De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

 Wet Werk en Bijstand (WWB)  Wet Sociale Werkvoorziening (WSW)  Wajong (jong gehandicapten). Onder de doelgroep van de Participatiewet vallen alle.

Verwante presentaties


Presentatie over: " Wet Werk en Bijstand (WWB)  Wet Sociale Werkvoorziening (WSW)  Wajong (jong gehandicapten). Onder de doelgroep van de Participatiewet vallen alle."— Transcript van de presentatie:

1

2  Wet Werk en Bijstand (WWB)  Wet Sociale Werkvoorziening (WSW)  Wajong (jong gehandicapten). Onder de doelgroep van de Participatiewet vallen alle Wajong’ers die niet duurzaam 100% arbeidsongeschikt zijn.

3  Participatiewet  Jeugdzorg  Maatschappelijke ondersteuning (begeleiding AWBZ)  Dit zijn eigenlijk drie bezuinigingsoperaties. De Participatiewet moet het Rijk 1, 7 miljard euro opleveren.

4  Vanaf 1 januari 2015 wordt de WSW afgesloten voor nieuwe instroom  Wsw-werknemers met een dienstbetrekking houden hun wettelijke rechten en plichten.  Mensen die op 31 december 2014 op de wachtlijst voor de Wsw staan, worden niet meer toegelaten tot de Wsw.  Vanaf 2050 moet niemand meer in de WSW zitten

5  Het subsidiebedrag per Wsw’er per jaar daalt op termijn naar euro. Dat was in 2010 ruim euro  Op termijn blijven er beschutte werkplekken over. Voor elke 3 WSW-plekken die verdwijnen, komt 1 beschutte werkplek terug  Voor deze plekken wordt tenminste het WML betaald. Momenteel is het gemiddelde loon van WSW’ers nog 120% WML.

6  De Wajong blijft bestaan voor:  1 mensen die duurzaam niet kunnen werken  2 zittende Wajongers met arbeidsvermogen  ‘Nieuwe’ jonggehandicapten die over arbeidsvermogen beschikken vallen wel onder de doelgroep van de Participatiewet en vallen dus onder het bijstandsregime.

7  Indien je een woning deelt met meer volwassenen, wordt je bijstandsuitkering daarop aangepast (verlaagd). Hoe meer personen van 21 jaar of ouder in je woning, hoe lager de bijstandsuitkering  De reden hiervoor is dat als er meer personen in één woning wonen, zij de woonkosten kunnen delen.  Voor de kostendelersnorm maakt het niet uit of je getrouwd bent en of je familie bent van elkaar. Het maakt ook niet uit waarom je samen een woning deelt.

8  Gehuwd  Geregistreerd partnerschap of geldend samenlevingscontract  Alle gevallen waarbij zorg voor elkaar wordt vermoed. Bijv. goede vrienden

9  Je doet voor elkaar de boodschappen  Je kookt voor elkaar  Je zorgt voor elkaar bij ziekte  Gezamenlijke bankrekening  Fiscale partner

10  Jongeren tot 21 jaar  Huisgenoten die een studie of opleiding volgen (WSF, WTOS, BBL)  Kamerhuurder of kostganger (commerciële relatie)  Je kunt géén commerciële relatie hebben met ouder, kind, broer of zus.

11 HuishoudenBijstandsnorm per persoon Totale bijandsnorm als alle personen bijstand ontvangen Eénpersoonshuishouden70% Tweepersoonshuishouden50%100% Driepersoonshuishoude43 1/3%130% Vierpersoonshuishouden40%160% Vijfpersoonshuishouden38%190%

12  De uitkering van een alleenstaande ouder wordt verlaagd van 90% naar 70 % bijstandsnorm gehuwden (=1291, 52 euro).  Een alleenstaande ouder komt vanaf 1 januari in aanmerking voor een hoger kindgebonden budget van de Belastingdienst.  Desondanks komt het inkomensverlies voor alleenstaande ouders volgens het FNV op ongeveer 40 euro per maand

13  Je bent verplicht werk te zoeken buiten de eigen regio  Een dagelijkse reistijd van 3 uur is acceptabel. Een baan mag niet om die reden geweigerd worden.  Indien je elders een baan kunt krijgen, ben je verplicht te verhuizen.  Je doet qua gedrag en uiterlijk geen dingen die het krijgen van werk of het behouden daarvan moeilijker maken.  Je bent verplicht ingeschreven te staan bij een uitzendbureau  Bijstandsgerechtigden die willen verhuizen naar een andere gemeente, moeten daar eerst naar werk zoeken

14  De eerste keer dat u zich niet aan een of meer van deze verplichtingen houdt, krijg je tenminste een maand helemaal geen uitkering. Dit was oorspronkelijk drie maanden.  Bij herhaling kan de gemeente de uitkering maximaal drie maanden lang stopzetten.  Bij elke verdere herhaling wordt de uitkering automatisch drie maanden stopgezet

15  De gemeente kan rekening houden met je situatie. Dat betekent dat je bij zeer dringende redenen toch een (deel van jr) uitkering kunt krijgen  Bij overmacht kan de gemeente besluiten je uitkering niet stop te zetten  Indien je binnen de periode van de verlaging kunt bewijzen dat je de verplichtingen na gaat komen, kan de gemeente de verlaging meteen stoppen

16  B&W kunnen je verplichten in ruil voor de uitkering een tegenprestatie te leveren.  Let op: B&W zijn NIET verplicht dit te doen.  De enige wettelijke verplichting is dat het college beleid moet ontwikkelen t.a.v. de tegenprestatie. D.w.z. gemeenten moeten duur, inhoud en omvang van de tegenprestatie vastleggen.

17  Het mag geen bestaande arbeid verdringen  Omvang en duur moeten beperkt zijn. 32 uur per week mag in elk geval niet.  Het college kan bepalen dat het verlenen van mantelzorg een tegenprestatie is

18  Er bestaan nu nog twee soorten bijzondere bijstand: de categoriale en de individuele  Vanaf 1 januari is er alleen nog individuele bijzondere bijstand mogelijk


Download ppt " Wet Werk en Bijstand (WWB)  Wet Sociale Werkvoorziening (WSW)  Wajong (jong gehandicapten). Onder de doelgroep van de Participatiewet vallen alle."

Verwante presentaties


Ads door Google