De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

 Huiswerkcontrole hst 2[10 min]  Natuurverschijnselen[40+ min]

Verwante presentaties


Presentatie over: " Huiswerkcontrole hst 2[10 min]  Natuurverschijnselen[40+ min]"— Transcript van de presentatie:

1  Huiswerkcontrole hst 2[10 min]  Natuurverschijnselen[40+ min]

2

3  Filmpje 2 Filmpje 2  Een zeldzame maar kan voorkomen Een zeldzame maar kan voorkomen  Stevige regenval Stevige regenval  Droogtes Droogtes

4  Natuurrampen horen bij het Middellands Zeegebied.  We zoomen in op twee natuurrampen  Paragraaf 3.1 gaat over aardbevingen en vulkanisme.

5  De aarde verandert voortdurend van uiterlijk. Hoe komt dit?  Exogene krachten (van buitenaf)  Endogene krachten (van binnenuit de aarde)

6  Verwering: Kleiner maken van gesteente  Erosie: Uitschurende werking + transport  Sedimentatie: Neerleggen van materiaal

7  Endogene krachten: Plaattektoniek ◦ Subductiezone ◦ Gebergtevorming ◦ Horsten en slenken ◦ Mid-Oceanische rug ◦ (Hot Spots)  Gevolgen: Aardbevingen en Vulkanisme

8  Of je nu Exogene of Endogene processen bestudeert je kijkt niet op een miljoen jaartje meer of minder!

9  Endogene krachten: Plaattektoniek ◦ Subductiezone ◦ Gebergtevorming ◦ Horsten en slenken ◦ Mid-Oceanische rug ◦ (Hot Spots)  Gevolgen: Aardbevingen en Vulkanisme

10  De wereld bestaat uit platen ◦ Continentale platen ◦ Oceanische platen  Aardbevingen en vulkanische verschijnselen vinden altijd plaats aan de plaatranden  Deze platen zijn altijd in beweging en botsen constant met elkaar.  Maar waardoor bewegen deze platen nu eigenlijk? Wat is het aandrijfmechanisme?

11  Dit komt door convectiestromen. (inwendige warmte van de aarde die circuleert).  De convectiestromen zorgen voor beweging van de platen. (en bepalen de richting van de platen)

12  3 hoofdvormen van platentektoniek: ◦ Convergerende plaatbeweging (naar elkaar toe)  Gebergtevorming  Subductiezone ◦ Divergerende plaatbeweging (Van elkaar af)  Mid-oceanische rug(gen)  Horsten en slenken ◦ Transforme plaatbeweging (langs elkaar af)  Langs elkaar bewegen  Aparte vorm van vulkanisme: Hotspot

13  2 continentale platen botsen met elkaar, daardoor plooiing.  Ontstaan plooiingsgebergte  Gevolg: Gebergtevorming + aardbevingen!!!

14

15  2 platen botsen met elkaar: ◦ Continentale plaat botst met oceanische plaat ◦ Oceanische plaat botst met oceanische plaat (eilandenboog)  De zwaarste plaat duikt onder de andere plaat  Vorming Diepzeetrog  Tevens rimpelt de plaatrand (gebergtevorming)  Diep in de aarde smelt de zwaarste plaat af  Magmabellen sijpelen omhoog  Vulkanen worden gevormd. (Eruptie: Explosief)  Gevormde materiaal: Graniet  Gevolg: Gebergtevorming + vulkanisme + aardbevingen

16  Kijk in de atlas!  Kenmerk: Diepzeetrog + “gebergte” + vulkanen

17  2 oceanische platen gaan uit elkaar  Daardoor kan magma na buiten vloeien  Eruptie: Rustig (effusief)  Aangroei v/d platen  Onderzeese bergketens  Gevormde materiaal: Basalt  Gevolg: Kleine aardbevingen + rustig vulkanisme

18

19

20  2 continentale platen die uit elkaar gaan  Voorloper van Mid- oceanische rug.  Middelste gedeelte zakt weg (slenk)  Horst= Hoger gelegen gedeelte  Slenk = Lager gelegen  Gevolg: vaak alleen aardbevingen (soms spleetvulkanisme)

21  Geen botsing van platen  Een Opstijgende mantelpluim (convectiestroom) die door de korst prikt  Hot spot blijft op zijn plek (de plaat de verschuift)  Alleen vulkanische activiteiten  Ontstaan eilanden reeks  Erupties: Rustig (effusief)  Gevormde materiaal: Basalt

22  Aardbevingen komen niet alleen voor langs plaatgrenzen, maar ook op plaatsen waar bijvoorbeeld gas word gewonnen (Groningen).

23  Grofweg 3 ontstaans- wijze: 1. Zeebeving (aardbeving in zee) 2. Stuk berghelling stort in zee 3. Meteorietin- slag

24  Nog vragen?

25  Maken hst 3: ◦ M opdr. 1 t/m 12 = HW Maandag!  Morgen ◦ Uitleg PO ◦ Uitleg paragraaf 3.1

26  Uitleg paragraaf 3.1  Zelfstandigwerken ◦ Stencil ◦ PO ◦ (opdr 13 t/m 19 p3.2)  Huiswerkcontrole (1 t/m 12)

27  3 hoofdvormen van platentektoniek: ◦ Convergerende plaatbeweging (naar elkaar toe)  Gebergtevorming  Subductiezone ◦ Divergerende plaatbeweging (Van elkaar af)  Mid-oceanische rug(gen)  Horsten en slenken ◦ Transforme plaatbeweging (langs elkaar af)  Langs elkaar bewegen  Aparte vorm van vulkanisme: Hotspot

28  Geologische tijdsschaal ◦ Pangea ◦ Gebergtevormende periode  Middellandse Zee ◦ Voor pangea  Convergerende plaatbeweging (Hercynische plooiing) ◦ Pangea ◦ Na pangea  Tethyszee  Mid-oceanische rug  Klei / kalksteen  Convergerende plaatbeweging (Alpiene plooiing) [in verschillende fasen (begon 65 milj geleden – rust – nu weer)]

29  Geologische tijdsschaal ◦ Pangea ◦ Gebergtevormende periode

30  Exogene en endogene processen zijn processen die dag in dag uit doorgaan voor miljoenen jaren.  Je ziet pas effect na duizenden jaren.  Toch willen geografen de wereld kunnen bestuderen en classificeren.  Toen hebben ze de geologische tijdschaal bedacht. ◦ Aarde 4,6 miljard jaar oud  Ze moesten voor deze enorme tijd een tijdschaal bedenken: De geologische tijdschaal ◦ De schaal is gebaseerd op:  Fossielen  Karakteristieke gesteentelagen

31  Geologische tijdsschaal ◦ Pangea ◦ Gebergtevormende periode

32  Men ontdekte door onderzoek te doen naar Fossielen en gesteentes dat alle werelddelen ooit een keer aan elkaar vast hebben gezeten.  Dit noemen wetenschappers Pangea.  Vanaf dat moment bestuderen de meeste wetenschappers de recente drift van platen.  Dat wil niet zeggen dat de platen daarvoor niet bewogen in tegendeel. (zie atlaskaart 192E, daaruit kun je zien dat er drie fasen van gebergtevorming zijn geweest in heel de geologische geschiedenis. Gebergtevorming duidt op plaattektonische activiteit.)

33

34  1e en oudste [400 miljoen jaar]: Caledonische gebergtevorming  2e [300 miljoen jaar]: Hercynische gebergtevorming (daardoor ontstond pangea). (vb: Ardennen, Appalachen, Eifel, Centraal massief, gebergtes midden spanje en zuid duitsland)  3e en jongste [65 miljoen jaar]: Alpiene gebergtevorming (Vb: Alpen, Himalaya)  De Hercynische en Alpiene worden genoemd in je boek ◦ Waarom zijn er geen gebergtes meer vanuit de Caledonische fase?

35  Geologische tijdsschaal ◦ Pangea ◦ Gebergtevormende periode  Middellandse Zee ◦ Voor Pangea  Convergerende plaatbeweging (Hercynische plooiing) ◦ Pangea

36

37  Vanaf pangea veranderde de aarde flink.  Zie atlas 193A.  Afrika komt los van Europa.  De Tethyszee kan uitbreiden (voorloper Middellandse Zee).  En botst daarna met volle kracht op Europa in (Alpiene plooiing)

38  Vanaf pangea veranderde de aarde flink.  Zie atlas 193A.  Afrika komt los van Europa.  De Tethyszee kan uitbreiden (voorloper Middellandse Zee).  En botst daarna met volle kracht op Europa in (Alpiene plooiing)

39  Geologische tijdsschaal ◦ Pangea ◦ Gebergtevormende periode  Middellandse Zee ◦ Voor pangea  Convergerende plaatbeweging (Hercynische plooiing) ◦ Pangea ◦ Na pangea  Tethyszee  Mid-oceanische rug  Klei / kalksteen  Convergerende plaatbeweging (Alpiene plooiing) [in verschillende fasen (begon 65 milj geleden – rust – nu weer)]

40  Op het moment dat Afrika wegdreef ontstond er op de bodem van de Tethyszee een divergerende plaat. (ongeveer 180 miljoen jaar geleden).

41  Klei = sediment dat in zee beland.  Kalk = dode zeediertjes op de bodem van de oceaan. ◦ Stapelt zich jaar in, jaar uit op. ◦ Komt onder hoge druk te staan. ◦ Kalk versteent  kalksteen

42  Afrika begon weer naar het noorden te schuiven. (twee platen naar elkaar toe).  Nu spreek je dus van convergerende platen.  De Afrikaanse plaat botst tegen europa. Dit ging miljoenen jaren door  Er werd opnieuw geplooid (alpiene plooiingsfase)  Alpen  Kalksteen en klei opgeheven (daarom vind je schelpen hoog in de bergen)  In Europa heb je zowel subductiezone als gebergtevormende plaatbeweging.

43  Geologische tijdsschaal ◦ Pangea ◦ Gebergtevormende periode  Middellandse Zee ◦ Voor pangea  Convergerende plaatbeweging (Hercynische plooiing) ◦ Pangea ◦ Na pangea  Tethyszee  Mid-oceanische rug  Klei / kalksteen  Convergerende plaatbeweging (Alpiene plooiing) [in verschillende fasen (begon 65 milj geleden – rust – nu weer)]

44

45

46

47  Binnen middellands Zeegebied veel verschillende plaatbewegingen  Waaronder subductiezone

48  Aparte vorm van subductie in Europa.  Het zogenaamde roll-back principe.  ‘Staart’ breekt af, door het gewichtsverlies schiet het overige omhoog  Je ziet dit in de Tyrrheense Zee

49

50  Vulkaanvormen zijn afhankelijk van de soort eruptie(s): Explosief en Rustig  Kegelvulkaan of Stratovulkaan

51  Pyroklastische stroom (gloedwolk)  Caldera  Basalt (kinderkopjes)  Graniet (aanrecht)  Tufsteen

52  Maak Stencil opdracht  Maak PO hoofd- deelvragen  (Maak opdr 13 t/m 19, paragraaf 3.2)  Huiswerkcontrole (1 t/m 12


Download ppt " Huiswerkcontrole hst 2[10 min]  Natuurverschijnselen[40+ min]"

Verwante presentaties


Ads door Google