De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Welkom in deze dienst! Voorganger:Ds van de Linden Ouderling:

Verwante presentaties


Presentatie over: "Welkom in deze dienst! Voorganger:Ds van de Linden Ouderling:"— Transcript van de presentatie:

1 Welkom in deze dienst! Voorganger:Ds van de Linden Ouderling:

2 NH bundel 143 Psalm 104 Liedboek 30 Opwekking 192 Psalm 141 Psalm 65 Liedboek 39 Opwekking 45Exodus 30: 1-10 Liedboek 479Openbaring 8: 1-6

3 Welkom

4 1 Op bergen en in dalen en overal is God! Waar wij ook immer dwalen of toeven, daar is God! Waar mijn gedachten zweven, of stijgen daar is God! Omlaag en hoog verheven, ja, overal is God! NH bundel 143: 1, 2, 3

5 2 Zijn trouwe Vaderogen zien alles van nabij! Wie steunt op zijn vermogen, die dekt en zegent Hij! Hij hoort de jonge raven, bekleedt met gras het dal, heeft voor elk schepsel gaven, ja, zorgt voor 't gans heelal! NH bundel 143: 1, 2, 3

6 3 Gij, aardrijks bont gewemel, al wat in 't water leeft, of onder zijne hemel hoog in het luchtruim zweeft, gij, alle zijne werken, ontdekt, bij dag en nacht, in 't voeden, hoeden, sterken de goedheid zijner macht. NH bundel 143: 1, 2, 3

7 Persoonlijk gebed Afhankelijkheidsverklaring en groet van God

8 1 Mijn ziel, verheerlijk God om zijne macht. Bekleed is Hij met majesteit en pracht, het licht heeft Hij als mantel omgeslagen, Hij maakt de wolken tot zijn zegewagen. Psalm 104: 1, 8, 10

9 Hij die de hemel uitspant als een tent, Hij bouwt zijn zalen in het firmament. Op vleugels van de wind schrijdt Hij verheven, storm zendt Hij uit, door vuur wordt Hij omgeven. Psalm 104: 1, 8, 10

10 8 Al wat er in uw grote schepping leeft wacht, H EER, op U, tot Gij hun voedsel geeft. Ontsluit G' uw hand, zij zamelen de gaven waarmee Gij hen wilt spijzigen en laven. Psalm 104: 1, 8, 10

11 Verbergt Gij uw gezicht, hen dreigt de dood, stof worden zij weer in der aarde schoot. Maar d' adem van uw Geest brengt hen tot leven: het aardrijk wordt een nieuwe bloei gegeven. Psalm 104: 1, 8, 10

12 10 Ik zal den H EER lofzingen levenslang, zolang ik ben wijd ik Hem mijn gezang. Behage Hem het lied dat ik Hem wijdde, dan zal ik steeds mij in den H EER verblijden. Psalm 104: 1, 8, 10

13 De aarde wordt van alle zondaars rein, de goddelozen zullen niet meer zijn. Loof, halleluja, loof, mijn ziel, den H ERE, alles in allen zal Hij triomferen. Psalm 104: 1, 8, 10

14 Gebed

15 We lezen uit de Bijbel Exodus 30: 1-10 Openbaring 8: 1-6

16 Exodus 30: Je moet een altaar maken voor het branden van reukwerk; gebruik er acaciahout voor. 2 Het moet vierkant zijn, één el lang en één el breed, en twee el hoog; de horens moeten er één geheel mee vormen.

17 Exodus 30: Overtrek de bovenkant, alle zijkanten en de horens met zuiver goud en breng rondom een gouden rand aan. 4 Bevestig aan twee kanten onder de rand twee gouden ringen. Zet ze aan tegenover elkaar liggende zijden;

18 Exodus 30: 1-10 ze zijn bestemd voor de draagbomen waarmee het altaar gedragen wordt. 5 De draagbomen moet je van acaciahout maken en je moet ze vergulden.

19 Exodus 30: Zet het altaar voor het voorhangsel waarachter de ark met de verbondstekst staat, tegenover de verzoeningsplaat die daaroverheen ligt, waar ik je zal ontmoeten. 7 Aäron moet er elke morgen als hij de lampen in orde brengt, geurig reukwerk op branden.

20 Exodus 30: Ook als hij tegen het vallen van de avond de lampen aansteekt, moet hij een reukoffer brengen. Alle komende generaties moeten elke dag voor de HEER reukwerk branden.

21 Exodus 30: Jullie mogen op dit altaar alleen het voorgeschreven reukwerk offeren en er geen brandoffers, graanoffers of wijnoffers op brengen. 10 Eenmaal per jaar moet Aäron aan de horens van dit altaar de verzoeningsrite voltrekken met het bloed van het reinigingsoffer,

22 Exodus 30: 1-10 en alle komende generaties moeten dit gebruik in stand houden. Dit altaar is voor de HEER allerheiligst.’

23 Openbaring 8: Toen het lam het zevende zegel verbrak, viel er een stilte in de hemel, gedurende ongeveer een half uur. 2 Ik zag de zeven engelen die voor Gods troon staan. Ze kregen alle zeven een bazuin.

24 Openbaring 8: Toen kwam er een andere engel, die met een gouden wierookschaal bij het altaar ging staan. Hij kreeg een grote hoeveelheid wierook om die op het gouden altaar voor de troon te offeren, samen met de gebeden van alle heiligen.

25 Openbaring 8: De rook van de wierook steeg met de gebeden van de heiligen uit de hand van de engel op naar God. 5 Toen nam de engel de wierookschaal, vulde hem met vuur van het altaar en wierp dat op de aarde

26 Openbaring 8: 1-6 Er volgden donderslagen, groot geraas, bliksemschichten en een aardbeving.

27 Gezang 30: 1, 5 1 Wie mat de waat'ren in zijn holle hand, bepaalde in het scheppingslicht van berg en heuvel het gewicht? Wie is het die de hemelbol omspant? …

28 Gezang 30: 1, 5 … Wie gaf Hem raad en reden die aller eeuwigheden begin en einde draagt? Hebt gij het niet gehoord? Weet gij het niet? Het woord! o volk, dat naar Hem vraagt.

29 Gezang 30: 1, 5 5 Waarmee zou God te vergelijken zijn? Wat zoekt gij een gelijkenis met Hem die hoog en heilig is? Sla op uw ogen naar het diep geheim, naar de miljoenen lichten en laat u onderrichten. …

30 Gezang 30: 1, 5 … Wie bracht dit al tot stand? God schiep het door zijn woord. Hij leidt de sterren voort. Niet een valt uit zijn hand.

31 Verkondiging over Exodus 30: 1-10

32 Opwekking 192 Ik kom in uw heiligdom binnen, 't voorhangsel ga ik voorbij. 'k Breng U mijn offer, een zoete geur, vrucht van wat U deed in mij. Mijn mond brengt een offer van lof, Heer. 't Gaat nu alleen om uw eer.

33 Opwekking 192 't Reukwerk van mijn lofgezang stijgt op in uw woning. Ik kniel voor de troon van mijn Koning. Samen met mijn stem hef ik ook mijn handen op tot U, 't loflied komt diep uit mijn hart.

34 Opwekking 192 Lofprijs, aanbidding, glorie en kracht komen U toe, God van 't heelal voor eeuwig. Lofprijs, aanbidding, glorie en kracht komen U toe, God van 't heelal.

35 Er zal gecollecteerd worden voor 1)De kerk

36 Psalm 141: 2 2 Laat, H EER, mijn gebed en mijn handen geheven zijn, tot U gericht als reukwerk voor uw aangezicht, als offers die des avonds branden.

37 Gebed van toewijding

38 Psalm 65: 1 1 De stilte zingt U toe, o Here, in uw verheven oord. Wij zullen ons naar Sion keren waar Gij ons bidden hoort. …

39 Psalm 65: 1 … Daar zal men, Heer, tot U zich wenden, tot U komt al wat leeft, tot U, o redder uit ellende, die alle schuld vergeeft.

40 Gebeden voor gewas en arbeid

41 Liedboek 39: 1, 3 1 Vrees niet, gij land, verheug u en wees blijde en dieren, weest gerust in bos en weide. Jong gras ontkiemt, de wildernis wordt groen in dit seizoen.

42 Liedboek 39: 1, 3 3 De regen zal, de vroege en de spade, u teken zijn van goedheid en genade. De beken zwellen en de vijvers zijn weer koel en rein.

43 Gebeden voor Gods koninkrijk

44 Opwekking 45: 4 Dank Heer, dat U boven bidden en denken in alle dingen rijk voorziet. Dank, dat U mij uw bescherming wilt schenken, daartoe uw engelenwacht gebiedt.

45 Opwekking 45: 4 Blijdschap en vrede hebt U mij gegeven. Uw naam zij daarvoor geloofd en geprezen. U wil ik geven steeds meer en meer. Glorie en lofprijs, ja, dank en eer.

46 Geloofsbelijdenis

47 Liedboek 479: 1, 2 1 Aan U behoort, o Heer der heren, de aarde met haar wel en wee, de steile bergen, koele meren, het vaste land, de onzeek're zee. Van U getuigen dag en nacht. Gij hebt ze heerlijk voortgebracht.

48 Liedboek 479: 1, 2 2 Gij roept het jonge leven wakker, een tuin bloeit rond het open graf. Er ruisen halmen op de akker waar zich het zaad verloren gaf. En vele korrels vormen saam een kostbaar brood in uwe naam.

49 Zegen, door de gemeente te beantwoorden met:


Download ppt "Welkom in deze dienst! Voorganger:Ds van de Linden Ouderling:"

Verwante presentaties


Ads door Google