De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

ASGB-symposium - 24 juni 2003 Rita Cuypers HET WETTELIJK SOCIAAL STATUUT VAN BEDIENDEN EN VAN ZELFSTANDIGEN EEN KOSTEN-BATEN ANALYSE.

Verwante presentaties


Presentatie over: "ASGB-symposium - 24 juni 2003 Rita Cuypers HET WETTELIJK SOCIAAL STATUUT VAN BEDIENDEN EN VAN ZELFSTANDIGEN EEN KOSTEN-BATEN ANALYSE."— Transcript van de presentatie:

1 ASGB-symposium - 24 juni 2003 Rita Cuypers HET WETTELIJK SOCIAAL STATUUT VAN BEDIENDEN EN VAN ZELFSTANDIGEN EEN KOSTEN-BATEN ANALYSE

2 Ambtenarenstatuut :eenzijdige rechtshandeling vaste benoeming Statuut van werknemers :arbeidsovereenkomst werken tegen loon in ondergeschikt verband Statuut van zelfstandigen :aannemingsovereenkomst residuair statuut

3 REGEL : Naargelang arts zelfstandige, bediende of ambtenaar is, is het sociaal statuut van zelfstandige, werknemer of ambtenaar van toepassing en niet omgekeerd. Hoe de partijen hun overeenkomst bepalen heeft geen belang. De rechter zal oordelen op basis van concrete omstandigheden.

4 TWEE UITZONDERINGEN artikel 1 § 3 (RSZ-Wet) : Dit artikel stelt nl. dat geneesheren die werkzaam zijn in ziekenhuizen, diensten voor school- en beroepsoriëntering, PMS-centra en diensten voor medisch schooltoezicht, en daarnaast onder het sociaal statuut van de zelfstandigen vallen, voor hun totale inkomen onder de RMZ van zelfstandigen vallen. Dat is echter niet het geval wanneer zij in die diensten of instellingen uitsluitend met een vast loon betaald worden. Qua inkomen moet de betrokkene onderworpen zijn aan de volledige bijdrage (niet verwarren met de maximumbijdrage) in het stelsel van de zelfstandigen. Concreet betekent dat, een netto belastbaar inkomen op jaarbasis als zelfstandige van minimum 8.924,25 euro. artikel 142bis (ziekenhuiswet) Dit artikel voorziet dat statutair benoemde geneesheren in een aantal gevallen geen recht hebben op een rustpensioen ten laste van de Schatkist. (Statutair benoemde geneesheren, voor 1991 niet bezoldigd met forfaitaire vergoeding of wedde, bijdragen betaald als zelfstandige.)

5 artikel 1 § 3 (RSZ-Wet) : Schematisch kunnen de volgende situaties worden onderscheiden : -dit artikel 1 § 3, doet geen uitspraak over de geneesheren die uitsluitend een activiteit hebben in een ziekenhuis, PMS, MST of gelijkaardig. Bij betwisting zal de feitenrechter onderzoeken of er een ondergeschikt verband is of niet, tenzij de geneesheer statutair benoemd is (overheid, OCMW). Indien ondergeschikt verband wordt vastgesteld, dan is de RMZ-regeling voor werknemers van toepassing. Is dat niet het geval, dan is de RMZ-regeling voor zelfstandigen van toepassing; -geneesheren die werkzaam zijn in een instelling, dienst of centrum, en die een zelfstandige activiteit hebben, vallen onder volgende regeling : bij honorering in de instelling, dienst of centrum met of zonder vast loon én een zelfstandige activiteit die minder opbrengt dan € 8.924,25 is artikel 1 § 3 niet van toepassing. Voor de activiteit van de instelling, dienst of centrum moet nagegaan worden of er een ondergeschikt verband is. Is er een ondergeschikt verband, dan worden er RMZ-bijdragen voor loontrekkenden betaald op die activiteit en RMZ-bijdragen voor zelfstandigen (onvolledige bijdragen) voor de activiteit als zelfstandige. Is er geen ondergeschikt verband, dan vallen alle inkomsten onder de RMZ-regeling voor zelfstandigen; bij honorering met vast loon in de instelling, dienst of centrum en een zelfstandige activiteit hoger dan € 8.924,25, is artikel 1 § 3 van toepassing. Er is dan zowel sprake van de RMZ-bijdrage voor loontrekkenden als voor zelfstandigen; bij honorering in de instelling, dienst of centrum zonder vast loon (ook al is er een bediende0..contract) én een zelfstandige activiteit die hoger ligt dan € 8.924,25, is artikel 1 § 3 eveneens van toepassing. In dat geval vallen alle inkomsten onder de RMZ voor zelfstandigen.

6 artikel 142bis uit de Ziekenhuiswet : § 1. De geneesheren van de ziekenhuizen die door een publiekrechtelijk rechtspersoon worden beheerd kunnen aanspraak maken op een rustpensioen ten laste van de Schatkist of op een rustpensioen toegekend krachtens hoofdstuk VI van de gemeentewet, voor zover de volgende voorwaarden zijn vervuld : 1°door de bevoegde overheid statutair benoemd zijn bij een akte waaruit de voorwaarden van bezoldiging, geldelijke anciënniteit en desgevallend verhoging in graad blijken; 2° ten laste van het ziekenhuis recht gehad hebben ofwel op een forfaitaire vergoeding bestaande uit een wedde ofwel op een vaste vergoeding, zoals voorzien in artikel 132, § 1,4° en 5°, van deze wet. § 2.Voor de in de schoot van de onder § 1 bedoelde instellingen gepresteerde diensten, worden enkel de jaren gedurende welke die geneesheren werden bezoldigd volgens de modaliteiten voorzien onder 2° van § 1, in aanmerking genomen voor de berekening van het pensioen, welke ook de instelling weze die belast is met de betaling van het pensioen. Indien zij werden bezoldigd volgens het systeem voorzien in voormeld artikel 132, § 1, 5°, wordt bovendien enkel de vaste vergoeding in aanmerking genomen.

7 § 3.De geneesheren bedoeld in § 1, die vóór het van kracht worden van dit artikel bezoldigd werden volgens één der systemen voorzien bij artikel 132, § 1, 1°, 2° en 3°, van deze wet en die voor hun activiteiten in het ziekenhuis uitsluitend bijdragen hebben betaald in het sociale zekerheidsstelsel der zelfstandigen, worden geacht enkel aan het laatstgenoemde stelsel wettelijk onderworpen te zijn geweest. Deze bepaling is evenwel niet van toepassing op de geneesheren die hun activiteit voltijds hebben uitgeoefend in de schoot van het ziekenhuis en die voor deze activiteit niet rechtstreeks honoraria ontvangen hebben. § 4.De Koning bepaalt, bij in Ministerraad overlegd besluit, de uitvoeringsmodaliteiten van de §§ 2 en 3.

8 KOST SOCIAAL STATUUT ZELFSTANDIGE - BEDIENDE Bedragen in euro Inkomsten na aftrek onkosten voor belasting € Inkomsten na aftrek onkosten voor belasting € Inkomsten na aftrek onkosten voor belasting € Inkomsten na aftrek onkosten voor belasting € Zelfstandige 19,65 % tot euro 14,96 % tot euro (19,65 %) 9.468,15 (18,93 %) ,80 (11,85 %) ,80 (7,9 %) Bediende 40,62 % WG 13,07 % WN op onbegrensd loon WG WN (38 %) ,40 WG 4.667,20 WN ,60 Tot (38 %) ,80 WG 9.334,40 WN ,40 Tot (38 %) ,20 WG ,60 WN ,80 Tot (38 %)

9 KOST Bedragen in euro Netto-belastbaar € Netto- belastbaar € Netto-belastbaar € Netto-belastbaar € Zelfstandige 3.930,00 X ,15 X ,80 X ,80 X 5 Bediende , , ,44 Meerkost van het bediendenstatuut Op 1 jaar Op 20 jaar Op 40 jaar € € € € 9.704,45 € ,00 € ,00 € ,00 € ,00 € ,00 € ,00 € ,00 € ,00

10 UITKERINGEN KINDERBIJSLAG Slechts 1 verschil : -kinderbijslag 1ste kind € 36,93 : zelfstandige -kinderbijslag 1ste kind € 72,61 : werknemer Verschil :€ 35,68 per maand € 428,16 per jaar € ,00 over periode van 30 jaar

11 KLEINE RISICO’S Bediende : OK Zelfstandige : niet gedekt (Pro-memorie : kostprijs verzekering kleine risico’s € 892)

12 Primaire arbeidsongeschiktheid (eerste 30 dagen ziekte) Bediende : gewaarborgd maandloon Zelfstandige :

13 Arbeidsongeschiktheid vanaf 2de maand tot 1 jaar Bediende :60 % van het bruto-loon maximum€ 59,54 per dag € 54,58 indien samenwonend Zelfstandige :zonder gezinslast€ 22,45 per dag met gezinslast€ 29,93 per dag

14 Arbeidsongeschiktheid na 1 jaar Bediende :65 % van het bruto-loon (met gezinslast) 50 % van het bruto-loon (alleenstaande) 40 % van het bruto-loon (samenwonend) Zelfstandige :€ 24,78 per dag (zonder gezinslast) € 33,04 per dag (met gezinslast) toegelaten activiteit :akkoord adviserend geneesheer vergoeding : -10 %

15 Moederschapsverlof Bediende :eerste maand 82 % bruto-loon nadien :75 % bruto-loon maximum € 74,42 per dag Zelfstandige :6 weken € 1.924,06

16 Werkloosheidsvergoeding : Bediende :samenwonenden eerste jaar : 55 % van het bruto-loon met een maximum van € 34,76 per dag Zelfstandige :--- (Pro-memorie: verzekering tegen inkomensverlies € per jaar voor bruto-inkomen van € )

17 Pensioenen Bediende :duur van de loopbaan 75 % voor gezinspensioen / 60 % alleenstaande begrensde lonen (grens € ,50) RustpensioenOverlevingspensioen Minima Gezin€ ,71€ 9.284,08 Alleenstaande€ 9.438,10€ 9.438,10 Maxima Gezin€ ,59€ ,81 Alleenstaande€ ,07€ ,25 Belastbaar !

18 Pensioenen Zelfstandige :voor de jaren vanaf 1984 wordt pensioen berekend op basis van de bijdragen (i.p.v. forfaitair) RustpensioenOverlevingspensioen Minima Gezin€ 9.401, Alleenstaande€ 7.051,22€ 7.051,22 Belastbaar !

19 Belangrijke voor/nadelen van de drie statuten 1.Het werknemersstatuut biedt belangrijke bescherming bij ontslag (minimum 3 maanden opzeg/5 jaar dienst) 2.Het zelfstandigenstatuut biedt een fiscaal gunstige aftrekregeling 3.Het ambtenarenstatuut biedt vastheid van betrekking én een gunstige pensioenregeling.

20 CONCLUSIES 1.Beide statuten bieden onvoldoende financiële bescherming voor de risico’s van het leven : aanvullende verzekeringen zijn een noodzaak. 2.Uit de kosten-baten-analyse blijkt dat het zelfstandigenstatuut ‘rendabeler’ is dan het bediendenstatuut.


Download ppt "ASGB-symposium - 24 juni 2003 Rita Cuypers HET WETTELIJK SOCIAAL STATUUT VAN BEDIENDEN EN VAN ZELFSTANDIGEN EEN KOSTEN-BATEN ANALYSE."

Verwante presentaties


Ads door Google