De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Kijken naar kinderen les 2 Hafida El-Gharbaoui 1 aanwezigheidslijst 2 terugblik week 1 3 subjectiviteit 4 Opdr. 1 Vader & baby H 1 P.de Bil 5 stelling.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Kijken naar kinderen les 2 Hafida El-Gharbaoui 1 aanwezigheidslijst 2 terugblik week 1 3 subjectiviteit 4 Opdr. 1 Vader & baby H 1 P.de Bil 5 stelling."— Transcript van de presentatie:

1 Kijken naar kinderen les 2 Hafida El-Gharbaoui 1 aanwezigheidslijst 2 terugblik week 1 3 subjectiviteit 4 Opdr. 1 Vader & baby H 1 P.de Bil 5 stelling 6 betrouwbaarheid 7 interpretatie & fouten 8 opdr. Vader & baby 9 verschillende observaties 10 welbevinden

2 Kijk naar mij: schrijf op wat je ziet Wie ben ik? Hobby’s Persoonlijkheid? etcetra

3 Terugkoppeling week 1 Geheugen Subjectiviteit Zien, roken, proeven, voelen en horen Referentiekader Verbale en non-verbale waarnemingen Getuige verklaringen observatieplan

4 Waarnemen bij observeren Belangrijk om te onthouden wat je ziet, omdat je later nog iets met de informatie uit de observatie wilt doen Informatie uit een observatie komt, totdat je de waarnemingen hebt verwerkt, terecht in je korte termijngeheugen. Helaas kan het korte termijngeheugen gemiddeld maar 7 items onthouden. Belangrijk bij observatie: zet je informatie in een gedragsketen neer. Dus in chronologische geordende waarnemingen van een persoon, een situatie of een ruimte

5 Binnenkant,Buitenkant, Overkant Binnenkant: gevoel, emotie, zelfbeeld, gedachten etc. Buitenkant: Waarneembaar gedrag Overkant: Hoe het overkomt, interpretatie op basis van eigen-zijn/denken etc. We observeren dus “de buitenkant” en registreren onze “binnenkant”(de betekenis die aan het gedrag gegeven wordt).

6 Binnenkant,Buitenkant, Overkant

7 Doel van een observatie is een zo objectief mogelijk beeld te krijgen van een persoon om a) die persoon te doorgronden b) gedrag te kunnen voorspellen c) te beïnvloeden. Systeemtheorie: gedrag kun je niet los zien van de context. * Deze jongen is in vak S. sociaal: één met het legioen en loyaal aan zijn club. * Wat verwacht je aan gedrag tijdens het rekenen, thuis aan tafel, als hij net op de grote weg mag fietsen??? eerder gezien als scheids, vader oma, tandarts, bang buurmeisje theaterproducent, ajaxied, peda- goog, ect.

8 Waar komt subjectiviteit vandaan Brainstorm: Omstandigheden in eigen geschiedenis De context van de situatie die je waarneemt Zintuigen Rol Normen en waarden “de selectie van prikkels heeft alles te maken met aandacht”….wat wordt met die zin

9 Betekenisgeving/interpreteren Waarneming → observatie (de auto heeft het linkerknipperlicht aan) Interpretatie → gevolgtrekking (de auto zal links afslaan, ik moet dus…..) Waarneming→ observatie (de deur is open) Interpretatie →gevolgtrekking( er is al iemand thuis) Waarneming → observatie( mijn vriendin huilt)Interpretatie →gevolgtrekking( ze is verdrietig) Je geeft betekenis door middel van eerder ervaringen &kennis ( haalt dit op uit jouw lange en korte termijn geheugen)

10 waarneming Waarnemen: Bewust of onbewust opvangen van prikkels uit jouw omgeving met onze 5 zintuigen – Ordenen of organiseren van prikkels tot een samenhangende eenheid Interpreteren : het geven van betekenis aan onze waarneming.

11 Stelling Naar mate we ons meer bewust zijn van eigen subjectiviteit zijn we meer in staat objectiever de ander tegemoet te treden. Vooroordelen zijn goed MITS we bereid zijn ze als hypothese te onderzoeken.

12 Waarneming Hoe betrouwbaar is onze waarneming?

13

14 Factoren van beïnvloeding Eerst indruk Categorisering Stereotypen en vooroordelen Automatische processen Plaats,groep, tijdsdruk & persoonlijke omstandigheden Vakkennis en geheugenschema's Normen waarden,cultuur en taal

15 Interpretatie & Fouten Vormen van projectie Verdringing Identificatie Overdracht & tegenoverdracht

16 Doel deze module Omdat we als pedagoog gedrag en zelfbeeld willen beïnvloedden moeten we ons zo nauwkeurig mogelijk een beeld vormen van de ander: Dit kan op meerdere manieren: brainstorm

17 Informatie verzamelen Observeren van gedrag van het kind Gesprek voeren met het kind Gesprek voeren met ouders/leerkracht/bekenden Eerdere rapportages bestuderen. Testen. Bewust afvragen: Wat herken ik eventueel in het gedrag/beleving van ouders/kind?

18 H1 Observeren DVD, situatie vader met baby Wat is volgens jullie het verschil tussen waarnemen en observeren? “observeren bewust en doelgericht waarnemen”

19 Why do observations artikel zelf lezen Welke 4 kenmerken van observeren worden in dit artikel genoemd? Welke 2 ‘risico’s’ zitten er aan observeren verbonden? Wat wordt er met een observatiemethode bedoeld? Welke typen observatiemethoden worden er in dit artikel beschreven?

20 H 1 Gedragsobservatie verschillende soorten te onderscheiden Dagelijkse observatie Systematische observatie Participerende observatie, Zelfobservatie (helikopterview)

21 Gedragsobservatie Dagelijkse observatie – bewust maar minder doelgericht – geen observatieformulier > studenten hebben steeds vaker hun telefoon op tafel liggen >de trein komt steeds te laat Nog niet getoetst, maar wel bewust en doelgericht waargenomen

22 Systematische observatie – Zeer bewust en doelgericht – Wie, wat, wanneer, hoelang gaat er geobserveerd worden? – Nagedacht over de vorm & registraties Participerende observatie – Observator neemt deel uit van de situaties >groepsdynamiek in de klas Wat zijn de voor en nadelen van participeren als observator?

23 Zelfobservatie – helikopterview :objectief naar jezelf kunnen kijken – zelfreflectie Wat zijn de voor – en de nadelen?

24 Oefening Ga voor jezelf na of je de afgelopen dat of week een situatie hebt meegemaakt waarin je informatie interpreteerde. Heb je de interpretatie getoetst bij de ander? Klopt jouw interpretatie? Zo ja, hoe weet je dat?

25 Fragment 1: welbevinden in beeld Kijk vragen: Hoe zien de leidsters het welbevinden? Hoe wordt dit begrip geobserveerd? Welke punten staan er op hun observatielijst? Observeert of interpreteert? Hoelang zou je een kind moeten observeren om iets over te kunnen zeggen over zijn haar welbevinden? observeer en interpreteer!

26 aandachtspunten Heb je vooral gelet op het gedrag van het kind? Of je eigen beleving? Of het appèl? Is er verschil in waarnemingen? Is dat relevant? Is je waarneming constant of hangt het af van je stemming? Wat betekent dat voor nauwkeurig observeren?

27 Afronding/huiswerk Eyeopeners? Hoofdstuk 5 en 6 Petra de Bil Brainstorm: een observatie-opdracht voor deze week + concretiseren. Tot volgende week.


Download ppt "Kijken naar kinderen les 2 Hafida El-Gharbaoui 1 aanwezigheidslijst 2 terugblik week 1 3 subjectiviteit 4 Opdr. 1 Vader & baby H 1 P.de Bil 5 stelling."

Verwante presentaties


Ads door Google