De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

College 5: Humanistische psychologie. Sheets: Kamer: ML. 02.432.

Verwante presentaties


Presentatie over: "College 5: Humanistische psychologie. Sheets: Kamer: ML. 02.432."— Transcript van de presentatie:

1 College 5: Humanistische psychologie

2 Sheets: Kamer: ML

3  H4 humanistische psychologie

4  Subjectieve beleving van de cliënt staat centraal. Gedrag en belevingen worden door de persoon zelf veroorzaakt.  Het bewustzijn in de zin van ‘een blik van binnenuit’ staat centraal  Een persoon ontwikkelt en groeit levenslang  Mensen zijn zelf verantwoordelijk voor hun leven. Een mens wil zichzelf realiseren  Ervaringen uit het ‘hier en nu’ staan centraal  De mens is één geheel  Doel van de psychologie is iemand bevrijden van eventuele zaken die zijn/haar groei belemmeren

5  Start rond 1960  Korte bloeiperiode tot in de zeventiger jaren  Bouwt voort op  Humanisme: mens weet zelf wat goed en slecht is  Existentialisme: individuele verantwoordelijkheid en persoonlijke beslissingen  Gestaltpsychologie: aandacht voor het geheel  Presenteerde zichzelf als ‘derde weg’  Twee belangrijke namen: C. Rogers A. Maslow

6 Hiërarchie van menselijke motivaties Motivaties kennen een hiërarchie. Doelgericht gedrag is kenmerkend aan de mens. Mensen streven naar zelfactualisatie als andere behoeften zijn verwezenlijkt.

7  Rogeriaanse psychotherapie  Grote invloed op hulpverlening en opvoedingspraktijk  Non-directief (don’ts)  adviseren, interviewen, begeleiden  Cliënt is zelf competent  ‘Hier en nu’ staat centraal  Onbevooroordeeld luisteren naar het verhaal van de cliënt  Client-centered (do’s) en person-centered  Cliënt accepteren en respecteren  Echtheid, onvoorwaardelijke acceptatie, empathie

8  Optimisme. Iemand kan groeien. De mogelijkheden daartoe heeft iemand in eigen hand  Authentieke, subjectieve gevoelens vormen de essentie van een persoon  Er bestaan verschillen tussen kinderen en volwassenen Een kind is van nature goed Onechtheid ontstaat als reactie op wensen van opvoeders  Dieren zijn wezenlijk anders dan mensen

9  Mensbeeld  Personalistisch  De mens zelf is de centrale factor bij het vormgeven van zijn leven (centralisme)  Biopsychosociale model  Totaliteit, de mens als één geheel wordt centraal gesteld De sociale en biologische invloeden worden echter niet uitgewerkt

10  Een persoonlijkheid is altijd in ontwikkeling  Bij een gezond en geïntegreerd persoon is er sprake van een onbelemmerde interactie tussen denken, voelen en handelen Interne dialoog: voelen en denken Externe dialoog: interactie met anderen

11 Wisselwerking tussen voelen, denken en (communicatief) handelen

12 Op te lossen door:  Door externe dialoog met hulpverlener de cliënt weer in contact brengen met lichamelijk gevoelde betekenissen.  Door te luisteren naar wat de cliënt vertelt, samen te vatten en in eigen woorden terug te geven.

13  Echtheid Congruentie: open staan voor je gevoelens Transparantie: echte gevoelens kenbaar maken  Onvoorwaardelijke positieve gezindheid Iemand kan alleen groeien in een voedende en steunende omgeving Bevordert zelfaanvaarding  Empathie Cognitief en emotioneel begrijpen van de ander Is niet hetzelfde als identificatie of steunen Doel: gevoel de moeite waard te zijn en zelfacceptatie  Echtheid is het belangrijkste. Deze is voorwaardelijk voor de andere twee grondhoudingen

14  Leerling van Rogers  Experiëntiële therapie  (lichamelijke) gevoelsaspecten worden centraal gesteld  Ons lichaam heeft intuïtieve ‘kennis’  Focussing: leren om open te staan voor lichamelijke gevoelens, ze expliciet maken

15  Versnippering en uitwaaiering naar de drie segmenten Nadruk op gevoel (Gendlin) Nadruk op denken (Rogerianen) Nadruk op communicatief handelen  Procesgerichte gesprekstechniek Probeert te combineren Eclectisch handelen. Afhankelijk van wat de situatie vereist, kies je een methode Meer directief Meer met ‘moeilijke’ cliënten

16  Martin Seligman: ‘Building human strenght’  Pleidooi voor onderzoek naar positieve kanten van de mens, preventie  Bevorderen van positieve eigenschappen  Niet alleen nadruk op individueel geluk, maar ook op collectief welzijn

17

18  Geen traditie ontwikkeld op het verklaren van psychische stoornissen  Diagnosticering (‘stempeltje’) werd afgewezen  Bij iemand met psychische problemen, welke dan ook, is er sprake van incongruentie

19  Gordonmethode  Gentle teaching  Validation  Motiverende gespreksvoering

20  ‘ Rogers’ toegepast in pedagogische situaties  Minder belang aan onvoorwaardelijke acceptatie  Nadruk op echtheid en luisteren  Ik-boodschappen  Transparant uiten van boodschappen

21  ‘Rogers’ toegepast in zorg voor verstandelijk gehandicapten  Combinatie met Bowlby (hechting)  Nadruk op samen-leven  Onderlinge afhankelijkheid tussen hulpontvanger en hulpverlener  Vriendelijkheid en veiligheid  Acceptatie, affectie, tolerantie en warmte

22  Ontwikkeld door Naomi Feil  Bejegeningsmethode  ‘Rogers’ toegepast op mensen met dementie  Nadruk op acceptatie en empathie

23  Toepassing van gesprekstechnieken bij motivatieproblemen  Ooit gestart in verslavingszorg  Empathie (niet oordelen)  Discrepantie (bevorderen incongruentie)  Weerstand (meebewegen)  (geloven in) persoonlijke effectiviteit

24  Te weinig aandacht voor sociale en erfelijke invloeden op gedrag In de positieve psychologie wordt dit gecorrigeerd  Te optimistische visie over innerlijke goedheid  Empathie heeft zijn grenzen  Lastig te combineren met onderzoek naar effectiviteit Dit geldt niet voor de positieve psychologie en motiverende gespreksvoering

25 1. Wat is de overeenkomst tussen de psychoanalyse en de humanistische psychologie?overeenkomst A. De nadruk op het hier en nu bij het begrijpen van menselijk gedrag.hier B. De nadruk op subjectiviteit bij het begrijpen van menselijk gedrag.begrijpen C. De nadruk op het organistische mensbeeld bij het begrijpen van menselijk gedrag. 2. In de humanistische psychologie wordt het centralisme benadrukt. Wat betekent dit? A. Dat belevingen en gedrag door de persoon zelf worden veroorzaakt. B. Dat de mens als één geheel opgevat moet worden. C. Dat de humanistische psychologie een positie inneemt tussen de psychoanalyse en het behaviorisme.

26 3. Wat is de belangrijkste doelstelling van een rogeriaanse (psycho)therapie? A. ? Het oplossen van een concreet probleem van de cliënt. B. ? Het ophelderen van verborgen motieven achter het gedrag van een cliënt. C. ? Het bevorderen van groei bij de cliënt. 4. De interne dialoog wordt gekenmerkt door interactie. Tussen welke twee elementen vindt deze interactie plaats? A. ? Denken en voelen. B. ? Denken en handelen. C. ? Handelen en voelen. 5. Onvoorwaardelijke aanvaarding is één van de rogeriaanse grondhoudingen. Welke van onderstaande items is een kernmerk van onvoorwaardelijke aaanvaarding? A. De hulpverlener begrijpt de ervaringen van de cliënt zowel emotioneel als cognitief. B. De hulpverlener beoordeelt de belevingen van de cliënt niet vanuit zijn eigen referentiekader. C. De hulpverlener staat open voor zijn eigen gevoelens en accepteert deze.

27 1. empathische verstandhouding: respect, vriendelijkheid, begrip, erkenning 2. persoonsempathie: hoe voelt het om de client te zijn, wat zijn zijn beweegredenen 3. procesempathie: diepgaand psychologisch contact

28  gedetineerden die een gewelddadige overval hebben gepleegd waarbij vuurwapens zijn getrokken (niet gebruikt);  gedetineerden die een bloedige moord gepleegd hebben;  kinderen die hun vader hebben verloren bij een verkeersongeluk;  politieke vluchtelingen uit een ander land die slachtoffer zijn geweest van vervolging en geweldpleging;  een adolescent die zijn ‘coming out’ heeft en vertelt verliefd te zijn op iemand van hetzelfde geslacht. Kan jij je inleven in een Irakeze terrorist die een bomaanslag heeft gepleegd?


Download ppt "College 5: Humanistische psychologie. Sheets: Kamer: ML. 02.432."

Verwante presentaties


Ads door Google