De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Inleiding Klinimetrie Klinimetrie in de CVA-revalidatie 21 april 2007, UMC Utrecht Annet Dallmeijer Onderzoeker Afdeling Revalidatiegeneeskunde VU medisch.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Inleiding Klinimetrie Klinimetrie in de CVA-revalidatie 21 april 2007, UMC Utrecht Annet Dallmeijer Onderzoeker Afdeling Revalidatiegeneeskunde VU medisch."— Transcript van de presentatie:

1 Inleiding Klinimetrie Klinimetrie in de CVA-revalidatie 21 april 2007, UMC Utrecht Annet Dallmeijer Onderzoeker Afdeling Revalidatiegeneeskunde VU medisch centrum Amsterdam

2 Wat is klinimetrie? Klinimetrie: meten van klinische verschijnselen Klinimetrie als methodologische discipline richt zich op het beoordelen van de kwaliteit van meetinstrumenten, en op methoden om die kwaliteit te verbeteren (de Vet 2002) –Symptomen –Effect van behandeling –Determinanten –Waarde van diagnostische test

3 Klinimetrie in de CVA behandeling Behandeling van personen met een CVA –Diagnostiek –Stellen van behandeldoelen –Evalueren en monitoren van de behandeling –Voorspellen van uitkomst –Prestatie-indicatoren De selectie van een juist meetinstrument (vragenlijst) is essentieel voor het adequaat in kaart brengen van functies, activiteiten en participatie van patiënten met een CVA

4 Waar opletten bij de keuze van een meetinstrument? Keuze van het meetinstrument Doel van de meting? Wát wil ik meten? Wat is de structuur van het meetinstrument? Kwaliteit van het instrument Wat is de validiteit van het meetinstrument? Wat is de betrouwbaarheid van het meetinstrument? Wat is de responsiviteit van het instrument?

5 Wat is het doel van de meting? Discriminatieve meting –Onderscheid maken tussen individuen en/of individuen classificeren –Referentiegroep Predictieve meting –Voorspellen van het toekomstig functioneren Evaluatieve meting –Het meten van veranderingen in het functioneren –Bv na behandeling/therapie

6 Wat is het doel van de meting? Individueel of op groepsniveau Individueel: strengere eisen

7 Externe Factoren Persoonlijke factoren Functie / structuur (Stoornissen ) Activiteiten (Beperkingen) Participatie (Participatieproblemen) Ziekte / aandoening Wát wil ik meten: ICF als leidraad

8 ICF-domeinen Activiteiten en Participatie … 3Communicatie 4Mobiliteit 5Zelfverzorging … 9Maatschappelijk, sociaal en burgerlijk leven

9 Wát wil ik meten: ICF Capaciteit –Wat kan de persoon? –Bv. Kan de persoon traplopen? Performance –Wat doet de persoon? –Bv. Loopt de persoon (regelmatig) trappen? –Gestandaardiseerde (observatie) test –Zelfrapportage (vragenlijsten)

10 Wat is de structuur van de vragenlijst? Items, categorieën Dichotoom (ja, nee) – polytoom (1-5) Somscore Subschalen (domeinen) Meten alle items één construct? Meetbereik moet aansluiten bij niveau individu/groep –Vermijden plafondeffecten en vloereffecten

11 Voorbeeld (1): Barthel index 1. Darm 2. Blaas 3. Uiterlijke verzorging 4. Toiletgebruik 5. Eten 6. Transfer 7. Mobiliteit 8. Aan / uitkleden 9. Trappenlopen 10.Baden / douche 10 items (0-3), 2 dichotoom Range: 0 – 20 Domein: –Mobiliteit –Zelfverzorging –Functie (darm, blaas)

12 Cronbach’s alfa: 0.84 Verklaarde variantie: 59% Barthel Index (CVA, n=269): één construct?

13 Barthel Index (CVA, n=269): plafondeffect Start revalidatie Plus 6 mnd

14 Voorbeeld (2): Functional Independence Measure (FIM) Ernst van de beperking: 18 items 7-point rating scale –1: volledig afhankelijkheid > 7: volledig onafhankelijk 2 dimensies –Motor subschaal: 13 items –Cognitieve subschaal: 5 items –Mobiliteit, persoonlijke verzorging, functie (darm, blaas)

15 FIM items Motor 1 Eten 2 Persoonlijke verzorging 3 Wassen 4 Kleden bovenlichaam 5 Kleden onderlichaam 6 Toiletgebruik 7 Blaasbeleid 8 Darmbeleid 9 Transfer bed, stoel 10 Transfer toilet 11 Transfer bad, douche 12 Ambulantie 13 Traplopen Cognitief 14 Begrip 15 Taalgebruik 16 Sociale interactie 17 Oplossen problemen 18 Geheugen

16 Factoranalyse FIM FIM-motor score FIM-cognitieve score

17 Waar opletten bij de keuze van een meetinstrument? Keuze van het meetinstrument Doel van de meting? Wát wil ik meten? Wat is de structuur van het meetinstrument? Kwaliteit van het instrument Wat is de validiteit van het meetinstrument? Wat is de betrouwbaarheid van het meetinstrument? Wat is de responsiviteit van het instrument?

18 Wat is de validiteit? Meet het instrument datgene wat men beoogt te meten? –Criterium validiteit –Construct validiteit Gevalideerd in CVA populatie? Raadplegen van familie/verzorgenden?

19 Wat is de betrouwbaarheid? Bij herhaalde meting zelfde resultaten –Inter-beoordelaar – tussen beoordelaars –Intra-beoordelaar – binnen beoordelaar ICC > 0.8 SEM – limits of agreement Gebruik op individueel niveau Goede betrouwbaarheid  goede validiteit

20 Wat is de responsiviteit? Vermogen van instrument om een klinisch relevante verandering te meten Bij evaluatief gebruik Hoeveel punten is een klinisch relevante verandering

21 Tot slot Vooronderzoek naar klinimetrische eigenschappen Vaak niet alle eigenschappen beschreven Haalbaarheid (feasibility) –Tijdsinvestering, belasting patiënt, kosten Vooronderzoek is de moeite waard en voorkomt mislukkingen!

22 Bedankt voor uw aandacht!


Download ppt "Inleiding Klinimetrie Klinimetrie in de CVA-revalidatie 21 april 2007, UMC Utrecht Annet Dallmeijer Onderzoeker Afdeling Revalidatiegeneeskunde VU medisch."

Verwante presentaties


Ads door Google