Herinnering Hoe wordt het voor jou en de docent prettig? 1) Praat nooit door de docent heen. Ook als je een goed antwoord wilt geven, steek je je vinger.

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
H 22: Kosten van een duurzaam produktiemiddel (dpm)
Advertisements

De economische positie van EU-landen Crisis in de EU.
Oerproducent (bijv. de veehouder)
 De klassen zijn groter, rond de 30 leerlingen.  De lessen kunnen om 8.30 beginnen en afgelopen zijn.  Je kan zomaar een aantal tussenuren.
Wat moet je leren: Heel hoofdstuk 3, behalve paragraaf 5
Productiemiddelen H8 B129 – B131 Stan & Boudewijn.
Voorbereiding H14 Klas 4G.
Globalisering H2.
Welvaart Hoofdstuk 2.
Welkom H3b!  (het wordt niet gemakkelijk…) huiswerk...  pak agenda en noteer bij ma 14 september 6e lesuur:  lezen tb 3 tm 7 maken en controleren.
10.2: Geschiedenis van de pluriforme samenleving
Hoofdstuk 6. Een duurzame aarde..
Inkomen Begrippen + 6 t/m 10 Werkboek 6. 2 Begrippen Arbeidsverdeling Verdeling van het werk in een land.
HAVO 5: Groei en inkomen Hoofdstuk 1: De vorming van inkomen
Wat moet je leren: Heel hoofdstuk 3 Uitgedeelde stencil Rekentrainer!
Hoofdstuk 3: Aan het werk
4 boeken : 2 dagen = 2 boeken per dag 6 boeken : 6 dagen = 1 boek per dag.
Wat moet je leren: Heel hoofdstuk 3, behalve paragraaf 5
Samenvatting Intro Samenvatting:
Samenvatting hoofdstuk 2
Samenvatting hoofdstuk 4
Lesplanning 3.2 blz Binnenkomst Intro Nakijken 3.1, klaar? Dan alvast 3.2 maken Uitleg 3.2 Gezamenlijk lezen blz Zelfstandig werken,
Wat moet je elke les bij je hebben? handboekwerkboek Potlood: hiermee maak je de opgaven. Pen: hiermee kijk je na, je verbetert fouten met pen en gumt.
Structuur Hoofdstuk 4.
Hoofdstuk 4 Waarom werken?. Voor deze les heb je nodig? -Etui -Aantekeningenschrift -Werkboek -Rekenmachine -aantekeningenschrift.
Investeringen Klik om verder te gaan. Hoe gebruik je deze uitleg? Je kunt in deze presentatie ‘bladeren’ door de pijltjestoetsen te gebruiken. Vooruit.
Welkom bij het vak economie!
5.2 Kun je meer produceren? De productiecapaciteit is de hoeveelheid producten die een bedrijf kan produceren . Dit wordt bepaald door het aantal werknemers.
M. GIMBRERE Tijd van burgers en stoommachines,
6 september : verkort rooster 7 september: 60 min Spaans 2v september.
WAT IS HET BBP (1/3)? Les 1 1. WAT IS HET BBP? bbp als maatstaf van econ. groei bbp-groei op lange termijn bbp-groei op korte termijn (conjunctuur) 2.
J. de Lange ECONOMIE HOE KUN JE DAT NOU MAKEN?. Inventarisatie: Productiefactoren Afschrijving Winstberekening Belangrijk PROGRAMMA:
Aantekeningen hfst 6.
J. de Lange ECONOMIE HOE KUN JE DAT NOU MAKEN?. Marktaandeel Ex-BTW en In-BTW Arbeidsproductiviteit Belangrijk PROGRAMMA:
De economische kringloop
Arbeidsintensief/kapitaalintensief
Antwoorden proeftoets H4, h6 en h7 1 t/m 3. Jaren Schuldrest begin van het jaar InterestAflossing Schuld einde van het jaar Belasting- voordeel Lasten.
Hoofdstuk 6 Productie.
LES 3 Huiswerk was: Werkblad tot en met pagina 5 M&O boekje hoofdstuk 9, opgave
Les 1. Wat voor les krijgen we nu? Tijdens de lessen over hoofdstuk 9, 10 en 11 krijg je op een andere manier les. Het doel is om je zelfstandigheid te.
Les 1 Huiswerk was: HST 9 helemaal af.. HST 10 aan de PC Om meer op eigen tempo te kunnen werken, gaan we HST 10 zelfstandig aan de computer maken. Je.
Constante kosten / variabele kosten. Ondernemer zijn Waarom ben je ondernemer? Om geld te kunnen verdienen. Voordat je kunt beginnen: Ga je:
Welkom havo 4..
H3 Financiering van een bedrijf
Hoofdstuk 6 Productie en markt.
Welkom havo 4..
3.1 PRODUCTIE.
Welkom havo 4..
Welkom Havo 5..
Hst 4 Hoe wordt er gewerkt?
Beste ath 4..
Beste Havo 4..
Vmbo 2 economie Goede producten?
Welkom Havo 5..
Welkom havo 3..
Welkom Havo 5..
Interview met God Ik droomde, dat ik een interview had met God……
1. Wat is economische groei?
Welkom Havo 5..
Welkom Havo 5..
Welkom Havo 5..
Welkom VWO 5..
Vmbo 2 economie Goede producten?
specialisatie zorgt voor welvaartswinst
Economische kringloop
Pak je boeken! Paragraaf 3.4!
Inspelen op innovaties
Vandaag Les 6: Dieren Wat Tijd Start 5 Nakijken opgaven
- Wat heb ik aan geld, ik heb veel meer aan brood -
Transcript van de presentatie:

Herinnering Hoe wordt het voor jou en de docent prettig? 1) Praat nooit door de docent heen. Ook als je een goed antwoord wilt geven, steek je je vinger op. 2) Tijdens het maken van opgaven is het rustig: fluisteren mag, praten niet. Niemand hoeft je te horen. -> beloning = oordopjes.

Laatste les voor proefwerk Intro Korte samenvatting Oefentoets (proefwerk van vorig jaar) Nakijken oefentoets (zelfstandig) Afmaken opgaven werkboek Nakijken opgaven werkboek Proef op de som maken. Einde van de les.

Studievaardigheden: hoe leer je voor economie Wel begrippenlijst leren Nagekeken opgaven in werkboek steeds opnieuw maken. Maak gerichte samenvattingen. Op mijn site kijken. Huiswerk maken/ actief meedoen in de les. Niet X bronnen leren X introteksten leren X Doelloos (leerteksten) lezen. X Op het laatste moment beginnen met leren

Het BBP (belangrijk) Dit betekent het bruto binnenlands product. Dit is de totale geldwaarde van de jaarlijkse betaalde productie in een land. ↑Als de totale productie in een jaar toeneemt, spreek je over (economische) groei. ↓Als het BBP afneemt, spreek je over (economische) krimp

Innoveren is het verbeteren van de prestaties van iets. Productinnovatie = ontwikkelen van nieuwe producten of verbeteren van producten. Procesinnovatie = slimmer produceren, kosten van productie verlagen. Basisinnovatie = Innovatie die leidt tot nieuwe uitvindingen.

Arbeidsintensieve productie Arbeid betekent mensen. Er zijn veel arbeiders nodig om het werk te doen. Kapitaalintensieve productie Kapitaal betekent goederen/ machines. Er wordt veel gebruikt gemaakt van machines en robots, weinig mensen zijn nodig.

Nieuwe schaarste Natuurlijke hulpbronnen zijn door de natuur voortgebrachte bronnen die door de mens gebruik worden om te kunnen produceren Nieuwe schaarste betekent dat de mens natuurlijke hulpbronnen sneller opmaakt dan dat deze weer herstellen. Fossiele brandstoffen zijn brandstoffen die ontstaan zijn uit planten en dieren en niet snel opnieuw ontstaan. .

(geld OF klanten OF aantal producten) Arbeidsproductiviteit= hoeveel er wordt geproduceerd per uur, per dag, per week of per jaar. Productie (geld OF klanten OF aantal producten) Arbeidsproductiviteit Uitrekenen = tijd 1716/66 = 26 m2 1840/66 =27,9 m2 2200/88 = 25 m2

Laatste les voor proefwerk Intro Korte samenvatting Oefentoets (proefwerk van vorig jaar) Nakijken oefentoets (zelfstandig) Afmaken opgaven werkboek Nakijken opgaven werkboek Proef op de som maken. Einde van de les.