Niet-geregistreerde IE

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Erfgoedcel Waasland 24 juni 2011 Dirk Vervenne juridische dienst 02/
Advertisements

Forum voor Amateurkunsten: Sabam en Billijke Vergoeding
1 CREATING TOMORROW AUTEURSRECHT IN HET HBO HVA ONDERWIJSCONFERENTIE 11 APRIL 2013.
Toepassing van de privacywet en andere reglementering bij het gebruik van adresinformatie Katleen Janssen ICRI – K.U.Leuven.
van verdragsbepalingen
Vrij verkeer van werknemers
Maatschappelijke aspecten les 2: Downloaden en uploaden: legaal of illegaal? [Bron: Downloaden: legaal of illegaal?, dr. mr. Bart W. Schermer]
Auteursrecht Radboud Ribbert. Artikel 82k lid 5 Mediawet: De aanbieder van een omroepnetwerk volgt het advies,(…), tenzij zwaarwichtige redenen zich daartegen.
Art. 60 en welzijnwetgeving Werkgroep activering 7 juli 2012.
HET IN OVEREENSTEMMING BRENGEN VAN HET RIJKSREGISTER MET HET BESTAND VAN DE AFGEVOERDEN GEHOUDEN DOOR DE KRUISPUNTBANK VAN DE SOCIALE ZEKERHEID ADVIES.
Leenrecht in Nederland Het leenrecht in België en Nederland Symposium 12 december 2011 Arjen Polman manager Stichting Leenrecht
Jaarcongres NILG, VU 9 november 2010 Publieke belangen en auteurscontractenrecht Prof. dr. Martin Senftleben Vrije Universiteit Amsterdam Bird & Bird,
15. Octrooi- en auteursrecht
IAB WORKSHOP 3 « Content of your website » Didier Deneuter Vennoot ULYS Advocaten Dinsdag 15 november 2005.
Outsourcing 21 augustus 2008 Download op:
Rechtshandelingen van de Unie
Erfgoedcel Meetjesland 18 mei 2010 Dirk Vervenne juridische dienst 02/
Hoofdstuk 16 Europese mededingingsregels voor lidstaten.
Hoofdstuk 13 Vrij kapitaalverkeer.
De Richtlijn « Diensten » 2006/123/EG en de sociale zekerheid Geneviève Pietquin FOD Sociale Zekerheid.
VvA Ledenvergadering Bethaniënklooster, 07/02/2014 Bewerkingsrecht – Europees geharmoniseerd? Prof. dr. Martin Senftleben Vrije Universiteit Amsterdam.
Hoofdstuk 3 Instellingen van de EG en hun bevoegdheden.
Hoofdstuk 11 Vrij kapitaalverkeer. (2/14) Het vrije kapitaalverkeer (inclusief het vrije betalingsverkeer) wordt gewaarborgd door artikel 56 van het Verdrag:
Hoofdstuk 13 Directe werking van richtlijnen. (2/13) In hoofdstuk 4 hebben we gezien dat: De in een richtlijn opgenomen normen door de lidstaten moeten.
Hoofdstuk 4 Europese wetgeving.
Vraag 1) juist/onjuist. De plichten van de patiënt:
Taskforce Mobiliteitsmanagement:
Vrij verkeer van goederen: non-tarifaire belemmeringen
Hoofdstuk 12 Vrij dienstenverkeer.
Vrijheid van vestiging
[Het boek in de digitale wereld: het auteursrecht en het recht op informatie in de weegschaal] De wettelijke uitzonderingsregeling voor bibliotheken en.
INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN:
auteursrechtprivacyarchiefwet Krant: Krant: – Een krant publiceren is een economische transactie met bijzondere eigenschappen: Nieuwsberichten zijn extreem.
Hoofdstuk 10 Vrij dienstenverkeer. (2/17) De vrijheid van diensten wordt gewaarborgd door artikel 49, lid 1, van het Verdrag: In het kader van de volgende.
Vrij verkeer van werknemers
RECHT & INFOMATICA 3de licentiaat rechten RUG – academiejaar 2003 Prof. Dr. Rogier de Corte 6 maart 2003 Enkele auteursrechtelijke aspecten.
Doorwerking van MER in ruimtelijke besluiten in NL
Samenvatting. "Als ik een foto neem van het Belfort, kan ik deze foto dan in mijn cursus van NT2 opnemen?” Ja, je respecteert alle regels -Belfort staat.
Toegestane uitzonderingen voor de verkoop met verlies.
UKB symposium 16 mei 2002: Reclaiming Academic Output Auteursrechtelijke aspecten Auteursrechtelijke aspecten m.b.t. de beschikbaarheid van de Nederlandse.
Legal Commercial Wim Germonpré 22 december Waar moet ik rekening mee houden wanneer ik werk online zet? Vanaf wanneer is een werk beschermd en kan.
Sociale media : overzicht van rechtspraak. SOCIALE MEDIA : RECHTSPRAAK (ARBEIDSRECHT) Arbrb. Namen (2e k.) nr. 10/563/A, 10 januari 2011 Het bewijs dat.
Technische briefing auteursrecht Tweede Kamer 13 januari 2011.
Ip4inno 1 A.Auteursrecht B. ‘Reputatie’ en merken in het Angelsaksisch recht C. Niet-geregistreerde modellen D. Halfgeleidertopografierecht.
Consumentenbescherming in Nederland en onder de tropenzon Dr. Viola Heutger EU CARICOM.
Hergebruik|29 oktober 2015 Hergebruik Workshop. Hergebruik| 29 oktober Hergebruik Archiefwet 1995 Artikel 2b. Hergebruik 1. Onder gebruik in de.
Richtlijn inzake industriële emissies (IPPC review) Thema inspecties, toegang tot informatie en deelneming van het publiek Michel Amand DGRNE - DCE Pilote.
Voor wie is de Who? En wat moet de bibliotheek er mee?
Blok 3 Nooit meer oorlog Deelvraag:
Gij zult openbaren: privacy en de open overheid
B. ‘Reputatie’ en gemeenrechtelijke handelsmerken
Definitieve arbeidsongeschiktheid Einde AO wegens overmacht
Software en het Weens Koopverdrag
Maarten Peeters 6Handel
Juridische aspecten van een webshop
Blok 3 Nooit meer oorlog Deelvraag:
VvA, 13 februari 2015 Uitleg van beperkingen: stand van zaken
Mediprima en Dringende Medische Hulp
31 mei Wet bescherming bedrijfsgeheimen verandert de procespraktijk?
Studiedag Veilig organiseren van sportieve evenementen Overijse - 1 februari
Hergebruik van overheidsinformatie
WET BESCHERMING BEDRIJFSGEHEIMEN
Mr. I.W. van Osch 360|Advocaten
Privacy in het Caribisch deel van het Nederlandse Koninkrijk
De weg van idee naar product of dienst
Privacy en Leerplicht/RMC
Gemeente Katwijk. Annerine Blufpand Periklesinstituut
DE AVG EN DE RECHTEN VAN DE BETROKKENE - RECHT VAN TOEGANG
Auteur: Magrite Kalverboer Gemaakt door Jolien Vanoverbeke
Een uurtje auteursrecht
Transcript van de presentatie:

Niet-geregistreerde IE Module 2A Brussel, 1 februari 2008 Alicia Blaya, Senior Legal Advisor, IPR-Helpdesk Universiteit van Alicante ip4inno

Inhoudsopgave Auteursrecht B. ‘Reputatie’ en gemeenrechtelijke handelsmerken C. Niet-geregistreerde ontwerpen D. Halfgeleidertopografierecht ip4inno

AUTEURSRECHT I. Algemene inleiding II. Omvang van de bescherming III. Uitzonderingen en beperkingen IV. Uitputtingsprincipe V. Overdracht van rechten VI. Schending van het auteursrecht VII. Juridische gevolgen van schendingen van het auteursrecht VIII. Ondernemingen met collectieve licentie IX. Databaserechten en computerprogramma’s X. De auteursrechtgids van een onderneming ip4inno

Algemeen Het auteursrecht verleent een exclusief (monopolie)recht Het hoofddoel van de auteursrechtwet is de auteurs te belonen voor hun daadkracht om tijd en geld te investeren in het creëren van werken en om de creatie van nieuwe werken te stimuleren. Het beschermt eveneens de belangen van personen die betrokken zijn bij het cultuurleven (bv. uitvoerders en producers = naburige rechten) Het auteursrecht beschermt een brede waaier van werken in de domeinen van literatuur, kunst en wetenschap (bv. boeken, artikelen, schilderijen, foto’s, muziek, films, gebouwen, beelden) De meeste auteursrechtwetten bevatten voorbeelden van de beschermde werken De meeste landen van de wereld zijn lid van de Conventie van Bern voor de bescherming van letterkundige en kunstwerken Het auteursrecht wordt slechts gedeeltelijk geharmoniseerd door het Communautaire recht De VSA traden pas in 1989 toe tot de Conventie van Bern. De voorbeelden van de auteursrechtelijk beschermde werken zijn niet overtuigend! Art. 2 I DE CONVENTIE VAN BERN VOOR DE BESCHERMING VAN LETTERKUNDIGE EN KUNSTWERKEN (Parijse tekst 1971): De uitdrukking "letterkundige en kunstwerken" omvat alle voortbrengselen op het gebied van de letterkunde, wetenschap en kunst, welke ook de wijze of de vorm van uitdrukken zij, zoals boeken, brochures en andere geschriften; voordrachten, toespraken, preken en andere werken van die aard; toneelwerken of dramatisch-muzikale werken, choreografische werken en pantomimes, waarvan de wijze van opvoering in schrift of op andere wijze is neergelegd; muzikale composities met of zonder woorden; cinematografische werken en werken verkregen door een met de cinematografie overeenstemmend procedé; werken van teken-, schilder-, bouw-, beeldhouw-, graveer- en lithografeerkunst; fotografische werken en werken verkregen door een met de fotografie overeenstemmend procedé; werken van toegepaste kunsten; illustraties en aardrijkskundige kaarten; tekeningen, schetsen en plastische werken met betrekking tot de aardrijkskunde, de topografie, de bouwkunde of de wetenschappen. In sommige landen kunnen officiële teksten van wetgevende, administratieve en juridische aard door het auteursrecht niet worden beschermd. 2 IV CONVENTIE VAN BERN VOOR DE BESCHERMING VAN LETTERKUNDIGE EN KUNSTWERKEN (Parijse tekst 1971): Het zal aan de wetgeving van de landen van de Unie zijn om de bescherming te bepalen die moet worden verleend aan officiële teksten van wetgevende, administratieve en juridische aard en aan officiële vertalingen van dergelijke teksten. ip4inno

Vereisten inzake auteursrechtelijke bescherming De vereisten inzake auteursrechtelijke bescherming zijn binnen de Europese Unie niet geharmoniseerd Een voorbeeld: vereisten inzake auteursrechtelijke bescherming in het VK: het werk moet handgemaakt zijn (bv. geen bescherming van satellietfoto’s) het werk moet zijn vastgelegd. Louter een idee volstaat niet! het werk moet oorspronkelijk zijn. Er zijn geen formaliteiten (bv. registratie, ©-labeling, waarschuwingen) vereist om binnen de EU auteursrechtelijke bescherming te verkrijgen Met betrekking tot het eerste opsommingsteken: EU-Richtlijnen als harmonisatie-instrument/EU-wetgeving betreffende het auteursrecht - Richtlijn betreffende de rechtsbescherming van computerprogramma’s (91/250/EEC) - Richtlijn betreffende het verhuurrecht, het uitleenrecht en bepaalde naburige rechten op het gebied van intellectuele eigendom (92/100/EEG) - Richtlijn tot coördinatie van bepaalde voorschriften betreffende het auteursrecht en naburige rechten op het gebied van de satellietomroep en de doorgifte via de kabel (93/83/EEG) - Richtlijn betreffende de harmonisatie van de beschermingstermijn van het auteursrecht en van bepaalde naburige rechten (93/98/EEG) - Richtlijn betreffende de rechtsbescherming van databanken (96/9/EG) - Richtlijn betreffende de rechtsbescherming van diensten gebaseerd op of bestaande uit voorwaardelijke toegang (98/84/EG) - Richtlijn betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij (2001/29/EG) - Richtlijn betreffende het volgrecht ten behoeve van de auteur van een oorspronkelijk kunstwerk (2001/84/EG) - Richtlijn betreffende de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten (2004/48/EG) - Richtlijn betreffende de beschermingstermijn van het auteursrecht en van bepaalde naburige rechten - (2006/116/EG) Met betrekking tot het tweede opsommingsteken: Art. 2 II CONVENTIE VAN BERN VOOR DE BESCHERMING VAN LETTERKUNDIGE EN KUNSTWERKEN (Parijse tekst 1971): Het zal echter aan de wetgeving van de landen van de Unie zijn om voor te schrijven dat werken in het algemeen of een bepaalde categorie van werken niet zullen worden beschermd, tenzij zij werden vastgelegd in een materiële vorm. Opgemerkt dient te worden dat de volgende scheppingen/delen van scheppingen niet voldoen aan de vereisten van de auteursrechtelijke bescherming: - ideeën; - informatie als dusdanig; - wiskundige theorieën; - algoritmen; - werken die niet oorspronkelijk zijn; Andere creaties kunnen niet langer de auteursrechtelijke bescherming genieten aangezien de beschermingstermijn ervan is verstreken (in the EU, 70 jaar na het overlijden van de auteur) of omdat ze tot het openbaar domein behoren. Tot slot vallen bepaalde creaties buiten het auteursrecht. Dit is vaak het geval met juridische teksten (wetsbepalingen) of met beslissingen van hoven en rechtbanken. ip4inno

Wat beschermt het, wat beschermt het niet? Alledaagse voorwerpen zijn gewoonlijk niet auteursrechtelijk beschermd Andere IE-rechten zullen in aanmerking komen om auteursrechtelijk te worden beschermd Bespreek de beschermbaarheid van de getoonde voorwerpen vanuit het oogpunt van de auteurswet en bespreek daarbij de drie vereisten “handgemaakt”, “bepaalde vorm” en “creativiteit: Eiffeltoren: auteursrechtelijk beschermd maar de beschermingstermijn is verstreken! Beeld: auteursrechtelijk beschermd maar de beschermingstermijn is verstreken! Vaas: vermoedelijk niet auteursrechtelijk beschermd wegens het gebrek aan originaliteit. Misschien bescherming krachtens de industriële tekeningen en modellen. Schilderij: auteursrechtelijk beschermd. Stoel: vermoedelijk niet auteursrechtelijk beschermd wegens het gebrek aan originaliteit. Misschien bescherming krachtens de industriële tekeningen en modellen. ip4inno

Wie kan zich op het auteursrecht beroepen? Basisregel: de auteur bezit het auteursrecht Auteursrecht in het kader van de tewerkstelling verschillend standpunt binnen de Europese Unie: → FR, BE, DE, IT, LU, PT: de schepper bezit het auteursrecht uitzondering: software → UK, ES: de werkgever bezit het auteursrecht voor werken die verband houden met de betrekking Bewijs van het auteurschap => Art. 15 I CONVENTIE VAN BERN VOOR DE BESCHERMING VAN LETTERKUNDIGE EN KUNSTWERKEN (Parijse tekst 1971): Opdat de auteurs van de door deze Overeenkomst beschermde letterkundige en kunstwerken, tot het tegendeel bewezen wordt, als zodanig zouden worden beschouwd en bijgevolg vóór de rechtbanken van de landen van de Unie vervolgingen tegen namakers zouden kunnen aanspannen, is het voldoende dat hun naam op de gebruikelijke wijze op het werk vermeld staat. Dit lid is van toepassing zelfs indien deze naam een schuilnaam is, zodra de schuilnaam die de auteur heeft aangenomen geen twijfel omtrent zijn identiteit laat bestaan. De volgende landenafkortingen worden gebruikt: F = Frankrijk B = België D = Duitsland I = Italië L = Luxemburg P = Portugal UK = Verenigd Koninkrijk E = Spanje Arbeidsovereenkomsten of andere contracten die verband houden met de betrekking moeten een beding bevatten volgens hetwelk de intellectuele eigendomsrechten van alle werken die door een werknemer/freelancer worden gecreëerd, worden overgedragen aan de werkgever/de entiteit die de freelancer inhuurde. ip4inno

AUTEURSRECHT3 I. Algemene inleiding II. Omvang van de bescherming III. Uitzonderingen en beperkingen IV. Uitputtingsprincipe V. Overdracht van rechten VI. Schending van het auteursrecht VII. Juridische gevolgen van schendingen van het auteursrecht VIII. Ondernemingen met collectieve licentie IX. Databaserechten en computerprogramma’s X. De auteursrechtgids van een onderneming ip4inno

Algemene omvang van de bescherming Morele rechten: Beschermen de persoonlijkheid van de auteur. Niet geharmoniseerd binnen de EU. Rechten verleend door het auteursrecht Economische rechten: Staan de auteur toe zijn economisch belang in het creëerde werk te exploiteren. Gedeeltelijk geharmoniseerd binnen de EU. Art. 6bis CONVENTIE VAN BERN VOOR DE BESCHERMING VAN LETTERKUNDIGE EN KUNSTWERKEN (Pariise tekst 1971): Onafhankelijk van de vermogensrechtelijke auteursrechten en zelfs na afstand van die rechten behoudt de auteur gedurende heel zijn leven het recht het auteurschap van een werk op te eisen en zich te verzetten tegen iedere misvorming, verminking of andere wijziging van dat werk of tegen iedere andere handeling in verband met dit werk, die nadeel zou kunnen brengen aan zijn eer of goede naam. ip4inno

Twee verschillende benaderingen Continentaal Europese benadering: De morele rechten ontstaan in hoofde van de auteur en kunnen niet worden afgestaan. De economische rechten ontstaan in hoofde van de auteur en kunnen worden overgedragen. In sommige Europese landen (FR, DE, IT, LU, BE) moeten de rechten van tewerkgestelde auteurs worden overgedragen (uitzondering: computersoftware). Uitvoerders genieten gewoonlijk een gelijkaardige bescherming als de auteurs (= naburige rechten). Ook uitgevers en producers genieten gewoonlijk speciale rechten die hun financiële investeringen beschermen. Anglo-Amerikaanse benadering (VSA en VK): De rechten van de auteurs worden beschouwd als eigendomsrechten en kunnen door de auteurs volledig worden afgestaan. Work for hire: De werkgever is de eerste eigenaar van het volledige auteursrecht op het werk. Bijgevolg is geen aanvullend contract nodig om de rechten over te dragen. Uitvoerders genieten in de VSA geen wettelijke auteursrechtelijke bescherming. Een onafhankelijke bescherming voor uitgevers en producers is in de VSA niet nodig omdat zij de eerste rechten van hun werknemers bezitten. ip4inno

Morele rechten Persoonlijkheidsrechten van de auteurs die hen toestaan hun werken te controleren, zelfs nadat zij werden overgedragen of verkocht Geen harmonisatie binnen de EU, bijgevolg verschillen de inhoud en de omvang van de morele rechten in de afzonderlijke lidstaten. Binnen de EU verlenen de meeste auteursrechtwetten de auteurs de volgende morele rechten: het recht om te worden vermeld als auteur van auteursrechtelijk beschermde werken het recht om zich te kanten tegen wijzigingen aan of tot voorstellingen van auteursrechtelijk beschermde werken in afwijkende omstandigheden het recht om te beslissen over de eerste bekendmaking of over de intrekking van auteursrechtelijk beschermde werken 1. De morele rechten worden vaak besproken in verband met het auteursrecht van de architect. Dit is het geval indien de eigenaar van een auteursrechtelijk beschermd gebouw daaraan wijzigingen wil aanbrengen zonder de toestemming van de architect.: - Olympische tenten (München 1972): - bij de reparaties moeten dezelfde materialen worden gebruikt als die welke door de architect worden geëist - de plannen om het Olympisch stadion te moderniseren met het oog op het WK voetbal 2006 mislukten omdat de architect zijn toestemming weigerde - Hoofdtreinstation (Berlijn 2005) - het interieur moest worden aangepast aan de plannen van de architect, ondanks de hoge kosten 2. Geval van de schilderijlijst Het Duitse Opperste Gerechtshof besliste dat de morele rechten van een schilder het recht omvatte te beslissen dat zijn werk op een bepaalde manier moet worden tentoongesteld (hier: de kunstenaar ging niet akkoord met de lijst die bij de verkoop van zijn schilderij werd gebruikt). ip4inno

Hoe lang worden de morele rechten beschermd? Geen harmonisatie van de duur van de morele rechten in Europa FR, IT, ES, CR: enigszins onbeperkte bescherming DE: het leven van de auteur plus 70 jaar VK: het leven van de auteur plus 70 jaar, maar: het recht om valse toewijzing te voorkomen, is beperkt tot 20 jaar na het overlijden van de auteur Afkortingen: F - Frankrijk, I – Italië, ES – Spanje, CR – Kroatië, D – Duitsland, UK – Verenigd Koninkrijk Morele rechten => Art. 6bis CONVENTIE VAN BERN VOOR DE BESCHERMING VAN LETTERKUNDIGE EN KUNSTWERKEN (Parijse tekst 1971): (1) Onafhankelijk van de vermogensrechtelijke auteursrechten en zelfs na afstand van die rechten behoudt de auteur gedurende heel zijn leven het recht het vaderschap van een werk op te eisen en zich te verzetten tegen iedere misvorming, verminking of andere wijziging van dat werk of tegen iedere andere handeling in verband met dit werk, die nadeel zou kunnen brengen aan zijn eer of goede naam. (2) In de mate waarin de binnenlandse wetgeving van de landen van de Unie het toestaat, worden de rechten, krachtens bovenstaand lid 1 aan de auteur toegekend, na zijn dood gehandhaafd ten minste totdat de vermogensrechten vervallen, en worden ze uitgeoefend volgens de wetgeving van het land waar de bescherming wordt gevraagd. Die landen waarvan de wetgeving op het ogenblik van de bekrachtiging van of de toetreding tot deze Wet na het overlijden van de auteur niet voorziet in de bescherming van alle rechten die in het vorige lid zijn vastgelegd, kunnen bepalen dat sommige van deze rechten na zijn overlijden niet langer worden gehandhaafd. (3) De rechtsmiddelen tot vrijwaring van de in dit artikel toegekende rechten worden geregeld door de wetgeving van het land waar de bescherming wordt gevraagd. ip4inno

Economische rechten (= exploitatierechten) De economische rechten plaatsen de auteur in de positie waarin hij kan beslissen hoe, waar en wanneer hij de werken die hij creëerde, wil exploiteren Hij kan zijn economische rechten overdragen De economische exploitatie van werken kan velerlei vormen aannemen: traditioneel werden werken geëxploiteerd in de vorm van kopieën op materiële dragers zoals boeken of compact disks thans is de omvang van de exploitatierechten verruimd tot de vereisten van de multimediamaatschappij, zodat werken ook kunnen worden verdeeld en bekendgemaakt zonder materiële kopieën ip4inno

Geharmoniseerde economische rechten De volgende economische rechten zijn geharmoniseerd binnen de Europese Unie: Het reproductierecht omvat elke vorm van kopiëren, maar ook het recht om het aantal gemaakte kopieën te beperken een reproductie hoeft niet dezelfde vorm als het origineel te hebben (bv. de foto van een schilderij geldt als een reproductie en vereist de toestemming van de schilder) Het recht van bekendmaking aan het publiek omvat elke bekendmaking via draad of draadloos (bv. het recht om werken over te maken of op een draadloze basis, met inbegrip van de toegang op aanvraag) Het distributierecht omvat elke vorm van het ter beschikking stellen van het publiek via verkoop of anderszins (bv. verkoop, verhuur, leasing, enz.) Richtlijn 2001/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij Artikel 2: Reproductierecht M De lidstaten voorzien ten behoeve van: a) auteurs, met betrekking tot hun werken, b) uitvoerend kunstenaars, met betrekking tot de vastleggingen van hun uitvoeringen, c) producenten van fonogrammen, met betrekking tot hun fonogrammen, d) producenten van de eerste vastleggingen van films, met betrekking tot het origineel en de kopieën van hun films, en e) omroeporganisaties, met betrekking tot de vastleggingen van hun uitzendingen, ongeacht of deze uitzendingen via de ether of per draad plaatsvinden, uitzendingen per kabel of satelliet daaronder begrepen, Artikel 3 Recht van mededeling van werken aan het publiek en recht van beschikbaarstelling van ander materiaal voor het publiek 1. De lidstaten voorzien ten behoeve van auteurs in het uitsluitende recht, de mededeling van hun werken aan het publiek, per draad of draadloos, met inbegrip van de beschikbaarstelling van hun werken voor het publiek op zodanige wijze dat deze voor leden van het publiek op een door hen individueel gekozen plaats en tijd toegankelijk zijn, toe te staan of te verbieden. 2. De lidstaten voorzien ten behoeve van: a) uitvoerend kunstenaars, met betrekking tot de vastleggingen van hun uitvoeringen, b) producenten van fonogrammen, met betrekking tot hun fonogrammen, c) producenten van de eerste vastleggingen van films, met betrekking tot het origineel en de kopieën van hun films, en d) omroeporganisaties, met betrekking tot de vastleggingen van hun uitzendingen, ongeacht of deze uitzendingen via de ether of per draad plaatsvinden, uitzendingen per kabel of satelliet daaronder begrepen, in het uitsluitende recht, de beschikbaarstelling voor het publiek, per draad of draadloos, op zodanige wijze dat de leden van het publiek op een door hen individueel gekozen plaats en tijd er toegang toe hebben, toe te staan of te verbieden. 3. De in de leden 1 en 2 bedoelde rechten worden niet uitgeput door enige handeling, bestaande in een mededeling aan het publiek of beschikbaarstelling aan het publiek overeenkomstig dit artikel. Artikel 4 Distributierecht 1. De lidstaten voorzien ten behoeve van auteurs in het uitsluitende recht, elke vorm van distributie onder het publiek van het origineel van hun werken of kopieën daarvan, door verkoop of anderszins, toe te staan of te verbieden. 2. Het distributierecht met betrekking tot het origineel of kopieën van een werk is in de Gemeenschap alleen dan uitgeput, wanneer de eerste verkoop of andere eigendomsovergang van dat materiaal in de Gemeenschap geschiedt door de rechthebbende of met diens toestemming. ip4inno

Andere economische rechten (bv. in Duitsland) Recht van voordracht, uitvoering en vertoning Recht van radio-uitzending Recht van bekendmaking door middel van video- en audio-opnamen Recht van bekendmaking via radio-uitzendingen Alle toegekende economische rechten staan compleet los van de andere rechten. Bijgevolg kan een maker een entiteit de toelating geven om het werk te produceren en te reproduceren en tegelijk een andere entiteit toestaan het werk te verdelen. Artikel 11ter DE CONVENTIE VAN BERN VOOR DE BESCHRMING VN LETTERKUNDIGE EN KUNSTWERKEN (Parijse tekst 1971) Beperkingen en restricties 1. Tijdelijke reproductiehandelingen, als bedoeld in artikel 2, die van voorbijgaande of incidentele aard zijn, en die een integraal en essentieel onderdeel vormen van een technisch procedé en die worden toegepast met als enig doel a) de doorgifte in een netwerk tussen derden door een tussenpersoon of b) een rechtmatig gebruik van een werk of ander materiaal mogelijk te maken, en die geen zelfstandige economische waarde bezitten, zijn van het in artikel 2 bedoelde reproductierecht uitgezonderd. 2. De lidstaten kunnen beperkingen of restricties op het in artikel 2 bedoelde reproductierecht stellen ten aanzien van: a) de reproductie op papier of een soortgelijke drager, met behulp van een fotografische techniek of een andere werkwijze die een soortgelijk resultaat oplevert, met uitzondering van bladmuziek, op voorwaarde dat de rechthebbenden een billijke compensatie ontvangen; b) de reproductie, op welke drager dan ook, door een natuurlijke persoon voor privégebruik gemaakt, en zonder enig direct of indirect commercieel oogmerk, mits de rechthebbenden een billijke compensatie ontvangen waarbij rekening wordt gehouden met het al dan niet toepassen van de in artikel 6 bedoelde technische voorzieningen op het betrokken werk of het betrokken materiaal; c) in welbepaalde gevallen, de reproductie door voor het publiek toegankelijke bibliotheken, onderwijsinstellingen of musea, of door archieven die niet het behalen van een direct of indirect economisch of commercieel voordeel nastreven; d) tijdelijke opnamen van werken, gemaakt door omroeporganisaties met hun eigen middelen ten behoeve van hun eigen uitzendingen; bewaring van deze opnamen in officiële archieven kan wegens hun uitzonderlijke documentaire waarde worden toegestaan; e) met betrekking tot reproducties van uitzendingen door maatschappelijke instellingen met een niet-commercieel oogmerk, zoals ziekenhuizen of gevangenissen, mits de rechthebbenden daarvoor een billijke compensatie krijgen. 3. De lidstaten kunnen beperkingen of restricties op de in de artikelen 2 en 3 bedoelde rechten stellen ten aanzien van: a) het gebruik uitsluitend als toelichting bij het onderwijs of ten behoeve van het wetenschappelijk onderzoek, de bron, waaronder de naam van de auteur, wordt vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt, en voor zover het gebruik door het beoogde, niet-commerciële doel wordt gerechtvaardigd; b) het gebruik ten behoeve van mensen met een handicap, dat direct met de handicap verband houdt en van niet-commerciële aard is en voor zover het wegens de betrokken handicap noodzakelijk is; c) weergave in de pers, mededeling aan het publiek of beschikbaarstelling van gepubliceerde artikelen over actuele economische, politieke of religieuze onderwerpen of uitzendingen of ander materiaal van dezelfde aard, in gevallen waarin dat gebruik niet uitdrukkelijk is voorbehouden, en voor zover de bron, waaronder de naam van de auteur, wordt vermeld, of het gebruik van werken of ander materiaal in verband met de verslaggeving over actuele gebeurtenissen, voor zover dit uit een oogpunt van voorlichting gerechtvaardigd is en, voor zover, de bron - waaronder de naam van de auteur - wordt vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt; d) het citeren ten behoeve van kritieken en recensies en voor soortgelijke doeleinden, mits het een werk of ander materiaal betreft dat reeds op geoorloofde wijze voor het publiek beschikbaar is gesteld, indien de bron - waaronder de naam van de auteur - wordt vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt en het citeren naar billijkheid geschiedt en door het bijzondere doel wordt gerechtvaardigd; e) het gebruik ten behoeve van de openbare veiligheid of om het goede verloop van een administratieve, parlementaire of gerechtelijke procedure of de berichtgeving daarover te waarborgen; f) het gebruik van politieke toespraken en aanhalingen uit openbare lezingen of soortgelijke werken of ander materiaal, voor zover dit uit een oogpunt van voorlichting gerechtvaardigd is en mits de bron, - waaronder de naam van de auteur - wordt vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt; g) het gebruik tijdens religieuze bijeenkomsten of door de overheid georganiseerde officiële bijeenkomsten; h) het gebruik van werken, zoals werken van architectuur of beeldhouwwerken, gemaakt om permanent in openbare plaatsen te worden ondergebracht; i) het incidentele verwerken van een werk of materiaal in ander materiaal; j) het gebruik voor reclamedoeleinden, voor openbare tentoonstellingen of openbare verkopen van artistieke werken, voor zover dat noodzakelijk is voor de promotie van die gebeurtenissen, met uitsluiting van enig ander commercieel gebruik; k) het gebruik voor karikaturen, parodieën of pastiches; l) het gebruik met het oog op demonstratie of herstel van apparatuur; m) het gebruik van een artistiek werk in de vorm van een gebouw of een tekening of plan van een gebouw met het oog op de wederopbouw van het gebouw; n) het gebruik van niet te koop aangeboden of aan licentievoorwaarden onderworpen werken of ander materiaal dat onderdeel uitmaakt van de verzamelingen van de in lid 2, onder c), bedoelde instellingen, hierin bestaande dat het werk of materiaal, via speciale terminals in de gebouwen van die instellingen, voor onderzoek of privéstudie meegedeeld wordt aan of beschikbaar gesteld wordt voor individuele leden van het publiek; o) het gebruik in andere, minder belangrijke gevallen, wanneer reeds beperkingen of restricties bestaan in het nationale recht mits het alleen analoog gebruik betreft en het vrije verkeer van goederen en diensten in de Gemeenschap niet wordt belemmerd, onverminderd de in dit artikel vervatte beperkingen en restricties. 4. De lidstaten kunnen op grond van de leden 2 en 3 niet alleen een beperking of restrictie op het reproductierecht vaststellen, maar ook op het in artikel 4 bedoelde distributierecht, voor zover dit gezien het doel van de toegestane reproductie gerechtvaardigd is. 5. De in de leden 1, 2, 3 en 4 bedoelde beperkingen en restricties mogen slechts in bepaalde bijzondere gevallen worden toegepast mits daarbij geen afbreuk wordt gedaan aan de normale exploitatie van werken of ander materiaal en de wettige belangen van de rechthebbende niet onredelijk worden geschaad. ip4inno

Hoe lang wordt het auteursrecht beschermd? De auteur is bekend: EU en VSA: het leven van de auteur plus 70 jaar coauteurschap: het overlijden van de langstlevende coauteur plus 70 jaar Anonieme werken en werken onder schuilnaam: EU: 70 jaar na de eerste bekendmaking VSA: 95 jaar vanaf het jaar van de eerste bekendmaking of 120 jaar na het jaar van de creatie ervan, naar gelang de termijn die het eerst verstrijkt Aangezien de beschermingstermijn voor het coauteurschap het overlijden van de langstlevende coauteur is, plus 70 jaar kan het nuttig zijn een jonge kunstenaar “uit te nodigen” om tot het auteurschap toe treden en zodoende de duur van het auteursrecht te verlengen! Artikel 7 CONVENTIE VAN BERN VOOR DE BESCHERMING VAN LETTERKUNDIGE EN KUNSTWERKEN (Parijse tekst 1971): (1) De duur van de bescherming die door deze Conventie wordt verleend, omvat het leven van de auteur en vijftig jaren na zijn dood. (2) In geval van cinematografische werken kunnen de landen van de Unie bepalen dat de beschermingstermijn zal verstrijken vijftig jaar nadat het werk met de toestemming van de auteur ter beschikking van het publiek is gesteld, of indien deze gebeurtenis zich niet heeft voorgedaan binnen de vijftig jaar nadat dit werk is gemaakt, vijftig jaar nadat het is gemaakt. (3) Voor werken die naamloos of onder een schuilnaam verschijnen, zal de beschermingstermijn die krachtens deze Conventie wordt verleend, verstrijken vijftig jaar nadat het werk rechtmatig ter beschikking van het publiek werd gesteld. Wanneer de schuilnaam die door de auteur is aangenomen echter geen twijfel over zijn identiteit laat bestaan, zal de beschermingstermijn die zijn welke is bepaald in lid (1). Indien de auteur van een anoniem of onder een schuilnaam verschenen werk zijn identiteit tijdens de voornoemde periode onthult, is de toepasselijke beschermingstermijn die welke is bepaald in lid (1). De landen van de Unie zullen niet verplicht zijn anonieme of onder een schuilnaam verschenen werken te beschermen, waarvan redelijkerwijze kan worden verondersteld dat de auteur al meer dan vijftig jaar dood is. (4) Het zal aan de wetgeving van de landen van de Unie zijn om de beschermingstermijn te bepalen van fotografische werken en die van werken van de toegepaste kunst voor zover zij als kunstwerken worden beschermd; deze termijn zijn echter ten minste duren tot op het einde van een periode van vijfentwintig jaar nadat dit werk is gemaakt. (5) De beschermingstermijn volgend op de dood van de auteur en de termijnen voorzien in de bovenstaande leden (2), (3) en (4) beginnen te lopen vanaf de datum van overlijden of van de gebeurtenis waaraan in die leden wordt gerefereerd, maar deze termijnen zullen altijd geacht worden te beginnen op de 1ste januari van het jaar na het overlijden of die gebeurtenis. (6) De landen van de Unie kunnen een langere beschermingstermijn toekennen dan die welke waarin de vorige leden voorzien. (7) Die landen van de Unie die gebonden zijn door de Wet van Rome van deze Conventie en die in hun nationale wetgeving die van kracht is op het ogenblik van de ondertekening van deze Wet kortere beschermingstermijnen toekennen dan die waarin de vorige leden voorzien, zullen het recht hebben om deze termijnen te handhaven wanneer zij tot deze Wet toetreden of haar bekrachtigen. (8) De termijnen zullen hoe dan ook worden geregeld door de wetgeving van het land waar de bescherming wordt gevraagd; tenzij de wetgeving van dat land andersluidende bepalingen bevat, zal de termijn echter niet langer zijn dan de termijn die is bepaald in het land van herkomst van het werk. ip4inno

Hoe lang worden de naburige rechten beschermd? Uitvoerders EU: tot 50 jaar na de datum van uitvoering Recht van producenten/uitzendorganisaties: EU: 50 jaar na de eerste bepaling/eerste transmissie of uitzending ip4inno

AUTEURSRECHT I. Algemene inleiding II. Omvang van de bescherming III. Uitzonderingen en beperkingen IV. Uitputtingsprincipe V. Overdracht van rechten VI. Schendingen van het auteursrecht VII. Juridische gevolgen van schendingen van het auteursrecht VIII. Ondernemingen met collectieve licentie IX. Databaserechten en computerprogramma’s X. De auteursrechtgids van een onderneming ip4inno

Uitzonderingen en beperkingen - Algemeen Uitzonderingen en beperkingen op het auteursrecht … dienen om de exclusieve rechten aan te passen die zijn voorbehouden aan de eigenaar van het auteursrecht wegen de belangen van de auteur af tegen de rechtmatige belangen van de auteursrechtindustrie, van de gebruikers en van het brede publiek uitzonderingen en beperkingen moeten strikt worden geïnterpreteerd Volgens “De driestappentest” van de Richtlijn betreffende de Informatiemaatschappij moeten alle volgende vereisten vervuld zijn: uitzonderingen en beperkingen mogen enkel worden toegepast in bepaalde speciale gevallen, zij mogen niet strijdig zijn met een normale exploitatie van het werk en zij mogen niet onredelijkerwijs afbreuk doen aan de rechtmatige belangen van de houder van het recht Onthoud: Het auteursrecht is een beperkt monopolie! Beperkt in de tijd: beschermingstermijn: leven plus 70 jaar Beperkt door de omvang van de bescherming Beperkt door beperkingen en restricties Art. 5 V Richtlijn 2001/29/EG van het Europese Parlement en van de Raad van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij : “De in de leden 1, 2, 3 en 4 bedoelde beperkingen en restricties mogen slechts in bepaalde bijzondere gevallen worden toegepast mits daarbij geen afbreuk wordt gedaan aan de normale exploitatie van werken of ander materiaal en de wettige belangen van de rechthebbende niet onredelijk worden geschaad.“ ip4inno

Uitzonderingen en beperkingen zijn binnen de EU geharmoniseerd De Richtlijn betreffende de Informatiemaatschappij maakt een onderscheid tussen: verplichte uitzonderingen: tijdelijke reproductiehandelingen zonder onafhankelijke economische betekenis (bv. caching), en optionele uitzonderingen: bv. de reproductie van kleine delen van gedrukte werken, recht op private kopie voor particulier en niet-commercieel gebruik tegen betaling van een bepaalde vergoeding (heffing!); gebruik uitsluitend als illustratie voor onderwijs en onderzoek, het ter beschikking stellen van gepubliceerde artikelen (met bronvermelding); … Art. 5 V Richtlijn 2001/29/EG van het Europese Parlement en van de Raad van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij : 1. Tijdelijke reproductiehandelingen, als bedoeld in artikel 2, die van voorbijgaande of incidentele aard zijn, en die een integraal en essentieel onderdeel vormen van een technisch procedé en die worden toegepast met als enig doel a) de doorgifte in een netwerk tussen derden door een tussenpersoon of b) een rechtmatig gebruik van een werk of ander materiaal mogelijk te maken, en die geen zelfstandige economische waarde bezitten, zijn van het in artikel 2 bedoelde reproductierecht uitgezonderd. 2. De lidstaten kunnen beperkingen of restricties op het in artikel 2 bedoelde reproductierecht stellen ten aanzien van: a) de reproductie op papier of een soortgelijke drager, met behulp van een fotografische techniek of een andere werkwijze die een soortgelijk resultaat oplevert, met uitzondering van bladmuziek, op voorwaarde dat de rechthebbenden een billijke compensatie ontvangen; b) de reproductie, op welke drager dan ook, door een natuurlijke persoon voor privégebruik gemaakt, en zonder enig direct of indirect commercieel oogmerk, mits de rechthebbenden een billijke compensatie ontvangen waarbij rekening wordt gehouden met het al dan niet toepassen van de in artikel 6 bedoelde technische voorzieningen op het betrokken werk of het betrokken materiaal; c) in welbepaalde gevallen, de reproductie door voor het publiek toegankelijke bibliotheken, onderwijsinstellingen of musea, of door archieven die niet het behalen van een direct of indirect economisch of commercieel voordeel nastreven; d) tijdelijke opnamen van werken, gemaakt door omroeporganisaties met hun eigen middelen ten behoeve van hun eigen uitzendingen; bewaring van deze opnamen in officiële archieven kan wegens hun uitzonderlijke documentaire waarde worden toegestaan; e) met betrekking tot reproducties van uitzendingen door maatschappelijke instellingen met een niet-commercieel oogmerk, zoals ziekenhuizen of gevangenissen, mits de rechthebbenden daarvoor een billijke compensatie krijgen. 3. De lidstaten kunnen beperkingen of restricties op de in de artikelen 2 en 3 bedoelde rechten stellen ten aanzien van: a) het gebruik uitsluitend als toelichting bij het onderwijs of ten behoeve van het wetenschappelijk onderzoek, de bron, waaronder de naam van de auteur, wordt vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt, en voor zover het gebruik door het beoogde, niet-commerciële doel wordt gerechtvaardigd; b) het gebruik ten behoeve van mensen met een handicap, dat direct met de handicap verband houdt en van niet-commerciële aard is en voor zover het wegens de betrokken handicap noodzakelijk is; c) weergave in de pers, mededeling aan het publiek of beschikbaarstelling van gepubliceerde artikelen over actuele economische, politieke of religieuze onderwerpen of uitzendingen of ander materiaal van dezelfde aard, in gevallen waarin dat gebruik niet uitdrukkelijk is voorbehouden, en voor zover de bron, waaronder de naam van de auteur, wordt vermeld, of het gebruik van werken of ander materiaal in verband met de verslaggeving over actuele gebeurtenissen, voor zover dit uit een oogpunt van voorlichting gerechtvaardigd is en, voor zover, de bron - waaronder de naam van de auteur - wordt vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt; d) het citeren ten behoeve van kritieken en recensies en voor soortgelijke doeleinden, mits het een werk of ander materiaal betreft dat reeds op geoorloofde wijze voor het publiek beschikbaar is gesteld, indien de bron - waaronder de naam van de auteur - wordt vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt en het citeren naar billijkheid geschiedt en door het bijzondere doel wordt gerechtvaardigd; e) het gebruik ten behoeve van de openbare veiligheid of om het goede verloop van een administratieve, parlementaire of gerechtelijke procedure of de berichtgeving daarover te waarborgen; f) het gebruik van politieke toespraken en aanhalingen uit openbare lezingen of soortgelijke werken of ander materiaal, voor zover dit uit een oogpunt van voorlichting gerechtvaardigd is en mits de bron, - waaronder de naam van de auteur - wordt vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt; g) het gebruik tijdens religieuze bijeenkomsten of door de overheid georganiseerde officiële bijeenkomsten; h) het gebruik van werken, zoals werken van architectuur of beeldhouwwerken, gemaakt om permanent in openbare plaatsen te worden ondergebracht; i) het incidentele verwerken van een werk of materiaal in ander materiaal; j) het gebruik voor reclamedoeleinden, voor openbare tentoonstellingen of openbare verkopen van artistieke werken, voor zover dat noodzakelijk is voor de promotie van die gebeurtenissen, met uitsluiting van enig ander commercieel gebruik; k) het gebruik voor karikaturen, parodieën of pastiches; l) het gebruik met het oog op demonstratie of herstel van apparatuur; m) het gebruik van een artistiek werk in de vorm van een gebouw of een tekening of plan van een gebouw met het oog op de wederopbouw van het gebouw; n) het gebruik van niet te koop aangeboden of aan licentievoorwaarden onderworpen werken of ander materiaal dat onderdeel uitmaakt van de verzamelingen van de in lid 2, onder c), bedoelde instellingen, hierin bestaande dat het werk of materiaal, via speciale terminals in de gebouwen van die instellingen, voor onderzoek of privéstudie meegedeeld wordt aan of beschikbaar gesteld wordt voor individuele leden van het publiek; o) het gebruik in andere, minder belangrijke gevallen, wanneer reeds beperkingen of restricties bestaan in het nationale recht mits het alleen analoog gebruik betreft en het vrije verkeer van goederen en diensten in de Gemeenschap niet wordt belemmerd, onverminderd de in dit artikel vervatte beperkingen en restricties. 4. De lidstaten kunnen op grond van de leden 2 en 3 niet alleen een beperking of restrictie op het reproductierecht vaststellen, maar ook op het in artikel 4 bedoelde distributierecht, voor zover dit gezien het doel van de toegestane reproductie gerechtvaardigd is. 5. De in de leden 1, 2, 3 en 4 bedoelde beperkingen en restricties mogen slechts in bepaalde bijzondere gevallen worden toegepast mits daarbij geen afbreuk wordt gedaan aan de normale exploitatie van werken of ander materiaal en de wettige belangen van de rechthebbende niet onredelijk worden geschaad. Voorbeelden van vereisten waarop privékopieën zijn toegestaan: In Duitsland is een maximumaantal van zeven kopieën toegestaan, op voorwaarde dat zij worden gemaakt van een legale meesterkopie en niet door kopieerbeschermingsmaatregelen te omzeilen . In Frankrijk zijn kopieën voor privé en persoonlijk gebruik niet toegestaan voor kunstwerken, computerprogramma’s één enkele reservekopie is toegestaan) en databanken. ip4inno

Andere niet-geharmoniseerde uitzonderingen en beperkingen Gebruik voor juridische doeleinden en de openbare veiligheid (bv. gebruik van foto’s van gezochte personen) Gebruik voor onderwijs en onderzoek Verslaan van alledaagse gebeurtenissen Recht van citaat Reclame voor publiekelijk toegankelijke werken (bv. uitnodigingskaarten, poster maar geen souvenirartikelen, kalenders, ansichtkaarten) Niet-essentiële aanvullende delen. De verwijzing moet bijkomstig en onvermijdbaar zijn Permanente werken op openbare plaatsen (enkel het buitenaanzicht) ip4inno

Andere uitzonderingen en beperkingen Vermaard auteursrechtgeval in Duitsland: (BGH GRUR 2002, 605 – Verhulde Rijksdag): Een fotograaf nam foto’s van de ingepakte Rijksdag en verkocht ze als ansichtkaarten. Aangezien het inpakken niet permanent was, was de uitzondering inzake het kopiëren van permanente werken op openbare plaatsen (§ 59 UrhG) niet relevant. ip4inno

AUTEURSRECHT I. Algemene inleiding II. Omvang van de bescherming III. Uitzonderingen en beperkingen IV. Uitputtingsprincipe V. Overdracht van rechten VI. Schending van het auteursrecht VII. Juridische gevolgen van schendingen van het auteursrecht VIII. Ondernemingen met collectieve licentie IX. Databaserechten en computerprogramma’s X. De auteursrechtgids van een onderneming ip4inno

Uitputtingsprincipe - Algemeen De auteursrechtwet belet de eigenaar van een kopie niet rechtmatig verkregen kopieën van auteursrechtelijk beschermde werken door te verkopen, op voorwaarde dat deze kopieën oorspronkelijk werden geproduceerd door of met de toelating van de houder van het auteursrecht en niet refereren aan immateriële dragers Voorbeelden: volledig: boeken, compact disks, enz. (= materiële dragers) onvolledig: opname van een uitzending, elektronische kopieën van computersoftware, muziekbestanden enz. (immateriële dragers) Art 4 c RICHTLIJN VAN DE RAAD van 14 mei 1991 betreffende de rechtsbescherming van computerprogramma’s (91/250/EEG) “De eerste verkoop in de Gemeenschap van een kopie van een programma door de rechthebbende of met diens toestemming leidt tot verval van het recht om controle uit te oefenen op de distributie van die kopie in de Gemeenschap, met uitzondering van het recht om controle uit te oefenen op het verder verhuren van het programma of een kopie daarvan.“ ip4inno

Uitzonderingen Openbaar huur- en leenrecht Recht op doorverkooproyalty overeenkomstig de geharmoniseerde EU-wet moeten de lidstaten een recht verlenen dat het huren en lenen van originelen en kopieën van auteursrechtelijk beschermde werken en andere zaken zoals fonogrammen of films toestaat Recht op doorverkooproyalty overeenkomstig de geharmoniseerde EU-wet moeten alle doorverkoophandelingen waarbij kunstmarktprofessionelen als verkopers, kopers of tussenpersonen betrokken zijn de maker laten delen in het economische succes van het originele kunstwerk Richtlijn 2001/84/EG van het Europese Parlement en van de Raad van 27 september 2001 betreffende het volgrecht ten behoeve van de auteur van een oorspronkelijk kunstwerk Inzake het auteursrecht is het volgrecht een onoverdraagbaar en onvervreemdbaar recht dat de auteur van een oorspronkelijk grafisch of plastisch kunstwerk heeft op een economisch belang in de opeenvolgende verkopen van het betrokken werk. Het volgrecht is een recht met een productief karakter dat de auteur/kunstenaar toestaat een vergoeding te ontvangen voor de opeenvolgende overdrachten van het werk. Het voorwerp van het volgrecht is het fysieke werk, namelijk het medium waarop het beschermde werk is opgeslagen. Het volgrecht is bedoeld om ervoor te zorgen dat de auteurs van grafische en plastische kunstwerken delen in het economische succes van hun oorspronkelijke kunstwerken. Het helpt het evenwicht herstellen tussen de economische situatie van de auteurs van grafische en plastische kunstwerken en die van andere scheppers die profiteren van de opeenvolgende exploitaties van hun werken. ip4inno

AUTEURSRECHT I. Algemene inleiding II. Omvang van de bescherming III. Uitzonderingen en beperkingen IV. Uitputtingsprincipe V. Overdracht van rechten VI. Schending van het auteursrecht VII. Juridische gevolgen van schendingen van het auteursrecht VIII. Ondernemingen met collectieve licentie IX. Databaserechten en computerprogramma’s X. De auteursrechtgids van een onderneming ip4inno

In tal van EU-lidstaten bestaat er geen corporate auteursrecht en het auteursrecht in zijn geheel (morele en economische rechten) kan niet worden overdragen, hetzij bij erfenis In deze lidstaten kan de auteur zijn economische rechten echter overdragen door middel van exclusieve of niet-exclusieve licenties die geografisch, in de tijd en met betrekking tot de inhoud ervan kunnen worden beperkt Een niet-exclusief exploitatierecht zal de houder van het recht het recht geven om het werk te gebruiken, samen met de auteur of andere gerechtigden, op de manier die hem is toegestaan. Een exclusief exploitatierecht zal de houder van het recht het recht geven om het werk te gebruiken, met uitsluiting van alle andere personen, inclusief de auteur, op de manier die hem is toegestaan en om niet-exclusieve rechten te verlenen. Sommige EU-lidstaten breiden de toekenning van licenties enkel uit tot bekende gebruiken (bv. vóór 1995 was het internet niet bekend en konden er voor dat medium geen licenties worden verleend) ip4inno