De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Diabetes en Neurologie Les diabeteseducatoren 18-12-2008 Dr. G. Vanhaverbeke Endocrinoloog AZ Groeninge Kortrijk.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Diabetes en Neurologie Les diabeteseducatoren 18-12-2008 Dr. G. Vanhaverbeke Endocrinoloog AZ Groeninge Kortrijk."— Transcript van de presentatie:

1 Diabetes en Neurologie Les diabeteseducatoren Dr. G. Vanhaverbeke Endocrinoloog AZ Groeninge Kortrijk

2 Uitgangspunt van de les…. Wat weet ik als diabetes”werker” best over de link tussen diabetes en het neurologisch systeem zonder een neuroloog te zijn of willen zijn…. Vandaar wordt de les gegeven door een niet neuroloog : dus I’m not the expert

3 Wat ? 1. Neurologisch systeem 2. Neurologische termen 3. Neurologische problemen bij diabetes 4. Diagnostiek 5. Prevalentie 6. Noties over farmacotherapie

4 1. Neurologisch systeem CZS – PZS Autonoom ZS : Orthosympatisch - parasympatisch

5

6 Sympatische vezels Parasympatische vezels

7

8

9

10 2. Neurologische termen 1.Wat is pijn 2.Chronisch vs acute pijn 3.Classificatie van de pijn 4.Positieve en negatieve pijn 5.Spontane of geevoceerde pijn

11 Definitie van pijn « Pijn is een onplezierige sensorische en emotionele ervaring geassocieeerd met actuele of potentiële weefselbeschadiging of beschreven in termen van een dergelijke weefselbeschadiging.» International Association for the Study of Pain (IASP) 1994

12 Classificaties van de pijn Acuut Chronisch Duur Nociceptief Neuropathisch Pathofysiologie 1. Cole BE. Hosp Physician. 2002;38: Turk and Okifuji. Bonica’s Management of Pain Chapman and Stillman. Pain and Touch

13 <1 maand Tijd voor het verdwijnen van de pijn  3-6 maanden Acute pijn Chronische pijn Meestal een evident weefselletsel Toename van de activiteit van het zenuwstelsel Verdwijnen van de pijn op het ogenblik van de genezing Beschermende functie Pijn gedurende 3-6 maanden of langer 2 Pijn aanwezig tot na de voorziene genezingsperiode 2 Meestal geen beschermende functie 3 Verslechtert de gezondheid en het functioneren 3 1. Cole BE. Hosp Physician. 2002;38: Turk and Okifuji. Bonica’s Management of Pain Chapman and Stillman. Pain and Touch Letsel Classificatie van de pijn: op basis van de duur

14 Nociceptieve pijn: normale reactie op pijnprikkels  fysiologisch Neuropathische pijn: abnormale reactie veroorzaakt door een letsel of disfunctie van het zenuwstelsel  pathologisch Classificatie van de pijn: op basis van de pathofysiologie 1.International Association for the Study of Pain. IASP Pain Terminology; 2. Raja et al. in Wall PD, Melzack R (Eds). Textbook of pain. 4th Ed ; Pasero C et al. Pain Management Nursing 2004; 4 (4): suppl 1: 3-8

15 Neuropathisch of nociceptief Gemengde pijn Pijn met neuro- pathische en nociceptieve componenten Neuropathische pijn Pijn geïnduceerd door een primair letsel of een disfunctie in het zenuwstelsel 1 1 Nociceptieve pijn Pijn veroorzaakt door een letsel van de lichaams- weefsels (musculoskeletaal, cutaan of visceraal) 2 1.International Association for the Study of Pain. IASP Pain Terminology; 2. Raja et al. in Wall PD, Melzack R (Eds). Textbook of pain. 4th Ed ;11-57

16 Vergelijking van de pijntypes Neuropathische pijn –Veroorzaakt door een letsel of disfunctie van het centraal of perifeer zenuwstelsel of beide –Heeft geen enkel nuttig doel –Is meestal continu en chronisch Pasero C et al. Pain Management Nursing 2004; 4 (4): suppl 1: 3-8 Nociceptieve pijn –Veroorzaakt door een activering van de nociceptoren (bv. thermische, chemische, mechanische of inflammatoire prikkels) –Verwittigt het individu en beschermt het tegen de letsels –Verdwijnt met de tijd

17 Voorbeelden van pijntypes Neuropathische pijn Perifeer Postherpetische neuralgie Trigeminusneuralgie Perifere diabetische neuropathie Postoperatieve neuropathie Posttraumatische neuropathie Fantoompijn Centraal Post-CVA pijn Multipele sclerose Gemengde pijn Lombalgie met radiculopathie Cervicale radiculopathie Kankerpijn Carpale- tunnelsyndroom Nociceptieve pijn Inflammatoire pijn Pijn aan een lidmaat na een breuk Gewrichtspijn bij artrose Postoperatieve viscerale pijn 1. International Association for the Study of Pain. IASP Pain Terminology. 2. Raja et al. in Wall PD, Melzack R (Eds). Textbook of pain. 4th Ed ;11-57

18 Positieve symptomen (te wijten aan een overmatige activiteit) Positieve en negatieve sensorische symptomen Dysesthesie Paresthesie Spontane pijn Hyperalgesie Allodynie Negatieve symptomen (te wijten aan een functioneel verlies) Dysfunctie of letsel van het zenuwstelsel Anesthesie Hypo-esthesie Hypoalgesie Analgesie Jensen, T. S., & Baron, R. (2002). Translation of symptoms and signs into mechanisms in neuropathic pain. Pain, 102, 1-8.

19 Definities van de IASP Merskey H et al. (Eds) In: Classification of Chronic Pain: Descriptions of Chronic Pain Syndromes and Definitions of Pain Terms. 1994: Term Definitie Allodynie Pijn te wijten aan een prikkel die normaal geen pijn veroorzaakt Analgesie Afwezigheid van pijn bij een prikkel die normaal pijnlijk zou mogen zijn Hyperalgesie Toename van de reactie op een prikkel die normaal pijnlijk is Hyperesthesie Toename van de gevoeligheid voor een prikkel, met uitsluiting van de speciale zintuigen Hyperpathie Pijnlijk syndroom gekenmerkt door een abnormaal pijnlijke reactie op een prikkel, in het bijzonder een repetitieve prikkel, alsook een verhoging van de drempel Hypoalgesie Vermindering van de pijn als reactie op een normaal pijnlijke prikkel Hypo-esthesie Vermindering van de gevoeligheid voor een prikkel, met uitsluiting van de speciale zintuigen

20 Symptomen: spontane pijn Paroxystisch Continu Spontane pijn Symptomen : Branderig gevoel Zeurende pijn Gevoel van elektrische schokken Gevoel van messteken Paresthesieën Dysesthesieën Jensen, T. S., & Baron, R. (2002). Translation of symptoms and signs into mechanisms in neuropathic pain. Pain, 102, 1-8.

21 Symptomen: geëvoceerde pijn Mechanische, chemische of thermische prikkel Geëvoceerde pijn Allodynie: Pijn te wijten aan een normaal niet pijnlijke prikkel Hyperalgesie : Verhoogde reactie op een normaal pijnlijke prikkel Jensen, T. S., & Baron, R. (2002). Translation of symptoms and signs into mechanisms in neuropathic pain. Pain, 102, 1-8.

22 3. Neurologische problemen bij diabetes Perifere zenuwstelsel Autonoom zenuwstelsel Centraal zenuwstelsel Metabole verstoring van de hersenen

23 De lange-termijn complicaties van diabetes Cerebrovasculaire aandoening (beroerte) Retinopathie Cataract Blindheid Autonoom zenuwstelsel (gastroparese, diarree) Nefropathie (nierfalen) Impotentie Perifere vasculaire aandoening (amputaties) Perifere neuropathie (pijn, geen gevoel Meer, paresthesieën) Coronaire aandoeningen (angina pectoris, myocard infarct, congestief hartfalen) - Cataract: levenslang risico van 25% tot 30% met 3% tot 5% die cataract extractie nodig hebben - Glaucoom (open hoek) : risico van 10% na 30 jaar - Retinopathie: 90% ontwikkelt enige vorm van retinopathie in hun leven; 40% tot 50% hebben laser therapie nodig en 3% tot 5% worden blind na 30- jaar lange retinopathie - Adhesieve capsulitis: bevroren schouder, prevalentie 10% - Coronaire autonome neuropathie (CAN): belangrijkste doodsoorzaak - Gastroparese: 1% tot 5% ontwikkelt symptomen (levenslang risico) - Carpaal tunnel syndroom: 30% met electrofysiologisch bewijs, 9% met symptomen (prevalentie) - Nefropathie: 35% ontwikkelt eindstadium nierfunctiestoornis gedurende het leven - Springvinger, contractuur van DuPuytren: prevalentie 10% - Autonome neuropathie (prevalentie): blaas, 1% tot 5% met dysfunctie; impotentie, 10% tot 40%; diarree, 1% -Perifere vasculaire aandoening -Perifere neuropathie: 54% met levenslang risico; 2% tot 3% met voetulcus

24 Perifeer zenuwstelsel 1.Symmetrische 2.Asymmetrische

25 Distale symmetrische polyneuropathie Distal symmetric sensorimotor polyneuropathy is the most common type of diabetic neuropathy and is often considered synonymous with the term diabetic neuropathy. It is characterized by a progressive loss of distal sensation correlating with loss of sensory axons, followed, in severe cases, by motor weakness and motor axonal loss. Classic "stocking-glove" sensory loss is typical in this disorder

26 Diabetische neuropathie : pathofysiologie

27 Diabetische neuropathie: Betrokkenheid van dikke en/of dunne vezels Dunne gemyeliniseerde A  vezels Ongemyeliniseerde C vezels Dikke gemyeliniseerde A  vezels Niet-pijnlijke tactiele prikkels (vibratie, zachte druk…) Pijnlijke mechanische prikkels (speldenprik) Dunne vezel neuropathieDikke vezel neuropathie Thermische prikkels INLEIDING

28 Oppervlakkige pijn: brandend gevoel, allodynie Vroegtijdige hyperesthesie en hyperalgesie Wijziging van de perceptiedrempel van pijn en warmte Verminderde transpiratie De kleine niet gemyeliniseerde C vezels

29 De middelmatig dikke A δ vezels Gewijzigde vibratieperceptie Diepe, stekende pijn Atrofie van de spiertjes tussen de botten, hamertenen Vezwakking Toegenomen circulatie, “warm gezwollen been” Risico van evolutie naar “Charcot voet”

30 Asymmetrische polyneuropathie Polyradiculopathie : –Lumbaal, thoracic Mononeuropathies –Craniale mononeuropathie –Perifere –Mononeuropathie multiplex

31 Polyradiculopathie Diabetes frequently injures the nerve roots at one or more thoracic or high lumbar levels with subsequent axonal degeneration and frequent contralateral, cephalad, or caudal extension. The various subgroups of polyradiculopathy present as distinct syndromes but also share certain features in common –Affected patients are typically older, have coexisting peripheral polyneuropathy, and have weakness and atrophy in the distribution of one or more contiguous nerve roots with frequent territorial expansion –Bvb Lumbale radiculopathie Thoracale radiculopathie

32 Lumbale polyradiculopathie The most common type of diabetic polyradiculopathy is high lumbar radiculopathy involving the L2, L3, and L4 roots, causing the syndrome frequently called diabetic amyotrophy. Patients present with thigh pain followed by painful proximal weakness in one leg, which usually reaches a plateau within six months. The diagnosis is made on the basis of history, clinical examination, and electromyographic (EMG) studies. Recovery usually occurs over six months to two years, by which time the pain has usually subsided. The same process can occur in the contralateral leg, immediately following (within days) or much later than (months to years) the initial attack

33 Thoracale radiculopathie thoracic polyradiculopathy can cause marked symptoms. Affected patients present with severe abdominal pain, sometimes in a band- like pattern, and frequently have undergone extensive gastrointestinal diagnostic studies in attempts to identify the etiology of their pain Diabetic thoracic radiculopathy affects the T4 through T12 roots and can occur in concert with lumbar polyradiculopathy. The diagnosis is confirmed by EMG studies

34 Mononeuropathie Craniale Perifere

35 Craniale mononeuropathie The most common cranial mononeuropathies occur in those nerves which supply the extraocular muscles, especially cranial nerves III (oculomotor), VI (abducens), and IV (trochlear). Patients with diabetic ophthalmoplegia typically present with unilateral pain, ptosis, and diplopia, with sparing of pupillary function Facial mononeuropathy (Bell's palsy) occurs more frequently in diabetic than in nondiabetic patients. This observation suggests that the disorder is due to diabetes in some patients

36 Perifere Mononeuropathie (ook drukfenomenen) The most common peripheral mononeuropathy in diabetic patients is median mononeuropathy at the wrist. While estimates vary, it is likely that at least one-quarter to one-third of patients develop either symptomatic or asymptomatic median mononeuropathy Ulnar mononeuropathy, either at the elbow or, less commonly, at the wrist can also occur In the lower extremities, peroneal mononeuropathies with compression at the fibula are a well recognized complication of diabetes. Common peroneal palsy, for example, can result in foot drop. It is probable, however, that isolated femoral mononeuropathies are rare in diabetes; many of these patients, after careful clinical and electrodiagnostic examinations, are found to have a high lumbar radiculopathy

37 Mononeuritis Multiplex Multiple mononeuropathies

38 Autonome neuropathie Centraal en Perifeer

39 Symptomen vh autonoom zenuwstelsel Zweten: –Verminderd zweten –Uitgesproken zweten in bepaalde regio’s –Zweten bij maaltijd –Droge huid Cardiovasculair: –Orthostatische hypotensie –Flauwvallen (mictie, hoesten, inspanning) Pupillen: –Slecht tegen licht kunnen

40 Sexueel: –Impotentie –Retrograde ejaculatie –Verminderd sexuele climax bereiken Blaas: –Urge-incontinentie –Druppelen –aarzelen Darmen: –Overgeven –Diarree –Nachtelijke diarree –constipatie

41 Secundair: - Silentieus acuut myocard ischemie of infarct - Verlies van autonome symptomen op moment van hypoglycemie

42 Centraal Zenuwstelsel CVA, TIA

43 CVA/TIA Diabetici hebben 2-6 x meer risico dan niet-diabetici Andere risicofactoren: hoge bloeddruk, zwaarlijvigheid, hoge cholesterol, … CVA = 25% van overlijden tgv diabetes

44 Hoge bloeddruk (1-3x meer dan niet- diabetici)  aderverkalking  aantasting van de kleine bloedvaten  kleine infarcten  hart-ziekte (zowel aderverkalking van de hartbloedvaatjes als verdikking van de hartspier)  klonters vanuit hart naar hersenen Oorzaak

45 - bloedverdunning: aspirine (Asaflow®), clopidogrel (Plavix®) of Ticlopedine(Ticlid®) - Bloeddruk-verlagende medicatie - Cholesterol-reducerende medicatie - Goede glycemiecontrole - Hyperglycemie na beroerte geeft meer invaliditeit Behandeling

46 Metabole verstoring van de hersenen Que ?

47 Metabole stoornissen 1. DKA 2. Hyperglycemisch hyperosmolair coma 3. Hypoglycemie

48 4. Diagnostiek Anamnese en Klinische onderzoek Techniciteiten zijn minder belangrijk

49 De uitdagingen van de diagnose van neuropathische pijn –De symptomatologie is gevarieerd. 1 –Er bestaan multipele mechanismen. 1 –Er bestaan moeilijkheden met de communicatie en de kennis van de symptomen Moeilijkheden voor de patiënten om hun symptomen duidelijk te definiëren Moeilijkheden voor de artsen om te interpreteren hoe de patiënten hun symptomen beschrijven –Is de reactie op de behandeling variabel 2 1. Woolf CJ, Mannion RJ. Lancet. 1999;353: Bonezzi C, Demartini L. Acta Neurol Scand Suppl. 1999;173:25-3

50 Diagnose Anamnese –Anamnese –VAS –DN4-vragelijst Klinische onderzoeken –De monofilamententest –De wattenstaafjestest –De speldenpriktest –De warmte-koudetest –De stemvorktest Technische onderzoeken –Het EMG en de arteriële Doppler –Andere onderzoeken

51 Anamnese: de DN4-vragenlijst 1. Bouhassira D, Attal N, et all. Comparison of pain syndromes associated with nervous or somatic lesions and development of a new neuropathic pain diagnostic questionnaire (DN4). Pain Mar; 114(1-2): Bennett MI, Attal N, et all. Using screening tools to identify neuropathic pain. Pain Feb; 127(3):

52 Anamnese : de DN4-vragenlijst Een score ≥ dan 4/10 => Neuropathische pijn (sensitiviteit 82,9%, specificiteit 89,9%) 1,2 1. Bouhassira D, Attal N, et all. Comparison of pain syndromes associated with nervous or somatic lesions and development of a new neuropathic pain diagnostic questionnaire (DN4). Pain Mar; 114(1-2): Bennett MI, Attal N, et all. Using screening tools to identify neuropathic pain. Pain Feb; 127(3):

53 Klinisch onderzoek Gewaarword ing VezelTestTechniekInterpretatie Thermisch (warm) (meest gevoelig) CTip-thermPlaats de sonde op de dikke teen (patiënt met gesloten ogen), vraag met regelmatige tussenpozen of hij een warmte- of koudegevoel heeft Abnormaal = neuropathie Thermisch (koud) A deltaTip-thermIdem (maar koudegevoel)Abnormaal = neuropathie PijnA deltaPin prick (40g)Test 5 plaatsen per voet≤ 8/10 = neuropathie DrukA betaMonofilament (10g) Onderkant van de dikke teen Abnormaal = neuropathie VibratieA betaStemvork 128 Mhz In het midden van de enkel Abnormaal = neuropathie Kwantitatieve gevoeligheidstesten

54 Diagnose: Wattenstaafjestest De pijnlijke zone lichtjes aanraken met het wattenstaafje, parallel met de huid Indien deze manipulatie pijnlijk is = allodynie (eventueel vergelijken met een controle-huidzone).

55 Diagnose: Speldenpriktest Laat de naald glijden in de spuit. Indien deze test zeer pijnlijk is = hyperalgesie Plaats de spuit met de naald verticaal op de huid, zodat de naald de huid lichjes raakt (niet duwen). Het doel is dat alleen het gewicht van de naald gevoeld wordt.

56 Koude: watje met ether tegen de huid houden  Normaal niet pijnlijk (vergelijken met een controle huisdzone). Warmte: Huid in contact brengen met warm water  Normaal niet pijnlijk (vergelijken met een controle huisdzone). Diagnose: Warmte-koudetest deze koude of warmte test kan bij neuropathische pijn als pijnlijkervaren worden

57 Diagnose: Stemvorktest Bij neuropathie is de gewaarwording van vibraties door de patiënt vaak verminderd Deze gewaarwording van de vibraties kan getest worden met behulp van een stemvork

58 Diagnose: Monofilamententest De test wordt uitgevoerd op 5 verschillende plaatsen. Elke plaats stemt overeen met één punt. Een totaal aantal punten van minder dan 8 is abnormaal. Test 5 plaatsen per voet

59 Technische onderzoeken EMG (elektromyografie) Een EMG meet de elektrische activiteit van de spieren en de geassocieerde zenuwen Het is verkeerd te denken dat een normale EMG geen pijnlijke neuropathie suggereert Inderdaad, het EMG meet alleen de activiteit van de motorische zenuwbanen (niet deze van de C-vezels) Arteriële Doppler Wordt vooral gebruikt om een vasculair probleem te meten en/of uit te sluiten CT-scan, MRI Bloed- en urineanalyse Biopsieën van de zenuwen en de spieren Lumbale punctie

60 5. Prevalentie …met Belgische cijfers…

61 Epidemiologie Gelijke verdeling tussen type 1 en type 2 diabetes 35% van de diabetespatiënten hebben polyneuropathie 15% heeft pijnlijke distale neuropathie Belgische gegevens : 1/3 van de oudere diabetespatiënten hebben sensorische neuropathie 9 % reeds neuropathie op moment van diagnose type 2

62 DE PREVALENTIE EN HUIDIGE THERAPEUTISCHE BEHANDELING VAN PIJNLIJKE POLYNEUROPATHIE IN BELGISCHE DIABETESKLINIEKEN Poster voorgesteld op de 43 e jaarlijkse bijeenkomst van de EASD, september 2007, Amsterdam, Nederland

63 Collaboration: Dr P. Arnouts Dr A. Beirinck Dr A. Bodson Dr J.-C. Daubresse Dr P. Decraene Dr L. Derdelinckx Dr S. Deweer Dr S. Driessens Dr I. Dumont Dr P. Felix Dr N. Gaham Dr C. Herbaut Dr F. Heureux Dr G. Hubermont Dr K. Kockaerts Dr G. Krzentowski Dr K. Laga Dr G. Lamberigts Dr C. Lemy Dr W. Maes Dr D. Nicolaij Dr A. Nollet Dr J.-C. Philips Dr R. Radermecker Dr J. Ruige Dr D. Scarnière Dr C. Soyez Dr M.-P. Stassen Dr P. Taelman Dr J. Tits Prof L. Van Gaal Dr D. Gysegem Dr S. Van Imschoot Dr I. Van Pottelbergh Dr G. Vanhaverbeke Dr C. Vercammen Dr A. Verhaege Dr B. Vets Dr E. Weber + co-workers Steering Committee: Prof. D. BouhassiraINSERM, Hôpital Ambroise Paré, Boulogne and Université Versailles-Saint- Quentin, France Prof. I.M. ColinCHR St-Joseph, Mons - UCL, Bruxelles Prof. Ch. MathieuKUL, Leuven Dr. K. Van AckerSt-Jozef Hospital, Bornem Advisory Board: Prof. M. Buysschaert Cliniques Universitaires St-Luc, Bruxelles Prof. F. Fery CHU Erasme, Bruxelles Dr. M. Giri UZ Gent Prof. A. Scheen CHU Sart-Tilman, Liège Dr. D. BallauxUZ Antwerpen

64 Design Crosssectionele multicentrische studie in 40 diabetesklinieken Inclusiecriteria: –18 jaar of ouder –duur van de diabetes ≥ 1 jaar –type 1- of type 2-diabetes –geïnformeerde toestemming Geen exclusiecriteria –behave in staat zijn om met de onderzoeker samen te werken en de vragen te beantwoorden RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

65 Screening tool voor pijn: visuele analoge schaal “ Evalueer de pijn in uw benen in de voorbije week door een verticaal streepje aan te brengen op de onderstaande lijn ” Geen pijn: 0 mm Ondraaglijke pijn: 100 mm De onderzoeker scoort de pijn in mm Score: mm RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

66 Monofilament: Tactiele gewaarwording Neurotip™: Pijngewaarwording Abnormaal: ≤ 8/10 Sensitiviteit: 80-90% Specificiteit: 60-80% Abnormaal: geen pijn Test 5 plaatsen per voetTest 1 plaats per voet: De plantaire zijde van de hallux RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN Screening tool voor neuropathie: Neuropen ®

67 Neuropen ® : pathofysiologische correlaten Monofilament (10 g)Neurotip™ (40 g) Niet-pijnlijke tactiele prikkels (vibratie, zachte druk…) Pijnlijke mechanische prikkels (speldenprik) Dunne gemyeliniseerde A  vezels Ongemyeliniseerde C vezels Dikke gemyeliniseerde A  vezels RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

68 Interpretatie van de Neuropen ® test Normale Neuropen ® test (NP-): normale monofilamenttest (>8/10 plaatsen gevoelig voor aanraking) EN normale speldenpriktest (pijngevoel) in beide voeten Abnormale Neuropen ® test (NP+): abnormale monofilamenttest (≤8/10 plaatsen gevoelig voor aanraking) EN/OF abnormale speldenpriktest (geen pijn) in minstens één voet In deze studie: NP+ gedefinieerd als ‘neuropathie’ RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

69 Screening tool voor neuropathische pijn: DN4 Gevalideerde screening tool voor neuropathische pijn: DN4 vragenlijst: –Onderscheid maken tussen neuropathische en niet- neuropathische pijn bij patiënten met pijn in de benen –VAS+/DN4+ gedefinieerd als ‘neuropathische pijn’ VAS+/DN4- gedefinieerd als ‘pijn van niet-neuropathische oorsprong’ Bouhassira et al. Pain 2005; DN4=‘neuropathische pijn 4 vragen’ RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN Bennet MI, Attal N, Backonja MM, et al. Using screening tools to identify neuropathic pain. Pain Feb;127(3):

70 Bouhassira et al. Pain 2005; DN4=‘neuropathische pijn 4 vragen’ DN4 Vragenlijst Vraag 1: Vertoont de pijn één of meer van de volgende karakteristieken: JaNee Brandend gevoel Pijnlijk koudegevoel Elektrische schokken Vraag 2: Is de pijn in hetzelfde gebied geassocieerd met één of meer van de volgende symptomen: JaNee Kriebelingen Tintelingen Gevoelloosheid Jeuk Vraag 3: Is de pijn gelokaliseerd in een bepaald gebied waar het onderzoek op wijst: JaNee Hypo-esthesie bij aanraking Hypo-esthesie bij een prik Vraag 4: Wordt de pijn veroorzaakt of versterkt door: JaNee Wrijven Score ≥ 4/10 = neuropathische pijn Specificiteit: 90% Sensitiviteit: 83% RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

71 Tools – definities - interpretatie RESULTATENCONCLUSIONOBJECTIEVENINLEIDING METHODEN

72 RESULTATEN Studiepopulatie Patiëntkarakteristieken Prevalenties van DPN en PDPN Geassocieerde factoren Impact op de QoL Huidige behandeling CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

73 Studiepopulatie 1216 diabetespatiënten werden gescreend 105 patiënten werden uitgesloten 42 met secundaire diabetes, 29 met een onbekend type van diabetes, 11 met een diagnose van diabetes sinds minder dan 1 jaar, 6 met onbekende leeftijd, 2 jonger dan 18 jaar, 6 met ontbrekende Neuropen® gegevens 9 met onvolledige DN4 vragenlijst 1111 diabetespatiënten kwamen in aanmerking 344 type 1-diabetespatiënten 767 type 2-diabetespatiënten CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

74 Patiëntkarakteristieken Gemiddeld waren de type 2-diabetespatiënten ouder, waren ze minder lang gediagnosticeerd met diabetes en hadden ze een iets betere glykemiecontrole. Ze hadden ook een hogere gemiddelde BMI, meer cardiovasculaire risicofactoren en vaker langetermijncomplicaties dan type 1-diabetespatiënten. Ze gebruikten insuline in meer dan 70% van de gevallen. CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

75 Prevalenties 43% neuropathie (NP+) n = 478 n = 1111 diabetespatiënten** 1/3 neuropathie met neuropathische pijn (NP+/DN4+) n = 156 Over het algemeen lijden in de diabetesklinieken in België 14% van alle diabetespatiënten aan pijnlijke neuropathie = pijnlijke neuropathie CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN **alle patiënten met data VAS,DN4 en NP

76 Prevalentie bij type 1- en type 2-patiënten * Na correctie voor de leeftijd en de duur van de diabetes, p=0,002 50,8 % neuropathie (NP+) n = ,6% neuropathie (NP+) n = 88 Type 2 n = 767 Type 1 n = 344 1/3 pijnlijke neuropathie (NP+/DN4+) n = 137 1/5 pijnlijke neuropathie (NP+/DN4+) n = 20 5,8% van alle type 1-patiënten - 17,9% van alle type 2- patiënten lijden aan pijnlijke neuropathie* CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

77 Prevalenties CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

78 Geassocieerde factoren - PDPN De multivariate analyse toonde aan dat de leeftijd, de duur van de diabetes, obesitas, een lage HDL-C, hoge triglyceriden en nephropathie allemaal onafhankelijk geassocieerd waren met PDPN CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

79 Diabetische neuropatische pijn Behandeling

80 1. Glycemiecontrole –DCCT –Stockholm Diabetes Intervention Study –Oslo Diabetes study 2. Multifactoriele risicoreductie –Steno type 2

81 Behandeling 3. Foot Care –Patient instrueren Dagelijks nazicht voeten –Arts inspectie, actief zoeken naar neuropathie –Orthopedisch Steunzolen, podologie….

82 Behandeling 4. Pijncontrole –Vitamine B –Dulexetine ( Cymbalta ) –Tricyclische AD : Amitryptiline (Redomex) –Anticonvulsiva : Lamotrigine (Lamictal) Carbamazepine (Tegretol) Gabapentine (Neurontin) Pregabalin (Lyrica)

83 Therapeutische behandeling van neuropathische pijn CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

84 Therapeutische behandeling van neuropathische pijn Bijna één op twee patiënten met neuropathische pijn werd niet behandeld voor zijn pijn. Meer dan een derde van de patiënten kreeg WHO ladder I medicaties die niet geïndiceerd zijn voor DPNP volgens de EFNS richtlijnen. Slechts ¼ van de patiënten behandeld voor pijn kreeg anticonvulsiva of antidepressiva voorgeschreven. Attal N., Cruccu G., Haanpäa M., et al. EFNS guidelines on pharmacological treatment of neuropathic pain. European Journa l of Neurology 2006; 13: CONCLUSIONOBJECTIEVEN INLEIDING METHODEN RESULTATEN

85 D De diabetische voet (fijne vezels) : pathofysiologie Ischemie door occlusie van de tibiale/fibulaire arterie Gekrulde tenen : « Klauw » Afname van gevoel Vervorming van de cavus met toename van druk onder de metatarsus Controle Diabetisc h

86 Daar we weten dat pijn ook te maken heeft met emoties……….


Download ppt "Diabetes en Neurologie Les diabeteseducatoren 18-12-2008 Dr. G. Vanhaverbeke Endocrinoloog AZ Groeninge Kortrijk."

Verwante presentaties


Ads door Google