De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Aflezen van analoge en digitale meetinstrumenten Digitaal instrument Analoog instrument.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Aflezen van analoge en digitale meetinstrumenten Digitaal instrument Analoog instrument."— Transcript van de presentatie:

1

2 Aflezen van analoge en digitale meetinstrumenten Digitaal instrument Analoog instrument

3 Deze animatie is ontworpen door Inno van Dijk uit Zevenaar Als deze groene toetsen in beeld komen gebruik je…… …….deze toetsen op je toetsenbord. Verder gebruik je alléén de linkermuistoets om ergens op te klikken. Bijvoorbeeld: VERDER of MAAK EEN KEUZE Ga je gang VERDER Uitleg gebruik animatie.

4 Aflezen van meetinstrumenten Klik met de linkermuisknop op het instrument dat je wilt bekijken. Klik HIER als je de les nog moet maken. Digitaal instrument Analoog instrument

5 Enkele voorbeelden van analoge aflezingen. Analoge meetinstrumenten zijn altijd herkenbaar aan de wijzer. VERDER Analoog aflezen

6 Als je weet hoe de schaalverdeling van een liniaal werkt kun je andere schaalverdelingen ook aflezen. Hieronder een stukje van een liniaal. Dit is een decimale schaalverdeling. Dat wil zeggen dat delen van de schaal (tussen twee getallen) zijn opgedeeld in 10 gelijke stukjes. Tel maar uit. 10 gelijke stukjes (schaaldeeltjes) De afstand tussen twee getallen is hier telkens één en verdeeld in 10 kleine schaaldeeltjes VERDER Analoog aflezen

7 Elk schaaldeel is het tiende waard van het deel tussen twee getallen, zie groene streep. Hieronder is de afstand tussen 2 getallen telkens 1. Één schaaldeel is dan 1 : 10 = 0,1 Bij een liniaal zeg je dan dat elke 1 cm verdeeld is in 10 mm. Elk stuk van 1 cm is verdeeld in 10 schaaldeeltjes van 1 mm Dit is één schaaldeel Maar dit ook VERDER Analoog aflezen

8 Je leest altijd af vanaf het cijfer 0 VERDER Analoog aflezen

9 Deze afstand is dus 30 stukjes van 1 mm of 3 stukjes van 1 cm ofwel 30 schaaldelen van 1 mm of 3 schaaldelen van 1 cm = 3 cm VERDER Analoog aflezen

10 De afstand is nu 43 stukjes van 1 mm ofwel 4 stukjes van 1 cm en 3 stukjes van 1 mm = 4,3 cm. VERDER Analoog aflezen

11 V Je ziet de schaalverdeling is veranderd. De waarde tussen twee getallen is nu 2. De waarde van elk schaaldeeltje tussen twee getallen is nu: 2 : 10 = 0,2. Bij een Voltmeter dus 0,2 V. VERDER schaaldeeltje Analoog aflezen

12 De aflezing van de pijl is nu: 0 tot 2 (groene streep) =2 V 5schaaldelen=5 x 0,2=1 V Samen dus = 3 V V VERDER Analoog aflezen

13 De aflezing van de pijl is nu: 3 grote schaaldelen van elk 2V=6 V 3 kleine schaaldelen=3 x 0,2=0,6 V Samen dus 6 + 0,6 = 6,6 V Nog een voorbeeld V VERDER Analoog aflezen

14 Bij deze schaalverdeling is de afstand tussen twee getallen 2 en verdeeld in 10 stukjes. Dit lijkt dus decimaal maar de afstand tussen 2 en 3 is maar verdeeld in vijf stukjes (schaaldelen). De manier van berekenen blijft hetzelfde. Niet alle schalen zij decimaal. V VERDER Analoog aflezen

15 Elk klein schaaldeel (zie groene blokje) is dan: 2 V : 4 = 0,5 V De afstand tussen twee getallen is hier telkens 4. De rode streep is daar de helft van, dus 2. V VERDER Analoog aflezen

16 Een voorbeeld. V De wijzer wijst nu tussen 8 en 12 aan dus 8 V en nog iets meer. Elk schaaldeel is hier 4 V : 8 = 0,5 V. Tussen 8 en de pijl zitten 6 van deze schaaldelen dus 6 x 0,5 volt = 3 V. Samen dus 8 V + 3 V = 11 V VERDER Analoog aflezen

17 Even oefenen. V Hoeveel volt wijst de wijzer aan? 14,3 V 14,6 V 15,5 V Klik met de linkermuisknop op het juiste antwoord. Analoog aflezen

18 De uitwerking V Dat was niet goed. De spanning 12 V en nog iets=12 V Elk schaaldeel is 4 : 8 = 0,5 V; 7 schaaldelen (rode pijl) elk 0,5 V = 3,5 V Samen dus 15,5 V. VERDER Analoog aflezen

19 Loop deze les nog eens zeer aandachtig door. Klik met de linkermuistoets op de rode knop>>>>> Analoog aflezen

20 De uitwerking V Dat was goed. De spanning 12 V en nog iets=12 V Elk schaaldeel is 4 : 8 = 0,5 V 7 schaaldelen (rode pijl) elk 0,5 V = 3,5 V Samen dus 15,5 V. VERDER Analoog aflezen

21 Sommige meetinstrumenten, zoals universeelmeters, zijn voorzien van meerdere schaalverdelingen. Hieronder een voorbeeld van een ampéremeter met vier verschillende schaalverdelingen. De groene pijlen wijzen naar de schaalverdelingen voor wisselstroom de rode naar de schaalverdeling voor gelijkstroom. De bovenste twee zijn voor:0 tot 2 A. De onderste twee zijn voor: 0 tot 5 A. Op deze manier heb je eigenlijk 4 ampéremeters in één. VERDER Analoog aflezen

22 Hieronder een voorbeeld van een meetinstrument met twee schaalverdelingen Bij zo’n meetinstrument moet je eerst bepalen welke schaalverdeling je moet kiezen. Deze schaalverdeling is van een instrument voor meerdere spanningen. Het verschil kan ook te maken hebben met een andere spanningssoort. In dit geval kun je met de bovenste schaal 0 tot 30 en de onderste schaal 0 tot 60 aflezen. De getekende wijzer wijst in de bovenste schaal 3,3 aan. Bij 0 tot 30 V is dat dan 3,3 V. In de onderste schaal geeft de wijzer tussen 6,3 en 7,2 aan. Controleer dit maar. VERDER Analoog aflezen

23 Bij een analoge universeelmeter kan dezelfde schaal als 0-30 ook worden gebruikt voor bijvoorbeeld V. De werkelijke aanwijzing is dan vijf maal zo groot dus geen 3,3 maar 16,5 V. Analoge universeelmeters worden niet veel meer gebruikt. We gaan er hier dan ook niet verder op in. Nu eerst een paar oefeningen. VERDER Analoog aflezen

24 De wijzer wordt met een rode lijn aangegeven. De bovenste schaal is voor meten van 0 tot 30 V de onderste schaal voor 0 tot 60 V. Tussen de 4,8 en 5,1 V Tussen de 9 en de 10 V Precies 9,9 V Klik met de linkermuisknop op het juiste antwoord Gegeven:de meter staat afgesteld op 0 tot 30 V. Hoeveel volt wijst de wijzer ongeveer aan? Analoog aflezen

25 Dat was niet goed. Probeer het nog eens. Let op!Welke schaal moet je gebruiken? Hoeveel is één schaaldeeltje? Klik met de linkermuistoets op de rode knop>>> Analoog aflezen

26 Dat was goed. Je moest de bovenste schaal gebruiken. Elk schaaldeeltje is daarbij 0,3 V. Na de 3 komen er 6 kleine schaaldelen van 0,3 V. De wijzer staat dus direkt ná 4,8 V en vlak vóór de 5,1 V. De onderste schaal geeft wel precies 9,9 V aan maar deze schaal mocht je niet gebruiken. VERDER Analoog aflezen

27 De wijzer wordt met een rode lijn aangegeven. De bovenste schaal is voor meten van 0 tot 30 V de onderste schaal voor 0 tot 60 V. Gegeven: de meter staat afgesteld op 0 tot 60 V. Hoeveel volt wijst de wijzer ongeveer aan? (klik met de linker muisknop op het juiste antwoord) Tussen de 15,3 en 16,2 V Tussen de 7,5 en 8,1 V Precies 7,8 V Analoog aflezen

28 Dat was niet goed. Probeer het nog eens. Let op!Welke schaal moet je gebruiken? Hoeveel is één schaaldeeltje? Klik met de linkermuistoets op de rode knop >>> Analoog aflezen

29 Dat was goed. Je moest de onderste schaal gebruiken. Elk schaaldeeltje is daarbij 0,9 V. Na de 9 V komen nog eens 6 schaaldelen van 0,9 V Totaal dus 9 V + 6x0,9 V = 9 V + 6,3 V= 15,3 V De wijzer staat direct ná de 15,3 V en vlak vóór de 16,2 V. De bovenste schaal wees precies 7,8 V aan maar deze mocht je niet gebruiken. VERDER Analoog aflezen

30 De wijzer wordt met een rode lijn aangegeven. De bovenste schaal is voor meten van 0 tot 30 V de onderste schaal voor 0 tot 60 V. Gegeven: de meter staat afgesteld op 0 tot 30 V. Hoeveel volt wijst de wijzer ongeveer aan? (klik met de linkermuisknop op het juiste antwoord) Tussen de 13,2 en 13,5 V Tussen de 26,1 en de 27 V Tussen de 26,4 en de 27 V Analoog aflezen

31 Dat was niet goed. Probeer het nog eens. Let op!Welke schaal moet je gebruiken? Hoeveel is één schaaldeeltje? Klik met de linkermuistoets op de rode knop>>> Analoog aflezen

32 STOP Dat was goed. Je moest de bovenste schaal gebruiken. Elk schaaldeeltje is daarbij 0,3 V. De wijzer staat 4 streepjes rechts van 12 Volt dus tussen 12 Volt plus 4x 0,3 Volt = 13,2 Volt en 13,5 Volt in. Klik nu op VERDER om de digitale aflezing ook te bekijken. Klik op STOP om deze les te stoppen. VERDER Analoog aflezen

33 Digitale instrumenten zijn herkenbaar aan het display met cijfers. Enkele voorbeelden van een digitale uitlezing. VERDER Digitaal aflezen

34 Voorbeeld van een vier-cijferig display Er staat nu nul komma nul nul nul ofwel gewoon 0. De meter staat ingesteld op: Spanning (V van volt) DC (Direct Current) ofwel gelijkspanning. De meter bepaalt zelf welke schaalverdeling nodig is. VERDER Digitaal aflezen

35 De meter staat ingesteld op Ω dus op het meten van weerstand. Op het display staat 1,8 De weerstand is dus 1,8 Ω Een viertal voorbeelden hoe je moet aflezen. VERDER Digitaal aflezen

36 De meter staat ingesteld op V dus op het meten van gelijkspanning Op het display staat V DC de gelijkspanning is dus 62,55 V. VERDER Digitaal aflezen

37 De meter staat ingesteld op V~ dus op het meten van wisselspanning Op het display staat V AC (alternating current). De wisselspanning is dus 238,6 V. VERDER Digitaal aflezen

38 De meter staat ingesteld op Ω dus op het meten van weerstand Op het display staat kΩ De weerstand is dus 2,718 kΩ ofwel 2718 Ω. VERDER Digitaal aflezen

39 Je weet nu: Wat het verschil is tussen digitale en analoge aflezing Waaraan je een digitaal of analoog instrument kunt herkennen Wat een schaalverdeling is met schaaldelen Wat een decimale schaalverdeling is Wat een display is Waarom analoge instrumenten vaak meerdere schaalverdelingen hebben Maak een keuze en klik met de linkermuisknop op één van de mogelijkheden: Alles opnieuw Alléén digitaal aflezen opnieuw Stoppen Digitaal aflezen

40 Deze animatie is gemaakt door I J TH M van Dijk Einde van deze animatie. Ga nu weer verder met je boek. Einde


Download ppt "Aflezen van analoge en digitale meetinstrumenten Digitaal instrument Analoog instrument."

Verwante presentaties


Ads door Google