De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Schuivende schollen HAVO. Wegeners Pangea De vorm van continenten doet vermoeden dat ze heel vroeger één geheel hebben gevormd. 1912: Wegener reconstrueert.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Schuivende schollen HAVO. Wegeners Pangea De vorm van continenten doet vermoeden dat ze heel vroeger één geheel hebben gevormd. 1912: Wegener reconstrueert."— Transcript van de presentatie:

1 Schuivende schollen HAVO

2 Wegeners Pangea De vorm van continenten doet vermoeden dat ze heel vroeger één geheel hebben gevormd. 1912: Wegener reconstrueert het supercontinent Pangea. Hij benoemde drie gebieden: –Oercontinent Laurasia –Oercontinent Gondwana –Oeroceaan Panthalassa

3 Continenten op drift Wegener kon niet duidelijk maken waardòòr Pangea uiteen zou kunnen drijven. Animatie:

4 De speurtocht van Wegener Wegener zocht tot aan zijn dood naar bewijzen voor zijn hypothese. Hij vindt sterke aanwijzingen. De oorzaak van het verschuiven van de aardschollen blijft echter een raadsel. De toonaangevende wetenschappers laten zich niet overtuigen. In de tijd van Wegener wist men al dat: de oceaanbodems bestonden uit het zwaardere basalt de continenten bestonden uit lichter granietgesteente

5 Geen touw aan vast te knopen, totdat… De tegenwoordige verspreiding van afzettingsgesteenten en fossielen lijkt willekeurig. Schuif de legpuzzel in gedachten in elkaar. Welke patronen ontstaan?

6 Sterke aanwijzingen… Gletsjerkrassen uit de ijstijd in het Perm = met Zuidpool als middelpunt Fossiele planten uit dezelfde periode. Aansluitende afzettingen van steenkoollagen. = fossiele moerasvegetatie = gegroeid in vochtig warm klimaat

7 Fossielen van dieren Fossiele dieren uit dezelfde periodes. Opvallend: –Steenkoollagen op Antarctica –Ook op Antarctica veel fossielen van leven in een tropische zee Pangea

8 De aarde koelt nauwelijks af en krimpt niet Toenemende kennis over radio-activiteit: binnenste van de aarde blijft heet. Men weet steeds meer over de opbouw van de aardbol:

9 Aardschollen in beweging Wat bewijst de continental drift? Het oceaanreliëf Paleomagnetisme Convectiestromen

10 Dieptemetingen in de oceanen Na 1950 wordt de oceaanbodem in kaart gebracht –Moholeproject Duidelijk patroon: –Mid-oceanische rug –symmetrie –centrale kloof –dwarsbreuken –Eilanden De Mid-Atlantische rug is een van de grootste bergketens ter wereld.

11 Aardmagnetisme Magnetisme van de aardkern beïnvloedt elke magneet op aarde Kompasnaald wijst naar het magnetische noorden Magnetische noordpool en zuidpool veranderen periodiek: = geomagnetische polariteitsomkering Animatie: ?chapter_no=visualization ?chapter_no=visualization

12 paleomagnetisme Studie van het magnetisch verleden van de aarde. Vulkanisch magma bevat minieme ijzerdeeltjes. IJzer is magnetisch. Bij uitvloeiing richten de ijzerdeeltjes zich naar het magnetisch veld. Bij stolling liggen deze deeltjes vast in het gesteente. De periode van de polariteit is bekend.  bepaling ouderdom gesteenten is dus mogelijk.

13 Een bergketen deelt de oceaan in tweeën De ouderdom van de oceanische lithosfeer: rood is jonger, blauw is ouder. De ouderdom neemt toe naarmate men verder van de mid- oceanische ruggen afkomt

14 convectiestromen Mantelconvectie: Heet taai-vloeibaar mantelgesteente stijgt op Zakt weer door afkoeling –Vergelijk een convectiecel met een pan hete soep op een gaspit Platen worden meegevoerd –Snelheid 2 tot 10 cm/j –Cyclus duurt miljoenen jaren –3 soorten plaatbeweging

15 Divergentie: beweging uit elkaar

16 Divergentie: twee typen Locatie: –Langs een breukgebied –Boven een mantelpluim Seafloor spreading: –Oceaanplaten uit elkaar –Ontstaan van oceaanrug –Ontstaan van nieuwe zeebodem ~ voorbeeld Midatlantische rug ~ voorbeeld East Pacific Rise Continentale divergentie: –Ontstaan van een slenk –Slenk wordt opgevuld met basalt –Slenkranden worden opgeduwd ~ voorbeeld Oost-Afrikaanse Slenk- Rode Zee- Golf van Aden

17 Een mantelpluim als motor Welk soort stollingsgesteente komt naar boven uit de mantel?

18 Convergentie Een beweging naar elkaar toe: kiss of crash?

19 Soorten convergentie Subductie –Zwaardere oceaanplaat onder de lichtere continentale plaat oceaantrog eilandenboog sediment wig heftig vulkanisme –Oudere oceaanplaat onder jongere oceaanplaat –Continentale plaat tegen continentale plaat Plooiingsgebergte Welke voorbeelden kun je noemen?

20 Subductie dichtbij Op de grens van Trias en Jura (-180 mln j): ontstaan van de Tethyszee tussen Afrika en Europa

21 Opgaan, blinken en verzinken… Vanaf Krijt (-135 mln j) schuift Afrika weer naar Europa toe.  Tethyszee wordt dichtgeknepen.  Subductiegebied schuift oostwaarts (roll back).  Afrika schuift onder en over de Europese plaat. Alpiene plooiingsfase –Alpen, Pyreneën, Jura, Karpaten

22 Transforme breuk Grens waar twee platen langs elkaar schuiven ~voorbeeld San Andreasbreuk ~aan weerszijden van de Midoceanische rug –Geen vorming of vernietiging van aardkorstmateriaal –Veel aardbevingen

23 Plaattektoniek in het kort Platentektoniek is een samenhangend geheel van wisselwerkingen tussen delen van de aardkorst. De beweging een de wisselwerking (interactie) worden veroorzaakt door de interne hitte van de aarde. De processen verlopen langzaam en zijn onderworpen aan constante natuurwetten.  actualisme Plaatbewegingen veranderen de aardkorst: vulkanen, aardbevingen, gebergten en diepzeetroggen.


Download ppt "Schuivende schollen HAVO. Wegeners Pangea De vorm van continenten doet vermoeden dat ze heel vroeger één geheel hebben gevormd. 1912: Wegener reconstrueert."

Verwante presentaties


Ads door Google