Semantiek 2016-2017 week 4
Welke vragen staan centraal? Prototypen Waarom lees je zelden dat een gemeente "een mannelijke burgemeester" heeft?
wat gaan we vandaag doen? 1. Herhaling begrippen vorige keer 2. ‘Teken een huis’ 3. Afbeeldingen indelen 4. Hand-out opdr. 3 5. Evaluatie kennis: kaas 6. Afronden op doelen + vooruitblik volgende week
doelen 1. Je herhaalt de begrippen homonymie, polysemie, metaforisering, metonymisering. 2. Je kunt omschrijven wat een prototype is. 3. Je kunt uitleggen wat de relatie tussen een prototype en intensie/extensie is.
1. Herhaling begrippen vorige keer Hand-out: opdr. 1. Eerst individueel, dan uitwisselen met buren.
1. Hand-out opdr. 1
1. Hand-out opdr. 1
1. Hand-out opdr. 1
wat gaan we vandaag doen? 1. Herhaling begrippen vorige keer 2. ‘Teken een huis’ 3. Afbeeldingen indelen 4. Hand-out opdr. 3 5. Evaluatie kennis: kaas 6. Afronden op doelen + vooruitblik volgende week
2. Teken een huis Opdracht: teken een huis. (2 min.)
2. Teken een huis Bij wie lijkt het huis hier op?
2. Teken een huis En bij wie hier op?
2. Teken een huis En wie heeft er zoiets?
2. Teken een huis Of dit?
wat gaan we vandaag doen? 1. Herhaling begrippen vorige keer 2. ‘Teken een huis’ 3. Afbeeldingen indelen 4. Hand-out opdr. 3 5. Evaluatie kennis: kaas 6. Afronden op doelen + vooruitblik volgende week
3. Afbeeldingen indelen Stoelen + tafels aan de kant: loopruimte. Vind je het plaatje echt een typisch voorbeeld van de categorie waarbij het hoort? Dan aan de linkerkant staan. Plaatje juist geen typisch voorbeeld: rechts. Mwah? In het midden.
3. Afbeeldingen indelen
3. Afbeeldingen indelen
3. Afbeeldingen indelen
3. Afbeeldingen indelen
3. Afbeeldingen indelen
3. Afbeeldingen indelen
3. Afbeeldingen indelen
3. Afbeeldingen indelen
3. Afbeeldingen indelen
3. afbeeldingen indelen
3. afbeeldingen indelen n
wat gaan we vandaag doen? 1. Herhaling begrippen vorige keer 2. ‘Teken een huis’ 3. Afbeeldingen indelen 4. Hand-out opdr. 3 5. Evaluatie kennis: kaas 6. Afronden op doelen + vooruitblik volgende week
4. Hand-out opdr. 3 prototypen in taal Dus: we hebben favoriete voorbeelden van categorieën. ≠ uitsluitend plaatjes. Hand-out opdr. 3 + 4 maken. - Opdr. 3: welke begrippen kies je om in te vullen? - Opdr. 4: kun je 'zitmeubels' classificeren? En kun je jouw keuzes expliciet maken en weergeven in een taxonomie? Eerst individueel. Dan in tweetallen. Daarna uitwisselen met ander tweetal.
4. Hand-out opdr. 3 prototypen in taal Woordveld: - Algemener begrip: hyperoniem. (Hoger in taxonomie.) - Daaronder: hyponiem. - Hyponiem specifieker, dus intensie groter. - Hyponiemen nemen intensies hyperoniemen over.
wat gaan we vandaag doen? 1. Herhaling begrippen vorige keer 2. ‘Teken een huis’ 3. Afbeeldingen indelen 4. Hand-out opdr. 3 5. Evaluatie kennis: kaas 6. Afronden op doelen + vooruitblik volgende week
5. Evaluatie kennis: kaas A B C
wat gaan we vandaag doen? 1. Herhaling begrippen vorige keer 2. ‘Teken een huis’ 3. Afbeeldingen indelen 4. Hand-out opdr. 3 5. Evaluatie kennis: kaas 6. Afronden op doelen + vooruitblik volgende week
doelen 1. Je herhaalt de begrippen homonymie, polysemie, metaforisering, metonymisering. 2. Je kunt omschrijven wat een prototype is. 3. Je kunt uitleggen wat de relatie tussen een prototype en intensie/extensie is.
Volgende week 5 (13 dec.) Kleurt taal je wereldbeeld? Kleurt taal je wereldbeeld? Zien sprekers van verschillende talen de wereld ook verschillend? - reader § 2.2, 2.3, 3.4 - Taalcanon*: Kleurt taal je wereldbeeld?