De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Diabetes, een Belangrijk Gezondheidsprobleem. Een Aandoening met Twee Gezichten.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Diabetes, een Belangrijk Gezondheidsprobleem. Een Aandoening met Twee Gezichten."— Transcript van de presentatie:

1 Diabetes, een Belangrijk Gezondheidsprobleem

2 Een Aandoening met Twee Gezichten

3

4

5 Een Aandoening met Twee Gezichten 

6 Diabetes Mellitus frequentste oorzaak van blindheid bij volwassen frequentste oorzaak van nierinsufficiëntie (> 1/3 van dialysepat.) 2-4 x meer sterfte door ischemisch hartlijden 2-6 x meer cerebrovasculaire accidenten 4 x meer perifeer vaatlijden 15 x meer lidmaatamputaties (> 65 j x 25) kosten : 7-15 % van uitgaven voor gezondheidszorg 

7 uiterst frequente pathologie te late diagnose behandeling moeilijk te organiseren voor zorgverleners behandeling niet gemakkelijk voor patiënt Waarom Slechte Resultaten ?

8 Type 2 Diabetes, een Enorm Gezondheidsprobleem

9  duurt 5-7 j vooraleer diagnose wordt gesteld 1 op 2 onbekend 1 op 5 verwikkelingen op moment van diagnose Late Diagnose weinig symptomen

10 Goede bloedsuiker nastreven Risico voor hart- en vaatlijden verminderen Verwikkelingen op tijd ontdekken en remmen Brede Aanpak

11  Gemakkelijk voor Patiënt verandering levensstijl : voeding, lichaamsbeweging regelmaat medicatie, controles kosten  voelt het niet

12  Gemakkelijk voor 1ste Lijn intensieve aanpak / meer dan suiker alleen educatie shared care : huisarts diëtiste thuisverpleegkundige diabetoloog …  onvoldoende ondersteuning

13 tijdige diagnose correctie van risicofactoren verwikkelingen op tijd ontdekken en afremmen Prognose Verbeteren

14 Types Diabetes

15 Classificatie van Diabetes Mellitus Type 1 diabetes: Destructie van de insuline producerende betacellen Type 2 diabetes: Weerstandigheid aan insuline- falen van de betacel Andere vormen: Moleculaire defecten Zwangerschapsdiabetes Pancreasafwijkingen ….

16  suiker insuline type 1 diabetes type 2 diabetes

17 Type 1 Diabetes op jongere leeftijd meestal duidelijk en acuut door stijging glucose in bloed : dorst en polyurie door tekort glucose in cel : moe, vermagering, …

18 Type 2 D iabetes vooral op oudere leeftijd. 85% van alle diabetespatiënten 3/4 met overgewicht hoge graad van erfelijkheid vaak geen symptomen

19 Zwangerschapsdiabetes : Risico op Latere DM 2 O'Sullivan et al. 1975

20 Insuline Resistentie Syndroom + Obesitas + Insulin resistentie + Hyperinsulinemie + Type 2 diabetes of gestoorde glucosetolerantie + Dyslipidemie +   Bloeddruk + Atherosclerose DeFronzo, Ferrannini. Diabetes Care 1991; 14 (3):

21  glucose insuline insuline resistentie syndroom obesitas gebrek aan lichaamsbeweging erfelijke aanleg voor diabetes

22 Frequentie

23 4-6 % van bevolking heeft diabetes (± 0.5 milj.) kans dat je tijdens je leven diabetes krijgt : 10 % 1 op 2 weten niet dat ze diabetes hebben > 90 % type 2 diabetes Belgische Situatie

24 CDC. JAMA 2001;286:

25 Doubled Worldwide Prevalence of Type 2 Diabetes to 215 million over 15 years NIDDM million people 50% yet undiagnosed as diabetic in Europe and NA Diabetes : Global Estimates and Projections F. Statistical Bulletin. Jan-Mar 1997;2-8 [www.i.au/glob

26 Mortality Rate in Non-Diabetics Control Diabetes 10, (Patient Numbers) Ratio 2.5Ratio 2.2Ratio Whitehall Study Mortality Rate Paris Prospective Study Helsinki Policemen Study (Deaths per 1000 patient years) Diabetic Patients More Than Doubled vs

27 Evolutie Diabetes in West-Europa Diabetes : Global Estimates and Projections Jiwa F. Statistical Bulletin. Jan-Mar 1997;2-8 [www.idi.org.au/global.htm]

28 Trend in Incidence of Type 1 Diabetes in Finnish Children 1-14 years Incidence per person years Tuomilehto, Diabetologia, 1999

29 Complicaties

30  suiker insuline vet afvalstoffen

31 Slecht voor bloedvaten

32 Diabetesverwikkelingen: Microvasculair: Retinopathie Nefropathie Neuropathie Macrovasculair

33 Diabetische retinopathie

34 Diabetesverwikkelingen : Microvasculair:Retinopathie Voornaamste oorzaak van blindheid tussen 20 en 74jaar In USA tot nieuwe gevallen van blindheid per jaar

35 *

36 Diabetesverwikkelingen: Microvasculair:Nefropathie Voornaamste oorzaak van ESRD, nl. 40% van alle nieuwe gevallen In USA nieuwe gevallen per jaar en dialyse patiënten

37 Diabetische neuropathie

38 Diabetesverwikkelingen: Neuropathie 60 tot 70% van alle diabetespatiënten hebben neuropathie

39 Drukpunten

40 Diabetesverwikkelingen: Amputaties >50% van alle onderbeen amputaties In USA: amputaties per jaar

41 Diabetesverwikkelingen: Macrovasculair = dé doodsoorzaak Kans van diabetespatiënt om te overlijden na cardiovasculair event x2-x4 Kans op CVA x2-x4

42 Hart- en vaatlijden

43 Arteriële insufficiëntie

44 Screening

45 tikkende klok onset of diabetes type 1 type 2 onset of insulin resistance diagnose DM 2 laat gesteld

46 Laattijdige Diagnose Type 2 Diabetes Harris et al. 1986

47 Diabetes : Wie Screenen ? bij alle personen > 65 j bij personen > 45 j als volgende risicofactoren : °diabetes bij 1ste graad familieleden °algemene obesitas (BMI > 27 kg/m²) °abdominale obesitas (buikomtrek M > 102, V > 88 cm) °vroeger zwangerschapsdiabetes of baby > 4.5 kg °gebruik van diabetogene farmaca (vb. corticoïden) °vroeger gestoord glucosemetabolisme (vb. bij chirurgie) °hyperlipidemie : HDL-CH 250 mg/dl °hypertensie  140/90 mm Hg

48 Diabetes : Hoe Screenen ? nuchtere glycemie op veneus bloedstaal (niet met glucosemeter)  110 mg/dl = normaal mg/dl = gestoorde nuchtere glycemie  126 mg/dl = diabetes interpretatie : °nuchtere glycemie  110 mg/dl = normaal  corrigeer risicofactoren, hertest na 3 j °nuchtere glycemie mg/dl = gestoorde nuchtere glycemie  corrigeer risicofactoren, hertest na 1 j °nuchtere glycemie  126 mg/dl = diabetes (als 2de x bevestigd)  behandeling

49 Diagnose

50 Diabetes : Diagnose

51 Behandeling

52 Diabetes: Behandelingsdoelen symptomen van hyperglycemie vermijden acute complicaties voorkomen chronische complicaties voorkomen verminderen mortaliteit bevorderen levenskwaliteit

53 Diabetes : Behandelingsdoelen streven naar goede bloedglucose regulatie verminderen overgewicht behandelen hypertensie behandelen dyslipidemie roken afraden lichaamsbeweging stimuleren tijdig chronische complicaties opsporen en behandelen

54 Diabetes: Behandelingspeilers voeding lichaamsbeweging bloedsuikerverlagende medicatie correctie cardiovasculaire risicofactoren screening en vroegtijdige behandeling van complicaties preventie van acute complicaties educatie, stimuleren van zelfzorg

55 Hyperglycaemia and Complications <66-<77-<88-<99-<1010+ Updated HbA 1c (%) % Incidence per 1000 patient years Myocardial infarction Microvascular disease Type 2 diabetes UKPDS 35. BMJ 2000; 321:

56 EVERY 1% reduction in HBA 1C REDUCED RISK* 1% Deaths from diabetes Heart attacks Microvascular complications Peripheral vascular disorders UKPDS 35. BMJ 2000; 321: Better Control Equals Reduced Risk of Complications -37% -43% *p< % -21%

57 Naar welke HbA1c streven ? geen drempelwaarde : hoe lager hoe beter grootste effect bij hoogste glycemieresultaten opgelet voor hypoglycemie

58 DCCT

59 voeding

60 Diabetes: voeding doel: optimaliseren van metabole controle preventie van complicaties verkrijgen van een aanvaardbaar lichaamsgewicht DM type 1: nadruk op evenwichtige verdeling van KH DM type 2: nadruk op vermageren

61 Type 2 diabetes : dieet doel : optimaliseren van metabole controle preventie van complicaties verkrijgen aanvaardbaar lichaamsgewicht hoe ? : evenwichtige, gezonde voeding persoonlijk voedingsschema afhankelijk leeftijd, geslacht, activiteit haalbaarheid ?

62 Type 2 diabetes : dieet dieet moet praktisch haalbaar zijn individuele aanpak diabetes dieet = gezonde voeding voldoende variatie noodzakelijk lichte gewichtsreductie heeft vaak sterk glycemieverlagend effect

63 mortaliteit  > 20 % bloeddruk SBD  10 mm Hg DBD  20 mm Hg glycemie nuchtere glycemie  50 % lipiden totale CH  10 % LDL-CH  15 % TG  30 % HDL-CH  8 % effect van 10 % gewichtsdaling Goldstein DJ. Int J Obes 92;16:

64 effect van inschakelen van diëtiste op HbA1c Franz et al. J Am Diet Assoc 95;95:1009 standaard voedingsadvies 85 1 consult bij diëtiste 94 1 consult bij diëtiste gevolgd door 2 opvolgconsulten 241 DM2 patiënten R/62 standaard voedingsadvies 85 1 consult bij diëtiste 94 1 consult bij diëtiste gevolgd door 2 opvolgconsulten standaard advies 1 consult bij diëtiste 1 consult + 2 opvolgconsulten bij diëtiste HbA1c

65 lichaamsbeweging

66 effect van lichaamsbeweging op cardiovasculaire mortaliteit Blair et al. JAMA 89;262: fit niet fit Een fitte obese persoon heeft een betere prognose dan een sedentaire magere persoon !

67 goed voor hart- en bloedvaten (gunstig effect op cholesterol, bloeddruk) maakt het lichaam gevoeliger aan insuline   lagere bloedsuikers calorieverbruik  fitheid  : spierkracht, flexibiliteit gunstig psychisch effect  levenskwaliteit  gezondheidseffecten van regelmatige lichaamsbeweging

68 om de 2 dagen (liefst dagelijks) niet alleen tijdens het weekend 20 tal min. aerobe activiteit : - lichte kortademigheid (nog kunnen praten) -matige polsversnelling haalbare zaken afspreken : goed = flink doorstappen, fietsen, home-trainer, enz. best in dagelijks leven inbouwen (te voet ipv. wagen, trap ipv. lift, TV beperken) intensiteit : hoeft niet verschrikkelijk zwaar te zijn "no pain, no gain"  juist

69 bij zware inspanningen boven 40j of bij langdurige diabetes : eerst doktersnazicht ! hoe hypo behandelen / vermijden? goed schoeisel ! medische aspecten

70 lichaamsbeweging bij diabeet > 60 j : niet altijd mogelijk ! Diabetes Care 2000:

71 principes : bloedsuikerverlagende medicatie  koolhydraten  zelfcontrole therapieaanpassingen bij personen op bloedsuikerverlagende medicatie

72 zelfcontrole bij personen op insuline ! koolhydraten meenemen (snel en traag resorbeerbare) bij voorkeur niet alleen als alleen : diabetesidentificatie sporten waarbij hypoglycemie gevaarlijk zou zijn vermijden veiligheid bij gebruik van hypoglycemiërende farmaca

73 behandeling DM 1 principes

74 insuline  voeding lichaamsactiviteit stress, onregelmatig leven DM 1 : bloedsuiker goed zetten  educatie

75 normaal insulineprofiel *

76 * insulineprofielen 2 injecties /d4 injecties /d

77 * soorten insuline

78 * snelwerkende insuline-analogen

79 * klassieke snelwerkende insuline lispro (Humalog ® )

80 insuline toedienen

81 insulinepennen *

82 insuline : injectieplaatsen *

83 insulinepompen anno 2001

84 zelfcontrole

85 noteren

86 type 1 en type 2 diabetes minstens 2 insuline-injecties per dag uitvoerige educatie door diabetesteam 3 categorieën : aantal minimaal maximaal injectiesaantal metingenaantal strips cat. 1 :  cat. 2 :  cat. 3 :  diabetesconventie

87 behandeling DM 2 principes

88 Diabetes type 2 in 2001 Mild disease of carbohydrate intolerance responding to diet alone. Chronic disease with debilitating long term complications that requires aggressive management. Diabetes is reaching epidemic proportions 146 million (2000) 215 million (2015) NO YES

89 Basic Steps in the Management of Type 2 Diabetes ++ diet & exercise oral monotherapy oral combination oral plus insulin insulin +

90 bloedsuikerverlagende medicatie

91 Orale antidiabetica Insulin-augmenting agentsInsulin-assisting agents SulfonylureaBiguanides (Metformin) MetiglinidesAlpha-glucosidase inhibitoren Thiazolidinediones

92 Glucose (G) Carbohydrate Glucose DIGESTIVEENZYMES Insulin (I) I I I I I I I I G G G G G G G G I G G G Weefsels betrokken bij glucosemetabolisme Upper GI Tract - Glucose absorption Pancreas - Insulin secretion Liver - Energy storage, glucose release Muscle - Energy consumption (FFA > glucose) Adipose Tissue - Glucose storage, FFA release

93 Aangrijpingspunten voor orale antidiabetica Glucose (G) Carbohydrate Glucose DIGESTIVEENZYMES Insulin (I) I I I I I I I I G G G G G G G G I G G G Acarbose Reduces absorption - Sulphonylurea Repaglinide Stimulates pancreas+ Metformin Reduces hepatic glucose output (??muscle/fat effects)- Thiazolidinediones Reduce Insulin Resistance - + -

94 Sulfonylurea glibenclamide (Daonil ®, Euglucon ®, Bevoren ® ) glipizide (Glibinese ®, Minidiab ® ) gliquidone (Glurenorm ® ) gliclazide (Diamicron ® ) chloorpropamide (Diabinese ® ) glimepiride (Amaryl ® )

95 voor maaltijd neveneffecten : hypoglycemie, allergie contra-indicaties : leverlijden, nierlijden Sulfonylurea

96 Biguaniden = metformin Glucophage ® Metformax ®

97 Metformin 1e keus bij obese patiënt verminderde opname glucose uit darm verminderde glucose output uit lever verbeteren perifere glucose opname

98 geen hypoglycemie remt eetlust  geen gewicht  cardioprotectief (door gunstige effecten op BD, lipiden, stollingsparameters, …) Metformin : voordelen

99

100 gastro-intestinale intolerantie (1/20)  dosis niet te snel  gevaar voor lactaatacidose Metformin : neveneffecten  contra-indicaties: leverlijden, nierlijden (creat > 1.5), longlijden, hartdecompensatie, acute ziektes, chirurgie, contrastonderzoeken

101 Alfa-glucosidaseremmers = acarbose of Glucobay inhiberen van disacharidasen in de darm tragere opname van glucose gastrointestinale nevenwerkingen weinig gebruikt

102 Glitazones rosiglitazone (Avandia ® ) pioglitazone (Actos ® )

103 insuline sensitizers Glitazones  geen hypoglycemie  extra cardiovasculaire protectie  kunnen toegevoegd worden aan SU, gliniden en metformin  andere neveneffecten (effecten lange termijn niet bekend)  veilig bij nierinsufficiëntie compleet ander werkingsmechanisme dan metformin langwerkend hepatische afbraak  1-2 x /d

104 Gliniden repaglinide (NovoNorm ® ) nateglinide (Starlix ® )

105 werken analoog aan SU zeer snelle inwerktijd korte halfwaardetijd hepatische afbraak Gliniden  ter vervanging van SU  kort voor maaltijd  betere controle van PP piek  < hypo's bij missen maaltijd  <  -celfalen  veilig bij nierinsufficiëntie

106 diabetes dieet en lichaamsbeweging farmacologische therapie niet obeesobees sulfonylureum (SU) (glinide) metformine (MF) SU + MF of SU + glitazone of MF + glitazone toevoegen van insuline

107 Anti - obesitas medicatie sibutramine( Reductil) orlistat( Xenical )

108 Type 2 diabetes :insuline insuline : eerste keuze bij belangrijke symptomatologie zeer hoge nuchtere bloedglucose diabetische ketoacidose onduidelijkheid type 1/type 2 zwangerschap contra-indicatie voor orale antidiabetica

109 Type 2 diabetes :insuline insuline : vaak tijdelijk bij infectie bij myocardinfarct bij chirurgie

110 OMASOMAS Zelfcontrole : belang van dagkurve xxxxxxxx

111 Noteren

112 type 1 en type 2 diabetes minstens 2 insuline-injecties per dag uitvoerige educatie door diabetesteam 3 categorieën : aantal minimaal maximaal injectiesaantal metingenaantal strips cat. 1 :  cat. 2 :  cat. 3 :  Diabetesconventie

113 geneesmiddelencompendium website van belgisch instituut voor geneesmiddeleninformatie Hoe bijblijven over diabetesmedicatie?

114 Behandeling van risicofactoren cardiovasculair lijden hypertensie hyperlipidemie

115 bloeddruk

116 lichte daling van bloeddruk met 10/5 mm Hg (van 154/87  144/82) geeft : mortaliteit door DM  32%p=0.019 CVA  44%p=0.013 hartfalen  56%p= microvasculaire complicaties  37%p= Hypertensie en diabetescomplicaties UKPDS 38. BMJ 1998;317:

117 HOT studie. Lancet,1998, 351: Striktere bloeddrukcontrole nodig bij diabetici dan bij niet-diabetici diast BD (mm Hg)

118 lipiden

119 epidemiologische studie in Finland : 1059 DM2  1373 niet DM AMI na 7 j follow-up : Acuut myocardinfarct (AMI) bij diabetes Haffner NEJM 98;339:229

120 geen diabetes diabetes grotere LDL-partikels kleinere LDL-partikels + geoxydeerd, geglycosileerd LDL-partikels bij DM : veel atherogener !

121 Streefwaarden < 5 tot. CH< 190 mg/dl< 5 mmol/l < 4 CH / HDL<4< 4 < 3 LDL < 115 mg/dl< 3 mmol/l < 2 TG < 180 mg/dl< 2 mmol/l > 1 HDL > 40 mg/dl> 1 mmol/l

122 roken

123 CV-risico bij roken

124 Rookstop duidelijk advies : duidelijk advies : sterk afraden, gebruik maken van acute problemen, stopdatum afspreken, familie betrekken nicotine substitutie : nicotine substitutie : pleister  placebo (NEJM 96;324:1792) STOPna 14 w :21% 9% (p=0.001) na 24 w : 14% 11%(ns) veilig bij patiënten met CIHL bupropion : bupropion : R/ ged. 7w ( NEJM 97;337:1195) bupropion  placebo 100 mg150 mg300 mg STOPna 7 w : % na 12 m : %

125 aspirine

126 Aspirine: ADA aanbevelingen secundaire preventie primaire preventie als hoog risico: familaal cardiovasc. lijden roken hypertensie BMI > 28 µAU, proteinurie hyperlipidemie lft. > 30 j  elke type 2 diabeet moet aspirine krijgen (als geen contraïndicaties)

127 O M A S Daonil Glucophage Zocor Fludex Zestril Amlor Asaflow Corvatard Redomex voorbeeld van dagelijkse medicatie van type 2 diabeet Polyfarmacie

128 ziekte  diabetesontregeling  oppassen ! zelfcontrole : neen  huisarts verwittigen ja  huisarts verwittigen als te hoog drink veel blijf eten als je niet kunt eten  stop OAD Glycemieontregeling bij ziekte bij DM 2 : preventie

129 griepvaccin : jaarlijks,(terugbetaald) pneumokokkenvaccinatie : om de 5 jaar (  750 Bf) Preventie ziekte

130 acute complicaties

131 acute situaties hypoglycemie hyperglycemie

132 hypoglycemie acute complicaties

133 hypoglycemie = te laag bloedsuikergehalte < 70 mg/dl

134 hypoglycemie : oorzaken onevenwicht tussen : aanvoer van suiker via voeding verbruik van suiker via lichaamsbeweging effect van bloedsuikerverlagende medicatie

135 hypoglycemie : oorzaken aanvoer van suiker via voeding  -minder of niet gegeten -vermageringsdieet verbruik van suiker via lichaamsbeweging  -sport, poetsdag, tuinwerk, winkelen met zware boodschappentassen, … effect van bloedsuikerverlagende medicatie  - te hoge dosis -  afbraak in het lichaam door nier- of leverproblemen

136  glucose insuline + sulfonylurea gliniden biguaniden + glitazones orale antidiabetica

137  glucose insuline + sulfonylurea gliniden biguaniden + glitazones geen hypo's ! hypo's ! orale antidiabetica

138 hypoglycemie bij alcoholische dranken bevatten vaak suiker  glycemie  eerst nadien kan glycemie sterk  patiënt voelt hypo minder goed educatie : alcoholgebruik beperken beetje traag resorbeerbare koolhydraten bij eten

139  suiker insuline type 1 diabetes type 2 diabetes

140  suiker erg gevoelig aan insuline  gemakkelijk hypoglycemie insuline type 1 diabetes type 2 diabetes niet gevoelig aan insuline (insuline resistent)  niet gemakkelijk hypoglycemie

141 hypoglycemie : type 1  type 2 optreden van hypoglycemie in grote interventiestudies type 1 DMtype 2 DM

142 hypoglycemie : type 1  type 2 diabetes type 1 lichte : > wekelijks soms hulp nodig kans op coma reëel type 2 veel minder frequent dan bij type 1 kans op coma zeer laag

143 hypoglycemie : symptomen snelle daling van bloedsuiker snelle daling van bloedsuiker  meestal hevige reactie -zweten, hartkloppingen, beven, hongergevoel -prikkelbaarheid, concentratieproblemen, troebel zicht "appelflauwte" langzame daling van bloedsuiker langzame daling van bloedsuiker  minder hevige reactie -concentratieproblemen, moeheid, geeuwen, stemmingsverandering gevorderde hypoglycemie -verwardheid, sufheid, coma

144 hypoglycemie : bewijzen meting met glucosemeter niet nodig bij duidelijke symptomen

145 hypoglycemie : behandeling snel resorbeerbare suiker g snel resorbeerbare suiker = 2-3 klontjes suiker of 3-5 tabl. druivensuiker of ½ glas frisdrank (geen light) evt. 1x te herhalen duurt min. vooraleer symptomen overgaan traag resorbeerbare suiker nadien traag resorbeerbare suiker : bvb. boterham, vitabis koek opm.: liever geen chocolade, snoep geen te grote hoeveelheden

146 hypoglycemisch coma : behandeling geen suiker meer langs mond (gevaar voor verslikken) glucagon inspuiten : -kan aan familie aangeleerd worden -niet nodig bij type 2 diabetes (zelfs niet als behandeld met insuline) suiker intraveneus spuiten (hulpdiensten)

147 hoe hypoglycemie voorkomen ? geen maaltijd overslaan bij elke maaltijd koolhydraten bij extra lichaamsbeweging : -tussendoortje (vermijden bij obese patiënten) en/of -dosis van bloedsuikerverlagende medicatie (orale antidiabetica, insuline) op voorhand 

148 educatie over hypoglycemie bij type 1 diabetes : grondige educatie over symptomen, preventie en behandeling van hypoglycemie aan patiënt en gezinsleden bij type 2 diabetes : symptomen eenvoudig uitleggen : appelflauwte hoe hypo corrigeren ? geen maaltijden overslaan frequent hypo  melden aan arts om medicatie aan te passen

149 hypoglycemie : communicatie tussen diëtist en huisarts als je als diëtist vastelt dat patiënt frequent hypo's doet  verwittig huisarts als je de hoeveelheid koolhydraten in de voeding vermindert bij een patiënt die medicatie gebruikt die hypo's kan veroorzaken  verwittig huisarts verslag, mailtje of telefoontje !

150 hyperglycemie acute complicaties

151 hyperglycemie = te hoog bloedsuikergehalte

152 hyperglycemie sterke hyperglycemische ontregeling : vooral bij ziekte (type 1 en type 2 diabetes) bij type 1 diabetici die geen of veel te weinig insuline spuiten

153 sterke hyperglycemische ontregeling : type 1  type 2 diabetes ketoacidose bij type 1 diabetes : meestal productie van zure ketonlichamen (o.a. aceton)  verzuring : ketoacidose hyperosmolair hyperglycemisch coma bij type 2 diabetes : geen ketonlichamen, maar glycemie kan zeer sterk stijgen (bvb. > 600 mg/dl)  sterke uitdroging, sufheid : hyperosmolair hyperglycemisch coma veel frequenter bij type 1 dan bij type 2 diabetes sterke hyperglycemische ontregeling veel frequenter bij type 1 dan bij type 2 diabetes

154 educatie over hyperglycemie bij type 1 diabetes : grondige educatie (o.a. aceton in urine leren meten) bij type 2 diabetes : enkele eenvoudige boodschappen volstaan bij ziekte huisarts verwittigen om glycemie te meten veel drinken blijf eten

155 vroegtijdige detectie van complicaties

156 hoog bloedsuikergehalte corrigeren cardiovasculaire risicofactoren corrigeren verwikkelingen in vroegtijdig stadium ontdekken en afremmen voorkomen van complicaties bij diabetes

157 cardiovasculaire risicofactoren regelmatig nagaan : roken bloeddruk lipiden gewicht gebrek aan lichaamsbeweging

158 vroegtijdig opsporen van complicaties minstens jaarlijks nazicht : nieren : creatinine, urine microalbuminurie ogen : oogfundus voeten : onderzoek hart :navragen van symptomen (evt. ECG, inspanningsproef)

159 onmiddellijk reageren bij problemen nieren : medicatie ogen : laserbehandeling voeten : educatie, goed schoeisel hart :cardiologische behandeling

160 organisatie dieetconsultatie

161 doelstellingen van voedingsadvies bij type 2 diabetes bereiken van een aanvaardbaar lichaamsgewicht een goede glycemiecontrole preventie van diabetescomplicaties

162 algemene uitleg / motivatie : wat is type 2 diabetes voedingsanamnese praktisch voedingsadvies speciale situaties Niet te veel informatie in één keer geven ! Wat moet er aan bod komen ?

163 algemene uitleg / motivatie wat is type 2 diabetes : eenvoudig uitleggen meer dan suiker alleen relatie overgewicht - diabetes effect van gezonde voeding en lichaamsbeweging op diabetes en op hart- en vaatlijden

164  suiker insuline vet afvalstoffen eenvoudig uitleggen dat diabetes meer is dan suiker pancreas bloed- vat cel

165 voedingsanamnese in kaart brengen van de eetgewoonten en van de voedingswensen van de patiënt essentieel voor een geïndividualiseerde aanpak

166 praktisch voedingsadvies belangrijkste topics : algemene gezonde voeding : de principes van de voedingsdriehoek koolhydraten (Kh) : wat zijn Kh, bronnen van Kh, soorten Kh (snelle, trage), spreiding over de dag vetten : gezond gebruik van vetten productinformatie : o.a. zoetstoffen, vetten  opstellen van individueel voedingsplan

167 speciale situaties hypoglycemie gebruik van alcohol lichaamsbeweging speciale gelegenheden zoals feesten, reizen, enz.

168 streef naar realistische doelstellingen vb. vermagering van 5-10 % van het lichaamsgewicht in overleg met patiënt communiceer met andere leden van behandelingsteam (diabetespas)

169 mortaliteit  > 20 % bloeddruk SBD  10 mm Hg DBD  20 mm Hg glycemie nuchtere glycemie  50 % lipiden totale CH  10 % LDL-CH  15 % TG  30 % HDL-CH  8 % Effect van 10 % gewichtsdaling Goldstein DJ. Int J Obes 92;16:

170 zorg voor een rustige omgeving voorzie voldoende tijd luister goed naar patiënt : -vooroordelen -angsten -gewoonten goede educatie

171 motiveer de patiënt (haalbaarheid) : realistisch advies, vertrekkend vanuit huidige voedingsgewoonten benadruk de positieve aspecten : -wat is goed in huidige voeding ? -bied compensatie aan voor offers -gezonde voeding  speciaal dieet -je hoeft niet "apart" te koken -je hebt de tijd goede educatie

172 houd rekening met begripsvermogen van patiënt eenvoudige taal gebruik visuele voorbeelden (tekeningen, foto's, winkeltje) niet te veel informatie ineens

173 goede educatie stel individueel voedingsplan op ("op maat") geschreven instructies als geheugensteun nauwkeurige afspraken : -na te streven doelen (gewicht !) -wanneer huisarts contacteren (hypo) -wanneer volgende dieetraadpleging ? -wat komt bij volgende consultatie aan bod ?

174 indicatie voor voedingsadvies relevante voorgeschiedenis relevante biologische parameters : - lengte, gewicht - HbA1c -bloeddruk - lipiden medicatie die patiënt gebruikt te verwachten moeilijkheden doelstellingen die reeds met patiënt werden afgesproken (vb. doelgewicht) informatie die diëtist nodig heeftdiabetespas

175 Bezorg een verslag aan de huisarts en de verwijzende arts gewicht, lengte relevante info uit dieetanamnese gegeven advies afgesproken doelstellingen te verwachten moeilijkheden wanneer follow-up raadpleging verslag

176 zorgvernieuwingsproject

177 VDV :Dr. F. Nobels Prof. L. Van Gaal ABD : Dr. G. Krzentowski Dr. M. Hermans univ. :Prof. R. Rottiers Prof. A. Scheen huisartsen :Dr. J. Wens Dr. L. Feyen Prof. J. Heyrman Prof. J. Vankalck comité chronische ziekten RIZIV : werkgroep diabetes apothekers :M. Haems verpleegk.: R. Debaillie diëtiste :M. Roelants mutualiteiten :Dr. I. Hanotiau Dr. F. Falez Dr. J. Boly syndicaten : Dr. G. Istas Dr. A. Verhaegen

178 informatie voor diabeet houvast voor huisarts communicatiemiddel : -met patiënt -met andere zorgverleners diabetespas Vlaamse Diabetes Vereniging Ottergemsesteenweg Gent tel. 09/ fax 09/ web : zorgvernieuwingsproject

179 betere terugbetaling

180

181

182

183

184

185

186

187

188

189

190

191

192

193

194

195

196

197 pas verstrekt door mutualiteiten patiënt krijgt vergoeding voor 1 u (of 2 x ½ u) voedingsadvies door diëtiste per jaar patiënt met hoog risico voor diabetische voetwonden krijgt vergoeding voor 2 consultaties bij podoloog per jaar huisarts krijgt € 12.5 per patiënt waarbij hij diabetespas gebruikt ingebouwde stimuli

198 een stap vooruit ! is dat alles ?

199 meer garanties voor optimale zorg beter op de hoogte, meer inspraak (patient empowerment) doelstellingen therapie individueel aangepast minder kans dat zaken vergeten worden betere screening naar voetcomplicaties behandeld door beter communicerend team terugbetaling voedingsadvies terugbetaling podoloog (als hoog risico) meer administratie kans dat verloren gaat (te) grote verwachtingen pro's en con's : patiënt pro : contra :

200 meer hulpmiddelen om patiënt te motiveren minidossiertje overal beschikbaar (ook bij pat. thuis) bundeling van nuttige formulieren inhoudelijke ondersteuning, protocollair werken betere omkadering (vergoeding diëtiste, podoloog) betere communicatie binnen het team coördinerende functie vergoeding voor extra werk erkenning centrale rol in chronic disease management meer administratie (dubbel noteren) kans dat verloren gaat tijdsinvestering binnenkort pasje voor BD, lipiden, COPD, …? had meer verwacht (vergoeding, omkadering) pro's en con's : huisarts pro : contra :

201 zal meer systematisch ingeschakeld worden betere communicatie met andere zorgverleners (meer info) erkenning essentiële rol in diabeteszorg krijgt vergoeding zal meer systematisch ingeschakeld worden zinvollere interventie in vroeger stadium betere communicatie met andere zorgverleners (meer info) erkenning essentiële rol in diabeteszorg krijgt vergoeding betere communicatie met andere zorgverleners (meer info) mogelijkheid om actieve rol te spelen in diabeteszorg pro's andere zorgverleners diëtiste : podoloog : apotheker :

202 betere communicatie met andere zorgverleners (meer info) ziet juiste soort patiënten betere tussentijdse opvolging van patiënten in de 1 ste lijn erkenning rol bij opleiding en ondersteuning van 1 ste lijn zal meer systematisch ingeschakeld worden zinvollere interventie in vroeger stadium betere communicatie met andere zorgverleners (meer info) pro's andere zorgverleners thuisverpl. : diabetoloog : oogarts :

203 mogelijkheden om extra gegevens te verkrijgen voor wetenschappelijk onderzoek goede kwalitatieve zorg op het juiste echelon optimale inzet van middelen mogelijkheden om extra gegevens te verkrijgen over de epidemiologische evolutie van de aandoening, de kwaliteit van de zorgen, de kostprijs, enz. zal het opzetten van analoge projecten vboor andere chronische aandoeningen stimuleren reclamecampagne rond diabetespas zal een sensibiliserend effect hebben via informatie in de pas zullen 1ste graadsverwanten gestimuleerd worden tot screening pro's andere universiteiten : overheid : alg. bevolking :

204 Vlaamse Diabetes Vereniging

205 organisatie die zich inzet voor mensen met diabetes mellitus Vlaamse Diabetes Vereniging

206  sinds 1941 : Alg. Belgische Diabetesbond  > leden  diabetici, professionelen  vrijwilligers ++  doelstellingen : - ondersteuning van diabetici en hun familie - verstrekken van informatie (infolijn, voordrachten, publicaties, website) - sensibilisatie van de algemene bevolking - verbeteren van de behandeling : opleidingen - stimuleren van wetenschappelijk onderzoek - adviseren van overheid

207 dagelijks bestuur raad van beheer Vlaamse Diabetes Vereniging deelgroep professionelen (stuurgroep) deelgroep diabeten (stuurgroep) 26 plaatselijke afdelingen commissies werkgroepen algemeen secretariaat = DIABETESHUIS Diabetes Infolijn

208 Diabeteshuis Gent secretariaat Diabetes Infolijn materiaalverkoop - educatie redactie vergaderruimten mediatheek ontmoetingsruimte

209 COMMISSIES inhoudelijke ondersteunendead hoc 1. diab. kinderen en ouders1. redactieraad1. diabetesconventie 2. zwangerschap en erfelijkheid2. opleidingscommissie2. St. Vincentwerkgroepen 3. preventie van type 1 diabetes3. sociale commissie3. Diabetes Project Vlaanderen 4. voeding4. consensusontwikkeling 5. lichaamsbeweging en vakantie5. communicatiemiddelen 6. insulinetherapie en zelfcontrole6. financiële commissie 7. acute situaties 8. type 2 diabetes en cardiovasculaire preventie 9. diabetische voet 10. sexualiteit Vlaamse Diabetes Vereniging

210 ingangspoort, drempelverlagend psychologische ondersteuning informatie toegang tot goedkoper materiaal sensibilisatie locale bevolking observator van “wat er leeft” recruteren van vrijwilligers 26 plaatselijke afdelingen

211 Publicaties VDV

212 richtlijnen voor zorgverleners : standaard - consensus protocollaire zorg duidelijke therapeutische doelen

213 Raad patiënt aan om lid te worden Word zelf ook lid Vlaamse Diabetes Vereniging

214 website nieuwsbrief voor professionelen Internet

215

216 VLAAMSE DIABETES VERENIGING Ottergemsesteenweg Gent Tel: 09/ Fax: 09/

217 Nieuwe voedingsinzichten voor diabetespatienten

218 Dieet Partnership met patient Anamnese Realistisch en haalbaar voor patient Aangepast aan levensritme Samenstelling 55 % KH 30 % vet 15 % EW

219 Doel van voedingsinterventie Een zo normaal mogelijke glycemie handhaven door het in evenwicht brengen van de voeding (KH inname),lichamelijke activiteit en medicatie Preventie en behandeling van complicaties

220 Type 1 Het accent van voedingsadvies ligt hier op de relatie KH uit de voeding en de daarop afgestemde dosis insuline

221 Type 2 Streven naar een normaal lichaamsgewicht Afwijkende serumspiegels van cholesterol en triglyceriden corrigeren

222

223 Taak van een dietiste Opgeleid om personen met dieetproblemen mee te begeleiden in hun behandeling Orienterend gesprek: voedingsgewoontes van ptn (regelmatig,gevarieerd,hobbykok,kant en klare maaltijden) Individueel aangepast,gezonde voeding

224 De voedingsdriehoek

225 Energie Bereiken of behouden van een normale BMI Kinderen hebben voldoende energieinname nodig voor normale groei en ontwikkeling Zwangeren en lacterende moeders (geen acetonvorming) Wordt geleverd door KH,eiwitten,vetten en alcohol Wordt uitgedrukt in kcal

226 1 g KH = 4 kcal 1 g vet = 9 kcal 1 g eiwit = 4 kcal 1 g alcohol = 7 kcal

227 Change in Weight cohort, mean values overweight patients

228 Water is belangrijk voor de regeling van de lichaamstemperatuur is nodig voor het transport van voedingsstoffen naar de cellen is nodig voor het transport van afvalstoffen uit de cellen Behoefte 1.5 liter per dag

229 Dranken Vrij te gebruiken : water koffie thee light frisdranken vetarme bouillon vetarme ongebonden soep

230 Koolhydraten zijn de belangrijkste energiebron : % van de totale energie is de verzamelnaam voor suikers en zetmeel 10 % onder de vorm van suikers Insuline aanpassen aan hoeveelheid KH per maaltijd 1 g koolhydraten levert 4 kcal of 17 kJ

231 Van koolhydraten naar bloedglucose

232 Glycemische index Is de snelheid waarmee een voedingsmiddel de bloedsuikerspiegel doet stijgen Voeding met een hoge GI doet de glucosespiegel snel stijgen en omgekeerd Tevens afh van bereidingswijze,grootte van de portie,...

233 Snelle suikers Hoge suikers Hoge glycemische index Frisdrank Druivesuiker Honing Brood Aardappelpuree Lage glycemische index Melkproducten Peulvruchten Groenten Niet te gaar gekookte pasta Fruit

234 Insuline Cel Receptor Glucose Insuline Pancreas

235 Studies die een vergelijking maken tussen dieten met hoge en lage glycemische index Zowel bij type 1 als type 2 geven geen verschil in verbetering in HbA1c. De effecten hiervan op de lipiden zijn gevarieerd.

236 Koolhydraten 1 portie= +/ g koolhydraten = 30 g meergranen of volkoren brood = 2 beschuiten = 15 g vezelrijke ontbijtgranen = 1 volle eetlepel ongekookte rijst = 45 g gekookte volkoren deegwaren = 70 g schoongemaakte aardappel

237 Groenten en fruit Aanbeveling : min. 300 g groenten te verdelen over warme maaltijd en broodmaaltijd 2 stukken fruit (300 g)

238 Groenten en fruit 1 portie= +/- 12,5 g koolhydraten = 250 g aardbeien, rode bessen = 1 kleine vrucht (125 g) bvb. appel, peer = 100 g witte of blauwe druiven, kersen = 70 g banaan = 150 g maïs, pompoen, rode biet = 100 g artisjok, extra fijne doperwten = 100 g bereide peulvruchten

239

240 Zuivel Bron van calcium, Vitamine B2 en dierlijke eiwitten Aanbeveling : ± 500 ml halfvolle en/of magere melk-producten (yoghurt, pudding, karnemelk,...) 1-2 sneden magere of light kaas

241

242 Vetten 30 % van totale energie-inname Verzadige vetzuren (< 10%) Olijven en avocado’s Vnl margarine,bakolie,sla dressings,en vlees Bij obesitas: vetinname reduceren tot 25%

243 Soorten vetzuren verzadigde vetzuren - vlees,melkproducten en kaas onverzadigde vetzuren enkelvoudig onverzadigde vetzuren meervoudig onverzadigde vetzuren essentiële vetzuren –linolzuur –linoleenzuur transvetzuren

244 Vetarm eten kies mager vlees en magere vleeswaren eet 3 x/ week vis kies magere en halfvolle melkproducten smeer dun met minarine rijk aan onverzadigde vetzuren bereid maaltijden met olijfolie of vloeibare bak- en braadvetten (max. 1 eetlepel/persoon) gebruik max. 1 x/14 dagen gefrituurde bereidingen beperk het gebruik van koekjes, gebak, chocolade, roomijs, chips, zoutjes, enz....

245 Dyslipidemie Streven naar : Totaal cholesterol < 190 mg/dl LDL-cholesterol < 115 mg/dl HDL-cholesterol > 40 mg/dl Triglyceriden < 160 mg/dl

246

247 Voedingsvezel Hoofdbestanddeel van iedere maaltijd Invloed op: Regeling van de eetlust Op de darmwerking Op de bloedvetten

248

249 Eiwitten 10 tot 15 % van totale energieinname Oppassen bij patienten met nefropathie In dierlijke producten: Vlees,vis,melk,eiren,kaas In plantaardige producten: - peulvruchten,brood en granen

250 Vlees, vis en andere eiwitrijke voedingsmiddelen Bron van eiwitten, B-vitamines, ijzer en jodium Aanbeveling :100 g vlees, vis of alternatief bijvoorkeur 3x/week vis max. 2 eieren/week

251 zoetstoffen

252 Energievrije zoetstoffen leveren geen energie hebben geen invloed op de bloedsuiker-spiegel Gelimiteerd bij kinderen en zwangeren (Australian recommandations) Aspartaam,saccharine,cyclamaat, acesulfame K

253 Energieleverende zoetstoffen leveren energie hebben geen invloed op de bloedsuiker-spiegel teveel kan darmklachten veroorzaken Voorgestelde inname van sucrose 25 g per dag Sorbitol,xylitol,mannitol,maltitol

254 Fructose Veroorzaakt een lagere postprandiale respons Heeft een negatief effect op plasmalipiden

255 Diabetesproducten

256 Diabetesproducten met fructose vaak vetrijk leveren meestal evenveel of zelfs meer energie dan de “gewone” producten overmatig fructosegebruik kan triglyceriden doen stijgen duur !!

257 Vitaminen,mineralen en spoorelementen Enkel nodig bij: Deficienties Bij het volgen van een laag-calorieen dieet Bij ongecontroleerde diabetes Bij risicopatienten (o.a.bejaarden)

258 Alcohol

259 Max 6 tot 10% van energie-inname 2 to 3 glazen Cave hypo, in combinatie met maaltijd Niet bij :hyperTG,zwangerschap,neuropathie, obesitas,slechte diabetescontrole

260 Alcohol Verlaagt de bloedsuiker Verdoezelt de symptomen van hypo In combinatie met OAD :duizeligheid,flush,vapeurs,braakneigingen Bevat veel calorieen (1g = 7 cal)

261 Alcohol intake and incidence of type 2 diabetes in men Studie van 8663 mannen gedurende 25 jaar Incidentie van type 2 diabetes was significant lager bij gematigde drinkers in vgl met hevige drinkers en niet- drinkers Wei,DiabetesCare,2000

262 Alcohol en CHD Reductie van CHD bij mannen met 33% bij wekelijkse inname van alcohol met 58% met dagelijkse inname van alcohol (resp. 18 en 39% bij niet-diabeten) Anani,Circulation,2000

263 Risico op overlijden is significant lager bij wijndrinkers in vgl met niet wijn drinkers,onafh. Van het niveau van alcohol inname Anti-oxidanten en anti-kanker middelen aanwezig in druiven ?

264 Antioxidantia in de voeding

265

266

267 Antioxidantia Zijn stoffen die de oxidatiesnelheid van een voor oxidatie gevoelige stof afremmen Vitamine C, vitamine E, carotenoiden, flavonoiden,alpha-tocoferol De resultaten van de verschillende studies zijn zeer uiteenlopend:dosis, chronische behandeling? Vervangen geen evenwichtige voeding

268 Frequentie van de maaltijden Diabetesdieet 3+3 of 3+1 Normocalorisch of hypocalorisch Afh van type medicatie en insuline Sla nooit een maaltijd over

269 Diabetes en sport Voldoende lichaamsbeweging is belangrijk Tegengaan van zwaarlijvigheid Ontspannend effect Stress verhoogt de bloedsuiker

270 Aanpassing KH 1 tot 2 kh –porties voor 1 kh-portie voor elke 45 min matige inspanning 1 tot 2 kh-porties na Voldoende vochtinname

271 Arteriele hypertensie Streven naar een bloeddruk < 130/80 mmHg Eventueel eiwitarm dieet Zoutbeperking

272 Diet, lifestyle and the risk of type 2 diabetes mellitus in women Risicofactoren voor type 2 diabetes obesitas en gewichtstoename fysieke inactiviteit, onafhankelijk van obesitas dieet laag aan vezels en hoge glycemische index specifieke vetzuren Doel gecombineerde effecten van deze factoren bestuderen Hu FB, Manson JE et al. NEJM, 2001; 345:790-7

273 Diet, lifestyle and the risk of type 2 diabetes mellitus in women Studiepopulatie Nurses’ Health Study van pat van exclusie van diabetes, ca of cardiovasculaire ziekte Dieet-oppuntstelling questionnaire 61 items, semikwantitatief elke dieetfactor: score 1-5 voor de 4 nutrienten, afhankelijk vd quintile intake Hu FB, Manson JE et al. NEJM, 2001; 345:790-7

274 Diet, lifestyle and the risk of type 2 diabetes mellitus in women Oppuntstelling niet-voedingsgerelateerde factoren roken menopausale status/substitutie lichaamsgewicht fysieke activiteit familiale diabetes NEJM, 2001; 345:790-7 Hu FB, Manson JE et al.

275 Diet, lifestyle and the risk of type 2 diabetes mellitus in women Definiering low-risk group (LRG): BMI<25 kg/m2 fysieke activiteit:30 min/d matige activiteit roken: niet-roker alcohol: 0,5E/d dieet: weinig trans vet, lage glycemische index, veel vezels, hoge ratio polyonverz.VZ NEJM, 2001; 345:790-7 Hu FB, Manson JE et al.

276 Diet, lifestyle and the risk of type 2 diabetes mellitus in women 16 jaar follow-up diagnose DM volgens National Diabetes Data Group Relatieve risico’s berekend: incidentie van diabetes in LRG incidentie diabetes bij de resterende vrouwen ‘population attributable risk’ Schatting van het percentage diabetes type 2 dat niet zou ontstaan zijn als alle vrouwen in de lage risico groep gezeten hadden. Hu FB, Manson JE et al. NEJM, 2001; 345:790-7

277 NEJM 2001, 345: Belangrijkste risicofactor ! 61% vd nieuwe gevallen DM tgv overgewicht

278 BMI : ideaal gewicht 25 –30 : overgewicht > 30 : obesitas > 40 : morbiede obesitas Appel - peertype

279 Besluit combinatie van verschillende factoren kan diabetes voorkomen: BMI  25 dieet: veel vezels, veel polyonverz VZ, lage verzadigde vz, trans vetten en glycemische belasting fysieke activiteit op regelmatige basis niet-roker matig alcoholgebruik incidence v.diabetes ongeveer 90 % lager in deze groep!

280 Dus gedragsverandering kan diabetes voorkomen! Belangrijkste determinant voor T2DM OVERGEWICHT maar huidige prevalentie blijft toenemen huidige behandelingsstrategie niet succesvol Educatie nodig

281 Voordelen bij 10% gewichtsverlies > 20% daling van het totale sterftecijfer 10 mm Hg daling van de BD Daling tot 50 % van de nuchtere glucose 10% daling van het totaal cholesterol 15% daling van LDL-cholsterol 30% daling van de TG 8% stijging van het HDL-cholesterol

282 Nutrient intakes as predictors of body weight in European people with type 1 diabetes 158 mannen en 1410 vrouwen met type 1 diabetes Independently related risk factors for low body weight: Modified fat intake Increase of KH and cereal fibre Foods with low glycemic index Toeller,In J of obesity2001

283 Food Based American Dietary Guidelines Eat a variety of foods Balance the food you eat with physical avtivity – to maintain or improve your weight Choose a diet with plenty of grain products,vegetables and fruits Choose a diet low in fat,satured fat and cholesterol

284 Choose a diet moderate in sugar Choose a diet moderate in salt and sodium If you drink alcoholic beverages,do so in moderation

285

286 Basisprincipes van diabetesvoeding zijn vergelijkbaar met deze van een gewone gezonde voeding


Download ppt "Diabetes, een Belangrijk Gezondheidsprobleem. Een Aandoening met Twee Gezichten."

Verwante presentaties


Ads door Google