De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Multiplechoise toets voor havo 4 H2 & H3 Na een poosje komt er een tijdbalk in beeld. Als deze bij het paarse vakje aangekomen is heb je nog maar 1 a.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Multiplechoise toets voor havo 4 H2 & H3 Na een poosje komt er een tijdbalk in beeld. Als deze bij het paarse vakje aangekomen is heb je nog maar 1 a."— Transcript van de presentatie:

1

2 Multiplechoise toets voor havo 4 H2 & H3 Na een poosje komt er een tijdbalk in beeld. Als deze bij het paarse vakje aangekomen is heb je nog maar 1 a 2 seconden om je antwoord op te schrijven.

3 Welke kenmerken worden weergegeven door de a en de b, in de vergelijking y =a x + b ? A.b is begingetal, a de verandering in y als je een stap naar rechts gaat. B.b is snijpunt met de y-as, a de verandering in y als je b stapjes naar rechts gaat. C.b is snijpunt met de y-as, a snijpunt met de x-as. D.a is snijpunt met de y-as, b is begin getal.

4 x y Van welke vergelijking staat hier de grafiek? A.y = 0,5 x - 4 B.y = 0,5 x + 1,5 C.y = 0,5 x + 2 D.y = 2 x + 2

5 Welke grafiek hoort bij het vullen van fles 3 ?

6 Welk venster is de beste keuze als je te maken hebt met onderstaande functie waarmee je kunt berekenen hoeveel graden koorts iemand heeft tijdens een koortsaanval: A.Xmin =-10 Xmax =10 Ymin= -10 Ymax= 10 B.Xmin = 0 Xmax = 50 Ymin= 0 Ymax= 50 C.Xmin = 0 Xmax = 24 Ymin= 35 Ymax= 43 D.Xmin = 0 Xmax = 24 Ymin= 0 Ymax= 50

7 Hoeveel melkkoeien waren er medio ’87 ? A.7500 B.2,2 miljoen C.5700 D.2,1 miljoen

8 Welke lijn hoort er bij y = ¾x x y -4 A.Zwart B.Rood C.Blauw D.Groen 3

9 De grafiek y = ax laat zich beschrijven als… A.Een rechte lijn door de oorsprong B.Een omgekeerd evenredig verband C.Een tweedegraads verband D.Een horizontale lijn door y = a

10 Welke mogelijke gebeurtenis vond plaats in de vijfde minuut ? A.Niet meer getrapt B.Met gelijke snelheid gefietst. C.Voor gesloten spoorbomen gestaan. D.Sneller moeten gaan fietsen.

11 Bij een evenredig verband weten we zeker dat ….. A...de richtingscoëfficiënt 2 is. B...de lijn door de oorsprong gaat. C...de a en de b gelijke waardes hebben. D...dit hetzelfde is als een lineaire functie.

12 Als je moet extrapoleren dan moet je ….. A.Een waarde uitrekenen die binnen het bereik van de grafiek ligt. B.Er aan allebei de kanten van het is gelijk teken (=) het zelfde erbij doen. C.Het snijpunt tussen twee grafiek uitrekenen. D.Een waarde berekenen die buiten het bereik van de grafiek ligt.

13 SMS je antwoord b.v. naar

14 Welke kenmerken worden weergegeven door de a en de b, in de vergelijking y =a x + b ? A.b is begingetal, a de verandering in y als je x 1 hoger B.b is snijpunt met de y-as, a de verandering in y als je x b hoger maakt. C.b is snijpunt met de y-as, a snijpunt met de x-as. D.a is snijpunt met de y-as, b is begin getal.

15 x y Van welke vergelijking staat hier de grafiek? A.y = 0,5 x - 4 B.y = 0,5 x + 1,5 C.y = 0,5 x + 2 D.y = 2 x + 3

16 Welke grafiek hoort bij het vullen van fles 2 ?

17 Welk venster is de beste keuze als je te maken hebt met de functie waarmee je kunt berekenen hoeveel graden koorts iemand heeft tijdens een koortsaanval: A.Xmin =-10 Xmax =10 Ymin= -10 Ymax= 10 B.Xmin = 0 Xmax = 50 Ymin= 0 Ymax= 50 C.Xmin = 0 Xmax = 24 Ymin= 35 Ymax= 43 D.Xmin = 0 Xmax = 24 Ymin= 0 Ymax= 50

18 Hoeveel melkkoeien waren er medio ’87 ? A.7500 B.2,2 miljoen C.5700 D.2,1 miljoen

19 Welke lijn hoort er bij y = ¾x x y -4 A.Zwart B.Rood C.Blauw D.Groen

20 De grafiek y = ax laat zich beschrijven als… A.Een rechte lijn door de oorsprong B.Een omgekeerd evenredig verband C.Een tweedegraads verband D.Een horizontale lijn door y = a

21 Welke mogelijke gebeurtenis vond plaats in de vijfde minuut ? A.Niet meer getrapt B.Met gelijke snelheid gefietst. C.Voor gesloten spoorbomen gestaan. D.Sneller moeten gaan fietsen.

22 Bij een evenredig verband weten we zeker dat ….. A.De richtingscoëfficiënt 2 is. B.De lijn door de oorsprong gaat. C.De a en de b gelijke waardes hebben. D.Hetzelfde is als een lineaire functie.

23 Als je moet extrapoleren dan moet je ….. A.Een waarde uitrekenen die binnen het bereik van de grafiek ligt. B.Er aan allebei de kanten van het is gelijk teken (=) het zelfde erbij doen. C.Het snijpunt tussen twee grafiek uitrekenen. D.Een waarde berekenen die buiten het bereik van de grafiek ligt.

24 Einde van deze vragenronde. De uiteindelijke juiste letterpermutatie is: ACBCBDACBD


Download ppt "Multiplechoise toets voor havo 4 H2 & H3 Na een poosje komt er een tijdbalk in beeld. Als deze bij het paarse vakje aangekomen is heb je nog maar 1 a."

Verwante presentaties


Ads door Google