De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

India als opkomend land.  Afspreken PW Hst 3  Bespreken SO p1,2 en 3  (Terugblik paragraaf 1 t/m 4 (hoofdlijnen))  Film ‘Micro-krediet’  opdr 11.

Verwante presentaties


Presentatie over: "India als opkomend land.  Afspreken PW Hst 3  Bespreken SO p1,2 en 3  (Terugblik paragraaf 1 t/m 4 (hoofdlijnen))  Film ‘Micro-krediet’  opdr 11."— Transcript van de presentatie:

1 India als opkomend land

2  Afspreken PW Hst 3  Bespreken SO p1,2 en 3  (Terugblik paragraaf 1 t/m 4 (hoofdlijnen))  Film ‘Micro-krediet’  opdr 11 en 12  Nakijken paragraaf 4

3  Paragraaf 1: India, land van de moesson  Paragraaf 2: India, land vol verschillen  Paragraaf 3: Booming India  Paragraaf 4: India Shining?

4 1. Wind waait van H naar L druk. 2. Hadley-cel 3. Homogene wereld 4. Corrioliseffect 5. ITCZ (echte wereld) ◦ Moessons! (droge moesson en natte moesson)  (Wet van Buijs Ballot)

5

6

7  Kinderlijk verteld maar wel nuttig beeldend  Wind Wind  Illustratie corrioliseffect Illustratie corrioliseffect  Dit was een homogene wereld. Hoe zit het in de werkelijkheid ?

8

9  Zie aantekening bord  ITC: Intertropische Convergentie Zone ITC ◦ Land warmt snel op/ Land koelt snel af ◦ Water warmt langzaam op/ water koelt langzaam af.  DAARDOOR: Lagedrukgordel GEEN rechte lijn!!

10

11

12  Tropen ● Droge en natte tijd.  Regentijd in zomer  oorzaak: Overdag boven 40 O C  warme lucht stijgt op  wordt aangevuld door natte lucht vanaf de oceaan = zuidwestenmoesson. Vervolgens botst lucht tegen Himalaya: Loefzijde.  Winter: droge aflandige wind ● Neerslag erg onbetrouwbaar.

13

14 1. Wind waait van Hogedruk naar Lagedruk 2. Wind krijgt op het NH een afwijking naar rechts, en op het ZH naar links (gezien vanuit het Hogedrukgebied!)

15  BB 43: De wet van Buijs Ballot  BB 44: De grote windsystemen  BB 47: Moessons (H)  BB 51: Koppen (H)

16  Paragraaf 1: India, land van de moesson  Paragraaf 2: India, land vol verschillen  Paragraaf 3: Booming India  Paragraaf 4: India Shining?

17  Cultureel mozaïek ◦ De echte Indiër bestaat niet!  Waarom niet?  Grote variatie aan talen, godsdiensten en gewoontes  Maar waarom is het dan toch 1 land? 21 deelstaten

18  India was een zogenaamde exploitatiekolonie ◦ Wat houdt dat in?  (leegroven) Grondstoffen weghalen zodat die gebruikt konden worden voor de Europese industrie.  Behalve exploitatie koloniën had je ook vestigingskoloniën. Die waren echt bedoelt om een nieuw leven op te bouwen: Bijv: VS of Australie.

19  Wat zie je hier? ◦ Hoe komt dit ?  % Moslims / Hindoeïsme  >70%

20  Veel verschil tussen Arm en Rijk in India ◦ Met andere woorden: Veel sociale ongelijkheid  Dit komt oa door het Kastenstelsel ◦ Wat is het kastenstelsel? ◦ Vanaf geboorte behoor je tot een bepaalde kaste  sociale groep ◦ Die bepaald je levensverloop ◦ Ze geloven in Reïncarnatie (weder- geboorte) ◦ Ondanks dat kasten- stelsel afgeschaft is, hanteren veel mensen op het platteland de regels

21  Paragraaf 1: India, land van de moesson  Paragraaf 2: India, land vol verschillen  Paragraaf 3: Booming India  Paragraaf 4: India Shining?

22  Wanneer is een land rijk? Wanneer is een land arm? ◦ Je meet het ontwikkelingspeil!  BNP  Basisvoorzieningen  Voedsel  Huisvesting  Onderwijs  Gezondheidszorg  Overige kenmerken:  Bevolkingsgroei  Bestaansmiddelen  Verdeling stad - platteland

23  India behoort tot de opkomende landen in de wereld.  De zogenaamde BRIC-landen ◦ Brazilië, Rusland, India en China.  Deze landen kennen grote economische groei door de globalisering. Hoe komt dit ? ◦ MNO’s gaan outsourcen (arbeidsintensief werk laten doen in het buitenland) ◦ Lagelonenland  India is in trek vanwege de IT-sector.

24  Goed Engels sprekend  Harde werkers  Vrijemarkteconomie  SEZ (speciaal economische zones) ◦ Belastingvoordelen etc.

25  Paragraaf 1: India, land van de moesson  Paragraaf 2: India, land vol verschillen  Paragraaf 3: Booming India  Paragraaf 4: India Shining?

26  ‘De olifant staat op’ ◦ Opkomend land  Ondanks opkomende economie, toch veel problemen in het land. ◦ Bijvoorbeeld:  Grootste modernste Metropool van het land: Mumbai  Behalve een luxueus CBD ook heel veel krottenwijken in de stad!  Maar er is een opkomende middenklasse!  Google.nl Google.nl

27  Relatieve en absolute armoede. Wat is het verschil? ◦ Relatief = in relatie tot het geheel! ◦ Absoluut = Minder dan 1 dollar per dag!  India kent een duale economie.  Dat wil zeggen dat een gedeelte van de economie heel modern en ontwikkeld is, terwijl er ook veel mensen zijn die het moeten hebben van de informele sector en/of de traditionele sector!!!

28  Een reden voor het feit dat India veel armoede kent is de grote bevolkingsgroei.  Verklaar dit. ◦ Inkomen/ aantal mensen ◦ Veel voorzieningen (hoge kosten: scholen, ziekenhuizen etc)  India heeft hoog geboortecijfer maar gezinnen vonden dit vroeger niet zo erg. Waarom niet? ◦ Kinderen dienen als oude dags voorzieningen en brengen geld in het laatje.  Waarom letten ze nu wel op hoeveel kinderen ze krijgen? ◦ De kosten die kinderen met zich meebrengen ◦ Geboortenbeperking (reclame) ◦ Toenemende welvaart (kinderen zijn niet nodig!)

29  BB 110 Bevolkingscijfers: Absoluut en relatief  BB 111 Demografisch transitie  BB 112 Bevolkingsdiagram  BB 113 Soorten bevolkingsdiagrammen  BB 201Ontwikkelingssamenwerking

30  Rijken landen (ontwikkelde landen) geven vaak hulp aan arme landen (ontwikkelingslanden).  Je kunt ontwikkelingssamenwerking op 2 manieren indelen:  Op wat er gegeven word  Of door wie er geeft  Wat: Structurele hulp of noodhulp  Wie: particulieren of regeringen (volgende dia)

31  Particulieren investeren vaak in arme(re) landen of ze gaan een joint venture aan (samenwerkingsverband).  Bij veel hulp zijn overheden (lees: regeringen) betrokken. ◦ Bilaterale hulp (er zijn slechts 2 landen betrokken, een gever en ontvanger). ◦ Multilaterale hulp (meerdere overheden zijn erbij betrokken, is moeilijk organiseren dus gaat vaak door middel van een internationale organisatie. Vb: Unicef of Unesco.

32


Download ppt "India als opkomend land.  Afspreken PW Hst 3  Bespreken SO p1,2 en 3  (Terugblik paragraaf 1 t/m 4 (hoofdlijnen))  Film ‘Micro-krediet’  opdr 11."

Verwante presentaties


Ads door Google