De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Uitleg Examen Gesprekken voeren Emine Osmanoglou.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Uitleg Examen Gesprekken voeren Emine Osmanoglou."— Transcript van de presentatie:

1

2 Uitleg Examen Gesprekken voeren Emine Osmanoglou

3  Bestaat uit 2 onderdelen:  1 Interview ◦ 2F: 2 keer 2 minuten ◦ 3F: 2 keer 3 minuten  2 Discussie ◦ 2F: 5 tot 8 minuten ◦ 3F: 6 tot 10 minuten

4  Je bent verstaanbaar  De gesprekken zijn de uitvoering vd opdracht  Je voldoet aan minimale duur

5  Kiezen in overleg met docent  Heeft te maken met: ◦ Opleiding of beroep  Werk  Stage  Project  Interview over: ◦ Werkzaamheden, ideeën, ervaringen, keuzes, mening, project  Discussie over: ◦ Een dilemma, meningsverschil, probleem, stelling of keuze  Voorbeeld: ◦ Kunststof kozijnen of houten kozijnen? ◦ Verf op waterbasis of op synthetische basis? ◦ Kast van massief hout of plaatmateriaal?

6  Het mondeling wordt opgenomen met een voice-recorder

7  Interview (2 of 3 min) ◦ Zoek achtergrondinformatie over het onderwerp waarover je wordt geïnterviewd ◦ Bereid minimaal 5 vragen voor over het onderwerp voor je gesprekspartner ◦ Vraag naar de mening ◦ Vraag naar de ervaring van iemand ◦ Vraag om voorbeelden ◦ Vraag door op de antwoorden die je krijgt ◦ Beurt omdraaien  Discussie (5 of 7 min) ◦ Er is een stelling ◦ Er is een voorstander ◦ Er is een tegenstander ◦ Bereid minimaal 2 argumenten: vóór de stelling ◦ Bereid minimaal 2 argumenten: tegen de stelling ◦ Docent start de discussie

8

9  Je voldoet aan de opdracht  Je geeft genoeg informatie en je bent overtuigend  Je bent gericht op je gesprekspartner  Je laat iemand iemand spreken maar je neemt ook het woord (beurt geven en nemen)  Je voert samenhangende gesprekken  Je woordgebruik is trefzeker en correct  Je woordenschat is groot  Je bent verstaanbaar  Je spreekt vloeiend  Je spreekt grammaticale correct

10  Maak gebruik van verschillende soorten vragen ◦ Open vragen ◦ Wie, wat, waar, wanneer, waarom, hoe  Reageer adequaat op de vragen  Gebruik LSD ◦ luisteren, samenvatten, doorvragen  Gebruik feedbackregels ◦ Aankijken, reageren, hummen, bevestigen, ik- boodschap, non-verbaal gedrag  Onderbouw jouw mening met deugdelijke argumenten  Haal de argumenten van je tegenstander onderuit met tegenargumenten

11  Is de uitvoering vd opdracht daadwerkelijk een interview en een discussie?  Wordt er genoeg informatie gegeven over het onderwerp? Is er diepgang?  Hoe hoog is het abstractieniveau van je taaluitingen?  Blijf je dichtbij jezelf of heb je meer kennis in huis dan je eigen ervaring en belevingswereld?  Kun je verschillende tekstdoelen combineren, zoals informeren, overtuigen, instrueren, etc?  Bereik je je doel?  Neem je genoeg initiatief in het gesprek?  Reageer je adequaat op je gesprekspartner?  Zorg je voor interactie (gerichtheid op gesprekspartner)? Komt elk gesprekspartner evenveel aan het woord?  Gebruik je standaard zinnen om aan het woord te komen en te blijven?  Zorg je ervoor dat het gesprek samenhangend is? Een logisch gesprek, met begin en eind?  Gebruik je een passende toon? Ben je formeel/informeel?  Zijn je gekozen woorden trefzeker?  Varieer je in woorden? Maak je gebruik van een uitgebreide woordenschat?  Spreek je verstaanbaar?  Spreek je vloeiend?  Spreek je grammaticaal correct?  Stel je open vragen, om de ander uit te lokken? (discussie)  Maak je gebruik van gesprekstechnieken zoals LSD en andere feedbackregels?  Communicatieve vaardigheden

12  Strengere beoordeling op 3F: ◦ Argumentatie (Meerdere, sterkere, slimmere argumenten) ◦ Complexiteit (maatschappelijk, economisch, politiek relevant) ◦ Informatiedichtheid ◦ Diepgang ◦ Het nemen van initiatief tijdens het gesprek ◦ De bijdrage aan de samenhang van het gesprek ◦ Het bereiken van het doel (informeren, overtuigen) ◦ Afstemming op de gesprekspartner (verbaal/non-verbaal gedrag, formeel/informeel, juiste taalvariant, juiste toon) ◦ Woordgebruik (correct en trefzeker) ◦ Variatie in woordenschat (grootte woordenschat) ◦ Vloeiendheid ◦ Verstaanbaarheid ◦ Grammaticale correctheid ◦ Abstractieniveau ◦ Afstand tot de belevingswereld ◦ Gebruik van gesprekstechnieken (LSD, feedbackregels, communicatietechnieken)

13

14  PW9.6  Fraude in bouw/infra: prijsafspraken, kartelvorming  Klokkenluiders in de bouw/infra, wel of geen bescherming?  Gedragscode voor aannemers: wel of niet  Zelfbouw: voor- en nadelen  Renovatie of nieuwbouw  Aanscherping van veiligheidsregels in de bouw/infra  Gebruik van kunststof  Gebruik van prefab elementen  Duurzaam bouwen: voor- en nadelen  Hoe kan de overheid werkgelegenheid stimuleren in de bouw/infra, en zou dat moeten? (denk aan andere sectoren)  Nederland is al volgebouwd, dus niet meer bouwen van gebouwen, snelwegen, spoor, tunnels, bruggen  Aanscherpen van toezicht op beunhazerij (zwart werken in de weekenden)  Zzp’er, voor- en nadelen  Belasting ontduiken van aannemers, consequenties voor de staatskas  Maasvlakte 2, succes of mislukking?  Arbo-inspectie, last of lust  Luchtdicht bouwen, wel of niet?  Wel of geen zonnepanelen  Staalbouw of houtskeletbouw  Regelgeving vanuit overheid moet versoepeld worden (vergunningen, etc)  De machthebbers in de bouw hebben mede de crisis veroorzaakt (dure huizen, hoge hypotheken)  Bouwen kan veel goedkoper dan aannemers ons doen voorkomen  Vinexwijken, een zegen of een vloek  zie lijst onderwerpen It’s Learning/docent  Isolatie woningen, beste manier  Toolboxmeeting, nodig of niet?

15  Interview ◦ Bevraag de ander over de materiaalkeuzes die hij/zij gemaakt heeft ◦ Beurt omdraaien ◦ 2 keer 3 minuten  Discussie ◦ Bespreek tijdens voorbereiden waar jullie verschillen liggen ◦ Ga na het interview over op de discussie over de verschillen ◦ 6 tot 10 minuten ◦ Minimaal 2 argumenten en 2 tegenargumenten

16  Motivatie voor keuze materialen:  Soorten stenen  Soorten vloeren  Soorten dakplaten  Soorten dakpannen  Soorten ventilatiesystemen  Afweging cv-installatie en warmtepomp  Soorten dragende binnenwanden  Soorten palen  Soorten kozijnen  Soorten dekvloeren


Download ppt "Uitleg Examen Gesprekken voeren Emine Osmanoglou."

Verwante presentaties


Ads door Google