Klinisch beeld van decompressieziekte

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Wanneer presenteert een CVA zich als een delier??
Advertisements

Regeling 4H.
Slechthorendheid & Klinische Genetica
Eerste, successieve duiken en uitzonderingsregel
Review Article; Diving emergencies
Frank-Erik de Leeuw neuroloog
Indicaties en Techniek van Cervicale Tracties
Anesthesie bij zwangeren
PDT = PhotoDynamische Therapie
Allergie en luchtwegproblemen bij peuters en kleuters
Bitumen De basis van asfalt Tony De Jonghe Eurobitume.
Neurologische complicaties van duiken
Diagnostiek van ontwikkelingsstoornissen
The Aging Spine & De anesthesioloog.
Hoofdstuk 6: Controle structuren
Visusdaling.
Versie 1.0 Okt 2004 Deep - Stops Bendor Versie 1.0 Okt 2004Deep Stops2 Inhoud Deep stops en hun verband met microbellen Microbellen, een nieuw gegeven.
Diabetes en Neurologie
Centrale Zenuw Stelsel
Thema 6: Regeling Basisstof 3
Thema 6: Regeling Basisstof 1 en 2
Dotteren bij Vaatspasmen na SAB
Voorspellende factoren van post-CVA depressie
Plexus brachialis letsel
Steroiden bij acute dwarslesie
CAT 4 februari 2004 Patiënt presenteerde zich tijdens de dienst dd 20 jan 2004 met acuut ontstane vertigo. Betahistine?
Een (on)gewone complicatie van een SAB
Gaswisseling en ademhaling
Hans de Schipper, Han Bonenkamp
DIVERTICULOSE & DIVERTICULITIS
DCD Developmental Coordination Disorder
SENSORISCHE INFORMATIEVERWERKING
Klachten aan Arm, Schouder of Nek
AL amyloidose oorzaak, klachten en behandeling
Urogenitale aandoeningen
Fracturen bij kinderen kunnen onafgezien van hun lokalisatie steeds conservatief behandeld worden daar zij meestal snel genezen en de natuur nog wel voor.
Computersimulaties voor acute beroertezorg: barrières en oplossingen Maarten M.H. Lahr, Ph.D. Senior onderzoeker, Afdeling Neurologie, Universitair.
Ziekte van Addison.
Het Perifere zenuwstelsel
SHOCK.
Mechanische ongevallen
Herkenning van het potentieel bedreigde kind
De Herkenning van depressie en angst door huisartsen: Beïnvloed door lichamelijke gezondheid? Marloes Gerrits Juni 2012 NHG wetenschapsdag Co-auteurs:
Het zenuwstelsel.
Orthopedische chirurgie: wervelkolom- en schouderchirurgie
Revalidatie bij reumatoïde artritis
Decompressieziekte Dr Herman van Bogaert.
SHOCK. Wat? Acute stoornis van de circulatie Bevloeiing van de weefsels onvoldoende: zuurstofnood t.h.v. cellen Levensbedreigend ziektebeeld: mag niet.
Help ! Blauwe plekken: Eerste benadering bij diagnostiek
Wat is ( jeugd ) reuma ?? Daphne Veldman 4BA
VUmc Basispresentatie Roeliene Kruizinga, AIOS interne
Zoekvraag Eva de Jongh Terugrapportage 17 april 2012.
ZORGVRAGER MET VAATAANDOENINGEN. CEREBRAAL VASCULAIR ACCIDENT/ CVA Wat is het? = Hersenbeschadiging tgv een probleem in de bloedvaten die het hersenweefsel.
Ziekte van Parkinson Intro slide: Dr. Verhellen Eva 12 mei 2016.
Behandeling van acute myogene kaakgewrichtsproblemen Dr. B. Gemels – ASO MKA Dienst Mond-, kaak- en aangezichtschirurgie Ziekenhuis Oost-Limburg.
Zoekvraag S.Duzenli PICO P: Armvene trombose I: Trombolyse C: Groep zonder trombolyse O: wel of geen posttrombotische complicaties.
COPD en zuurstof Longpunt 16 september 2016 Jeanine Antons, longarts.
26 oktober 2016 Rotterdam Erasmus MC / Traumacentrum ZWN
Hst. 2 Het zenuwstelsel.
(Longoedeem door onderdompeling)
Pijn.
Decompressieziekte Dr Herman van Bogaert.
Thema 6: Regeling Basisstof 1 en 2
Spinal cord disease in women with ALD
Ziekte verloop 2.3 en
Decompressie en luchtplanning
Acupunctuur na een acute beroerte
Nabehandeling Dupuytren
Transcript van de presentatie:

Klinisch beeld van decompressieziekte

Nut van classificatie vergemakkelijken diagnose bepalen van behandelingsbeleid optimalisatie van behandelingsbeleid dmv retrospectief of prospectief onderzoek epidemiologisch onderzoek optimalisatie van decompressie-algoritmen op basis van retrospectief onderzoek (preventieve strategieën) inzicht in de fysiopathologie van decompressie-aandoeningen

Moeilijkheden bij formele classificatie eenvoudig vs gecompliceerd (= “bruikbaar” vs “niet werkbaar”) precieze codering noodzakelijk = “gesloten” systeem terugkoppeling naar fysiopathologisch mechanisme niet steeds mogelijk

Eenvoudige classificatie (Golding, 1960) Type I DCS: niet-systemisch, perifeer, minder ernstig (vb. gewrichtspijn, botnecrose, huidsymptomen, lymfe) Type II DCS: systemisch, ernstig (vb. centraal zenuwstelsel, longen, circulatoire shock) AGE: luchtembolie door longoverdruk (> cerebraal neurologische symptomen, cardiaal)

Beschrijvend (Francis, 1991) DCS + AGE  “DCI” + beschrijving Voordelen: Geen noodzaak formele indeling Geen onderscheid DCS – AGE Geen impliciet vaste relatie tussen symptomen en type behandeling Nadelen: Voor epidemiologische en cause-effect studies niet zo bruikbaar Gecompliceerd (vb. acute pijn linker schouder + paresthesie linker hand + algemene abnormale vermoeidheid 30 minuten na duik naar 30msw gedurende 25min zonder decompressiestop)

Andere classificaties mogelijk DAN Europe Hotline: “serious” vs. “mild” Gelocaliseerde of veralgemeende decompressie-pathologie Effecten van arteriële vs. veneuze bellen DCI na saturatie of na korte duiken (effects of pressure) … Afhankelijk van wat men wil bestuderen ! Nut van zo volledig mogelijke gegevensverzameling, om latere (her)classificatie mogelijk te maken

Diagnose van DCI Aard van de voorafgaande duik (+ omstandigheden) Tijdstip van optreden Klinische symptomen (Evolutie van de symptomen) Mate van zekerheid van diagnose (wordt al te vaak niet ge-evalueerd !) = statistieken-probleem

Symptoms of DCS Osteo-articular & tendinous – Slowly saturated tissues (low affinity, low vascularity) Muscular – adipose – lymphatic – Rapidly saturated tissues (affinity low, perfusion high – or affinity high, perfusion low) Neurological (spinal cord) – Intermediate tissues (affinity high, perfusion high) Vascularised bubble disease – Venous / arterial / paradoxical gas emboli

Extravasculaire bellen Weefsels met lange “periode” Na lange duiken, vaak niet extreem diep Evt. met toegenomen lokale doorbloeding Kan optreden tot 24 uur na de duik Pijn thv. (belaste) gewrichten Zeurende pijn, progressief erger Geen verband met beweging / belasting vh.gewricht Lokale druk verbetert de pijn Gunstige invloed van NSAID

Dysbaric Osteonecrosis 1911 Bassoe : Caisson workers Incidence (?) in amateur SCUBA divers (only 4 litterature reports) Inadequate decompression = likely cause Nitrogen emboli  coagulation cascade  microthrombosis

Dysbare osteonecrose

Veneuze stase-bellen Overbelasting veneuze capillaire netwerk Na diepere duiken (+ : naderen no-deco limiet) In weefsels die vrij snel verzadigen en mogelijk trager desatureren (type-voorbeeld: lage ruggemerg) Meestal <2 uur na de duik Neurologische uitval, > onderste lichaamshelft Motorisch, sfincters, sensorisch, meerdere niveaus Patchy beeld, pyramidaal beeld, incompl. Brown-Sequard Progressief, gaat NIET spontaan beteren Invloed van NSAID: NEEN, invloed van O2: JA

Spinal Cord DCS Arterial blood supply

Spinal Cord DCS Arterial blood supply Venous return

Neurological symptoms in DCS Lower spinal cord sensory disturbances : pain (D11-D12), paresthesia (L1-L5), bladder / bowel sensory dysfunction (S), thermo-algesia motor syndrome : uniplegia, paraplegia, paresis, proprioception

Arteriële bellen Steeds na veneuze bellen (paradoxale embolisatie) Na diepere duiken (+ : naderen no-deco limiet) Uit weefsels die vrij snel verzadigen en desatureren (type-voorbeeld: spieren, splanchnisch systeem) Meestal <30min na de duik Neurologische uitval, > high-spinal / cerebraal Motorisch, sensorisch, meerdere niveaus, gekruist, hemibeeld Visus, gehoor, evenwicht, bewustzijns-verandering (NB denial ?) Progressief, gaat vaak spontaan beteren Invloed van NSAID: NEEN, invloed van O2: JA

Cerebral DCS Brain = “fast tissue” Embolising bubbles : mechanics reuptake of nitrogen in brain tissue shrinkage of bubbles DCS when massive bubble load shortly after surfacing (right-to-left shunts)

Cerebral – high-spinal DCS Altered consciousness (apathy, insolence, denial) Deafness, vestibular deficit (vertigo, nausea) Visual disturbances Abnormal fatigue Unilateral / Monomeric paresthesias / paralysis (DD AGE, cervical spine lesion) Pauci- / a-symptomatic

Vestibulaire DCS

Speciale gevallen Lymfatische DCS Cutane DCS AGE vs Cerebrale DCS: Lokaal ? Cerebraal ? AGE vs Cerebrale DCS: Rokers ! Emphyseem Bullae

Relatieve incidentie DAN USA Accidents Report 2004

Relatieve incidentie CHBO DCS database 1994-2004 (n=157) Perifeer neurologisch : 35% Centraal neurologisch : 30% Pain only (type I) : 20% Skin bends : 5% AGE : 7% Clearly mixed : 3% DAN USA Accidents Report 2004

Tijdstip van symptomen

Time frame of onset of DCS ONSET WITHIN 1 HOUR IN 50% OF CASES ONSET WITHIN 6 HOURS IN 90% OF CASES ONSET WITHIN 24 HOURS IN 99% OF CASES BEYOND 24-36 HOURS, THE DIAGNOSIS OF DCS BECOMES QUESTIONABLE