De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Genesis 1:1-6:8 (6) WELKOM. Psalm 25: 5  Louter goedheid zijn Gods paden  voor wie leeft naar zijn verbond,  daaraan trouw blijft en zijn daden  slechts.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Genesis 1:1-6:8 (6) WELKOM. Psalm 25: 5  Louter goedheid zijn Gods paden  voor wie leeft naar zijn verbond,  daaraan trouw blijft en zijn daden  slechts."— Transcript van de presentatie:

1 Genesis 1:1-6:8 (6) WELKOM

2 Psalm 25: 5  Louter goedheid zijn Gods paden  voor wie leeft naar zijn verbond,  daaraan trouw blijft en zijn daden  slechts op Gods geboden grondt.  Zie mij schuldig voor U staan,  HEER, vergeef mijn overtreden,  neem mij om uws naams wil aan,  groot zijn uw barmhartigheden.

3 Psalm 119: 2  Wie heeft lust de HEER te vrezen  als het hoogst en eeuwig goed?  God zal zelf zijn leidsman wezen,  leren hoe hij wandlen moet.  Hij mag uit des HEREN hand  voorspoed op zijn weg verwachten.  Het door God beloofde land  erven ook zijn nageslachten.

4 Genesis 1:1-6:8 (6) GEBED

5 Genesis 1:1-6:8 (6) Vraag: Is de slang ook verdronken bij de zondvloed?: -Antwoord: -We zijn geestelijk erfelijk belast door Assen-1926 > heeft de slang zintuigelijk en waarneembaar gesproken? -Gedachte 1 – als de slang gewoon slang was, was zij allang net als hele generaties dieren gestorven. -Gedachte 2: Genesis 3:14-15 en Openbaring 12 > -Geestelijk wezen

6 Genesis 1:1-6:8 (6) 1.In de Bijbel lezen we dat God de mens maakte uit stof en dat hij tot stof zal terugkeren (als hij niet van de vruchten van de levensboom kan eten). (Gen. 2:8; 3:19,22 en 1 Kor.15:47) Ook Adam en Eva zijn dus als sterfelijke mensen geschapen. Vragen: a.Zat de ‘paradijselijke wereld’ van het begin niet vol met natuurlijk kwaad (pijn, ziekte, lijden, dood), zowel bij de mensen als bij de dieren?

7 Genesis 1:1-6:8 (6) a.Zat de ‘paradijselijke wereld’ van het begin niet vol met natuurlijk kwaad (pijn, ziekte, lijden, dood), zowel bij de mensen als bij de dieren? b.Hier past allereerst de houding die Job leerde: “was jij erbij?” a.Vervolgens enkele gedachten: a.De mens moest heersen over de schepping…. b.Is het virus, de bacterie, de schimmel, de mug pas gekomen na de zondeval?

8 Genesis 1:1-6:8 (6) a.b.Christenen duiden de eeuwige toekomst vaak in termen van herstel van de oorspronkelijke wereld. Is het niet beter om te stellen dat wij door Christus tot een nieuwe en hogere bestaansvorm zullen worden verheven? (vgl. 1 Kor.15:45-49) b.Ja, en daarvoor kunnen we kijken naar het onderwijs van Paulus en van de HEER, bijvoorbeeld over het huwelijk (dat er niet meer zal zijn).

9 Genesis 1:1-6:8 (6) a.Ik maak drie opmerkingen en stel daarbij een vraag. b.1)Van een christen mag worden verwacht dat hij niet alleen eerbiedig en ontvankelijk luistert naar Gods Woord maar ook de resultaten van natuurwetenschappelijk onderzoek serieus neemt. De resultaten van dit onderzoek leveren sterke aanwijzingen voor een gemeenschappelijke afstamming van mensen en dieren. c.2)Als Kaïn door God wordt weggezonden bij zijn familie en dwalend over de aarde moet gaan, is hij bang en zegt hij tegen God: iedereen die mij tegenkomt kan mij doden (Gen.4:14). Kennelijk waren er toen dus al veel mensen op aarde. d.3)Een christen gelooft dat er harmonie is tussen Bijbel en natuur. Veel christenen die zich zowel in de Bijbel als in de natuurwetenschap verdiepen hebben de volgende opvattingen:

10 Genesis 1:1-6:8 (6) a. Adam en Eva waren niet de eerste geschapen mensen b. Voor Adam en Eva geldt evenals voor alle andere mensen: ze zijn ontstaan door biologische processen die door God geleid zijn c. Niet alle mensen stammen af van Adam en Eva d. Adam werd door God aangesteld tot verbondshoofd van alle mensen e. Bij mensen en dieren is sprake van een gemeenschappelijke afstamming. Vraag: Zijn a t/m e legitieme opvattingen voor iemand die de Bijbel recht wil doen?

11 Genesis 1:1-6:8 (6) Antwoord (1): -Allereerst de vraag: wat is legitiem. Legitiem komt van het woord “wet”, dus is het wettelijk toegestaan? -Daarbij de vraag: “welke wet.” -Dan komen we uit bij: -De goddelijke auteur. -De menselijke uitleg. -Uitleg is een proces van (gelovige) dialoog! -Tussen God en mens / mensen onderling / mensen in de geschiedenis

12 Genesis 1:1-6:8 (6) Antwoord (2): a. Adam en Eva waren niet de eerste geschapen mensen b. Voor Adam en Eva geldt evenals voor alle andere mensen: ze zijn ontstaan door biologische processen die door God geleid zijn c. Niet alle mensen stammen af van Adam en Eva Kern (1): Adam is MENS = beeld van God, mannelijk en vrouwelijk Kern (2): deze MENS kreeg de plaats in het heiligdom (Paradijs) om eeuwig met God te leven Kern (3): deze MENS werd God ontrouw en God voltrok zijn oordeel

13 Genesis 1:1-6:8 (6) Antwoord (3): d. Adam werd door God aangesteld tot verbondshoofd van alle mensen e. Bij mensen en dieren is sprake van een gemeenschappelijke afstamming. Stel dat er meer mensen waren dan Adam en Eva… Genesis 4:16 wijst in die richting, net als Genesis 6:1-4 Dan is het nodig om dit te bedenken: deze MENS kreeg de plaats in het heiligdom (Paradijs) om eeuwig met God te leven – in die zin is hij verbondshoofd, priester(!) Gemeenschappelijke afstamming? Bedenk dat wetenschap altijd een voorlopig karakter heeft…

14 Genesis 1:1-6:8 (6) Lezen: Genesis 5 Storende fout op blz. 37 Tussen Lamech en Mechujaël zit Metusaël, waardoor Lamech de zevende is. – naast Henoch, ook de zevende.- fout ook bij wetenswaardigheid 3.

15 Genesis 1:1-6:8 (6) Lezen: Genesis 6 blz 37: Wie zijn de zonen van de goden? De 120 jaar Wetenswaardigheid (3) > schitterende opbouw

16 Genesis 1:1-6:8 (6) Lezen: Genesis 4 < nog eenmaal terug naar Kaïn blz 34-35: De straf en van kwaad tot erger Kaïn > Lamech

17 Genesis 1:1-6:8 (6)

18 -Lezen: Genesis 4:1-16 -Vragen blz. 31

19 Genesis 1:1-6:8 (6)  PS. De powerpoints staan op: 

20 Genesis 1:1-6:8 (6)  Voor de volgende keer…  ?  Misschien Romeinen?  Of Exodus met excursie naar Museum van Oudheden in Leiden?

21 Psalm 25: 2  HEER, wijs mij toch zelf de wegen  waar mijn voeten veilig gaan;  Maak mijn hart er toe genegen,  die blijmoedig in te slaan.  God mijns heils, naar wie ik smacht,  wil mij in uw waarheid lijden,  leer mij, daar ik dag en nacht  U gelovig blijf verbeiden.

22 Psalm 25: 3  Denk aan mij in uw ontferming,  HEER, waarop ik biddend pleit,  want uw trouw en uw bescherming  schenkt U reeds van eeuwigheid.  O, gedenk de zonden niet,  in mijn jeugd door mij bedreven.  Wilt U, die mijn schulden ziet,  in uw goedheid mij vergeven.

23 Genesis 1:1-6:8 (6) DANKGEBED


Download ppt "Genesis 1:1-6:8 (6) WELKOM. Psalm 25: 5  Louter goedheid zijn Gods paden  voor wie leeft naar zijn verbond,  daaraan trouw blijft en zijn daden  slechts."

Verwante presentaties


Ads door Google