De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Zingen : Psalm 97: 1,3,6 >. Groot Koning is de Heer. Volken, bewijst Hem eer, breek uit in jubel, aarde, nu Hij de macht aanvaardde. De landen wijd en.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Zingen : Psalm 97: 1,3,6 >. Groot Koning is de Heer. Volken, bewijst Hem eer, breek uit in jubel, aarde, nu Hij de macht aanvaardde. De landen wijd en."— Transcript van de presentatie:

1 Zingen : Psalm 97: 1,3,6 >

2 Groot Koning is de Heer. Volken, bewijst Hem eer, breek uit in jubel, aarde, nu Hij de macht aanvaardde. De landen wijd en zijd zijn in zijn naam verblijd. Op recht en op gericht heeft Hij zijn troon gesticht. in de verborgenheid.

3 De hemel, Heer, verbreidt alom uw majesteit, uw glorie komt getogen voor aller volken ogen. Hen, die zich wendden tot een beeld, een leugengod, hebt Gij beschaamd, o Heer; gij goden, buigt u neer: Hij heeft uw macht geknot.

4 Gods heil, Gods glorie staat licht als de dageraad reeds voor het oog te gloren van wie Hem toebehoren. En vreugde van de Heer stroomt in hun harten neer. Gij die rechtvaardig zijt, weest in de Heer verblijd. Zijn naam zij lof en eer! Stil gebed, bemoediging en groet >

5 Zingen: 985:1,2,3 >

6 Heilig, heilig, heilig, hemelhoog verheven boven ons mensen: de naam van God de Heer! Heilig, heilig, heilig, Schepper van de wereld, mensen beneden zingen U ter eer!

7 Heilig, heilig, heilig, maker van de sterren, zonnen en manen en heel het firmament! Heilig, heilig, heilig, mateloze ruimte, machten en krachten, maak zijn naam bekend!

8 Heilig, heilig, heilig, bron van alle leven, bloemen en bomen en al wat adem heeft! Heilig, heilig, heilig, Vader van ons allen, eerste en laatste, U dankt al wat leeft! Gebed >

9 Zingen : Opwekking 407: 1,2,3 >

10 Zingen : “Voor we Gaan” >

11 Zingen : Opwekking 407 > Voor we gaan, voor we gaan, steken we een kaarsje aan. Laat het licht maar stralen over de verhalen en de liedjes die wij zingen, over alle mooie dingen die bestaan.

12 O, Heer mijn God, wanneer ik in verwondering de wereld zie die U hebt voortgebracht. Het sterrenlicht, het rollen van de donder, heel dit heelal, dat vol is van uw kracht.

13 refrein Dan zingt mijn ziel tot U, o Heer mijn God: hoe groot zijt Gij, hoe groot zijt Gij!

14 Als ik bedenk, hoe Jezus zonder klagen tot in de dood gegaan is als een Lam, sta ik verbaasd, dat Hij mijn schuld wou dragen en aan het kruis mijn zonde op zich nam.

15 refrein Dan zingt mijn ziel tot U, o Heer mijn God: hoe groot zijt Gij, hoe groot zijt Gij!

16 Als Christus komt met majesteit en luister, brengt Hij mij thuis, hoe heerlijk zal dat zijn. Dan zal ik vol aanbidding voor Hem buigen en zingt mijn ziel: o Heer, hoe groot zijt Gij!

17 refrein Dan zingt mijn ziel tot U, o Heer mijn God: hoe groot zijt Gij, hoe groot zijt Gij! Schriftlezing : Jesaja 6: 1~8 (staande) >

18 1 In het sterfjaar van koning Uzzia zag ik de Heer, gezeten op een hoogverheven troon. De zoom van zijn mantel vulde de hele tempel. 2 Boven hem stonden serafs. Elk van hen had zes vleugels, twee om het gezicht en twee om het onderlichaam te bedekken, en twee om mee te vliegen.

19 3 Zij riepen elkaar toe: ‘Heilig, heilig, heilig is de HEER van de hemelse machten. Heel de aarde is vervuld van zijn majesteit.’ 4 Door het luide roepen schudden de deurpinnen in de dorpels, en de tempel vulde zich met rook.

20 5 Ik schreeuwde het uit: ‘Wee mij! Ik moet zwijgen, want ik ben een mens met onreine lippen, en ik leef te midden van een volk dat onreine lippen heeft. En nu heb ik met eigen ogen de koning, de HEER van de hemelse machten, gezien.’ 6 Toen nam een van de serafs met een tang een gloeiende kool van het altaar en vloog daarmee op mij af.

21 7 Hij raakte mijn mond ermee aan en zei: ‘Nu zijn je lippen gereinigd. Je schuld is geweken, je zonden zijn tenietgedaan.’ 8 Daarop hoorde ik de stem van de Heer zeggen: ‘Wie zal ik sturen? Wie kan namens ons gaan?’ Ik antwoordde: ‘Hier ben ik, stuur mij.’ Zingen : 195 >

22 Ere zij de vader en de Zoon en de heilige Geest, als in den beginne, nu en immer en van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen Verkondiging >

23 "De engelen riepen elkaar toe: Heilig, heilig, heilig is de HEER van de hemelse machten. Heel de aarde is vervuld van zijn majesteit". Meditatief moment na verkondiging >

24 Meditatief moment : Opwekking 253 >

25 Heer, God, U loven wij. Heer, U belijden wij. Vader in eeuwigheid, zingt 't gans heelal uw naam.

26 Aarde en hemel, Heer, zingen uwe naam ter eer, heel uw schepping door, eeuwig met 't engelenkoor: Heilig, heilig, heilig is onze God, de Heer Ze-ebaoth.

27 Hemel en aarde zijn van uw grootheid vol. Halleluja. (4x) Amen. Wetslezing en woord van vergeving >

28 1Johannes 1 5 Dit is wat wij hem hebben horen verkondigen en wat we u verkondigen: God is licht, er is in hem geen spoor van duisternis. 6 Als we zeggen dat we met hem verbonden zijn terwijl we onze weg in het duister gaan, liegen we en leven we niet volgens de waarheid. 7 Maar gaan we onze weg in het licht, zoals hijzelf in het licht is, dan zijn we met elkaar verbonden en reinigt het bloed van Jezus, zijn Zoon, ons van alle zonde. Wetslezing : 1Johannes 1 :8~10 >

29 1Johannes 1 8 Als we zeggen dat we de zonde niet kennen, misleiden we onszelf en is de waarheid niet in ons. 9 Belijden we onze zonden, dan zal hij, die trouw en rechtvaardig is, ons onze zonden vergeven en ons reinigen van alle kwaad. 10 Als we zeggen dat we nooit gezondigd hebben, maken we hem tot een leugenaar en is zijn woord niet in ons. Wetslezing : 1Johannes 2 :1~2 >

30 1Johannes 2 1 Kinderen, ik schrijf u dit opdat u niet zondigt. Mocht een van u echter toch zondigen, dan hebben wij een pleit-bezorger bij de Vader: Jezus Christus, de rechtvaardige. 2 Hij is het die verzoening brengt voor onze zonden, en niet alleen voor die van ons, maar voor de zonden van de hele wereld. Zingen : 449: 1,2,3,4,5 (oudelied boek) >

31 God enkel licht, wiens aangezicht zo blinkend is van luister, ziet ons onrein, ziet hoe wij zijn vervallen aan het duister.

32 Der sterren pracht is voor Hem nacht, hoe hel zij schitt'ren mogen; en wij, bevlekt, met schuld bedekt, wat zijn wij in zijn ogen?

33 Heer, waar dan heen? Tot U alleen! Gij zult ons niet verstoten. Uw eigen Zoon heeft tot uw troon de weg ons weer ontsloten.

34 Ja, amen, ja, op Golgotha stierf Hij voor onze zonde. Zijn schuld'loos bloed maakt alles goed en reinigt ons van zonde.

35 God onze Heer, wil tot uw eer ons klein geloof versterken. Dan zullen wij Hem, waarlijk vrij, volgen in goede werken. Dankgebed en voorbeden >

36 Collecten >

37 Kinderen komen terug van KND  Zingen: Opwekking 298 > 1 e : Missionair werk en kerkgroei 2 e : Kerk

38 Zingen : Opwekking 298 >

39 Hosanna, hosanna, hosanna in de hoge. Heer, ons hart is vol lof. Wij verhogen uw naam. Wees verheven, o Heer mijn God, hosanna in de hoge.

40 Glorie, glorie, glorie voor de Koning. Heer, ons hart is vol lof. Wij verhogen uw naam. Wees verheven, o Heer mijn God, glorie voor de Koning. Zegen >

41


Download ppt "Zingen : Psalm 97: 1,3,6 >. Groot Koning is de Heer. Volken, bewijst Hem eer, breek uit in jubel, aarde, nu Hij de macht aanvaardde. De landen wijd en."

Verwante presentaties


Ads door Google