De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Autopiese Lilith Roggemans. Autopoiese 1. Inleiding 2. Definitie 3. Theorie 4. Toepassing op Beleid 5. Toepassing op sociale systemen.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Autopiese Lilith Roggemans. Autopoiese 1. Inleiding 2. Definitie 3. Theorie 4. Toepassing op Beleid 5. Toepassing op sociale systemen."— Transcript van de presentatie:

1 Autopiese Lilith Roggemans

2 Autopoiese 1. Inleiding 2. Definitie 3. Theorie 4. Toepassing op Beleid 5. Toepassing op sociale systemen

3 1. Inleiding Traditioneel: verandering ontspringt in omgeving open systeem wisselwerking met de omgeving

4 Nieuwe aanpak: Systeemtheorie Autopoiese = zelfproducerend systeem Vele toepassingen: sociale systemen, organisatietheorieën

5 2. Definitie Letterlijk: Auto = zelf Poiesis = productie of creatie

6 Zelfproducerend systeem Gesloten Verwijst enkel naar zichzelf 3 kenmerken: - autonomie - circulair karakter - zelfverwijzing

7 3. Theorie Maturana en Varela Dynamiek van levende systemen Wat is kenmerkend voor een levend systeem? Maturana wilde autonomie behouden  verklaren als levende machines

8 Zelfproducerend systeem Doel = zichzelf voortbrengen EN Karakter behouden Hoe? Alle veranderingen ondergeschikt maken aan de instandhouding van de eigen organisatie

9 Structurele koppeling Autopoiese en wederzijdse beïnvloeding naast elkaar laten bestaan Systeem ontstaat door interacties omgeving en omgekeerd  aanpassen, wel congruentie

10 Structurele koppeling Plasticiteit van de structuur Structuur verandert  functie verandert Systeem en omgeving in oneindige wisselwerking

11 Structurele koppeling

12 4. Toepassing op beleid Niklas Luhmann Duits socioloog, jurist en bestuurskundige gebruikt autopoiese- concept Maatschappelijke complexiteit te groot  noodzaak om te selecteren  Sociale systemen ontstaan

13 Luhmann Sociale deelsystemen met eigen structuur vb. juridische, politieke, economische,... Eigen uitgangspunten die ze steeds reproduceren Ieder bouwt eigen realiteit en bekijkt wereld vanuit deze realiteit

14 Gevolgen Gesloten referentiekader Wel veranderingen, maar deze gebeuren binnen eigen systeem Sturing van buitenaf onmogelijk

15 Gevolgen Hoe kunnen we toch aan beleid doen ? Sturing zal de vorm krijgen van het stimuleren van de zelfsturing van sociale systemen

16 5. Toepassing op sociale systemen 3 kenmerken van complexe netwerken: Pluriformiteit: verschillen tussen actoren Geslotenheid: ondoordringbaarheid Interdependentie: afhankelijkheid tussen actoren

17 Geslotenheid Hoge mate van autonomie van een groep Zorgt voor beperkte stuurbaarheid Beleidsmaatregels hebben vaak teleurstellende of contraire effecten Ze worden anders geïnterpreteerd dan verwacht

18 Autopoiese toegepast Zelf-productie is kenmerkend voor sociale systemen Input wordt bepaald door het systeem Gestabiliseerde manier van denken Betekenis wordt van binnenuit bepaald Niet van buitenaf beheersbaar

19 De logica van de wederzijdse causaliteit Greet Lauwereys

20 Logica van de wederzijdse causaliteit Autopoiese-theorie  verandering door circulaire patronen van interactie. Nieuwe manier van denken ontwikkelen  verandering in termen van kringlopen => wederzijdse causaliteit in plaats van lineaire en mechanische causaliteit Wederzijdse of reciproque causaliteit is een recente innovatie in de wetenschappen.

21 Logica van de wederzijdse causaliteit Vele cybernetici hebben geprobeerd om de juiste methodologieën te ontwikkelen.  de beste is beschreven door Maruyama

22 Logica van de wederzijdse causaliteit Voorbeeld van het denken in kringloopsystemen:  project van de Club van Rome vooruitgang maakt de mens zowel sterker als onmachtiger. Oplossing: grenzen aan de groei.

23 Logica van de wederzijdse causaliteit Uitleg van begrippen en processen: aan de hand van Maruyama, Forrester en Meadows Voorbeeld van de Club van Rome: op basis van het boek ‘De grenzen aan de groei’ van Meadows. Het onderzoek werd uitgevoerd door het MIT-team = Meadows, Forrester en andere wetenschappers.

24 Logica van de wederzijdse causaliteit ! wederzijdse causale systemen = feedbacksystemen

25 Sociale Systemen als complexe systemen met de aanwezigheid van feedback Sociale systemen evolueren naar grotere eenheden van heterogeniteit en complexiteit. Sociale systemen = meer-kringlopige systemen, onmogelijk iets veranderen in subsysteem zonder andere delen te beïnvloeden.

26 Sociale Systemen als complexe systemen met de aanwezigheid van feedback Gedrag van complexe sociale systemen = autonoom & anti-intuïtief Analyse van complexe systemen = ingewikkeld Nood aan een beter begrip van het gehele complexe systeem  hulpmiddel = systeemdynamiek

27 Systeemdynamiek Ontwikkeld in 1956 door MIT-team Ontstaan uit samenloop van drie stromingen van onderzoek: - klassieke of beschrijvende benadering: informatie zoeken over de delen van het systeem, maar zorgt voor ‘overload’ aan informatie. - Feedbacktheorie: gaat belangrijke van nutteloze informatie scheiden. - Ontwikkeling van computers: zorgen dat gevolgen van observaties aangaande sociale systemen geanalyseerd kunnen worden.

28 Systeemdynamiek Essentie systeemdynamiek: individuele componenten en de structuur van een bepaald systeem zijn even belangrijk bij het bepalen van het systeemgedrag.

29 Feedbacksystemen met positieve en negatieve feedback Feedbacksystemen: actie wijzigt situatie van systeem en nieuwe situatie regelt actie. Ontwikkeling: 2 fasen: - jaren ’40 – ’50: 1ste cybernetica: negatieve feedback - jaren ’60: 2de cybernetica: positieve en negatieve feedback

30 Positieve feedback:  complexiteit genereren, differentiatie en ongestructureerdheid doen toenemen  kleine verandering kan grote impact hebben  voorbeeld: groei stad, ontwikkeling embryo ! kan op hol geslagen situatie creëren.

31

32 Negatieve feedback:  verandering neutraliseren of veranderen  instandhouden van evenwicht binnen een systeem  voorbeeld: thermostaat

33 positieve feedback kan exponentiële groei veroorzaken  beperkingen nodig  kunnen gevormd worden door negatieve feedback.

34 Exponentiële groei Een hoeveelheid vertoont een exponentiële groei als het geheel per tijdseenheid met een constant percentage toeneemt. Voorbeeld: verhaal van de Perzische hoveling  exponentiële toename kan bedrieglijk zijn en plots zeer snel toenemen.

35 Het project van de Club van Rome Opgestart omdat de mensheid zich in een kritische situatie bevond. Als eersten de wereldeconomie opgevat als kringloopsysteem.  Meadows en Forrester

36 Hoe gaat het MIT-team te werk ? Voornaamste doelstelling: afhankelijkheid en wisselwerking tussen 5 factoren nagaan: - bevolkingsgroei - vervuiling - voedselproductie - industrialisatie - uitputting natuurlijke hulpbronnen

37 aard, afmetingen en dynamiek van het wereldprobleem onderzoeken  methode: systeemdynamiek. Manier van werken = opmerkelijk Nadeel: conclusies kunnen niet door empirisch bewijs gesteund worden. ! toch onderzoek verderzetten aan de hand van het wereldmodel.

38 Het wereldmodel van Forrester en Meadows Model = geordend stelsel van veronderstellingen over een complex systeem.  voorlopig wereldmodel

39 Het wereldmodel van Forrester en Meadows Voordeel: kan door iedereen begrepen worden Nadeel: o.a. te gevoelig voor veranderingen Model was een begin, ideaal om op voort te bouwen.

40 Conclusie in verband met de wereldproblematiek Neerval van de planeet is mogelijk en onvermijdelijk als er niet wordt ingegrepen. Geen actie is overgaan tot sterke actie. De stappen zijn duidelijk en binnen menselijke mogelijkheden.

41 Conclusie in verband met de wereldproblematiek 2 belangrijke bestanddelen nodig: realistisch doel + de wil dat doel te bereiken verschillende inspanningen kunnen de toekomst hervormen  positieve boodschap

42 Mogelijke oplossing - een groeiremmende druk - verzwakking van de positieve terugkoppelingskringlopen => toepassing van de negatieve en de positieve feedbacksystemen

43 Besluit: Wederzijdse causaliteit bij organisaties Logica van de wederzijdse causaliteit gebruiken om dynamiek van verschillende niveau’s van organisatorische problemen te doorzien. Situaties analyseren als een kringloop  rijker beeld Systemen zijn gehelen binnen gehelen  moeilijk om alle lussen te achterhalen, want heel complex en altijd in beweging.

44 Logica van de dialectische verandering: Morgan Birgit Wauters

45 Logica van de dialectische verandering: Morgan Ieder verschijnsel schept en bevat tegenstellingen Tegenstellingen creëren spanning Spanning zorgt voor verandering

46 Logica van de dialectische verandering: Morgan Twee theorieen Marx: Das Capital Taoisme: I-Tijng (via Heraclitus)

47 Logica van de dialectische verandering: Morgan Taoisme –wereld: altijddurende stroom volledigheid door yin en yang - invloed op Hegel, Marx, Mao Ze Dong,…

48 Logica van de dialectische verandering: Morgan Marx - economisch en sociale tegenstellingen - drie principes 1) wederzijds doordringen 2) ontkenning van de ontkenning 3) kwantiteit naar kwaliteit - verklaring voor alle verandering in sociale systemen

49 Logica van de dialectische verandering: Morgan Marx - bewegingswetten - proces van kapitaalsvermeerdering * gebruikswaarde – ruilwaarde = toegevoegde waarde * arbeiders vs. kapitalisten

50 Social Analysis: V.L.Allen 1975 Alternatief voor statische theorieën Dialectisch materialisme Organische eenheid Aanpassing ~ verandering Noodzakelijke ~ sufficiënte voorwaarden Structuur ~ bovenstructuur Tegenstellingen Veranderingsproces

51 Social Analysis: V.L.Allen Dialectisch materialisme - historische ontwikkelingen krijgen vorm door continue spanning - kerntaak: begrijpen van processen - samenleving is een totaliteit

52 Social Analysis: V.L.Allen Organische eenheid - systeem functioneert harmonisch - externe invloeden kunnen organische eenheid verstoren

53 Social Analysis: V.L.Allen Aanpassing ~ verandering - aanpassing: zwakke spanning organisatie blijft intact - verandering: sterke spanning nieuwe organisatie

54 Social Analysis: V.L.Allen Noodzakelijke ~ sufficiënte voorwaarden - essentieel voor sociale systemen - noodzakelijk: vanuit de organisatie zelf - sufficiënte: omgevingsvoorwaarden

55 Social Analysis: V.L.Allen Structuur ~ bovenstructuur - in ieder sociaal systeem - structuur en sufficiënte voorwaarden bepalen bovenstructuur - bovenstructuur bestaat uit: vaardigheden macht ideologie

56 Social Analysis: V.L.Allen Tegenstellingen - verdelingsproces van de productie - heterogeniteit van de markt - aanbieders en kopers van arbeid

57 Besluit Belangrijkste tegenstelling tussen de aanbieders en kopers van arbeid Marx, Taoïsten en Allen zien sociale veranderingen als een product van spanningen tussen tegengestelden


Download ppt "Autopiese Lilith Roggemans. Autopoiese 1. Inleiding 2. Definitie 3. Theorie 4. Toepassing op Beleid 5. Toepassing op sociale systemen."

Verwante presentaties


Ads door Google