De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

ZAKELIJK SCHRIJVEN II college 1, week 1

Verwante presentaties


Presentatie over: "ZAKELIJK SCHRIJVEN II college 1, week 1"— Transcript van de presentatie:

1 ZAKELIJK SCHRIJVEN II college 1, week 1

2 Promotie NSE

3 Introductie  Basisafspraken  Aanwezigheid en afmelden  Huiswerk en samenwerking  Schrijfportfolio  Terugblik op zakelijk schrijven I

4 Literatuur  Renkema, J., De Schrijfwijzer (2012). Amsterdam: Uitgeverij Boom (verplicht, uitgave 2005 mag ook)  Burger, P. & Jong, de, J., Handboek Stijl (2009). Houten: Noordhoff Uitgevers (niet verplicht, behandeld tijdens colleges)  Europees Referentiekader  Referentieniveaus Meijerink

5 Samenstellen schrijfteams  Studenten maken individueel een schrijfportfolio  Iedereen is lid van een vast schrijfteam  Een schrijfteam bestaat uit 3 personen  Binnen een team lezen de leden elkaars werk en geven feedback

6 Feedback geven, ontvangen en verwerken  Ontvangers van feedback geven aan op welke onderdelen zij feedback willen krijgen.  Gevers van feedback voldoen specifiek aan deze vraag, maar geven daarnaast breder feedback.  De feedback betreft nadrukkelijk ook de positieve punten van het schrijfproduct.  Ontvangers van feedback noteren in het portfolio of de feedback bruikbaar was en of en hoe ervan gebruik is gemaakt. Eventueel voegt de schrijver ook eigen feedback toe (voortschrijdend inzicht).  Na feedback wordt het schrijfproduct herschreven.

7 De leerling: beschikt over voldoende woorden om zich te kunnen uiten, kan redelijk en vloeiend een probleem verhelderen en kan informatie vragen, verzamelen, verwerken en geven; kan instructieve teksten en betogende teksten lezen en eenvoudige adolescentenliteratuur; kan de hoofdgedachte van een tekst weergeven en legt relaties tussen tekstdelen en kan die evalueren en beoordelen; kan samenhangende teksten schrijven met een eenvoudige, lineaire opbouw, over uiteenlopende en vertrouwde onderwerpen. De tekst bevat een volgorde met inleiding, kern en slot; beheerst nog niet alle spellingsproblemen, heeft kennis van de lijdende, bedrijvende en vragende vorm, en beheerst moeilijke gevallen van de persoonsvorm. Taalniveau 2F (Meijerink)/ ERK B1

8 Taalniveau 3F (Meijerink)/ ERK B2 De leerling: kan actief en effectief deelnemen aan discussies, debatten en overleg, reageert adequaat op gesprekspartners, beschikt over een goede woordenschat; kan relatief complexe teksten lezen en de hoofdgedachte in eigen bewoordingen weergeven; kan tekstsoorten benoemen en trekt conclusies over intenties, opvattingen en gevoelens van de auteur; kan adolescentenliteratuur en eenvoudige volwassenenliteratuur kritisch lezen; kan met leeftijdgenoten discussiëren over de interpretatie en kwaliteit van de literaire teksten; kan gedetailleerde teksten schrijven waarin informatie en argumenten uit verschillende bronnen bijeengevoegd en beoordeeld worden; kan aantekeningen maken van een helder gestructureerd verhaal.

9 Taalniveau 4F (Meijerink)/ERK C1 De leerling: kan in alle soorten gesprekken de taal nauwkeurig en doeltreffend gebruiken; kan luisteren naar een grote variatie aan teksten; kan een oordeel geven over de waarde en de betrouwbaarheid van informatie en de aanvaardbaarheid ervan; kan meer complexe teksten lezen en volwassenenliteratuur, en kan de interesse in bepaalde schrijvers motiveren kan goed gestructureerde teksten schrijven over allerlei onderwerpen waarbij het woordgebruik rijk is en zeer gevarieerd en de lay-out bewust en consequent is toegepast.

10 Opdracht: schrijversprofiel  Schrijf met behulp van Rubric in bijlage 3 je schrijversprofiel  Maak gebruik van wat je geleerd hebt bij Zakelijk Schrijven I  Gebruik de Rubric om te omschrijven waar je nu staat  Maak ook duidelijk wat je wilt leren  Je schrijversprofiel is het begin van je schrijversportfolio  Tip voor je portfolio: houd een logboek bij!

11 Opdracht 1  Kies een van de drie korte films en bekijk die  Formuleer een stelling  Schrijf een betoog waarin je je stelling onderbouwt (500 woorden)  Doelgroep: leerlingen havo-5 Rotterdamse binnenstadschool  Je begint met ideeën uitwisselen in het schrijfteam  Je schrijft individueel je eerste (klad)versie  Je geeft elkaar feedback: inhoudelijk, over opbouw, over stijl  Schrijf je eindversie  Maak afspraken in je schrijfteam

12 Huiswerk  Volgende week af:  Schrijversprofiel af  Kladversie tekst 1 van bijeenkomst 2 af  Feedback vragen en geven  Korte beschrijving feedback en verwerking  Gemaakte afspraken in het schrijfteam  Tip: zorg ervoor dat je vanaf het begin je werk bijhoudt, want in week 8 móet je portfolio af zijn…


Download ppt "ZAKELIJK SCHRIJVEN II college 1, week 1"

Verwante presentaties


Ads door Google