De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Rekenproblemen en Dyscalculie Het uitgangspunt bij de cognitieve ontwikkelingspsychologie is: Het gedrag van de mensen wordt bepaald door een gestructureerd.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Rekenproblemen en Dyscalculie Het uitgangspunt bij de cognitieve ontwikkelingspsychologie is: Het gedrag van de mensen wordt bepaald door een gestructureerd."— Transcript van de presentatie:

1 Rekenproblemen en Dyscalculie Het uitgangspunt bij de cognitieve ontwikkelingspsychologie is: Het gedrag van de mensen wordt bepaald door een gestructureerd systeem van (logische) kennis dat tot stand komt in opeenvolgende leeftijdsfasen. De kennis en vaardigheden – opgedaan in de ene fase – vormt de voorwaarde voor het succesvol doorlopen van de volgende fase. Binnen het rekenonderwijs is dan de cruciale vraag: Aan welke cognitieve voorwaarden moet voldaan worden om tot rekenen te kunnen komen. Als overkoepelende term wordt de term ‘getalbegrip’ gebruikt. Cognitieve leerpsychologie en handelings(leer)psychologie

2 Rekenproblemen en Dyscalculie Getallen hebben meer dan één functie. Een getal kan de hoeveelheid aangeven, maar ook de volgorde of codering (van de 40 deelnemers is nummer 12 op de derde plaats geëindigd). Er is dus een hoofdgetal (hoeveelheidaanduiding) en een ranggetal (volgordeaanduiding). Kinderen hebben de dubbele functie van een getal al snel door. We spreken van getalbegrip wanneer het kind op elk moment bij het aftellen van losse elementen elk telwoord zowel opvat als aanduiding van het hoeveelste getelde element als het totaal van het tot dan toe getelde elementen. (eerste, tweede, derde… het zijn er drie) Bij tellen geldt, dat er niet nogmaals geteld hoeft te worden, wanneer er voorwerpen bijkomen of er af gaan. Cognitieve leerpsychologie en handelings(leer)psychologie

3 Rekenproblemen en Dyscalculie Hoe komt van wat een getal is tot stand? Kinderen doen vaak ervaring op met ordenen, leren tellen en ontdekken wat ze er mee kunnen. Concrete ervaring met ordenend handelen gaat vooraf aan een goed begrip van abstracte geallen. Kenmerken van getalbegrip zijn: -Conservatie (8 blokken blijven 8 blokken ongeacht hoe ze liggen) -Correspondentie (ordenen volgens paarsgewijze overeenkomst) -Classificatie (groeperend ordenen in deelverzamelingen) -Seriatie (rangordenen: van klein naar groot; langzaam naar snel) -Tellen. Hier gelden drie regels: 1) Alles wordt maar 1x geteld 2) Telwoorden in afgesproken volgorde gebruiken 3) Laatst genoemde telwoord geeft steeds de totale hoeveelheid aan. -Rekentaal (veel weinig meer, erbij) -Wiskunde en taal -Maatbegrip. Je weet pas wat 6 is wanneer je er een maat bij doet. 6 dozen glazen; 5 paar schoenen; 6 uur; 3 meter Cognitieve leerpsychologie en handelings(leer)psychologie

4 Rekenproblemen en Dyscalculie De kenmerken van het getalbegrip hoeven niet in volgorde beheerst te worden. Niet alle kenmerken zijn even belangrijk. Classificeren en seriatie bijvoorbeeld zijn geen dwingende voorwaarden om te leren rekenen. Handelings(leer)psycologie Het centrale uitgangspunt is dat mensen leren door actief te handelen. Handelingen hebben onderscheidende functies: oriënteren, uitvoeren, controleren. Handelingen zijn van concreet manipulerend tot mentaal denkend. Handelingen hebben een structuur en zijn door gericht onderwijs te veranderen. Voor het leren rekenen is hierbij de systematische instructie van belang. Taalgebruik en bewust leren verbaliseren zijn belangrijke didactische instrumenten. Denken als mentaal handelen vormt het einde van het leerproces. Cognitieve leerpsychologie en handelings(leer)psychologie

5 Rekenproblemen en Dyscalculie Binnen de handelings(leer)psychologie zijn prestatie en handelings- structuur twee belangrijke begrippen. Prestatie is de uitkomst. De handelingsstructuur is de manier waarop die gevonden wordt. Wanneer een prestatie fout is moet je kijken waar het in de handelingsstructuur fout gaat. Het verbaliseren van de handelingsstructuur door de leerkracht en de leerling is binnen deze invalshoek zeer essentieel. Er wordt veel waarde gehecht aan complete instructie en sturende didactiek. Bij het uitvoeren van de handelingen zijn 4 primaire kwalitatieve handelingen te onderscheiden: -Mate van verinnerlijking (overgang van concreet naar mentaal) -Mate van verkorting (eerst deelhandelingen en dat wordt steeds minder) -Mate van beheersing (automatisering) -Mate van wendbaarheid (het kunnen toepassen in andere situaties) Op elk niveau heb je een oriënterende, uitvoerende en controlerende functie Cognitieve leerpsychologie en handelings(leer)psychologie


Download ppt "Rekenproblemen en Dyscalculie Het uitgangspunt bij de cognitieve ontwikkelingspsychologie is: Het gedrag van de mensen wordt bepaald door een gestructureerd."

Verwante presentaties


Ads door Google