De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Preventie van depressie en suïcide bij ouderen Filip Bouckaert UPC KULeuven campus Kortenberg en CGGBrussel 26.09.09.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Preventie van depressie en suïcide bij ouderen Filip Bouckaert UPC KULeuven campus Kortenberg en CGGBrussel 26.09.09."— Transcript van de presentatie:

1 Preventie van depressie en suïcide bij ouderen Filip Bouckaert UPC KULeuven campus Kortenberg en CGGBrussel

2 indeling Preventie van depressie –Situering depressie bij ouderen –Aangrijpingspunten voor preventie –Voorbeelden van preventieve interventies Preventie van suïcide –Situering van suïcide bij ouderen –Aangrijpingspunten voor preventie –Voorbeelden van preventieve interventies

3 indeling Preventie van depressie –Situering depressie bij ouderen –Aangrijpingspunten voor preventie –Voorbeelden van preventieve interventies Preventie van suïcide –Situering van suïcide bij ouderen –Aangrijpingspunten voor preventie –Voorbeelden van preventieve interventies

4 Prevalentie van depressie bij ouderen vrouwen : mannen (70:30) Voldoen aan DSM-IV-TR criteria voor majeure depressie: 2% niet voldoen aan de DSM-IV criteria voor majeure depressie: 10-15% –mineure depressie –Sub-syndromale depressie –Aanpassingsstoornissen met depressieve kenmerken –Depressie NAO RVT’s: 17% depressies, 38% depressieve klachten

5

6 Gevolgen van depressie bij ouderen Verhoogde mortaliteit Grotere kans op lichamelijke ziekten (immuniteit, zelfzorg, therapietrouw, bioritme verandering,…) Dagelijks fysiek en sociaal functioneren vermindert Qol vermindert Meer gebruik van medisch-somatische voorzieningen

7 Moussavi et al. Lancet, 2007

8 Beekman et al. Arch Gen Psychiatry 2002 Natuurlijk beloop zeer ongunstig Bijna de helft van de ouderen (n=277) bleef meer dan 60% van de metingen (14) depressief. 32% chronisch beloop 32% chronisch-intermittent beloop 12% remissie met terugval 23% remissie

9 Smit et al. Arch Gen Psychiatry 2006 Spontane remissies bij 23% : –preventieve interventies voor die andere 77% via opzoeken van Risicofactoren/risicogroepen Risico-indicatoren identificeren geassocieerd met –een potentieel grote gezondheidswinst –Kleine doelgroepen waardoor logistiek haalbaar en economisch veroorloofbaar en derhalve ‘cost-effective’.

10 Smit et al., 2006

11 Optimale outcome van preventieve interventies Verminderde incidentie van majeure depressie Verminderen van mortaliteit Impact op comorbide lichamelijke aandoeningen

12 Smit et al., 2006

13 Cole et al. Am J Psychiatry 2003

14 Robinson et al., JAMA 2008

15 Jorge et al. Am J Psychiatry 2003

16 Smit et al., 2006

17 Lyness et al., 2006; Smit et al., 2008 Subsyndromale/mineure depressie Oudere patiënten met sub-syndromale depressie en mineure depressie: 5.5 X groter risico dan niet depressieve ouderen om majeure depressie te ontwikkelen –Vrouwen –+ 2 of meer chronische aandoeningen / zelfrapportage van niet welbevinden –Lage graad van mastery –Ervaren van functionele problemen –Lage graad van opleiding –Weduwe staat –Klein sociaal netwerk

18 van 'tVeer-Tazelaar et al. Arch Gen Psychiatry plussers met subsyndromale depressie (n=170) doorliepen verschillende stappen naargelang evolutie symptomatologie: –‘watchful waiting’, –bibliotherapie, –probleemoplossende therapie –farmacotherapie. interventie halveerde de 12 maanden cumulatieve incidentie van depressieve en angststoornissen van – 0.24 in de ‘care as usual’ groep tot 0.12 in de ‘stepped care’ groep.

19 GDS (Geriatrische depressie schaal) screeningsinstrument ( Sheikh & Yesevage, 1986)

20 indeling Preventie van depressie –Situering depressie bij ouderen –Aangrijpingspunten voor preventie –Voorbeelden van preventieve interventies Preventie van suïcide –Situering van suïcide bij ouderen –Aangrijpingspunten voor preventie –Voorbeelden van preventieve interventies

21

22 Leeftijdsspecifieke sterftecijfers voor suïcide (per inw.), mannen en vrouwen, Vlaams Gewest, 2007

23 Evolutie leeftijdsspecifieke sterftecijfers door suïcide (en onbepaalde intenties) per inw Vlaams Gewest,

24 Suïcide bij ouderen: kenmerken Oudere/hoogbejaarde mannen (meer dan andere leeftijdsgroepen) Act minder voorafgegaan door poging (4:1) dan bij volwassenen (10- 20:1) en jongeren (200:1) Minder impulsief, grotere vastberadenheid, sterke doodsintentie (2/3 hebben hoge ‘suicidal intent score’) Meer gewelddadig  Suïcidaal gedrag meer lethaal Majeure depressie sterkste associatie (44% - 87%): merendeel sterft middenin eerste episode majeure unipolaire depressie (alg bevolking Vlaanderen 2003: 54%) Sterke associatie met as-III diagnoses (88% vs 36% bij jongeren)

25 Leeftijdsverdeling suïcidepogingen, Vlaanderen, 2007 De epidemiologie van suïcidepogingen in Vlaanderen Jaarverslag 2007 Eenheid voor Zelfmoordonderzoek, UGent

26 Risicofactoren suïcide bij ouderen Lichamelijke aandoeningen/ziektes Neurobiologische factoren Psychiatrische aandoeningen (71%-95%) Voorgeschiedenis suïcidepogingen Bepaalde persoonlijkheidskenmerken sociale factoren Mannelijke geslacht (4:1)

27 Juurlink et al. Arch Int Med 2004

28

29 Niet-beïnvloedbare risicofactoren bij preventie van suïcide bij ouderen: oudere leeftijd mannelijke geslacht verweduwd of gescheiden voorgeschiedenis van suïcidepoging recent verlies (gezondheid, status, rol, onafhankelijkheid, betekenisvolle relatie) Potentieel beïnvloedbare risicofactoren bij preventie van suïcide bij ouderen: sociaal isolement chronische pijn misbruik van alcohol of medicatie aanwezigheid en ernst van depressie aanwezigheid van hopeloosheid en suïcidale ideatie toegang tot middelen, in het bijzonder vuurwapens

30 Conwell Y., 2007 Het trap-model van suïcide bij ouderen Persoonlijkheidsfactoren, sociale context, culturele waarden en percepties rolveranderingen, lichamelijke ziekte, acute en chronische stressoren Toename depressieve symptomen, vermindering van veerkracht depressie, hopeloosheid

31 Laatste contact (depressieve) ouderen (die suïcide pleegden) met eerste lijnshulpverlener 20% op de dag zelf 40% in de week vòòr hun dood 70% in de loop van de maand Luoma, J. B., Martin, C. E., & Pearson, J. L. (2002). Contact with mental health and primary care providers before suicide: A review of the evidence. American Journal of Psychiatry 159 (6),

32 Laatste contact met hulpverlener: een ‘gemiste kans’ voor suïcide preventie? onduidelijk: weinig gekend over wat precies gebeurt Onderzoek gebaseerd op nota’s huisartsen, politierapporten: –42%-70% van de contacten psychosociale redenen –30%-58% voor lichamelijke redenen. (van Casteren et al, 1993; Isometsa et al, 1995; Vassilas & Morgan, 1994; Obafunwa & Busuttil, 1994)

33 Communicatie van suïcidale intentie met hulpverlener Mannen minder geneigd om suïcidale intenties te communiceren dan vrouwen (Isometsa et al, 1995) Ouderen minder geneigd om suïcidale intenties te communiceren dan jongeren (Conwell et al, 1998)

34 Preventie van suïcide het moment van interventie nog geen suicidaal risico (Primair); tekens van suicidaliteit door vroegdetectie (Secundair) Tertiaire preventie omvat R/ en hervalpreventie. de doelgroep die men via preventie wil bereiken: -universele preventie gericht op de algemene bevolking die geen verhoogd risico heeft om een stoornis te ontwikkelen -Selectieve preventie gericht op een (hoogrisico) subpopulatie waarvan wetenschappelijk werd aangetoond dat zij een verhoogd risico lopen op psychiatrische stoornissen (en suïcidaliteit) aan de hand van bekende risicofactoren -geïndiceerde preventie, gericht op (hoogrisico) personen die minimale maar detecteerbare signalen vertonen die kunnen predisponeren voor psychiatrische stoornissen of in het kader van suïcidepreventie kunnen predisponeren tot suïcide Rechtstreeks (op de persoon) of onrechtstreeks (intermediairen, netwerken,…)

35 Conwell 2007 Preventie van suïcide MOMENT DOELGROEP primairsecundairtertiair Geïndiceerd selectief universeel

36 Conwell, 2007 Preventie van suïcide primairsecundairtertiair geïndiceerd selectief universeel

37 Primair/geïndiceerd Detectie van depressie: –In gemeenschap: ‘gate keepers’ (postbode, wijkagent, apotheek,...)* Screening door sociale diensten –In medische settings: Sensibilisering en deskundigheidsbevordering van eerste lijn* Routine screening van ouderen op depressie in eerste lijn

38 Primair/selectief Verhogen van sociale ondersteuning, verminderen van sociaal isolement –In gemeenschap: seniorencentra Huisbezoeken (van vb weduwnaars,…) ondersteuning van mantelzorgers functioneren optimaliseren, pijn minimaliseren –In gemeenschap: Gezondheidszorg (thuiszorg, familiehulp, wit-gele kruis, psychiatrische thuiszorg,…) –In medische setting: Geriatrische evaluatie en behandeling (vb van chronische pijn) Psycho-educatie aan asymptomatische ouderen met VG depressie

39 Primair/universeel Verhoogde toegankelijkheid tot (geestelijke gezondheids)zorg en sociale diensten (financieel, transport) –Samenwerkingsverbanden tussen de verschillende lijnen, drempelverlagende initiatieven (stijl en setting van diensten) –Medico-sociale hervormingen, wetgeving Indijken van negatieve beeldvorming (gerontofobie en ‘ageism’)

40 Secundair/universeel Destigmatisering van geestelijke gezondheidszorg –Sensibiliseringscampagnes eerste lijn –Media (kranten, films, TV-soaps, …) Vermindering van toegang tot lethale middelen –Wetgeving vuurwapens*, pesticiden,…

41 Suïcide preventie bij ouderen: effect/outcome studies Gotland study (Rhimer et al. J Affective Disorders, 1995) TeleHelp/Tele-check service (De Leo et al. Br J Psychiatry, 2002) PROSPECT (PRevention Of Suicide in Primary care Elderly: Collaborative Trial) (Bruce et al. JAMA, 2004; Alexopoulos et al. Am J Psychiatry, 2009) IMPACT (Improving Mood: Promoting Acces to Collaborative Treatment) (Unutzer et al. JAGS, 2006) SUPPRESS (SUicide Prevention PRogram of Education and Social Support) (Oyama et al. Psychiatry and Clinical Neurosciences, 2006) Southwest Hungary- study (Szanto et al. Arch Gen Psychiatry, 2007)

42 Libby et al. Arch Gen Psychiatry : boxed warning voor antidepressiva bij kinderen (‘paediatric trials’) – FDA – gezien relatieve risico voor suïcidaal gedrag en ideatie 1.95 (95% CI 1.28 – 2.98) ‘spillover’-effect bij volwassenen en ouderen: verminderde behandeling met antidepressiva bij deze doelgroepen

43 Abrams et al. J Clin Psychiatry 2009 Antidepressant Use in Elderly Suicide Victims in New York City: An Analysis of 255 Cases Hoe ouder, hoe minder anti-depressiva gedetecteerd. Bij de hoogbejaarden (+85): significant hoge dosissen terug te vinden van –Analgetica –Anxiolytica-hypnotica Suggestief voor patroon van substituut voorschrijfgedrag

44 Carlsten & Waern, BMC Geriatrics 2009

45 Stone et al. BMJ 2009

46 Cipriani et al. Am J Psychiatry 2005

47 Kellner et al. Am J Psychiatry 2005 Electroconvulsietherapie (ECT) en suïcidale intentie Objective: to assess incidence, severity, and course of expressed suicidal intent in depressed patients who were treated with ECT. Method: Suicidal intent was scored at baseline and before each ECT session with item 3 on the HAMDRS 24-item in 444 patients with unipolar depression. Results: 131 patients (29.5%) reported suicidal thoughts and acts (score of 3 or 4) at baseline. –Scores decreased to 0 after 1 week (three ECT sessions) in 38.2% after 2 weeks (six ECT sessions) in 61.1% at the end of the course of treatment. in 80.9% Conclusions: Expressed suicidal intent in depressed patients was rapidly relieved with ECT. For patients at risk, ECT should be considered earlier than at its conventional “last resort” position.

48 Besluit (1) Het natuurlijk beloop van depressie bij ouderen is ongunstig (slechts 23% spontane remissie) geïndiceerde (subsyndromale depressies) en stepped- care preventie genieten de voorkeur, naast selectieve preventie de proportionele sterftecijfers door suïcide per inwoners pieken bij de hoogbejaarde mannen Het merendeel van de ouderen die zich suïcideren hebben contact gehad met een hulpverlener in de maand voor hun overlijden.

49 Besluit (2) Bijkomende inspanningen moeten daarom geleverd worden naar screening (GDS) en behandeling van aandoeningen die kunnen leiden tot suïcide. Outcome studies zoals PROSPECT, IMPACT en SUPPRESS zijn een voorbeeld van ‘good clinical practice’ (‘Collaborative Care’) Outreaching en aanwezigheid zijn zinvolle methodieken om suïcide te voorkomen. Uitdaging hierbij is om meer mannen te bereiken. Deskundigheidsbevordering van de artsen (cfr Gotland study) en vermindering van toegang tot dodelijke middelen zijn de meest effeciënte strategieën in suicidepreventie.


Download ppt "Preventie van depressie en suïcide bij ouderen Filip Bouckaert UPC KULeuven campus Kortenberg en CGGBrussel 26.09.09."

Verwante presentaties


Ads door Google