De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Leerprocessen en subtypes bij kinderen met Developmental Coordination Disorder (DCD) Promotor: Prof. dr. Annemie.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Leerprocessen en subtypes bij kinderen met Developmental Coordination Disorder (DCD) Promotor: Prof. dr. Annemie."— Transcript van de presentatie:

1 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Leerprocessen en subtypes bij kinderen met Developmental Coordination Disorder (DCD) Promotor: Prof. dr. Annemie Desoete Copromotoren: Prof. dr. Herbert Roeyers Prof. dr. Hilde Van Waelvelde Stefanie Pieters Gesteund door:

2 Overzicht presentatie: Probleemstelling Onderzoeksdesign Preliminaire resultaten Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

3 Een waaier aan termen… (Magalhaes, Missiuna, & Wong, 2006) Developmental Coordination Disorder Specific developmental disorder of motor function Clumsy children (onhandige kinderen) Developmental dyspraxia (ontwikkelingsdyspraxie) Handwriting problems Hand-eye coordination problems Sensory integration dysfunction Deficits in attention, motor control and perception (DAMP) Minor neurological dysfunction Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

4 Developmental Coordination Disorder (DCD) DSM-IV-TR (APA, 2000):  A. Dagelijkse activiteiten met motorische coördinatie duidelijker slechter dan verwachting o.b.v. CL en IQ  B. Interferentie schoolse activiteiten of dagelijks leven  C. Geen medische aandoening (vb. cerebrale parese) of ASS  D. Verstandelijke beperking: motorische moeilijkheden ernstiger dan verwacht  Gebruik in onderzoek Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

5 Specific Developmental Disorder of Motor Function (SDDMF) ICD-10 (WHO, 1992)  Ernstige stoornis van de ontwikkeling van motorische coördinatie  Geen verklaring i.t.v. IQ of een specifieke aangeboren of verworven neurologische stoornis  Meestal een uitgesproken onrijpheid van het zenuwstelsel:  Choreatiforme (=snel, ongericht) bewegingen van niet ondersteunde ledematen of spiegelbewegingen  Gestoorde fijne en grove motorische coördinatie  Exclusies: afwijkingen van gang en beweging, coördinatiegebrek, ten gevolge van ‘zwakzinnigheid’  Gebruik in de praktijk (RIZIV)  ~ DSM-IV-TR, behalve: interferentie met dagelijks leven Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

6 Bespreking DSM-IV-TR inclusiecriteria DCD o.b.v. review (n=176) (Geuze et al., 2001) CRIT. A - motorisch functioneren: ‣ Meest gebruikt: M-ABC (2) of TOMI (50%) ‣ Cut-off: pc (ngl. type studie) ‣ 97% studies: < pc 15 of -1 SD CRIT. B - interferentie DL: ‣ Moeilijk te operationaliseren ‣ 40% studies: negeren ‣ 60% studies: logisch gevolg wanneer selectie kinderen in HV Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

7 Bespreking DSM-IV-TR inclusiecriteria DCD o.b.v. review (n=176) (Geuze et al., 2001) CRIT. C - geen medische aandoening/ASS: ‣ Medische aandoening: ‧ Moeilijk om te operationaliseren ‧ Bijna alle studies: voldaan, zonder verduidelijking methode (uitz. 1 studie) ‣ ASS: 0% studies CRIT. D - verstandelijke beperking: mot. moeilijkheden ernstiger dan verwacht ‣ 45% IQ gemeten, cut-off: ‣ 35% gevolg van selectie in gewoon onderwijs Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

8 Vaststellingen: Prevalentie: 6% (APA, 1994) ‣ Vlaanderen/België? Zeer heterogene stoornis / comorbiditeit eerder regel dan uitzondering (Kaplan et al., 1998) ‣ ADHD: 50% (Gillberg, 2003; Kadesjo & Gillberg, 2001) ‣ Leerstoornissen onderscheid dyscalculie / dyslexie? Onderzoeks- vragen: Prevalentie DCD en dyscalculie in CAR? Co-morbiditeit DCD en dyscalculie in CAR? DCD + dyscalculie > DCD + dyslexie in CAR? Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

9 Methode Registratie: ‣ Aanmeldingsklacht ‣ RIZIV-code ‣ ICD-10 codes  3658 patiënten CAR Vlaanderen Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

10 Subtypes binnen DCD vanuit verschillende benaderingen: (Visser, 2007)  Empirische benadering: Initiële focus: descriptieve analyse van motoriek Later: clusteranalyse Grote verschillen, naargelang gebruikte instrumenten Geen eenduidigheid, tenzij één gemeenschappelijk subtype: gegeneraliseerd sensomotorisch deficit Voorbeeld: Lyytinen & Ahonen (1988); Hoare (1994); Miyahara (1994); Dewey & Kaplan (1994); Wright & Sugden (1996); Macnab, Miller & Polatajko (2001) Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

11 Subtypes binnen DCD vanuit verschillende benaderingen: (Visser, 2007)  Klinische benadering Klinische kijk op subtypes Vanuit kritiek op DSM-IV (=omschrijving van een té brede categorie) 3 categorieën met subtypes daarbinnen: Onhandige kinderen: trage en niet effectieve bewegingen Onverwachte bewegingen: tremor, tics Dyspraxie: slecht plannen van motorische taken Voorbeeld: Deuel (1992); David et al. (1981) Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

12 Subtypes binnen DCD vanuit verschillende benaderingen: (Visser, 2007)  Procesgeoriënteerde benadering Model van psychomotorisch functioneren 3 subprocessen bij een beweging: Programmeren van de beweging: ophalen uit LTM Parameterbepaling van de beweging: kracht en tempo Initiatie van de spieren: activeren van motorische componenten Voorbeeld: Smits-Engelsman et al. (1994); Van Galen et al. (1993); Schoemaker et al. (1994) Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Besluit: Inconsistente subtypes binnen DCD die geen rekening houden met comorbide problemen

13 Vaststelling: 4 subtypes van rekenstoornissen:  Semantische geheugendyscalculie: (Geary, 2004) Problemen met snel en accuraat oproepen van rekenfeiten Profiel komt niet overeen met jongere kinderen (deficithypothese) (Desoete & Roeyers, 2002; Geary, 2004)  Procedurele dyscalculie: (Geary, 2004) Problemen met begrippen en complexe algoritmes Vertraagde ontwikkeling (retardatiehypothese)  Visuospatieel subtype van dyscalculie: (Geary, 2004) Visueel-ruimtelijke problemen  Getallenkennisdyscalculie: (McCloskey & Macaruso, 1995) Problemen met lezen, schrijven en vergelijken van Arabische cijfers Onderzoeksvraag: Gevonden subtypes: algemene ontwikkelingsvertraging (retardatiehypothese) of afwijkend profiel (deficithypothese)? Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

14 Vaststellingen: DCD vaker in BuO type 8 (Van Waelvelde & De Mey, 2007)  kans dat visueel-perceptuele problemen ook vaak voorkomen in combinatie met DCD  kans dat kinderen met DCD ook in aanmerking komen voor diagnose VSLD Inconsistente subtyperingen (Hoare, 1994; Macnab, Miller, & Polatajko, 2001; Wright & Sugden, 1996) die geen rekening houden met comorbiditeit (Visser, 2007) S ubtyperingen binnen DCD enkel o.b.v. (perceptueel-)motorische variabelen (Visser, 2003; Wright & Sugden, 1996) Onderzoeks- doel: Relatie tussen DCD en dyscalculie gedifferentieerd in beeld brengen Zoeken naar subtypes o.b.v. cognitieve, motorische én perceptueel-motorische variabelen PLEIDOOI VOOR HET INTEGREREN VAN ONDERZOEK NAAR SUBTYPES MET ONDERZOEK NAAR COMORBIDITEITEN (Visser, 2007) Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

15 Comorbiditeit Samen voorkomen van 2 of meer stoornissen (Neale & Kendler, 1995) Verschillende hypothesen: ‣ Kansmodel ( Neale & Kendler, 1995) biedt geen verklaring ‧ DCD: 1.7% -15.6% ‧ Dyscalculie: 3% % ‧ Kaplan et al. (1998): 33% DCD bij kinderen met leer- en gedragsproblemen ‣ Neuropsychologische profiel comorbide groep vergelijken met geïsoleerde groepen (Willcutt, et al., 2005)  3 hypothesen Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

16 Comorbiditeit Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Fenocopy hypothese:  Eén van de stoornissen (DCD of dyscalculie) is primair en veroorzaakt de symptomen (motorische of rekenproblemen) van de andere stoornis, zonder bijhorende cognitieve profiel  Prestaties comorbide groep verschillen niet significant van de geïsoleerde groepen Bijvoorbeeld: Het kind is ervan overtuigd dat hij de cijfers niet mooi (motorisch) kan schrijven en dus ook niet goed kan rekenen (Pennington, 2006; Rhee et al., 2005; Wilcutt et al., 2005)

17 Comorbiditeit Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Cognitief subtype of cross-assortment hypothese:  De comorbiditeit van beide stoornissen vormt een andere, verzwarende derde stoornis die onafhankelijk is van de aparte stoornissen Bijvoorbeeld: Kinderen met DCD en dyscalculie vallen anders uit wat betreft motorische en rekenvaardigheden dan kinderen met DCD en kinderen met dyscalculie. Ze hebben bovendien bijv. nog meer visueel-preceptuele problemen. (Pennington, 2006; Rhee et al., 2005; Wilcutt et al., 2005)

18 Comorbiditeit Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Etiologisch subtype hypothese of three-independent disorders:  Eénzelfde etiologie ligt aan de basis van de comorbiditeit van DCD en dyscalculie. Dit leidt tot verschillende aandoeningen, waaronder DCD, dyscalculie en comorbide DCD en dyscalculie  Kinderen uit de comorbide groep vertonen een combinatie van deficits die ook geassocieerd zijn met DCD en dyscalculie afzonderlijk Bijvoorbeeld: Kinderen met een comorbide problematiek vertonen geen significant slechtere resultaten dan kinderen met geïsoleerde DCD of dyscalculie (Pennington, 2006; Rhee et al., 2005; Wilcutt et al., 2005)

19 Voorspellingen van testprestaties o.b.v. comorbiditeitsmodellen Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 ControlegroepDCD groepDyscalculiegroep Comorbide groep Fenocopy hypotheseabbb Cognitief subtype hypotheseabb> b + b +* Etiologische subtype hypotheseabbb + b a, b = scores, met a de hoogste score en b de zwakste score

20 Onderzoeksvraag Kunnen we op basis van de tekorten die de co-morbide groep vertoont de fenocopy hypothese, de etiologische subtype hypothese of de cognitief subtype hypothese ondersteunen? Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

21 Comorbiditeitsstudie Normaalbegaafde (IQ ≥ 85) kinderen van 7-13 jaar met diagnose van een leerstoornis en/of DCD en/of AD(H)D Klinische diagnose en klinische score op relevante test (voldaan aan discrepantie-, exclusie- en resistentiecriterium) Matching met controlekinderen obv leeftijd (CL en CL-1) en geslacht Recrutering via scholen, CAR en privé-therapeuten 4 testmomenten Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

22 Testbatterij ‣ Lezen (automatisatie): ‧ EMT: bestaande woorden (Brus & Voeten, 1999) ‧ Klepel: niet-bestaande woorden (van den Bos, Spelberg, Scheepstra, & de Vries, 1994)  i.f.v. leesroutes - Fonologisch: niet bestaande woorden spellend lezen - Orthografisch: bestaande woorden herkennend/vloeiend lezen  Auditieve leesstoornis: EMT >> Klepel  Visuele leesstoornis: EMT = Klepel Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

23 EMT Klepel Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Standaardscore

24 Testbatterij ‣ Begrijpend leestest (Aarnoutse, 1996) i.f.v. hyperlexie: technisch lezen >> begrijpend lezen ‣ Spellen: ‧ PI dictee (Geelhoed & Reitsma, 2000) i.f.v. dyslexie Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

25 Begrijpend leestest – vb. 1 ste leerjaar Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - C-score - Decielscore

26 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 PI-dictee Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Percentielscore

27 Testbatterij ‣ Rekenen: ‧ TTR: rekenfeiten (de Vos, 1992) i.f.v. semantische geheugendyscalculie ‧ KRT-R (Baudonck et al., 2006) Hoofdrekenen i.f.v. procedurele dyscalculie Getallenkennis i.f.v. getallenkennisdyscalculie ‧ Tedi-math (Grégoire et al., 2004) Triple Code Model ‧ SVS (Cornoldi et al., 2003) i.f.v. visuospatieel subtype van dyscalculie Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

28 TTR Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Percentielscore

29 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 KRT-R (2 e leerjaar) Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Percentielscore Getallenkennis Hoofdrekenen

30 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 SubtestR.U.MaxPc 1. Telrij kennen totaal14 2. Tellen totaal13 3. Getallenkennis totaal Logisch denken totaal Rekenoperaties totaal Schattend rekenen totaal 18 SubtestR.U.MaxPc 1. Telrij kennen 1.1 Zo ver mogelijk tellen2 1.2 Tellen met een bovengrens2 1.3 Tellen met een benedengrens2 1.4 Tellen beneden- en bovengrens2 1.5 Verdertellen2 1.6 Terugtellen2 1.7 Sprongen tellen (sequentieel tellen)2 1. Telrij kennen totaal**14** voorbeeld Tedi Math Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Percentielscore

31 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/ Is het kind in staat om gebruik te maken van de beschikbare ruimte op het blad bij het tekenen? 3. Kan het kind werken met materiaal dat onafhankelijk en gecoördineerd gebruik van beide handen vraagt, zoals een schaar, een tekendriehoek of een liniaal? 4. Verstaat het kind mondelinge instructies of teksten die betrekking hebben op ruimtelijke relaties? 5. Is het kind in staat om complexe alledaagse handelingen uit te voeren, zoals het knopen van schoenveters? 6. Beschikt het kind over een goed begrip van de ruimtelijke relaties bij het rekenen en kan hij of zij de getallen correct onder elkaar schrijven? 7. Heeft het kind een goed vermogen tot ruimtelijke oriëntatie? 8. Kan het kind goed tekenen? 12. Kan het kind omgaan met een leeromgeving waarin visueel-ruimtelijke vaardigheden vereist zijn? 15. Is het kind een goede observator van de omgeving waarin hij of zij leeft? 16. Toont het kind interesse in nieuwe objecten en kan hij of zij ermee omgaan? SVS Cornoldi Kan het kind gemakkelijk materiaal zoals namen, informatie en gedichten uit zijn of haar hoofd leren? 10. Heeft het kind een goed leerniveau bereikt op het gebied van taal voor zijn of haar leeftijd? VSLD- score verbale score Signaal voor VSLD: VSLD-score RU 5

32 Testbatterij ‣ Motoriek: M-ABC 2 (Henderson & Sugden, 2007) Handvaardigheid, mikken en vangen en evenwicht SOS (Smits-Engelsman, Vrenken, Stevens & Van Hagen, 1999) Schrijfmotorische vaardigheden Beery VMI (Beery, Buktenicka, & Beery, 2004) Visueel-motorische vaardigheden, visuele perceptie en motorische coördinatie Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

33 Leeftijdsband 2 ( jaar) ‣ Handvaardigheid: ‧ Pinnetjes plaatsen ‧ Veter rijgen ‧ Schrijfspoor ‣ Mikken en vangen: ‧ Vangen met twee handen ‧ Pittenzakje op de mat gooien ‣ Evenwicht: ‧ Balanceren op een plankje ‧ Koorddansersgang ‧ Hinkelen op de matten Leeftijdsband 3 ( jaar) ‣ Handvaardigheid: ‧ Draaien van pinnetjes ‧ Construeren van een driehoek ‧ Fietspadspoor ‣ Mikken en vangen: ‧ Vangen met één hand ‧ Mikken op een schijf ‣ Evenwicht: ‧ Balanceren op twee plankjes ‧ Achterwaartse koorddansersgang ‧ Zig-zag hinkelen M-ABC 2 Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Percentielscore

34 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 SOS-07 jos is in de wei hij eet koek mus is er ook zij zit op een muur en is heel blij Mus vliegt naar het hek, ze fluit een vrolijk lied. Jos loopt naar het musje toe. Wat een mooi liedje is dat! Dan ziet Jos een poes hoog in de boom. Ben je daarom zo blij Mus, omdat poes bang in de boom zit? Poes schreeuwt: "miauw, miauw..." wel 10 keer achter elkaar. Jos rent naar poes toe en wil haar helpen. Maar het vogeltje wordt nu boos. Poes zat mij achterna en nu is ze bang. Laat haar daar maar lekker zitten want ik heb geen medelijden met haar. Maar Jos gaat poes wel helpen. …

35 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Scoring van de eerste 5 zinnen: Vloeiendheid: kan het kind de pen vloeiend over het papier sturen? Overgangen: hoe worden de letters met elkaar verbonden? Gemiddelde grootte en regelmatigheid grootte: hoe is de grootte van de letters en hoe verhouden de letters zich onderling tot elkaar? Woordspaties en regelverloop: Kan het kind de letters en woorden op de juiste plaats op het papier krijgen? Scoring van het totaal aantal geschreven letters SOS-07 Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Percentielscore

36 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Beery VMI 1. KOPIEERTAAK: 27 figuren te kopiëren van eenvoudig naar moeilijk Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Standaardscore - Percentielscore

37 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Beery VMI 2. VISUELE PERCEPTIE TAAK: dezelfde figuur aanduiden Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Standaardscore - Percentielscore

38 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Beery VMI 3. MOTORISCHE COORDINATIE TAAK: tussen de lijntjes tekenen Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Standaardscore - Percentielscore

39 Testbatterij ‣ Auditieve functies: ‧ Spraakonderzoek: i.f.v. fonetische/tonologische spraakstoornis of verbale dyspraxie ‧ Proef Fonologisch Bewustzijn (Elen, 2006) –Rijmen –Segmenteren –Samenvoegen –Nonsenswoorden nazeggen Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

40 PFB Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Percentielscore

41 Testbatterij ‣ Verkorte intelligentie (Grégoire, 2000; Wechsler et al., 2002) ‣ Subtests: overeenkomsten, plaatjes ordenen, blokpatronen en woordkennis ‣ Betrouwbaarheidscoëfficiënt:.92 ‣ Validiteit:.93 ‣ Correlatie met totale IQ volledige WISC-III:.92 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

42 Verkorte intelligentie: WISC-III 1. OVEREENKOMSTEN: Vermogen tot verbale begripsvorming, abstractievermogen “Ik noem 2 dingen en jij moet zeggen wat de overeenkomst tussen die dingen is. Dus op welke manier die twee dingen gelijk zijn.” Kaars - lamp Wol - zijde

43 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Verkorte intelligentie: WISC-III 2. PLAATJES ORDENEN: Logisch denken

44 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Verkorte intelligentie: WISC-III 3. BLOKPATRONEN: Analyse en synthese

45 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Verkorte intelligentie: WISC-III 4. WOORDKENNIS: Passieve woordenschat, het aantal gekende woorden als maat voor de bekwaamheid tot leren “Ik zal nu een paar woorden noemen. Luister goed en vertel me wat elk woord betekent.” Huis Boom Sprookje Bedreigen Absorberen Amendement Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Normscore

46 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Verkorte intelligentie: WISC-III Omzetting som normscores 4 subtests naar TIQ

47 Testbatterij ‣ Diepteinterview i.f.v. kwalitatieve resultaten Voorbeeld: Hoe beleven kinderen met DCD de les turnen…? Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

48 Vragenlijsten ‣ Vragenlijst voor Gedragsproblemen bij Kinderen (VvGK): versie ouders en leerkracht (Oosterlaan et al., 2000) –Aandachtstekort –Hyperactiviteit/impulsiviteit –Oppositioneel opstandige gedragsstoornis (ODD) –Gedragsstoornis (CD) ‣ Gedragsvragenlijst voor kinderen van 6-18 jaar (CBCL) (Achenbach, 2004; Verhulst et al., 1990) Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

49 CBCL DomeinScoreInterpretatie Internaliserende schaal Angstig depressief Teruggetrokken depressief Somatische klachten Internaliserend totaal Externaliserende schaal Grensoverschrijdend gedrag Agressief gedrag Extenaliserend totaal Overige Sociale problemen Denkproblemen Aandachtsproblemen Andere problemen Totaal

50 Verkennende studie 4 groepen:  Controlekinderen  Kinderen met DCD  Kinderen met dyscalculie  Kinderen met DCD + dyscalculie  Onderzoeksinstrumenten:  Subtest blokpatronen WISC-III (Barnes et al., 2002; Cirino et al., 2007)  SVS (Cornoldi et al., 2003)  Beery VMI (Beery, Buktenicka, & Beery, 2004) Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

51 Preliminaire onderzoeksresultaten Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

52 Comorbiditeit van motorische, visueel-perceptuele en rekenproblemen Gillberg (1986): “Deficits in attention, motor control and perception” (DAMP)  gegroeid vanuit Minimal Brain Damage (MBD)  kritiek op de term: vage omschrijving en onduidelijke grenzen tussen DAMP en gedragsstoornissen en DAMP en ADHD Rourke (1989): “Nonverbal learning disorder” (NLD)  motorische, perceptuele en rekenproblemen  auditief en verbaal > visueel en tactiel  omstreden term Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

53 NLD Vaardigheden: goede geluidswaarneming, goed auditief en verbaal geheugen, goede herhaling van verbale informatie, sterk verbaal associatievermogen en een grote verbale output Tekorten: slechte verwerking van nieuwe en complexe informatie, onvoldoende begrip van inhoud, moeite met ingewikkelde denkprocessen, slecht inzicht in oorzaak- gevolgrelaties Invloed op de leerprestaties en de sociaal- emotionele ontwikkeling Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

54 Comorbiditeit van motorische, visueel-perceptuele en rekenproblemen  Cornoldi (2003): “Visuospatial learning disability” (VSLD)  Specifieke groep binnen leerstoornissen  Visueel-ruimtelijke problemen  DCD:  Deficits in visueel-motorisch functioneren  Tegenstrijdige resultaten wat betreft visueel-ruimtelijke problemen (Van Waelvelde et al., 2004; Wilson & McKenzie, 1998) Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

55 Visuele perceptie? “The interpretation and the organization of visual information” (Kavale, 1982) Nodig om een puzzel te maken, een driehoek, cirkel of kubus te herkennen Verschillende definities, verwarring omtrent gebruikte terminologie Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

56 ICF (WHO, 2001) < categorie “mentale functies” Perceptuele functies (b156) ‣ Specifieke mentale functies om sensorische stimuli te herkennen en te interpreteren ‣ Omvat auditieve, visuele, geur, smaak, tactiele en visuospatiele perceptie Visuele perceptie (b1561) ‣ Mentale functies die betrokken worden om vorm, grootte, kleur en andere visuele stimuli te onderscheiden Visuospatiële perceptie (b1565) ‣ Mentale functies die betrokken zijn bij het zichtbaar onderscheiden van de positie van een object in de ruimte en de relatie tegenover zichzelf Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

57 Wilson and McKenzie (1998) Review over typologiën van verwerken van informatie bij DCD Onderscheiden: ‣ visuele perceptie ‣ kinestetische perceptie: waarnemen van de bewegingen van het lichaam ‣ cross-modale perceptie: transfer van informatie tussen sensorische modaliteiten Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

58 Wilson and McKenzie (1998): Visuele perceptie 1.Oculaire factoren: Low-level sensorisch en motorisch functioneren binnen de visuele modaliteit Voorbeeld: visuele scherpte, vergentiecontrole, accomodatie, strabisme… 2.Visueel-perceptueel: Visuospatiële taken die geen motorische component vereisen, zoals discriminatie op basis van lengte, figuur vervolledigen, visuele integratie… Voorbeeld: Visuele discriminatie van vorm, Gestalt Completion Test, Frostig Figure-Ground Perception Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

59 Wilson and McKenzie (1998) 3.Complex visuospatieel (item score): visuospatiële taken met een motorische component zoals kopiëren van figuren en taken met constructie van blokken Voorbeeld: Complexe figuur van Rey (kopieertaak), Beery VMI, subtests ‘blokpatronen’ en ‘figuur leggen’ van de WISC-III 4. Complex visuospatieel (schaalscore): De optelling van twee of meer visuospatiële items Voorbeeld: Totaalscore van subtests ‘blokpatronen’ en ‘figuur leggen’ van de WISC-III 5.Visuospatieel geheugen: korte termijn geheugen en het zich herinneren van visuele informatie Voorbeeld: Complexe Figuur van Rey (geheugentaak) Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

60 ICF Perceptuele functies: auditieve, visuele, geur, smaak, tactiele en visuospatiele perceptie Visuele perceptie: vorm, grootte, kleur en andere visuele stimuli te onderscheiden Visuospatiële perceptie : positie van een object in de ruimte en de relatie tegenover zichzelf Wilson & McKenzie (1998) Oculaire factoren Visueel-perceptueel (geen motoriek) Complex visuospatieel (wel motoriek) Visuospatieel geheugen Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

61 DUS: VISUELE PERCEPTIE (ICF): Mentale functies die betrokken worden om vorm, grootte, kleur en andere visuele stimuli te onderscheiden Bijvoorbeeld: Beery VMI visual perception VISUELE MOTORIEK: De mogelijkheid om visuele informatie te gebruiken om een motorische activiteit te kunnen volbrengen Bijvoorbeeld: Beery VMI copy test en Blokpatronen (WISC-III)  Wilson & McKenzie: complex visuospatieel (verwarrende term!) Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

62 DUS: VISUOSPATIELE PERCEPTIE (ICF): Mentale functies die betrokken zijn bij het zichtbaar onderscheiden van de positie van een object in de ruimte en de relatie tegenover zichzelf = onderdeel van visuele perceptie, naast o.a. ook (zie verder bij TVPS-3): Visuele discriminatie “welke figuur is hetzelfde?” Visueel geheugen “welke figuur zag je hiernet?” Visueel sequentieel geheugen “in welke volgorde zag je deze figuren hiernet?” Visuospatiele relaties “welke tekening is verschillend?” Visuele vormconstante “welke vorm is hetzelfde?” Visuele figuur-achtergrond “waar zit dezelfde figuur verborgen?” Visuele vervolmaking (closure) “welke tekening zie je als de lijntjes worden doorgetrokken?” Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

63 Doel studie Is er een verschil in visuele perceptie bij kinderen met NLD/VSLD, kinderen met DCD en controlekinderen? Vallen verschillende deelgebieden uit? Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

64 Opzet studie Inclusiecriteria NLD/VSLD groep:  Kinderen tussen 8 en 13 jaar oud met (een vermoeden van) de diagnose NLD/VSLD  TIQ ≥ 85 (4 subtests Grégoire)  PIQ-VIQ discrepantie: min. 10 punten verschil  SVS Cornoldi: VSLD score pc 30  NLD schalen: aanwijzing voor NLD Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

65 Classificatieregel Instrumenten Rourke Eigen voorstel (1)Less than two errors on simple tactile perception and suppression vs. finger agnosia, finger dysgraphesthesia and astereognosis composite greater than 1 SD below the mean (90.9%)  Simple tactile-perceptual skills are superior to complex tactile- perceptual skills Finger Agnosia; Fingertip Writing; Tactile Form Recognition; Tactile Perception / (2) WRAT/WRAT- R standard score for Reading is at least 8 points greater than Arithmetic (85.7%)  Single-word reading is superior to mechanical arithmetic WRAT Reading, spelling and arithmetic scales EMT TTR (3) Two of WISC/WISC-R Vocabulary, Similarities, and Information are highest of the Verbal scale (77.9%)  Straightforward and/or rote verbal skills are superior to those involving more complex processing (e.g. Comprehension) WISC-R Woordenschat Overeenkomsten (WISC-III) NLD (Rourke): Classificatiecriteria 9-15 jarigen

66 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Classificatieregel Instrumenten Rourke Eigen voorstel (4) Two of WISC/WISC-R Block Design, Object Assembly, and Coding subtests are the lowest of the Performance scale (76.6%)  Complex visual-spatial-organizational skills and speeded eye- hand coordination are impaired WISC-R Blokpatronen Figuur Leggen (WISC-III) (5) Target Test at least 1 SD below the mean (63.6%)  Memory for visual sequences is impaired Target Test Block recall (WMTB-C) (6) Grip Strength within 1 SD of the mean or above vs. Grooved Pegboard Test greater than 1 SD below the mean (63.6%)  Simple motor skills are superior to those involving complex eye-hand coordination, especially under speeded conditions Grip strength test Grooved Pegboard Test Pinnetjes plaatsen (M-ABC 2) NLD (Rourke): Classificatiecriteria 9-15 jarigen

67 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Classificatieregel Instrumenten Rourke Eigen voorstel (7) Tactual Performance Test Right, Left, and Both hand times become progressively worse vis-a-vis the norms (59.7%)  Complex tactile-perceptual and problem-solving skills under novel conditions are impaired Tactual Performance Test (8) WISC / WISC-R VIQ > PIQ by at least 10 points (27.3%)  Verbal skills are superior to visual-spatial-organizational skills WISC-RWISC-III The first 5 features: Definite NLD 7 or 8 of these features: Definite NLD 5 or 6 of these features: Probable NLD 3 or 4 of these features: Questionable NLD 1 or 2 of these features: Low Probability of NLD NLD (Rourke): Classificatiecriteria 9-15 jarigen

68 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Venneri, Mammarella en collega’s ( ) SVS Cornoldi: VSLD < pc 10 SVS Cornoldi: verbale score > pc 30 Afwezigheid van verbaal intellectuele of socioculturele moeilijkheden Falen op minstens één van de taken van de visuospatiële werkgeheugenbatterij, aanbevolen door Cornoldi (bijv. Rey Complex Figure) of andere gerelateerde vaardigheden Score WISC-III ‘Woordkennis’ mag niet kleiner zijn dan score WISC-III ‘Blokpatronen’

69 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Williams en collega’s (2008): IQ profiel ASS ~ NLD? VIQ >> PIQ (min. 15 punten) WISC-III ‘Rekenen’ < WISC-III ‘Woordenkennis’ (min. 3 punten) WISC-III ‘Blokpatronen’ < WISC-III ‘Woordenkennis’ (min. 3 punten)

70 Opzet studie Inclusiecriteria NLD/VSLD groep:  Kinderen tussen 8 en 13 jaar oud met (een vermoeden van) de diagnose NLD/VSLD  TIQ ≥ 85 (4 subtests Grégoire)  PIQ-VIQ discrepantie: min. 10 punten verschil  SVS Cornoldi: VSLD score pc 30  NLD schalen: aanwijzing voor NLD Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

71 Opzet studie  Inclusiecriteria DCD groep:  Kinderen tussen 8 en 13 jaar oud met M-ABC 2 totaalscore < pc 15 of deeltest (handvaardigheid, mikken en vangen, evenwicht) < pc 5  Exclusiecriterium:  Anderstaligen Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

72 Opzet studie: testing Standaardtestbatterij (zie eerder) + TVPS-3 (Martin, 2006) : visuele perceptie JLOT (Benton, Hamsher, Varney, & Spreen, 1983) : visuospatiële perceptie WMTB-C subtest Block recall (Pickering & Gathercole, 2001) : visueel werkgeheugen P-TPT (Reitan & Davison, 1974) : tactiele perceptie WISC-III (Wechsler et al., 2002) ‘rekenen’ en ‘figuur leggen ‘(visuele motoriek) Primary Mental Abilities (PMA) subtest ruimtelijk inzicht (Thurstone & Thurstone, 1962): visuele perceptie Vragenlijsten: NLD schalen ( Serlier, 2006) en SCQ Levensloop (Warreyn, Raymaekers en Roeyers, 2004) Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009

73 TVPS-3 1. VISUAL DISCRIMINATION “Welke van deze tekeningen onderaan is net hetzelfde als bovenaan?”

74 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 TVPS-3 2. VISUAL MEMORY 5 sec. aanbieden van volgende figuur: “Welke tekening is net hetzelfde als diegene die je hier net zag?”

75 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 TVPS-3 3. VISUAL-SPATIAL RELATIONSHIPS “Kijk naar deze tekeningen. Welke tekening is verschillend van alle andere?”

76 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 TVPS-3 4. VISUAL FORM CONSTANCY “Kijk naar deze tekening bovenaan. Waar zie je onderaan dezelfde tekening als bovenaan?”

77 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 TVPS-3 5. VISUAL SEQUENTIAL MEMORY 5 sec. aanbieden van volgende reeks figuren: “Welke van deze tekeningen toont de vormen in dezelfde volgorde als je hier net hebt gezien?”

78 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 TVPS-3 6. VISUAL FIGURE-GROUND “Bovenaan zie je een vorm. In welke tekening onderaan vind je net dezelfde vorm verborgen?”

79 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 TVPS-3 7. VISUAL CLOSURE “Wanneer deze tekeningen onderaan volledig zouden moeten worden gemaakt en de lijntjes niet gedraaid worden, welk van deze zou zijn net zoals hierboven?” Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Standaardscore - Percentielscore

80 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 JLOT visuospatiële perceptie Resultaat uitgedrukt in: - Ruwe score

81 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 WMTB-C: block recall Baddeley & Hitch (1974); Baddeley (2000) WERKGEHEUGEN: centraal executief fonologische lus visuospatiaal schetsblok + episodische buffer

82 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 WMTB-C: block recall Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Standaardscore - Percentielscore Visuospatieel geheugen

83 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 P-TPT Resultaat uitgedrukt in: - Ruwe score  Doel: kind blokken laten plaatsen in de gaten van het bord  Het kind wordt geblinddoekt  3 testpogingen:  Voorkeurshand  Niet-voorkeurshand  Beide handen  Geheugentaak: vormen en locatie van de blokken op een papier tekenen tactiele perceptie

84 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 WISC-III 1. Rekenen: rekenkundig redeneervermogen, situaties in hun geheel overzien, contextrijke opgaven

85 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 WISC-III 2. Figuur leggen: analyse en synthese, visueel-motorische coördinatie Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Normscore

86 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 PMA ruimtelijk inzicht “Welk ander stuk past erbij zodat het vierkant helemaal volledig wordt?” visuele perceptie Resultaten uitgedrukt in: - Ruwe score - Normscore

87 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Wilson & McKenzie (1998) TaakMotoriekOculair Visueel- perceptueel Complex visuospatieel Visuospatieel geheugen Beery VMI Kopieertaak XX Beery VMI Visuele perceptie X Beery VMI Motorische coördinatie X SVS Cornoldi XX Blokpatronen WISC-III XX Figuur Leggen WISC-III XX TVPS-3 XX JLOT X WMTB-C XX P-TPT X (Tactiele perceptie) PMA ruimtelijk inzicht X

88 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 NLD schalen Serlier Screent op de aanwezigheid van NLD 9 dimensies te verdelen in 3 clusters: Neurologische ontwikkeling: verbaliteit en begrip, auditieve perceptie, tactiele perceptie, visuele perceptie en onbekendheid en motorische ontwikkeling Schoolprestaties: letterlijk geheugen, technisch lezen, handschrift, begrijpend lezen en rekenen Sociaal-emotionele ontwikkeling en aanpassingsvermogen Interpretatie van de score: lage kans op NLD, mogelijk NLD, hoge kans op NLD

89 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 NLD schalen Serlier

90 Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 SCQ – versie “Levensloop” Screent op de aanwezigheid van een autismespectrumstoornis Dimensionale meting van ASS, met een cut-off score (≥15) die de waarschijnlijkheid aangeeft dat een persoon ASS heeft Resulteert in een: Totaalscore Subscores: Kwalitatieve afwijkingen in de wederkerige sociale interacties Kwalitatieve afwijkingen in de communicatie Beperkte, repetitieve en stereotiepe gedragspatronen


Download ppt "Rekengroep – Stefanie Pieters – 16/06/2009 Leerprocessen en subtypes bij kinderen met Developmental Coordination Disorder (DCD) Promotor: Prof. dr. Annemie."

Verwante presentaties


Ads door Google