De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

INLEIDING TOT HET RECHT PRIVAATRECHT 1ste bac PSW – academiejaar 2005-06 Prof. Dr. Rogier de Corte 6 december 2005 Thema 5 Rechtshandhaving.

Verwante presentaties


Presentatie over: "INLEIDING TOT HET RECHT PRIVAATRECHT 1ste bac PSW – academiejaar 2005-06 Prof. Dr. Rogier de Corte 6 december 2005 Thema 5 Rechtshandhaving."— Transcript van de presentatie:

1 INLEIDING TOT HET RECHT PRIVAATRECHT 1ste bac PSW – academiejaar Prof. Dr. Rogier de Corte 6 december 2005 Thema 5 Rechtshandhaving

2 overzicht Begrip procesrecht De rechter en zijn entourage Het strafprocesrecht Het burgerlijk procesrecht Het bewijsrecht

3 I - PROCESRECHT  begrip  kenmerken  "vonnis"  rechtshulp

4 A - begrip effectief maken van het materieel recht door tussenkomst van de rechterlijke macht verbod van eigenrichting

5 begrip burgerlijk procesrecht strafprocesrecht "grondwettelijk"procesrecht administratief procesrecht tuchtprocesrecht procesrecht voor internationale rechter gewone rechter Arbitragehof Raad van State ? verschillend voor elk van de rechtscolleges gewone rechter

6 B - kenmerken  toegang tot rechter  de rechter  de procedure

7 § 1 - toegang tot rechter elke burger moet in elke staat, die het EVRM heeft aanvaard, het recht hebben zich tot de rechter te wenden voor: - het beslechten van burgerlijke geschillen; - het beoordelen van een strafvervolging tegen hem art. 6 EVRM -aanhef

8 § 2 – rechtbank - rechter  door wetgever opgericht  onafhankelijk  onpartijdig in het geding extern intern constitutioneelopleiding van de partijenstatus

9 § 3 - de procedure  fair trial  redelijke termijn  openbaar  dubbele aanleg  cassatietoezicht  formalisme

10 C - vonnis 1. Wat 2. Begrippen: vonnis, arrest, beschikking 3. Kenmerken 4. Gezag van gewijsde 5. Kracht van gewijsde verbod van rechtsweigering individuele beslissing (geen precedent) gemotiveerd openbaar

11 D - rechtshulp Art. 23. G.W. Ieder heeft het recht een menswaardig leven te leiden. … Die rechten omvatten inzonderheid: 2° het recht op … juridische bijstand; …….  Commissie juridische bijstand verzorgt eerstelijnsrechtshulp in het Justitiehuis in elk arrondissement  Bureau voor juridische bijstand verzorgt tweedelijnsrechtshulp door advocaten  Bureau voor rechtsbijstand kwijtschelding proceskosten

12 II - RECHTER & ENTOURAGE rechterlijke macht hoven en rechtbanken openbaar ministerie benoeming helpers

13 A - rechterlijke macht rechterlijke macht Hoge raad voor de justitie

14 rechterlijke macht in een democratische rechtsstaat zijn er 3 souveraine machten: wetgevende macht uitvoerende macht rechterlijke macht vastleggen van de algemene normen ‘s lands bestuur politie rechters & o.m.

15 rechterlijke macht scheiding van de machten

16 rechterlijke macht onderscheid tussen rechters en openbaar ministerie O.M. rechters zittende magistratuur voor het leven benoemd geen begrotingsautonomie staande magistratuur, leden van het parket door Koning benoemd en ontslagen oefenen de openbare vordering uit procureur des Konings en substituten procureur-generaal

17 rechterlijke macht hoe kan een rechter nu gecontroleerd worden? Hof van Cassatie Europees Hof Rechten van de mens Hoge Raad voor de justitie motivering publieke opinie de rechter heeft als functie de ultieme controle uit te voeren

18 ? rechterlijke macht Hoge Raad voor de Justitie taak: benoeming & controle samenstelling: 4422 N: 11 magistraten, 11 andere 22 F: 11 magistraten, 11 andere vormt geen deel van de rechterlijke macht

19 B - hoven & rechtbanken-1 organisatie bevoegdheid rechtspleging: wel eenheid van rechtspleging een hofraadsheerarrest een rechtbankrechtervonnis

20 hoven en rechtbanken-2 niveau van het rechtscollege eerste aanleg: geen eenheid rechtsmacht: 6 alleenzetelend hoger beroep cassatie structuur: rechtscolleges met meerdere rechters magistraten kamers afdelingen bijzondere samenstellingen

21 eenheid rechtsmacht de territoriale basiseenheid = gerechtelijk arrondissement (27) elk gerechtelijk arrondissement kent niet één rechtscollge maar meerdere autonome rechtscolleges 1 rechtbank van eerste aanleg 1 arbeidsrechtbank 1 rechtbank van koophandel n vredegerechten n politierechtbanken + 1 arrondissementsrechtbank

22 judex unus 1. een rechtscollege dat uit vele magistraten bestaat, houdt zitting in een of meerdere kamers 2. een kamer van een rechtscollege in eerste aanleg bestaat bestaat in de regel uit 1 rechter en niet uit een college van rechters regel

23 judex unus uitwerking vrederechter & politierechter rechtbank eerste aanleg arbeidsrechtbank rechtbank van koophandel hof van beroep Hof van Cassatie 1 rechter 1 rechter (uitz. 3) 3 rechters 3 rechters 3 raadsheren 5 raadsheren

24 hoven & rechtbanken-3 materiële bevoegdheid bevoegdheid volgens aard en inhoud van het geschil laat specialisatie toe territoriale bevoegdheid bevoegdheid volgens woonplaats van de partijen rechter moet zijn mensen kennen

25 hoven & rechtbanken-4 Hof van Cassatie Hof van Cassatie 5 hoven van beroep arbeidshoven 27 rechtbank koophandel arbeidsrechtbank 178 vrederechter 32 politierechter A 11 assisenhoven

26 § 1 - vrederechter organisatie 187 kantons alleenzetelend beroepsrechter geen openbaar ministerie

27 vrederechter bevoegdheid algemene bevoegdheid bijzondere bevoegdheid exclusieve bevoegdheid < € 1.860,- - huur, - echtelijke ruzie vóór echtscheiding - ….. voogdij, onteigening

28 vrederechter rechtsmiddelen hoger beroep indien bedrag hoger is dan € 1.240,- bij – ofwel de rechtbank van eerste aanleg – ofwel bij rechtbank van koophandel voor handelaars

29 § 2 - arrondissement er zijn 27 gerechtelijke arrondissementen, met elk één of meerdere politierechtbanken 1 rechtbank van eerste aanleg 1 arbeidsrechtbank 1 rechtbank van koophandel 1 arrondissementsrechtbank

30 a - politierechtbank organisatie bevoegdheid rechtsmiddelen overtredingen verkeersrecht: zowel strafrecht als burgerlijk recht 32 in gans België beroepsrechters, meerdere kamers, alleenzetelend OM: procureur des konings hoger beroep bij rechtbank van eerste aanleg

31 b - rechtbank eerste aanleg organisatie alleen beroepsrechters voorzitter, ondervoorzitters en rechters 4 afdelingen verschillende kamers met 1 of 3 rechters naast die kamers een kort geding één/meer onderzoeksrechters één/meer beslagrechters raadkamer bureau voor rechtsbijstand OM: procureur des konings

32 rechtbank eerste aanleg- 2 voorzitter (voor 7 jaar) ondervoorzitters rechters correctionele rechtbank burgerlijke rechtbank beslagrechters onderzoeksrechters raadkamer jeugdrechtbank kort geding

33 bevoegdheid volheid van bevoegdheid algemene bevoegdheid: > € 1.860,- exclusieve bevoegdheid: echtscheiding beslag …. jeugdzaken strafzaken: wanbedrijven hoger beroep van de vrederechter en politierechtbank rechtbank van eerste aanleg-3

34 rechtsmiddelenhoger beroep rechtbank van eerste aanleg-4 jeugdrechtbank: altijd strafzaken: altijd burgerlijke zaken > € ,- hof van beroep

35 c - rechtbank van koophandel organisatie 2 soorten rechters: beroeps- & lekenrechters voorzitter, ondervoorzitter en rechters kamers met 3 rechters, kort geding, stakingsrechter OM: procureur des konings

36 rechtbank van koophandel bevoegdheid rechtsmiddelen algemene bevoegdheid: handelaars > € 1.860,- en hoger beroep van vrederechter bijzondere bevoegdheid: vennootschappen, …. exclusieve bevoegdheid: faillissement, vordering tot staking hoger beroep > € 1.860,- bij hof van beroep

37 d - arbeidsrechtbank organisatie bevoegdheid rechtsmiddelen alle geschillen van arbeidsrecht en sociale zekerheid 2 soorten rechters: beroeps- & lekenrechters voorzitter, ondervoorzitter en rechters kamers met 3 rechters, kort geding, OM: procureur des konings [via auditoraat] altijd hoger beroep mogelijk bij arbeidshof

38 e - arrondissementsrechtbank organisatie bevoegdheid rechtsmiddelen voorzitter rechtbank van eerste aanleg, voorzitter van arbeidsrechtbank en voorzitter van rechtbank van koophandel OM: procureur des konings bevoegdheidsconflicten - materiële bevoegdheid - territoriale bevoegdheid enkel cassatie door de PG

39 § 3 - rechtsgebied er zijn 5 rechtsgebieden Antwerpen Bergen Brussel Gent Luik in elk rechtsgebied is er 1 hof van beroep 1 arbeidshof

40 a - hof van beroep organisatie bevoegdheid rechtsmiddelen alleen beroepsmagistraten eerste voorzitter, kamervoorzitters en raadsheren kamers met 3 raadsheren OM: procureur-generaal hoger beroep tegen vonnissen van de rechtbank van eerste aanleg rechtbank van koophandel voorziening in cassatie

41 b - arbeidshof organisatie bevoegdheid rechtsmiddelen beroepsrechters en lekenrechters eerste voorzitter, kamervoorzitters en raadsheren kamers van 3 raadsheren OM: procureur-generaal hoger beroep tegen vonnissen van de arbeidsrechtbanken voorziening in cassatie

42 § 4 - assisenhof organisatie bevoegdheid rechtsmiddelen het hof: één raadsheer en twee rechters een jury: 12juryleden geen permanent rechtscollege OM: PG voorziening in cassatie misdaden drukpersmisdrijven (uitgez. racisme) politieke misdrijven

43 § 5 - Hof van Cassatie organisatie taak rechtsmiddelen beroepsmagistraten eerste voorzitter, kamervoorzitters, raadsheren kamers met 5 raadsheren PG bij het Hof van Cassatie nazicht van de vonnissen en arresten in laatste aanleg gewezen, op: - goede toepassing van de wet - naleving van de vormvereisten geen

44 hoven en rechtbanken Hof van Cassatie Hof van Cassatie 5 hoven van beroep arbeidshoven 27 rechtbank koophandel arbeidsrechtbank 178 vrederechter 32 politierechter A 11 assisenhoven

45 C - O.M. 1. "de staande magistratuur" 2. taak a - oefent de strafvordering uit b - geeft adviezen in burgerlijke zaken aan de rechter wanneer de wet dit oorziet

46 O.M. 3. structuur a - elk korps is hiërarchisch gestructureerd b - in eerste aanleg procureur des konings; in hoger beroep procureur-generaal c – procureur onder gezag PG PG onder gezag minister van justitie d - het college van de PG's bepaalt het strafbeleid samen met minister van justitie federaal parket

47 D - benoemingen [a] door uitvoerende macht (politieke benoeming) [b] door rechtstreekse verkiezing [c] door coöptatie [d] door loting [e] door onafhankelijk orgaan ………. theoretische mogelijkheden

48 benoemingen de basisbenoeming geschiedt door minister van justitie op voordracht van de BAC (Hoge Raad voor de Justitie) keuze na Dutroux-zaak

49 E - helpers referendarissen griffiers gerechtsdeurwaarders advocaten advocaten bij het Hof van Cassatie notaris

50 III - STRAFPROCESRECHT materieel strafrecht formeel strafrecht de verschillende misdrijven en hun straffen Sw. 18 juni 1867 het opsporingsbeleid, de vervolging en de berechting van misdrijven Sv. 17 november 1808

51 A - misdrijven misdrijven 1. wat zijn misdrijven? 2. overtreding - wanbedrijf - misdaad 3. beginselenlegaliteit dadergericht

52 misdrijven straffen 1. geldboetes: € 25,- x 5 2. vrijheidsberoving: 1-7d/8d- 5j/ meer dan 5 j 3. verbeurdverklaring 4. alternatieve straffen doodstraf afgeschaft in 1996

53 B - strafrechtspleging eenmaal een misdrijf is gepleegd rijzen een aantal belangrijke maatschappelijke vragen - aan wie wordt de naleving van de strafwet opgedragen: aan privé- personen of aan de overheid: in België wordt de uitoefening van de strafvordering toevertrouwd aan het OM - hoe wordt efficiëntie bij de vervolging gekoppeld aan de fundamentele rechten van de burgers: in België gebeurt dit door de opsplitsing in deeltaken

54 strafrechtspleging welke zijn de fundamentele rechten? onschuld twijfel non bis in idem monopolie van de rechter

55 strafrechtspleging berechten van misdrijven onderzoeken van misdrijven opsporen van misdrijven drie stadia

56 § 1 - opsporen leiding - beleid hoe wat het geheel van handelingen, uitrusting en procedures voor het opsporen en vaststellen van gepleegde misdrijven berust bij elke procureur des konings onder het gezag van de PG volgens richtlijnen van het College van PG's de politie is belast met de uitvoering (daden van gerechtelijke politie) ze stellen PV op en zenden het naar het parket, het parket beslist

57 § 2 - onderzoek-1 wat hoe het geheel van handelingen, uitrusting en procedures voor het identifceren van de dader, slachtoffer, … en het bijeenbrengen van alle relevante gegevens die bij een strafvervolging van belang kunnen zijn in de regel beslist de procureur des konings welk onderzoek er gevoerd wordt ofwel een opsporingsonderzoek ofwel een gerechtelijk onderzoek

58 onderzoek-2 opsporingsonderzoek gerechtelijk onderzoek 1. wanneer? - geen schending van vrijheden 2. hoe? - onder leiding van het OM door politie 3. bij einde: OM kiest seponeren voor rechter dagvaarden 1. wanneer? - schending van vrijheden 2. hoe? - het OM vordert een onderzoeksrechter 3. onderzoeksrechter heeft leiding onderzoek 4. bij einde: raadkamer beslist wat er gebeurt buitenvervolgingstelling verwijzing naar rechtbank

59 onderzoek - 3 elk onderzoek is geheim schriftelijk neergelegd in het strafdossier objectief

60 § 3 - berechten - 1 hoe? rechten van verdediging welke rechter? overtreding & verkeerpolitierechtbank wanbedrijfcorrectionele rechtbank misdaadhof van assisen op een terechtzitting mondeling rechter OM verdachte BP

61 berechten - 2 een rechter moet een verdachte veroordelen en straffen vrijspreken indien misdrijf bewezen is: 1. de wet duidt min./max. straf aan 2. verzachtende omstandigheden 3. met uitstel 4. schuldigverklaring …. 1. wanneer hij feiten niet pleegde 2. wanneer feiten niet bewezen zijn 3. bij twijfel

62 overzicht beklaagde openbaar ministerie vonnis onderzoek opsporing berechting

63 § 4 - strafuitvoering 1. de geldboetes worden door de fiscus geïnd 2. de gevangenisstraffen a. het OM zorgt voor de opname b. de wet bepaalt hoe lang iemand moet zitten (1/3 van de straf) c. CVI controleert

64 IV - BURGERLIJK PROCESRECHT effectuering van de materiële burgerlijke rechten of betwistingen tussen burgers Gerechtelijk wetboek 10 oktober 1967 de rechterlijke organisatie de bevoegdheid de rechtspleging

65 A - kenmerken  dispositief karakter van de rechtspleging  tegenspraak  schriftelijk  geen verplichte procesvertegenwoordiging  gelijkheid van partijen  eenheid van rechtspleging gemeen procesrecht

66 B - gewoon geding inleiding in staat van wijzen brengen beraad vonnis

67 B - gewoon geding-1 I. één van de partijen leidt de zaak in voor rechter 'de meest gerede partij' gaat bij een gerechtsdeurwaarder, die aan de tegenpartij een dagvaarding afgeeft, waarin staat: a. voor welke rechter hij moet verschijnen b. dag, uur en plaats van verschijning c. wat wordt gevraagd a

68 B - gewoon geding-2 b op de inleidende zitting - verschijnt verweerder niet: verstek - verschijnt de verweerder: de zaak wordt uitgesteld en de behandeling begint

69 gewoon geding-3 II. de partijen brengen de zaak «in staat van wijzen» de partijen wisselen onderling uit: - al de stukken die ze aan de rechter tonen - al hun conclusies (schriftelijke argumentatie) a

70 gewoon geding-4 c wanneer aldus de zaak klaar is (één tot vijf jaar), vragen de partijen een datum om te pleiten en pleiten op de toegewezen dag b na de pleidooien worden de debatten gesloten

71 gewoon geding-5 III. de rechter velt een vonnis binnen de maand na de sluiting van de debatten velt de rechter een vonnis b a de winnende partij laat het vonnis bij gerechtsdeurwaarder betekenen aan de verliezende partij de verliezende partij beschikt vanaf dat ogenblik over één maand om in hoger beroep te gaan

72 overzicht verweerder eiser vonnis rechter

73 C - rechtsmiddelen gewone rechtsmiddelen verzet tegen verstekvonnissen hoger beroep tegen alle vonnissen één maand na de betekening buitengewone rechtsmiddelen cassatieberoep

74 V - BEWIJSRECHT wat & functie bewijssystemen in het burgerlijk recht in het strafrecht

75 A - begrip preventieve functie van het bewijsrecht de rechtsnormering waarin vervat ligt hoe een rechter ten processe kan worden overtuigd: wie mag hij geloven, wie moet hij geloven, hoe kan een rechter overtuigd worden, …. a posteriori-functie van het bewijsrecht

76 B - basissystemen vrij gebonden gemengd

77 basissystemen bewijslast bewijsmiddel bewijsprocedure bewijsrisico subjectieve bewijslast: wie objectieve bewijslast: wat mag alles op alle wijzen worden bewezen: schriftelijk, getuigen, roddel … hoe worden de verschillende bewijsmiddelen voor de rechter toegepast

78 C - in burgerlijke recht wie draagt de bewijslast? welke bewijsmiddelen zijn toegelaten?

79 § 1 - bewijslast bewijslast B. W. art Hij die de uitvoering van een verbintenis vordert, moet het bestaan daarvan bewijzen. Omgekeerd moet hij die beweert bevrijd te zijn, het bewijs leveren van de betaling of van het feit dat het tenietgaan van zijn verbintenis heeft teweeggebracht. subjectieve bewijslast - hij die iets beweert draagt het bewijsrisico objectieve bewijslast - wat beweerd wordt moet worden bewezen indien het ontkend wordt

80 § 2 - bewijsmiddelen bewijsmiddelen hoe men iets mag bewijzen, hangt af waarover het gaat: - rechtshandelingen - rechtsfeiten

81 a - rechtshandelingen regel rechtshandelingen boven de € 375,- mogen alleen bewezen worden door een geschrift d.i. een op voorhand opgesteld bewijs om geschillen te voorkomen bekentenis een geschrift opgemaakt als bewijs, met een handtekening authentieke akte onderhandse aktewederkerige overeenkomsten iedereen een origineel eenzijdige overeenkomsten « goed voor» schriftelijke akte

82 rechtshandelingen uitzonderingen 1 - beneden € 375,- indien geen geschrift 2 - handelszaken 3 - begin van schriftelijk bewijs

83 b - rechtsfeiten alle rechtmatig verkregen bewijs is mogelijk

84 D - in strafrecht bewijslast daar iedere burger geacht wordt onschuldig te zijn, hoort de bewijslast aan het OM vrijspaak in geval van twijfel bewijsmiddelen 1. de PV's hebben een bewijswaarde tot het tegendeel 2. alle andere bewijsmiddelen zijn vrij, indien rechtmatig verkregen

85 VI - KRITIEKEN OP JUSTITIE

86 1 - voorafgaande bedenkingen  partij-ongelijk wordt vaak gelijkgesteld met rechterlijk falen 2001: 40 % klachten gaan over de inhoud van het vonnis (410)  lunatieke klachten

87 2 - klachten traagheid verjaring klassejustitie ivorentoren rechter speculeren op procedure dadervriendelijk nodeloos ingewikkeld kostprijs niet voorspelbare uitslag

88 justitie - trein der traagheid  functionele redenen informatie  disfunctionele strafprocesrecht hoofdzakelijk het onderzoek burgerlijk procesrecht behandeling bij de rechter deskundigenonderzoeken

89 klassejustitie 1 - persoon voor rechter 2 - advocaat voor rechter

90 ivorentoren men zegt …. rechters zijn politieke creaturen onbekwaam lui wereldvreemd

91 zoek de fout en je gaat vrijuit justitie oefent macht uit over burgers de wet geeft de grenzen aan van de macht van justitie buiten die grenzen mag justitie niets doen 2 voorbeelden

92 bescherm de verkrachter strafrecht is een dadergeoriënteerd recht zoeken wie dader is zoeken waarom dader zo handelde dader veroordelen strafrecht stelt de rechten van de dader vast de persoon van de dader bepaalt strafmaat

93 sla ze murm met onbegrijpelijke teksten recht is een mens- en taalwetenschap met een zeer hoge graad aan techniciteit communicatie naar buitenwereld moet herzien worden

94 duur - kostprijs  eigenlijke proceskosten  ereloon advocaten  eigen kosten

95 niet voorspelbare uitslag  groot probleem: bewijsrecht  kleine problemen inkleuren van de casus evolutie in het recht evolutie in de maatschappij


Download ppt "INLEIDING TOT HET RECHT PRIVAATRECHT 1ste bac PSW – academiejaar 2005-06 Prof. Dr. Rogier de Corte 6 december 2005 Thema 5 Rechtshandhaving."

Verwante presentaties


Ads door Google