De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

DE PREVALENTIE EN HUIDIGE THERAPEUTISCHE BEHANDELING VAN PIJNLIJKE POLYNEUROPATHIE IN BELGISCHE DIABETESKLINIEKEN Poster voorgesteld op de 43 e jaarlijkse.

Verwante presentaties


Presentatie over: "DE PREVALENTIE EN HUIDIGE THERAPEUTISCHE BEHANDELING VAN PIJNLIJKE POLYNEUROPATHIE IN BELGISCHE DIABETESKLINIEKEN Poster voorgesteld op de 43 e jaarlijkse."— Transcript van de presentatie:

1 DE PREVALENTIE EN HUIDIGE THERAPEUTISCHE BEHANDELING VAN PIJNLIJKE POLYNEUROPATHIE IN BELGISCHE DIABETESKLINIEKEN Poster voorgesteld op de 43 e jaarlijkse bijeenkomst van de EASD, september 2007, Amsterdam, Nederland

2 Steering Committee: –Prof. D. BouhassiraINSERM, Hôpital Ambroise Paré, Boulogne and Université Versailles-Saint-Quentin, France –Prof. I.M. ColinCHR St-Joseph, Mons - UCL, Bruxelles –Prof. Ch. MathieuKUL, Leuven –Dr. K. Van AckerSt-Jozef Hospital, Bornem Advisory Board: –Prof. M. BuysschaertCliniques Universitaires St-Luc, Bruxelles –Prof. F. FeryCHU Erasme, Bruxelles –Dr. M. GiriUZ Gent –Prof. A. ScheenCHU Sart-Tilman, Liège –Dr. D. BallauxUZ Antwerpen

3 Collaboration: Dr P. Arnouts Dr A. Beirinck Dr A. Bodson Dr J.-C. Daubresse Dr P. Decraene Dr L. Derdelinckx Dr S. Deweer Dr S. Driessens Dr I. Dumont Dr P. Felix Dr N. Gaham Dr C. Herbaut Dr F. Heureux Dr G. Hubermont Dr K. Kockaerts Dr G. Krzentowski Dr K. Laga Dr G. Lamberigts Dr C. Lemy Dr W. Maes Dr D. Nicolaij Dr A. Nollet Dr J.-C. Philips Dr R. Radermecker Dr J. Ruige Dr D. Scarnière Dr C. Soyez Dr M.-P. Stassen Dr P. Taelman Dr J. Tits Prof L. Van Gaal Dr D. Gysegem Dr S. Van Imschoot Dr I. Van Pottelbergh Dr G. Vanhaverbeke Dr C. Vercammen Dr A. Verhaege Dr B. Vets Dr E. Weber + co-workers

4 METHODENRESULTATENCONCLUSIEOBJECTIEVENINLEIDING

5 Diabetische neuropathie Diabetische polyneuropathie (DPN) is een van de meest voorkomende langetermijncomplicaties van diabetes, met een progressief verlies van de gevoeligheid, leidend tot neuropathische voetulceraties en chronische pijnsymptomen als belangrijkste klinische gevolgen. Het treft meer dan 50% van deze patiënten.(1-4) De kennis van de epidemiologie van pijnlijke diabetische polyneuropathie (PDPN) is beperkt. De beschikbare studies suggereren dat de prevalentie van PDPN schommelt van 8 tot 24%. (4-8) PDPN is geassocieerd met verliezen in vele aspecten van het leven van de patiënten: fysiek en emotioneel functioneren, affectieve symptomen en slaapproblemen. (9) Er is weinig gepubliceerd over de onafhankelijke risicofactoren geassocieerd met PDPN. De identificatie van deze risicofactoren is van cruciaal belang voor het nemen van de geschikte maatregelen ter voorkoming van neuropathische complicaties, zoals infecties en voetzweren, vooral bij patiënten met een hoog risico. (10) DPN en PDPN zijn nog steeds miskende en onvoldoende behandelde complicaties van diabetes. (4-8) De referenties 1-10 vindt u op het einde van deze slidekit METHODENRESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING

6 Diabetische neuropathie Veel voorkomende langetermijncomplicatie van diabetes (1) Heterogene groep van stoornissen (2,3) –Meest voorkomend: distale symmetrische polyneuropathie –Met betrokkenheid van dunne en/of dikke vezels –Dunne vezel neuropathie veroorzaakt vaak pijn –Dikke vezel neuropathie veroorzaakt gevoelloosheid en ataxie Significante bron van morbiditeit (bv. voetulceratie) en mortaliteit (4) Screening is aanbevolen (5) (1) Jensen et al. Diab Vasc Dis Res 2006, 3(2): 108 (2) Vinik et al. Nat Clin Pract Endocrinol Metab 2006, 2(5):269 (3) Boulton et al, Diab Care 2004, 27(6): 1458 (4) Carrington et al. Diabetes Care 2002, 25(11): 2010 (5) ADA Position Statement, Diab Care. 2004, 27(Suppl 1): S63 INLEIDING

7 Diabetische neuropathie: Betrokkenheid van dikke en/of dunne vezels Dunne gemyeliniseerde A  vezels Ongemyeliniseerde C vezels Dikke gemyeliniseerde A  vezels Niet-pijnlijke tactiele prikkels (vibratie, zachte druk…) Pijnlijke mechanische prikkels (speldenprik) Dunne vezel neuropathieDikke vezel neuropathie Thermische prikkels INLEIDING

8 Diabetische neuropathie kan pijnlijk zijn = Pijnlijke diabetische neuropathie: Vaak te wijten aan dunne vezel neuropathie (1) –Vaak zonder objectieve tekens van zenuwbeschadiging: EMG (-) Het hinderlijkste symptoom van diabetische neuropathie (2) Een van de meest voorkomende vormen van neuropathische pijn (2) Aanzienlijke impact op de levenskwaliteit (sociaal en psychologisch) (3,4) (1) Vinik et al. Nat Clin Pract Endocrinol Metab 2006, 2(5):269 (2) Vinik. J Clin Endocrinol & Metab 2005, 90(8): 4936 (3) Boulton et al. Diab Care 2005, 28(4): 956 (4) Galer et al. Diab Res Clin Pract 2000, 47(2):123 INLEIDING

9 DE PREVALENTIE EN HUIDIGE THERAPEUTISCHE BEHANDELING VAN PIJNLIJKE POLYNEUROPATHIE IN BELGISCHE DIABETESKLINIEKEN Poster voorgesteld op de 43 e jaarlijkse bijeenkomst van de EASD, september 2007, Amsterdam, Nederland

10 OBJECTIEVEN Primair objectief: –Evaluatie van de prevalentie van neuropathie en neuropathische pijn in diabetesklinieken in België. Secundaire objectieven: –Evaluatie van de impact van neuropathische pijn op de levenskwaliteit –Identificatie van de aandoeningen geassocieerd met neuropathie / neuropathische pijn Demografische parameters Diabetesgerelateerde parameters, incl. andere langetermijncomplicaties CV risicofactoren –Evaluatie van de therapeutische behandeling van neuropathische pijn METHODENRESULTATENCONCLUSION OBJECTIEVEN INLEIDING

11 METHODEN Studiedesign Visuele Analoge schaal Neuropen DN4 SF-12 RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

12 Design Crosssectionele multicentrische studie in 40 diabetesklinieken Inclusiecriteria: –18 jaar of ouder –duur van de diabetes ≥ 1 jaar –type 1- of type 2-diabetes –geïnformeerde toestemming Geen exclusiecriteria –behave in staat zijn om met de onderzoeker samen te werken en de vragen te beantwoorden RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

13 Screening tool voor pijn: visuele analoge schaal “Evalueer de pijn in uw benen in de voorbije week door een verticaal streepje aan te brengen op de onderstaande lijn” Geen pijn: 0 mm Ondraaglijke pijn: 100 mm De onderzoeker scoort de pijn in mm Score: mm RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

14 Screening tool voor neuropathie: Neuropen ® Gevalideerde screening tool voor neuropathie: Neuropen ® (NP): Detectie van het distale gevoeligheidsverlies voor tactiele en pijnlijke prikkels Monofilament voor tactiele prikkel Neurotip voor pijnlijke prikkel Paisley et al. Diab Med 2002 RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

15 Monofilament: Tactiele gewaarwording Neurotip™: Pijngewaarwording Abnormaal: ≤ 8/10 Sensitiviteit: 80-90% Specificiteit: 60-80% Abnormaal: geen pijn Test 5 plaatsen per voetTest 1 plaats per voet: De plantaire zijde van de hallux RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN Screening tool voor neuropathie: Neuropen ®

16 Neuropen ® : pathofysiologische correlaten Monofilament (10 g)Neurotip™ (40 g) Niet-pijnlijke tactiele prikkels (vibratie, zachte druk…) Pijnlijke mechanische prikkels (speldenprik) Dunne gemyeliniseerde A  vezels Ongemyeliniseerde C vezels Dikke gemyeliniseerde A  vezels RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

17 Interpretatie van de Neuropen ® test Normale Neuropen ® test (NP-): normale monofilamenttest (>8/10 plaatsen gevoelig voor aanraking) EN normale speldenpriktest (pijngevoel) in beide voeten Abnormale Neuropen ® test (NP+): abnormale monofilamenttest (≤8/10 plaatsen gevoelig voor aanraking) EN/OF abnormale speldenpriktest (geen pijn) in minstens één voet In deze studie: NP+ gedefinieerd als ‘neuropathie’ RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

18 Screening tool voor neuropathische pijn: DN4 Gevalideerde screening tool voor neuropathische pijn: DN4 vragenlijst: –Onderscheid maken tussen neuropathische en niet-neuropathische pijn bij patiënten met pijn in de benen –Gebruik eerst de visuele analoge schaal (VAS) voor het evalueren van de pijnintensiteit –Gebruik daarna de DN4 vragenlijst bij VAS+ patiënten (= patiënten met pijn) –DN4 vragenlijst niet specifiek voor diabetische neuropathische pijn –VAS+/DN4+ gedefinieerd als ‘neuropathische pijn’ VAS+/DN4- gedefinieerd als ‘pijn van niet-neuropathische oorsprong’ Bouhassira et al. Pain 2005; DN4=‘neuropathische pijn 4 vragen’ RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN Bennet MI, Attal N, Backonja MM, et al. Using screening tools to identify neuropathic pain. Pain Feb;127(3):

19 Bouhassira et al. Pain 2005; DN4=‘neuropathische pijn 4 vragen’ DN4 Vragenlijst Vraag 1: Vertoont de pijn één of meer van de volgende karakteristieken: JaNee Brandend gevoel Pijnlijk koudegevoel Elektrische schokken Vraag 2: Is de pijn in hetzelfde gebied geassocieerd met één of meer van de volgende symptomen: JaNee Kriebelingen Tintelingen Gevoelloosheid Jeuk Vraag 3: Is de pijn gelokaliseerd in een bepaald gebied waar het onderzoek op wijst: JaNee Hypo-esthesie bij aanraking Hypo-esthesie bij een prik Vraag 4: Wordt de pijn veroorzaakt of versterkt door: JaNee Wrijven Score ≥ 4/10 = neuropathische pijn Specificiteit: 90% Sensitiviteit: 83% RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

20 Tools – definities - interpretatie RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

21 Evaluatie van de levenskwaliteit: SF-12 vragenlijst SF-12 vragenlijst: –meting van de algemene gezondheidstoestand –een 12-item versie van de veel gebruikte SF-36 –goede reproductie van de SF-36 scores, maar minder belastend voor de respondent Output: –de Physical Component Score-12 (PCS12) = fysieke gezondheidstestand –de Mental Component Score-12 (MCS12) = mentale gezondheidsstatus –de scores gaan van 0 tot 100 (0 = de slechtste gezondheidstoestand) Sundaram et al.; Quality of Life Research 2006 Ware et al.; Medical Care 1996 RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

22 RESULTATEN Studiepopulatie Patiëntkarakteristieken Prevalenties van DPN en PDPN Geassocieerde factoren Impact op de QoL Huidige behandeling CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

23 Studiepopulatie 1216 diabetespatiënten werden gescreend 105 patiënten werden uitgesloten 42 met secundaire diabetes, 29 met een onbekend type van diabetes, 11 met een diagnose van diabetes sinds minder dan 1 jaar, 6 met onbekende leeftijd, 2 jonger dan 18 jaar, 6 met ontbrekende Neuropen® gegevens 9 met onvolledige DN4 vragenlijst 1111 diabetespatiënten kwamen in aanmerking 344 type 1-diabetespatiënten 767 type 2-diabetespatiënten CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

24 Patiëntkarakteristieken CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

25 Patiëntkarakteristieken Nefropathie= microalbuminurie of proteïnurie Retinopathie= achtergrondretinopathie of proliferatieve retinopathie Nierfunctiestoornis = CrCl < 60 ml/min CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN Type 1 N=344 (31%) Type 2 N=767 (69%) P -value

26 Patiëntkarakteristieken CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN Type 1 N=344 (31%) Type 2 N=767 (69%) P -value

27 Patiëntkarakteristieken Gemiddeld waren de type 2-diabetespatiënten ouder, waren ze minder lang gediagnosticeerd met diabetes en hadden ze een iets betere glykemiecontrole. Ze hadden ook een hogere gemiddelde BMI, meer cardiovasculaire risicofactoren en vaker langetermijncomplicaties dan type 1-diabetespatiënten. Ze gebruikten insuline in meer dan 70% van de gevallen. CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

28 Prevalenties 43% neuropathie (NP+) n = 478 n = 1111 diabetespatiënten** 1/3 neuropathie met neuropathische pijn (NP+/DN4+) n = 156 Over het algemeen lijden in de diabetesklinieken in België 14% van alle diabetespatiënten aan pijnlijke neuropathie = pijnlijke neuropathie CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN **alle patiënten met data VAS,DN4 en NP

29 Prevalentie bij type 1- en type 2-patiënten * Na correctie voor de leeftijd en de duur van de diabetes, p=0,002 50,8 % neuropathie (NP+) n = ,6% neuropathie (NP+) n = 88 Type 2 n = 767 Type 1 n = 344 1/3 pijnlijke neuropathie (NP+/DN4+) n = 137 1/5 pijnlijke neuropathie (NP+/DN4+) n = 20 5,8% van alle type 1-patiënten - 17,9% van alle type 2- patiënten lijden aan pijnlijke neuropathie* CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

30 Prevalenties CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

31 Geassocieerde factoren - PDPN Multivariate analyse van PDPN en patiëntkarakteristieken CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN *gecorrigeerd voor de leeftijd en de duur van de diabetes

32 Geassocieerde factoren - PDPN De multivariate analyse toonde aan dat de leeftijd, de duur van de diabetes, obesitas, een lage HDL-C, hoge triglyceriden en nephropathie allemaal onafhankelijk geassocieerd waren met PDPN CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

33 Multivariate gecorrigeerde gemiddelde QoL scores bij patiënten met pijn (VAS>0) CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN Impact op de QoL

34 Pijnlijke neuropathie: Impact op de QoL CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN De multivariate analyse van de QoL scores toonden aan dat PDPN op een onafhankelijke wijze zowel de fysieke als de mentale QoL beïnvloedt, zelfs na correctie voor de pijnintensiteit. Een slechtere fysieke QoL was ook geassocieerd met de leeftijd en de BMI, terwijl een slechtere mentale QoL geassocieerd was met het vrouwelijke geslacht, roken, de BMI en de duur van de diabetes. DPN alleen had geen statistisch significant effect op de fysieke of mentale QoL scores.

35 Therapeutische behandeling van neuropathische pijn CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

36 Therapeutische behandeling van neuropathische pijn Bijna één op twee patiënten met neuropathische pijn werd niet behandeld voor zijn pijn. Meer dan een derde van de patiënten kreeg WHO ladder I medicaties die niet geïndiceerd zijn voor DPNP volgens de EFNS richtlijnen. Slechts ¼ van de patiënten behandeld voor pijn kreeg anticonvulsiva of antidepressiva voorgeschreven. Attal N., Cruccu G., Haanpäa M., et al. EFNS guidelines on pharmacological treatment of neuropathic pain. European Journa l of Neurology 2006; 13: CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

37 Te onthouden boodschap Een significant aandeel van de diabetespatiënten lijdt aan neuropathie en pijnlijke neuropathie. De diagnose kan op een betrouwbare manier gesteld worden met specifieke klinische hulpmiddelen die geen bijzondere expertise vereisen. Neuropathie en pijnlijke neuropathie zijn voornamelijk complicaties geassocieerd met type 2-diabetes. Pijnlijke diabetische neuropathie is vaak geassocieerd met andere complicaties, alsook met wijzigbare risicofactoren waaronder enkele die gerelateerd zijn aan het metabool syndroom (obesitas, HDLc en triglyceriden). Er dient een meer adequate behandeling van neuropathische pijn te worden overwogen bij patiënten met PDNP. CONCLUSIE OBJECTIEVENINLEIDINGMETHODENRESULTATEN

38 Referenties


Download ppt "DE PREVALENTIE EN HUIDIGE THERAPEUTISCHE BEHANDELING VAN PIJNLIJKE POLYNEUROPATHIE IN BELGISCHE DIABETESKLINIEKEN Poster voorgesteld op de 43 e jaarlijkse."

Verwante presentaties


Ads door Google