De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Elementen/air voor een duurzaam vrijwilligerswerk Joris Van Puyenbroeck Erik Claes Onderzoeksgroep SAW – HUB-KAHO.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Elementen/air voor een duurzaam vrijwilligerswerk Joris Van Puyenbroeck Erik Claes Onderzoeksgroep SAW – HUB-KAHO."— Transcript van de presentatie:

1 Elementen/air voor een duurzaam vrijwilligerswerk Joris Van Puyenbroeck Erik Claes Onderzoeksgroep SAW – HUB-KAHO

2 Laura Demunter Erik Claes Dirk Smits Joris Van Puyenbroeck Vrijwilligerswerk in stedelijke context Brussel Rapport via

3 Kennis individueel vrijwilligers(werk) ≠ kennis vrijwilligerswerking Individuele en persoonlijke (lft, geslacht, SES, etc..) spelen een rol om vrijwiligerswerk op te nemen, maar dit is nu niet de focus. Onze vraag: hoe zit de interactie vrijwilligers (individu) met vrijwilligerswerk (organisatie) en hoe kan een (lokale) overheid (i.c. VGC) hierin beleid voeren?

4 Onderzoeksvragen 1.Wat zijn de behoeften van Nederlandstalige vrijwilligersorganisaties uit Brussel? 2.Wat zijn de uitdagingen met betrekking tot doorstroom van vrijwilligerspotentieel inzake vrijwilligersinzet? 3.Hoe en wat communiceren organisaties met hun vrijwilligers? 06/02/2013 4

5 -Multidimensioneel en gevarieerd: -Sectorale verschillen : bv. onderwijs, welzijn, cultuur, jeugd en sport -Verschillen in vrijwilligerstaken (bv. uitvoerend of besturend) -Autonoom of ingebouwd (uitsluitend vrijwilligers of ‘hybride’ mix van professionals en vrijwilligers) (Decreet, 2009) -Werving -commitment na persoonlijke uitnodiging, noodzaak van duidelijke afspraken -NB: ‘Dominant status’: vaak binnen dezelfde sterke groep -Brussel: mensen met migratieachtergrond ondervertegenwoordigd (Roumans, 2009) 06/02/ Uitgangspunten vrijwilligerswerk organisatieniveau

6 -Selectie -Ter discussie, sterk afhankelijk van organisatie -Binding van vrijwilligers -Inspelen op de (gewijzigde) motivatie (bv. niet enkel altruïstisch) en motivationele barrières (bv. tijdsgebrek) -De ‘nieuwe’ versus de ‘klassieke’ vrijwilliger (Hustinx & lammertyn, 2003) : bv. onvoorwaardelijk en langdurig versus afgebakend en occasioneel -Cf. FLEXIVOL (Gaskin, 1998) 06/02/ Uitgangspunten vrijwilligerswerk organisatieniveau

7 -Ondersteuning en waardering van vrijwilligers (door professionals) -Oriënteren, informeren, afspraken maken, taakgericht coachen -Bottleneck: vorming van de professionals -Waardering kan verbaal, via attenties, of d.m.v. erkenning van competenties 06/02/ Uitgangspunten vrijwilligerswerk organisatieniveau

8 – (Persoonsgebonden en socio- economische factoren ifv ‘volhouden’ Lft, SES, persoonlijkheid, motivatie) – Organisatiegebonden: Perceptie van de organisatie Ervaren steun Identificatie als vrijwilliger (‘rol- identiteit’) Bepalende factoren voor duurzaam vrijwilligerswerk

9 Steekproef organisaties Brussel DomeinAantal organisaties Onderwijs & Vorming220 (volledig) Welzijn, Gezondheid & Gezin303 (volledig) Cultuur, Jeugd & Sport392 (steekproef) Totaal915 06/02/2013 9

10 Respons en aanwezige vrijwilligerswerking -Respons: 276 organisaties (30,1%) 06/02/

11 Mogelijke oorzaken non-respons -Sommige organisaties werken slechts op sporadische of kleinschalige basis met vrijwilligers (telefonische feedback)  geen ‘werking’ -Organisaties hebben een verkeerde perceptie van het vrijwilligersstatuut (bv. bestuursvrijwilligers) 06/02/

12 Resultaten: profiel organisaties -Omvang van de vrijwilligerswerking: -Grote verschillen tussen organisaties -Gemiddeld aantal v/org: 24, modale klasse: 10 à 20 v/org -Relatief meer vrijwilligers binnen Cultuur, Jeugd & Sport en Welzijn, Gezondheid & Gezin -4/5 de zijn hybride organisaties: gemengd professioneel- vrijwillig -3/4 de van de organisaties zijn afhankelijk van vrijwillige inzet -Perceptie van het aantal vrijwilligers en uren inzet: volgens 4/5 de stabiel of zelfs toegenomen, 1/5 de merkt afname 06/02/

13 Actueel vrijwilligersprofiel -Geslacht: -Gelijkaardige verdeling mannen en vrouwen binnen organisaties -Leeftijd: -Gemiddeld meer vrijwilligers/org die 35 jaar of ouder zijn -35% van organisaties heeft 75% vrijwilligers ouder dan 54 -Opleidingsniveau: -Gemiddeld meer vrijwilligers/org met hoger opleidingsniveau 06/02/

14 Actueel vrijwilligersprofiel -Overwegend Belgisch en Nederlandstalig -Maar deelname van niet-Belgische en anderstalige vrijwilligers is onmiskenbaar -23% organisaties hebben vrijwilligers die <5 jaar in land verblijven -60% overwegend nederlandstalig, 17% gelijkmatig verdeeld, 20% overwegend anderstalig -De grotere aantallen vrijwilligers van niet-Belgische origine bevinden zich in een relatief kleiner aantal organisaties, bijvoorbeeld in de socio-culturele ‘zelforganisaties’. 06/02/

15 Gewenst vrijwilligersprofiel -Jongere vrijwilligers (nl jarigen) -Op structurele basis -Langere engagementen  Doel: continuïteit van de organisaties verzekeren -Mogelijke verklaring: -Opkomst van de ‘nieuwe’ vrijwilliger (cf. Hustinx en Lammertyn) -Beperkte beschikbaarheid in levensfase van jongvolwassenen tussen 18 en 35 jaar 06/02/

16 Open vraag naar ‘continuïteit’ “… dit wil zeggen het behouden of het vervangen van vrijwilligers die vertrekken. Letterlijk zegt men het zo: “elan behouden”, “behouden dynamiek”, “blijven doorgaan zoals we bezig zijn”, “toekomst veilig stellen”, “voortbestaan garanderen”, “ouderen op termijn vervangen”, “onze vrijwilligster behouden, ze is een parel!”.

17 Organisatie vrijwilligerswerking -Kennis en registratie gegevens vrijwilligers (ruimer dan pure adressenlijst): -Registratie: 2/3 de digitaal en 1/3 de op papier -De meerderheid zegt een duidelijke visie op vrijwilligerswerk te hebben -> 4/5 de geen vrijwilligersreserve 06/02/

18 Werving -Bij de meerderheid duidelijk gedefinieerd -Onderscheid tussen mondelinge en schriftelijke wervingsstrategieën -Voornaamste en meeste succesvolle wervingsstrategie: Mondeling (spontaan, via mond- tot-mondreclame en persoonlijke uitnodiging) -In mindere mate: Schriftelijk (bv. folders, brochures, affiches, artikels,…) -Sociale media worden vaak niet gericht ingezet 06/02/

19 Relatief weinig gebruik van sociale media bij interne communicatie met vrijwilligers (n=151)

20 Selectie -Gebeurt bij 3/5 de van de organisaties: -Voornamelijk bij het domein Welzijn, Gezondheid & Gezin -Selectiecriteria -vooral kennis van het Nederlands en specifieke vaardigheden. -vnl. bij organisaties die overwegend bestaan uit vrijwilligers met een Belgische achtergrond -Verwachte competenties -meerderheid van organisatie heeft concrete verwachtingen: 68% specifieke kennis, 71% specifieke vaardigheden, 84% specifieke attitudes -Bij 4/5 ook actief ingezet en nodig 06/02/

21 Communicatiestrategieën -Gebeurt bijna altijd ‘face tot face’ - , telefoon en SMS wordt bij 3/4 de actief gebruikt -Geen verschil in type organisatie op basis van etnische achtergrond -Inhoud communicatie: -Vnl.: taakaspect (inhoudelijk) en organisatorische aspect (praktisch) -In mindere mate: relationele aspect (opvolging/coördinatie) 06/02/

22 Ondersteuningsbehoeften -Ervaren ondersteuning: -Financieel: voornamelijk VGC -Andere dan financieel: voornamelijk Het Punt vzw en VGC -Ervaren ondersteuningsbehoefte: -Informatie over: Verzekering voor vrijwilligers, vorming van vrijwilligers, wet- en regelgeving en werven van vrijwilligers -Weinig samenwerking en uitwisseling tussenorganisaties uit verschillende beleidsdomeinen 06/02/

23 Beleidsaanbevelingen -De perceptie rond vrijwilligerswerk aanscherpen (vnl. bestuursvrijwilligers) -Sensibiliseren door middel van campagnes -Jongere vrijwilligers aantrekken door middel van: -Persoonlijk contact (= noodzakelijke voorwaarde) EN -Online netwerken (bekendmaking event en vrijwilligerswerk onder de aandacht brengen) 06/02/

24 -Langere engagementen vragen… door ouderen te blijven motiveren (bv. vrijwilligerswerk promoten tijdens pensioenvoorbereidende cursussen; platform waar oudere vrijwilligers hun ervaringen kunnen delen, bekendmaken) 06/02/ Beleidsaanbevelingen

25 -Een betere spreiding van vrijwilligers met een niet- Belgische oorsprong -Door middel van samenwerking en uitwisseling -Nadruk leggen op de multiculturele en meertalige context toekomst van het vrijwilligerswerk -Inhoudelijke speerpunten voor een transversaal beleid -Thema’s: vorming, sociaal werk, integratie, jeugd 06/02/ Beleidsaanbevelingen

26 Lokale samenwerking en uitwisseling van vrijwilligers in Brussel

27 -Delen en uitbreiden van ‘good practice’ op vlak van samenwerking door middel van: -Online platform -E-volunteering -Professionele ondersteuning van vrijwilligerswerking -De verantwoordelijken van de vrijwilligerswerking vormen (‘train the trainers’) -Delen van ‘good practice’ -Visieontwikkeling 06/02/ Beleidsaanbevelingen

28

29 -Een langer engagement vragen: -… door kritisch, reflexief om te gaan met vrijwilligers -… door meervoudige meerwaarde van vrijwilligerswerk te beklemtonen -… door burgers op hun verantwoordelijkheidsgevoel te durven aanspreken -… door een grotere focus op competentieontwikkeling (bv. valorisatie van elders verworven competenties) 06/02/ Beleidsaanbevelingen

30 CASUS 1 : HERSTELGERICHT VRIJWILLIGERSWERK

31 Vb.1 Reflexieve vrijwilligerswerking PWO-onderzoek Herstelrecht en Vrijwilligers ( , Claes e.a.) Waar en Wie? Vrijwiligerswerking Bemiddelingsdienst Arrondissement. Vrijwilligers-bemiddelaars Wat? Vrijwilligers werden bewust gemaakt van de betekenis/meerwaarde van hun vrijwillig burgerschapsengagement Waarom? Empowerment, zet vrijwilliger in zijn krachten Hoe? Focusgroep en diepte-interviews

32

33 Vb.2 Reflexieve vrijwilligerswerking PW0-onderzoek Herstelrecht in Brussel Waar en Wie? Anneessenswijk Brussel, i.s.m. Buurtwinkel Anneessens Buurtbewoners Anneessenswijk Wat? Vrijwilligers krijgen ruimte om hun vrijwillig engagement voor de wijk voor zichzelf zichtbaar te maken? Hoe? Wandelingen, proces van digital-storytelling

34

35 CASUS 2 : GASTOPVANG EN OPPASHULP

36 Community care Caring for = Zorgen voor Care in the community = Professionele zorg Caring about = Geven om Care by the community = Vrijwilligerszorg en informele zorg

37 Vrijwillige opvang en oppas van zorgbehoevende mensen “Gastopvang” (eigen woning) en “oppashulp” (woning zorgvrager) Erkenning in het woonzorgdecreet (2009) Vergelijkbaar met zorgboerderijen en tijdelijk ondersteunende pleegzorg voor volwassenen en ouderen PWO-project: Evaluatie via SWOT: Meerwaarde, competente vrijwilligers, vermaatschappelijkte en gedeelde zorg, maar ook bedreigd in voortbestaan (Diels, Van Rampelberg, Van Puyenbroeck, 2014)

38 Interesse in vrijwillig gastopvang voor zorgbehoevende (marktstudie, deur aan deur) (n=208)

39 Conclusies vrijwillige gastopvang De kwaliteiten en competenties van vrijwilligers en professionals zijn complementair – Professional  ondersteuning van personen met zwaardere zorgbehoeften – Vrijwilliger  minder intensieve zorgvragen Uitbreiding vrijwilligerspool is noodzakelijk – Actieve rekrutering van mensen die het zorgberoep achter zich hebben gelaten – Vrijwilligers blijven binden aan de organisatie, vb. tijdelijke andere dienstverleningen voorstellen zoals oppashulp.

40 (Beleids)aanbevelingen Aanbodzijde: – Betere waardering voor de vrijwilliger – Extra fiscale of sociale voordelen voor gastvrouw of -heer – Betere financiële tegemoetkoming Vraagzijde: – Betere bekendmaking Overkoepelend: – Andere organisatie van het gehele Vlaamse aanbod d.m.v. een centraal onafhankelijk (steun)punt

41 HUB-KAHO vzw Onderzoeksgroep SAW Warmoesberg Brussel


Download ppt "Elementen/air voor een duurzaam vrijwilligerswerk Joris Van Puyenbroeck Erik Claes Onderzoeksgroep SAW – HUB-KAHO."

Verwante presentaties


Ads door Google