De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Marieke Guelen Kim Strik 24 november 2008 Logopedische Dienst Maas & Waal.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Marieke Guelen Kim Strik 24 november 2008 Logopedische Dienst Maas & Waal."— Transcript van de presentatie:

1 Marieke Guelen Kim Strik 24 november 2008 Logopedische Dienst Maas & Waal

2 Welkom Logopedische Dienst Maas & Waal: “Preventie op logopedisch gebied” Telefonisch spreekuur op donderdag tussen 9:00-12:00 uur Tel: Logopedisch spreekuur op het Consultatiebureau 2 e donderdag van de maand 13:00-14:00 uur (tijdens schoolweken)

3  Hoe leren kinderen spraak en taal?  Verschillen en overeenkomsten tussen eentalige ontwikkeling en meertalige ontwikkeling.  Advies: Welke taal? Wanneer? Hoe?  Aanpak: Begeleiden van de meertalige opvoeding  Casus bespreking. Inhoud

4 Hoe leren kinderen taal en spraak Verschil tussen spraak en taal Spraak Het uitspreken van klanken en woorden; de klankvorming. Taal Het gebruiken van de taalregels. Taal is een ruim begrip

5 Hoe leren kinderen woorden?  Concept van een woord  Labellen: huis, maison …  Raamwerk van kenmerken van het woord: Woordenweb

6 Ontwikkeling van de moedertaal?  Een goede beheersing van de moedertaal is van groot belang voor het leren van een tweede taal (of derde taal). Oftewel:  ‘De eerstetaalmuren moeten sterk zijn dan kan het tweedetaaldak er pas goed op’ (drs. Jenta Sluijmers, hoofd vakgroep Logopedie NL)

7 Meertaligheid  Simultane meertaligheid Kinderen verwerven twee of meer talen vanaf de geboorte (alle talen worden vóór het eerste levensjaar aangeboden)  Successieve meertaligheid Kinderen verwerven aanvankelijk één taal waarna later een tweede en eventueel een derde taal wordt verworven

8 Simultane meertaligheid  Ontwikkelingproces komt sterk overeen met het ontwikkelingsproces van eentalige kinderen. De kwaliteit en kwantiteit van het taalaanbod (in beide talen) moet wel voldoende zijn.

9 Successieve meertaligheid  Ontwikkelingsproces van de eerste taal (moedertaal) verloopt hetzelfde als de ontwikkeling van eentalige kinderen.  Ontwikkelingsproces van de tweede taal verloopt gedeeltelijk anders: - geen brabbelfase - kinderen spreken vanaf het begin in een of meerwoord zinnen - kennis van de eerste taal wordt toegepast in de tweede taal

10 Successieve meertaligheid  Stille periode (‘Silent period’): gedurende een periode niet in de tweede taal spreken. - deze stille periode kan wel een jaar duren - verwerving van de tweede taal staat niet stil.

11 Welke taal? Wanneer? Hoe? - meerdere talen aanbieden hoeft geen probleem te zijn. - ouders spreken allebei de taal met het kind die ze zelf voldoende beheersen - ‘hartentaal’: in deze taal kun je jezelf het beste uitdrukken

12 Welke taal? Wanneer? Hoe?  Verschillende strategieën: - één ouder – één taal strategie, of de één situatie - één taal strategie - thuistaal anders dan de omgevingstaal

13 Onzekerheid van ouders - Omgevingstaal belangrijker dan de moedertaal. (verkeerde opvatting!) - Kind weigert in de moedertaal te spreken - Taalverlies in de moedertaal kan optreden

14 Aanpak  Begeleiden van de meertalige ontwikkeling: - Wat is de achtergrond, de cultuur en de gewoontes van het gezin - Welke keuzes hebben ouders gemaakt in hun meertalige opvoeding?

15 Belangrijke informatie  Wat is de nationaliteit en samenstelling van het gezin?  Wat is de moedertaal van het kind?  Praat het kind volgens de ouders goed in de moedertaal?  Welke taal/talen worden er met het kind gesproken en door wie?  Beheersen de ouders het Nederlands (enigszins)? Zo niet, is er een contactpersoon?  Bezoekt het kind een peuterspeelzaal of kinderdagverblijf?  Sinds wanneer komt het kind in aanraking met het Nederlands?  Worden er thuis boekjes gelezen met het kind en wordt er over boekjes gepraat? (in de moedertaal)

16 Begeleiden van een meertalig kind Dwing het kind niet om te spreken. Dwing het kind niet om te spreken. Gebruik eenvoudige taal, ondersteuning door gebaren, concreet materiaal en mimiek. Gebruik eenvoudige taal, ondersteuning door gebaren, concreet materiaal en mimiek. Volg de initiatieven van het kind en voeg taal toe. Volg de initiatieven van het kind en voeg taal toe. Motiveer en maak kinderen enthousiast voor beide talen. Laat het kind weten dat het ‘knap’ is om twee talen te spreken. Motiveer en maak kinderen enthousiast voor beide talen. Laat het kind weten dat het ‘knap’ is om twee talen te spreken.

17 Actie ondernemen  Wanneer een kind in geen van beide talen gelijk op lijkt te gaan met wat op die leeftijd verwacht mag worden, is nader onderzoek zinvol.  Verwijzing naar de Logopedische dienst voor advies kan altijd.  Logopedische behandeling wordt alleen vergoed indien er een stoornis is in de eerste taal (moedertaal)

18 Casus  Misha; een meisje van 2,8 jaar spreekt met haar ouders Marokkaans. Misha is een vrolijk en enthousiast meisje. Ze zoekt contact met andere kinderen en de leidster op de peuterspeelzaal, maar spreekt nog niet. Moeder maakt zich zorgen.  Welke gegevens heb je nodig om een goed advies te kunnen geven?

19 Meertaligheid  Website:

20 Marieke Guelen Kim Strik Logopedische Dienst Maas & Waal


Download ppt "Marieke Guelen Kim Strik 24 november 2008 Logopedische Dienst Maas & Waal."

Verwante presentaties


Ads door Google