K LIMAATADAPTATIE IN STEDEN EN GEMEENTEN Bevraging naar beleid, praktijk en behoeften Cycloop met het oog op verschillende perspectieven.

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Persoonlijke Toekomstplanning
Advertisements

De coachende rol van de psycholoog in een palliatief support team (in een ziekenhuis ) Studiedag Federatie Palliatieve zorg Vlaanderen Sint-Niklaas,
Gezamenlijke uitwerking adoptiegroepen Wijkwerkers & Gezinswerkers
QUICK SCAN OP KWALITEIT EN EFFICIËNTIE VAN DE SERVICES
Gedachtewisseling Interne staatshervorming 18 mei 2010.
Anticiperen op klimaatveranderingen KLIMAATADAPTATIE.
Strategie Arie Meulepas 9 & 10 nov
De beleidsronde: een verkenningsronde van kabinet vs. lokale erfgoedactoren Erfgoedcel TERF.
In het bestuursakkoord
Maatschappelijk Aanbesteden
Netwerk Lokale Economie 27/09/2013 Voorstelling Streekpact RESOC.
Evaluatie van re-integratiebeleid Paul van der Aa RSO-O&BI Presentatie 22 maart 2013.
Trajectbegeleiding Maya Delafontaine 1BaSWC.
1 Advies ‘Waarheen met het lokaal woonbeleid’ Presentatie Studiedag VVSG 12 juni 2012.
GIS in het lokale bestuur -enkele cijfers-
Geen woorden maar daden!? Over het belang van een actieve seniorenraad
Jeugdopbouwwerk 2.0 Een schets van de ontwikkelde praktijk
Ecce ama! Is een EQUAL project van ESF: bijdragen tot de ontwikkeling van de werkgelegenheid door het bevorderen van inzetbaarheid, ondernemerschap, aanpasbaarheid.
Community of Practice Leefbaarheid & Mobiliteit Strategie 12 oktober2010.
14 oktober 2009 – Elzenveld Antwerpen Hoger Instituut voor de Arbeid Woonzorgzones in Vlaanderen: van idee naar uitvoering Sien Winters Onderzoeksleider.
Geschikt wonen voor iedereen (GWI) Mw. M.P. Heerkens Wethouder Sociale Zaken, Wet Maatschappelijke Ondersteuning en Grondbeleid 14 oktober 2009 Woonzorgzones.
FairTradeGemeente. Een campagne van: Max Havelaar Oxfam-Wereldwinkels Vredeseilanden.
Voornaam Naam / 8 mei 2007 Subtitel van de presentatie Lerend netwerk Schepenen Lokale Economie Leuven 25 mei 2012.
ENERGIENEUTRALITEIT IN DE GEMEENTE
BEDENKINGEN BIJ DE VISIE VAN OUSMANE SY ROND DECENTRALISATIE Jean Bossuyt.
De Wiekelaar als ontmoetingspunt De rol van Kulturhusen en de Wmo.
Het ontstaan van een visie? Er is een behoefte: – Van de ouders – Van het team Inspiratie door anderen (artikels, studiedagen, oproepen, nieuwsbrieven,…)
Zieuwent, Wi‘j doot ‘t samen!. Zieuwent? 1 van de 6 dorpen in gemeente Oost Gelre, Achterhoek Ca 2100 inwoners Ca 800 huishoudens Sociaal, actief betrokken.
Keuzes in regionale samenwerking Eerste verkennende regiobijeenkomst declaratieprocessen.
Hoorzitting de Commissie voor de Transversale Aangelegenheden - Gemeenschapsbevoegdheden van de Senaat 11 mei 2015 Julien Van Geertsom.
Hervorming Streekbeleid – Resoc/Serr-werking
Woonprogrammatie West-Vlaanderen
Solidariteit in het sociaal domein Regionaal verdelen van kosten en risico’s, balans en vooruitblik Ard Schilder, 5 november 2015 Tijd voor een relatie.
Provinciaal infomoment Standpunt van de doelgroepen 1.
Politiek commitment voor adaptatie creëren en klaarmaken van stakeholderproces Analyse van effecten en kwetsbaarheden Verkennen van adaptatiemogelijkheden.
1 Richting nieuwe Woonvisie Den Helder Raadscommissie S&B 23 november 2015.
MEEDOEN in Edam-Volendam Voorstellen: Katja Mooij (RCO De Hoofdzaak) Fred Wiedijk (Context NH) Coördinatie en secretariaat MEEDOEN-tafel.
Connect West-Vlaanderen. inhoud  wat?  opstartfase - aanleiding  enquête  doel van Connect West-Vlaanderen  doelstellingen  actieterreinen  hoe.
Het Oost-Vlaamse tragewegenbeleid: vanuit een gemeentedekkende visie tot een tragewegennetwerk over de ganse provincie Doel tegen 2020: een provinciedekkende.
Noord-Zuidsamenwerking Deinze De GROS vandaag en morgen Oost-Vlaanderen, een solidaire provincie We maken er samen werk van ! Februari 2014.
Managen analyseren 6 adviseren creëren organiseren begeleiden In kaart brengen Organisaties communicatieve r maken Iets doen ontstaan Mensen.
Niels Bosman Naam:Bosman Voornamen:Cornelis, Niels Geboortedatum:27 oktober 1980 Geboorteplaats:Emmen Postcode en Woonplaats:9718cm Groningen Adres:Westersingel.
Regievoering door gemeente Delft Commissie M&E 13 september 2012.
Optimalisering van de zorg voor thuisverblijvende cliënten met een psychische problematiek Referentiewerk en intervisie als ondersteuning en deskundigheidsbevordering.
Dordt aan Zet. De gebruikswaarde van een voorziening maximaliseren door de behoefte van alle belanghebbenden centraal te stellen. Gemeentelijk Eigendom.
Instrument of houding? Implementatie van regionaal en lokaal integraal volksgezondheidsbeleid.
Krachtige STEM-leraren vormen: naar een multidisciplinair didactiektraject als OPO binnen de lerarenopleiding Heleen Bossuyt & Nele Vandamme.
Jenneke van Veen, voorzitter van het Verbeterprogramma Palliatieve Zorg.
WALCHEREN VOOR ELKAAR WOG 4: afronding fase 1 en doorontwikkeling AGENDA 1.Opening 2.Verslag/terugblik vorige overlegtafel 3.Afspraken proces en besluitvorming.
Hoe maak je een presentatie die mensen kan overtuigen van jouw idee.
Ouderen in het vizier.
Studiedag Bestuurskracht Platteland VVSG 8 juni 2017 te Leuven
Focus op “Ouder worden in je buurt” Feedback
Toekomst van de besturen …
Voorstelling kansarmoedeatlas
Inspiratiedag Kinderopvang Debat Toekomst BKO
Inspiratiedag Kinderopvang Debat Toekomst BKO
Problemen of kansen ? Verstedelijkingsdruk wonen / werken recreatie
Sociale maatregelen drinkwater: preventie op maat
Verandering leidt tot beter sociaal werk? Of niet?
Geïntegreerd breed onthaal
Doepakket "Kinderopvang voor iedereen"
Hier komt de titel Wijkgerichte aanpak Schilderskwartier Woerden
In België leven meer dan anderhalf miljoen mensen
Lokaal loket kinderopvang
17 september 2018 Duurzame energie
Workshop 6: op welke thema’s focussen we?
Zet je kinderopvang lokaal op de kaart
Je kinderopvang privatiseren: hoe beslis je dat?
Strategisch Project Opgewekt Pajottenland
Transcript van de presentatie:

K LIMAATADAPTATIE IN STEDEN EN GEMEENTEN Bevraging naar beleid, praktijk en behoeften Cycloop met het oog op verschillende perspectieven

W AT LEEFT ER ? 2

A ANPAK BEVRAGING 3  Deelnemende gemeenten: Brugge, Dendermonde, Genk, Geraardsbergen, Halle, Herne, Ieper, Kortrijk, Kruibeke, Laakdal, Lommel, Merchtem, Oostende, Peer, Sint- Niklaas, Sint-Truiden, Turnhout, Waasmunster, Wevelgem, Willebroek  Opvallend: grote nieuwsgierigheid, grote bereidwilligheid tot deelname  Diversiteit aan gemeenten: centrumsteden tot middelgrote en kleine gemeenten agrarisch tot industrieel rijk aan waterlopen en overstromingsgebied tot eerder ‘waterloop arme gebieden’  Respondenten: grote merendeel duurzaamheidsambtenaar of milieuambtenaar, afdelingshoofden leefmilieu, schepenen (Lommel, Sint- Niklaas)

K LIMAATADAPTATIE IN DE LOKALE CONTEXT  Hoe?  Niet expliciet: zelden of nooit onder de noemer van klimaatadaptatie – weinig of niet verankerd in klimaatplannen  Eerder thematisch: water, modderafstroom, biodiversiteit…  Op niveau van woning, straat, project,…  Beperkt beleidsmatig of overkoepelend, met uitzondering van Sint-Niklaas (Lobbenstad)  Wat?  Premies groendaken, hemelwaterputten…  Gescheiden riolering  Grachten openmaken (te weinig toezicht)  Meer groen en blauw in de stad ( weinig consistentie bij RO, groendienst…)  Vertraagde afstroom door ecologische buffers  Bijenplan, vlinderproject, inheemse aanplanting…  Minder verharding, meer waterdoorlaatbare materialen  Waterelementen voor speelpleinen  ….  samen een sterk signaal geven van engagement en betrokkenheid 4

K LIMAATADAPTATIE IN DE LOKALE CONTEXT  “ Groenblauwe netwerken ontstaan vooral onder de noemer leefbaarheid. Mensen pikken het niet meer om in de stad van punt a naar punt b te gaan tussen de verharding. … Maar aan een autoluwe binnenstad, zijn ze nog niet toe….”  “Ze richten een sociale campus opnieuw in, en voorzien meer groene zone. Er is onder meer een sociaal restaurant aanwezig. Als ik ter plekke ga, blijkt dat ze stroken Chinees gras hebben aangeplant…”  “We investeren al langer in waterdoorlaatbare materialen in openbare domeinen. We kennen intussen echter ook de keerzijde: meer slijtage op korte termijn, en dus een kortere levensduur. Materialen die infiltratie bevorderen in stedelijk gebied oké, maar is dat dan nog duurzaam? Het is budgettair gezien ook moeilijk om je bestuur te blijven overhalen hierin te investeren. Voor openbare aanbestedingen is de prijs altijd heel bepalend.” 5

K LIMAATADAPTATIE IN DE LOKALE CONTEXT  Met wie worden projecten uitgevoerd?  Provincie  Intergemeentelijk  Intercommunale  Studiebureaus  VMM  ANB  Natuurpunt  W&Z  … De partners zijn vaak heel sturend naar manier van aanpak en focus, weinig gemeenten die zelf initiatief nemen of de regie strak in handen houden. 6

K LIMAATADAPTATIE IN STEDEN EN GEMEENTEN  Waar haalt men informatie ?  VVSG (nieuwsbrieven, studiedagen, ….)  Provincie en intercommunalen (fora burgemeestersconvenant…)  Lokaal (natuurverenigingen, transitiebeweging) en eigen netwerk  Collega’s intern en van buurgemeenten  Andere steden: Gent, Antwerpen, Leuven…  Overheidsinstanties en onderzoekscentra (mailings, sprekers,…) Buiten in sommige centrumsteden, zijn de meesten nog niet actief op zoek naar kennis over klimaatadaptatie. “We hebben net een hele inspanning geleverd rond mitigatie, deze boodschap kan er even echt niet bij. We moeten er nu niet bij de burger, noch bij de bestuurders mee afkomen.” Wel wil men adaptatie opnemen in eigen beleid van de administratie. 7

K LIMAATADAPTATIE IN STEDEN EN GEMEENTEN  Wat verwacht men van informatie?  Betrouwbaarheid, niet tendentieus  Laagdrempelig en vrij concrete informatie  Transponeerbare informatie: voorbeelden in vergelijkbare situaties  Grote verhalen werken inspirerend, maar zetten niet noodzakelijk aan tot snel handelen. “Voorbeelden uit grootsteden op studiedagen zijn inspirerend. Maar ik moet er bij het college niet mee afkomen: ‘Die hebben wel tien mensen op duurzaamheid, en 600 op patrimonium’.” 8

K LIMAATADAPTATIE IN STEDEN EN GEMEENTEN  Behoeften tav ondersteuning  Vat krijgen op de situatie: kan je effecten voorspellen? Kunnen we beter adhv meerdere scenario’s werken bij toekomstige investeringen?  Snel toepasbaar en lokaal aanzetten tot actie: delen van toepassingsgerichte kennis, procesgerichte kennis, goede voorbeelden uit gelijkaardige gemeenten  Informatie op maat van gebied kunnen maken  Cijfers en grafieken, visueel materiaal  Wetenschappelijke conclusies zijn wenselijk als achtergrond: om het zelf te begrijpen en beter te kunnen onderhandelen met stedenbouwkundigen, technische experten,… en dus om anderen beter te kunnen overtuigen.  Leren van mekaar: niet alleen lezen, maar ook zien en horen “Waar moeten we ons eigenlijk op voorbereiden? Gevoelsmatig gaat het voor ons over water. Wat mogen we verwachten van wind, hitte, droogte…? ” 9

K LIMAATADAPTATIE IN STEDEN EN GEMEENTEN  Gebruikte instrumenten  Watertoets  Woningtypetoets  Klimaateffectenschetsboek van Oost- en West-Vlaanderen  Duurzaamheidsmeter van Gent  VITO-tool ikv burgemeestersconvenant  Infra-GIS  Lerend netwerk financiële business modellen voor lokale klimaatplannen  Geopunt Vlaanderen 10

R ESULTATEN STUURGROEP 1: ONDERSTEUNINGSWENSEN 11  Onderbouwing van effect van maatregelen  Hoe omgaan met belangen tussen diensten  Bij elkaar brengen van beschikbare informatie en data – juiste resolutie  Inzicht in hoe erg de problemen zullen zijn  Hoe andere mensen overtuigen  Hoe samenwerking met omliggende gemeenten realiseren  Hoe multi-level governance organiseren  Instructies over data en kaarten  Eenzelfde, gestructureerde werkwijze voor heel Vlaanderen  Hoe adaptatie inbrengen in pilootprojecten of in structuurplan  Inzicht in kosten

K LIMAATADAPTATIE IN STEDEN EN GEMEENTEN  Prioriteiten voor instrumenten  Diversiteit aan verwachtingen tav een instrument: procesmethodiek, stappenplan/draaiboek, online meetinstrument, lerend netwerk, beslissingsboom, of een combinatie  Een overzicht van goede praktijkvoorbeelden die ook voor hen toepasbaar zijn  Eén kanaal waar ze informatie vinden over situatie, maatregelen en effecten, … die gelinkt is aan hun ruimtelijke situatie (vb ze moeten situatie lokaal kunnen inschatten) en die visueel en behapbaar wordt weergegeven  Bij opmaak projecten impact van maatregelen kunnen berekenen, en ruimtelijke ingrepen kunnen ontwerpen  Instrument dat door verschillende diensten gebruikt kan worden, voor adviserende tot uitvoerende taken  Lokale informatie in kunnen steken. Maar wie vult het aan?  Geen betalend instrument 12

G EMEENTEN VS. ( CENTRUM ) STEDEN  Gemeenten  Intermediairs zoals provincie en intercommunale als trekker adaptatie- aanpak. Ook qua communicatie en participatie.  Vooral gemeenten zijn vragende partij om geen nieuw beleid op poten te zetten, maar te integreren in bestaand beleid en bestaande instrumenten  Werkwijzen toepassen en maatregelen uitvoeren Minder nood aan beleidsontwikkeling of eigen visie uitwerken  Autonoom beslissen Maar: ze zouden het instrument wel zelf gebruiken, en samen met naburige gemeenten, provincie, intercommunale…  Verschillen onderling:  Indien landbouw: sterke focus op ondersteuning en preventie voor sector  Om te remediëren, wettelijk kader uitvoeren en richtlijnen geven bij stedenbouwkundige adviezen  Anderen gaan proactief eigen invulling geven of accenten leggen bv hoe groenzones inrichten op bedrijvenparken, scholen… 13

G EMEENTEN VS. ( CENTRUM ) STEDEN  (Centrum)steden:  Instrument ikv eigen visieontwikkeling, een ruimtelijke visie, een visie rond leefbaarheid  Opportuniteit voor vernieuwende stadsontwikkeling op vlak van bv. groenblauwe netwerken  Verwachtingen instrument: Analyse van eigen kwetsbaarheid Beslissingsboom mogelijke maatregelen op basis van eigen parameters. Eventueel aangevuld door: tijdsbesteding, kostenefficiëntie,… impact versus investering? Meer dan louter online tool. Ontmoeting. Trajectbegeleiding of aanspreekpunt tijdens proces Welke participatie en business modellen gebruiken? Hoe waarde bepalen van dergelijke ingrepen? 14

G EMEENTEN VS. ( CENTRUM ) STEDEN “ Als voormalig wetenschappelijke onderzoeker stel ik vast dat Vlaamse instanties veel ambitie hebben om simulatiesoftware en tools ter beschikking te stellen en cijfers aan te reiken. Maar vanuit mijn ervaring bij de stad weet ik dat wij geen rocket science nodig hebben. Je weet welke richting je uit moet: meer groen, meer blauw. In welke wijk de meerwaarde van groen groter is, is niet zo belangrijk. Voor ons is belangrijk: hoe kunnen we effectief implementeren. Dan gaat het meer over processen, ipv tools. Hoe kunnen we duurzaam samenwerken met burgers en bedrijven? Hoe kunnen we de nodige middelen vergaren?” 15

K LIMAATADAPTATIE IN STEDEN EN GEMEENTEN  Conclusies  Adaptie eerder in praktijk dan in beleid  Geen vraag voor afzonderlijk beleid, maar integratie  Zeer divers in verwachtingen en noden afhankelijk van achtergrond  Belang van intermediairs en lokale netwerken voor informatie en uitvoering  Nood aan toepasbare informatie die lokaal aanzet tot actie 16

Contactgegevens: Evita Bonné Koen Sips Point Consulting Group 32-(0)