De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Willemijn Muggen25 november 2015 PINCODE DOCENTENDAG.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Willemijn Muggen25 november 2015 PINCODE DOCENTENDAG."— Transcript van de presentatie:

1 Willemijn Muggen25 november 2015 PINCODE DOCENTENDAG

2 Onderwerp van gesprek: Gepersonaliseerd leren Learning analytics Datagestuurd onderwijs Leeropbrengst verhogen Leren op maat Differentiëren Leerstrategieën

3 Vaststellen niveau en inzet van de leerling Hulpmiddel leerling persoonlijk leertraject Hulpmiddel in docentenvergadering voor determineren overgang en studieadvies Hulpmiddel in gesprek met ouders De basis: RTTI in toetsvragen

4

5 Meten en weten: Toetsresultaten bekijken Opdracht 1 Er zijn 3 groepen leerlingen: A = lage score (Britt en Sarah) B = gemiddelde score (Finn en Anneloes) C = hoge score (Daan, Indy en Samir) Opdracht: Stel straks je twee leerlingen voor aan je collega’s. Bespreek een aantal mogelijke acties waarmee hun leerproces te verbeteren is.

6

7 Leeropbrengst van leerlingen verhogen: gaat om verschillende niveaus Op leerlingniveau  analyse op RTTI en voorkeur leerstrategieën Op vakniveau  inzet activerende werkvormen om verschillende RTTI- niveaus te stimuleren Op teamniveau  hoe kunnen we gezamenlijk kijken naar de voorkeuren van leren van onze leerlingen?

8 Algemene handvatten: wat te doen bij lage scores op RTTI? Algemeen:  Weet de leerling welke leerstof in dit hoofdstuk op R, T1, T2 of I bevraagd wordt?  Weet de leerling hoe hij zich kan trainen op R, T1, T2 of I?  Vraag leerling om uitleg over lage score: hoe hebben ze zich voorbereid op de toets? (Kan ook met leerlingen onder elkaar in de vorm van peer review.)  Praat over ‘leren’, bij elk vak.

9 OMZA: gedragsindicatoren met RTTI  Organisatievermogen: leerling heeft overzicht, kan plannen, werkt gestructureerd (relatie met R)  Meedoen: leerling doet mee in de les, maakt huiswerk (relatie met T1)  Zelfvertrouwen: leerling heeft succeservaring doordat zijn vaardigheden aansluiten bij de kennisbasis (relatie met T2)  Autonoom: leerling kan zelfstandig werken, stelt kritische vragen en kan zich uitspreken over het belang leerstof (relatie met I) Vul RTTI aan met OMZA en je eigen professionele blik RTTI®, OMZA® zijn geregistreerde handelsmerken van Docentplus

10 Noordhoff Uitgevers In de praktijk: enkele voorbeelden van RTTI-vragen

11 (2bk) (3 vmbo-b) Wat zijn grondstoffen? Je kunt meer antwoorden kiezen. A aardolie B hout C papier D plastic R: het antwoord behoort tot de te leren kernstof: -uit de theorie of -uit de samenvatting

12 (3gt) T1: Geleerde begrippen toepassen op zinnen die net even anders zijn. Vergelijk met begrippenlijst en samenvatting.

13 (3 basis) T1: - een andere context dan in het boek, maar wel van een vergelijkbaar niveau als waarmee geoefend - toepassen van het geleerde

14 T2: zelf een oplossingsrichting bepalen op basis van de informatie uit de tekst, waarbij je verschillende elementen moet ‘meenemen’. FreezeTopCoolfresh Aanschafprijs incl. energiepremie€ 859€ EnergielabelDA Verwachte levensduur10 jaar Stroomverbruik in 10 jaar8 000 kWh5 500 kWh Prijs elektriciteit op dit moment: € 0,15 per kWh (3 vmbo-basis) Bekijk de tabel met de vergelijking van het stroomverbruik van koelkasten. Meneer en mevrouw Droog willen een nieuwe koelkast kopen. Ze willen de voordeligste koelkast. Daarvoor kijken ze niet alleen naar de aanschafprijs, maar ook naar het stroomverbruik. Laat met een berekening zien welke koelkast het voordeligst is voor meneer en mevrouw Droog. Tabel: Vergelijking stroomverbruik koelkasten

15 (3 vmbo-b) Bekijk de advertentie uit een campagne tegen kinderarbeid. Op de enkel van de jongen zit een wond. De wond van de jongen lijkt op het logo van het sportschoenenmerk Nike. Dat is geen toeval. Beschrijf in minimaal 20 en maximaal 30 woorden wat de makers van deze advertentie willen bereiken. Gebruik het begrip consumer power. * Vertaling van de advertentie tekst: Het kopen van bepaalde merken schoenen draagt bij aan kinderarbeid. D OE HET GEWOON NIET.

16 I: de leerling lost de vraag zelfstandig op: - hij kiest zijn eigen benadering, - hij beantwoordt de vraag vanuit zelfgekozen invalshoek. Hij gebruikt daarvoor bv. algemene kennis, kennis van een ander vak of uit een ander hoofdstuk.

17 Een paar handvatten: wat te doen bij lage scores op RTTI?  Hoe leert de leerling?  Benadruk belang van herhaling, hardop zeggen en stampen.  Laat leerling verantwoording afleggen.  Laat belangrijke begrippen onderstrepen. Bij lage score op R:

18 Een paar handvatten: wat te doen bij lage scores op RTTI? Bij lage score op T1:  Controleer of leerling huiswerk heeft gemaakt. Heeft hij/zij goed meegedaan in de les?  Laat leerlingen ( elkaar ) vragen over leerstof stellen.

19  Laat leerling onderscheid maken tussen hoofd- en bijzaken in de leerstof.  Laat leerling verbanden leggen tussen leerstof. Laat ze in kaart brengen wat eventuele gevolgen zijn.  Laat leerlingen elkaars werk/antwoorden beoordelen. Bij lage score op T2: Een paar handvatten: wat te doen bij lage scores op RTTI?

20  Laat leerling zich verdiepen in achtergronden van het vak.  Laat leerlingen zich inleven in het onderwerp. Laat ze het onderwerp bekijken vanuit een ander perspectief.  Stimuleer een kritische houding naar de lesstof: wat ontbreekt er? Wat is echt belangrijk? Wat zou jij doen?  Laat leerlingen in groepjes leerstof in eigen woorden uitleggen. Bij lage score op I: Een paar handvatten: wat te doen bij lage scores op RTTI?

21 Leerstrategieën John Hattie (2009) zegt dat leeropbrengsten o.a. worden verhoogd door: Weet je meerdere manieren van leren te gebruiken?

22 Groepen van minuten Deel de leerstrategieën in op RTTI-niveau. Verdieping: Vul zelf leerstrategieën aan op een post-it. Opdracht 2 Leerstrategieën en cognitief niveau

23 R Bijvoorbeeld: OVERHOREN met omkeerkaartjes KETTINGMETHODE - Neem een rijtje woordjes dat geleerd moet worden en maak er een gekke zin van. T1 Bijvoorbeeld: WOORDWEB - Zet een begrip dat je moet kennen op papier. Zet zoveel mogelijk woorden bij die ermee te maken hebben. T2 Bijvoorbeeld: KAARTJES ORDENEN - Deel de leerstof op in brokken: hoofd- en bijzaken, begrippen, oorzaken, gevolgen, etc. Leg een aantal (3, 4) hoofdcategorieën neer. Laat alle leerstofkaartjes bij de juiste categorie leggen. I Bijvoorbeeld: DE HOEDEN VAN BONO - Gebruik de gekleurde hoeden van Bono om een tekst of leerstof op een aantal verschillende manieren te bekijken.

24 Voor meer leerstrategieën Bronnen

25 Lisa Daan Sjoerd Zijn er nog vragen?


Download ppt "Willemijn Muggen25 november 2015 PINCODE DOCENTENDAG."

Verwante presentaties


Ads door Google