, en d) de opdrachtgever tussentijdse feedback kan geven e) Documenten: Concept Verslag en Notulen

21 Projectonderwijs algemeen  Presentatiefase: a) Schriftelijk en b) Mondeling aan de opdrachtgever c) Documenten: Eindverslag, en Verzamelde notulen in verzameld dossier

22 Het Plan van Aanpak (= Werkplan) Structuur voor een Werkplan of Plan van Aanpak: Voorblad (bedenk een pakkende naam voor het project) Inhoudsopgave Inhoud van het project, waarin a. Achtergronden van het project (o.a. beschrijving van opdrachtgevende organisatie, voorgeschiedenis) b. Probleemanalyse en probleemstelling c. Projectdoelstelling: wat hoopt de projectgroep te bereiken d. De projectopdracht, direct afgeleid uit genoemde doelstelling; e. De eindproducten ( b.v. verslag, advies, berekening, literatuuronderzoek) f. De projectgrenzen Werkplanning Beheer van het project (tijds- en werkplanning, taakverdeling, wijze van organiseren, begroting, rapportage; zie ook formulier TGKIO)

23 PvA: Probleemanalyse en probleemstelling In een probleemanalyse worden a. de in de opdracht aangegeven problemen in kaart gebracht, met de ernst van de problemen, met ook hun onderlinge samenhang b. de mogelijke oorzaken van de problemen aangegeven, en waar wellicht oplossingen gevonden kunnen worden

24 PvA: Probleemanalyse en Probleemstelling, en Doelstelling In een Probleemstelling die voortvloeit uit de Probleemanalyse wordt geprobeerd de kern van het probleem te formuleren In een Doelstelling wordt geformuleerd wat de Projectgroep zich nu precies tot doel stelt. Meestal een bijdrage aan het oplossen van (een deel van) het probleem

25 PvA: Projectgrenzen Met de Projectgrenzen worden aangegeven: a. Tijdstippen van het begin en van het eind van het project b. Aan welke onderwerpen die mogelijk in de probleemanalyse of in de opdracht worden genoemd toch niet gewerkt gaat worden

26 PvA: Werkplanning en Beheer In de Werkplanning staat een draaiboek met tijdsplanning en een taakverdeling tussen de leden van de Projectgroep Bij beheer wordt aangegeven hoe het Project ‘gemanaged’ gaat worden op de TGKIO-punten. Zoals bewaking van de tijdsplanning

27 Projectonderwijs algemeen Het managen van projecten: Tijd: regelmatig tijdsplanning controleren en bijstellen; tijdschrijven Geld: als op enig moment het project duurder wordt dan de mogelijke opbrengst: stoppen! Kwaliteit: geformuleerde specificaties moeten meetbaar zijn: hoeveel betrouwbaarder, gevoeliger, specifieker, en voordeliger is een nieuw voorgestelde laboratoriumtest? Klopt de oorspronkelijke analyse nog steeds?

28 Projectonderwijs algemeen Het managen van projecten: Informatie: Afstemming met opdrachtgever; controle juistheid gegevens en archivering, afstemming tussen de groepsleden onderling: heeft iedereen de meest relevante informatie, of is die voor iedereen toegankelijk? Organisatie: bewaking projectdoel en samenwerking: verloopt die nog naar wens, hoe kan het beter, hoe worden organisatie- en samenwerkingsproblemen opgelost? (zie PO-hulpformulieren op J-schijf of op med.hro.nl/midop/prj12-esbl, zie onder Startdocumenten 1e vergadering)med.hro.nl/midop/prj12-esbl

29 Waarom gefaseerd werken? Inbouwen van beslismomenten (doorgaan, stoppen, anders doorgaan) Geeft meer heldere structuur aan het werk Bij uitzicht op (deels) falen van project, beter mogelijk om diagnose te stellen, b.v. een gebrekkige specificatie van de opdracht, door eigen onvermogen of onduidelijke vraagstelling bij opdrachtgever Zo ook betere kosten beheersing Heb de moed om op elk moment te stoppen als duidelijk is dat het project meer kost dan het (ooit) kan opleveren

30 Projectleider en projectleden Een projectleider veel bovenmenselijke eigenschappen hebben: hij moet lef hebben, voortvarend en taakgericht zijn, diplomatiek, communicatief, overzicht houden, leiding geven, kunnen organiseren en delegeren, kunnen onderhandelen met opdrachtgever, kunnen omgaan met conflicten en onzekerheden De projectleider moet de totale voortgang van het project bewaken; dit omvat zeer vele en diverse verantwoordelijkheden

31 De projectleider Typen leiderschap: Taakgericht Mensgericht Deserteur/laisser faire Autoritair Facilitair

32 Situationeel leiderschap Concept van situationeel leiderschap: De meest gewenste vorm van leiderschap hangt af van de aard van 1. De medewerkers 2. De doelstelling/taakstelling 3. Je eigen karakter

33 Situationeel leiderschap, Vier Verschillende Leiderschapsstijlen 1. Sturen. De leider geeft specifieke instructies en houdt nauwgezet toezicht op de taakvervulling. 2. Coachen. De leider gaat door met sturen en nauwgezet toezicht houden op de taakvervulling, maar legt ook besluiten uit, vraagt om suggesties en moedigt voortgang aan. De eind- beslissing wordt door de manager genomen.

34 Situationeel leiderschap, Vier Verschillende Leiderschapsstijlen 3. Steunen. De leider vergemakkelijkt en ondersteunt de inspanningen van de medewerkers bij het uitvoeren van de taak en deelt de verantwoordelijkheid voor besluitvorming met hen. 4. Delegeren. De leider draagt de verantwoordelijkheid voor besluitvorming en probleemoplossing over aan zijn medewerkers.

35 Situationeel leiderschap, Vier Verschillende Leiderschapsstijlen De vier stijlen bestaan uit verschillende combinaties van twee soorten basis- leiderschapsgedrag die een manager kan gebruiken als hij anderen wil beïnvloeden: sturend gedrag en ondersteunend gedrag. Sturend gedrag betekent structureren, controleren en toezicht houden. Ondersteunend gedrag betekent prijzen, luisteren en vergemakkelijken (=faciliteren)

36 Situationeel leiderschap, Vier Verschillende Leiderschapsstijlen Er is geen “beste” leiderschapsstijl. Het is afhankelijk van de situatie.

37 Varianten van Situationeel Leiderschap Leidinggeven kan dus meer of minder 1. Taakgericht zijn 2. Gericht zijn op het behoud van goede Relaties tussen de mensen van een bedrijf

38 Projectleider en projectleden De projectleden moeten Ook initiatief-rijk en doelgericht kunnen werken Een positief werkklimaat creëren Omgaan met conflicten Kritiek kunnen geven en nemen Beslissingen kunnen nemen

39 Projectleider en projectleden De projectleden hebben als verantwoordelijkheden: Correcte en tijdige uitvoering van toegewezen taken Hun tijd verantwoorden Uitleggen als iets niet op tijd lukt

40 Opdrachtgever De opdrachtgever Moet beslissingen nemen Waar nodig duidelijkheid scheppen Meedenken met de projectgroep Bewaken van de voortgang Budget ter beschikking stellen Kwaliteit bewaken

41 Projecten in de Research Wetenschappelijke projecten, vakspecifiek op 1 lab, gesubsidieerd door KWF, NWO, Nierstichting, etc.KWF Samenwerkingsprojecten: klinische geneesmiddelstudies in samenwerkende ziekenhuizen Internationaal: komen tot eenduidige methoden om b.v. Nieuwe Influenza virussen of ESBL (CRE) bacteriën te diagnosticeren Intern: komen tot ICT-format om bewaarde cellen, weefselcoupes, patiëntgegevens, probes etc. toegankelijk te maken

42 Projecten in de Industrie Wetenschappelijke projecten, gericht op het op grote schaal bereiden en screenen van smaakstoffen, biologisch actieve stoffen, etc. Samenwerkingsprojecten: invoeren van nieuw type bioreactor voor groei van cellen die geneesmiddelen produceren: multidisciplinair, net als: Markt-gerichte projecten: omschakeling naar opbouw van expertise waarmee meer ‘biologische’ voedingsmiddelen of shampoos e.d. industrieel kunnen worden bereid. Omgevingsgericht: hoe zet b.v. het Nederlands Vaccin Instituut een lab op voor het maken van vaccins tegen bioterroristische m.o., zodanig dat de bevolking in de buurt niet nodeloos ongerust wordt.

43 Bij Projectonderwijs: rollen van de docent-tutor geeft instructie en oriëntatie, inhoudelijk en over projectmatig werken is opdrachtgever, waarbij hij (liefst desgevraagd) regelmatig terugkoppeling en verheldering geeft bewaakt het proces en stuurt tijdig bij bewaakt het inhoudelijk niveau bewaakt de snelheid van voortgang stimuleert en beoordeelt Speelt desgevraagd rol van externe deskundige (Afd. Microbiologie EMC of LUMC e.d., RIVM)

44 PRJ12 Leerdoelen :  Training in projectmatig werken  Leren toepassen van Moleculair-biologische, Immunologische en andere basiskennis in een project.  Verdieping en verbreding van je theoretische kennis  Trainen in het je snel inwerken in een nieuw terrein

45 PRJ12 Stramien van het project: voor een ´externe´ opdrachtgever wordt de waarde van nieuwe moleculair-biologische en andere technieken vastgesteld om de bron van besmettingen Carbapenem resistente bacteriën bij de mens vast te stellen. En advies te geven over het ontwikkelen van een vaccin, en van nieuwe anti-microbiële middelen

46 PRJ12 In de PRJ12-handleiding staan o.a. Een draaiboek (tijdschema) Wijze van beoordelen Hiernaast instructie over projectmatig werken volgens TGKIO criteria Bovendien bij de tutorbijeenkomsten: Aanwijzingen om relevante bronnen te vinden Aanwijzigingen voor het geven van onderlinge feedback Studenten geven een schriftelijke beoordeling van elkaars functioneren, echter: de docent bepaalt het cijfer

47 De resultaten De projectgroepen komen vaak met goede en mooie eindverslagen en presentaties Er wordt flink wat ervaring opgedaan met projectmatig werken en projectmanagement Niveau blijkt tamelijk wisselend De studenten verdelen vaak de onderwerpen, en moeten daarom goed letten op de nodige inhoudelijke interactie in de groep Studenten steken er ook inhoudelijk wat van op

48 Nut van projectonderwijs Leren studenten wat van projectonderwijs? Het zou mooi zijn als studenten het gevoel krijgen dat het soms loont om: o Te beginnen met een doordacht plan, o Goed te bedenken wat nu de bedoeling is, o Goed te communiceren met opdrachtgever en collega’s (laat je groepsgenoten weten, als je iets niet op tijd kunt afkrijgen!!!) o Belangrijke afspraken vast te leggen, o Te kunnen nagaan of het nu opschiet of niet

49 Nut van projectonderwijs In plaats van: - Intuïtief en chaotisch te werken - in een onduidelijke richting, - zonder duidelijke grenzen, en - zonder zicht op concrete producten, waar bovendien misschien geen behoefte aan is, waarbij - onnodig irritatie en tijdverlies optreedt door gebrek aan afspraken en communicatie, en gebrek aan management

50 Vragen vooraf aan het project Waar vindt het project plaats? Wat leveren we als eindresultaat op? En waarom? Wat moeten we ervoor doen? Wat doen we nog net wel, en wat net niet meer? Wat leveren we op als tussenproducten? Hoe zorgen we voor kwaliteit? Wie helpt mee? Wanneer gaat wie wat doen? Wat kost het project en wat levert het op? Welke bedreigingen zijn er? Antwoorden hierop komen in het Plan van Aanpak!

51 Nut van projectonderwijs Een hbo-er heeft voor een Opleiding BML gekozen o.a. omdat hij/zij later een “doe”-beroep wil, en niet een “praat/overleg”-beroep Toch zal een BML-er alleen kunnen bijdragen aan innovaties als er effectief gecommuniceerd en georganiseerd wordt

52 Beoordeling Voor een aantal onderdelen wordt een groepsbeoordeling gegeven door de tutor Voor presentatie en inzet worden individuele cijfers gegeven. Zie handleiding Onvoldoende presentaties moeten over Bij onvoldoende algeheel individueel presteren moet het project opnieuw gedaan worden Tentamen, waar vooral getoetst wordt op breedte van opgedane kennis; er geldt een minimumcijfer van 5,5

53 Beoordeling Maak je niet schuldig aan plagiaat! Plagiaat is het presenteren van test of ideeën van anderen als eigen werk, of zonder goede vermelding van de juiste bron (zie ook LIT11) Aanwezigheid vereist: geen tijd voor extra vakanties in OP1 Ook met geldige reden mogen er maar maximaal 2 bijeenkomsten worden gemist ‘Meeliften’ wordt niet geaccepteerd!

54 Referenties Roel Grit: Projectmanagement; 2000, 2003, of Wolters Noordhoff Groningen. Zie ook Van der Kooij en Van der Laan: Exact communiceren (vergaderen, notuleren, presenteren) Piet Delhoofen: De student centraal; hoofdstukken 7 en 8; 2000, Wolters Noordhoff Groningen.


Download ppt "Projectmanagement bij PRJ12 Najaar 2014 Projectonderwerp Carbapenem resistente Enterobacteriën bij de mens."

Verwante presentaties


Ads door Google