De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Oudheid – 17 e eeuw Praktische alchemie Steen der wijzen Mystieke alchemie Verlichting en alwetendheid Goudzoekers.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Oudheid – 17 e eeuw Praktische alchemie Steen der wijzen Mystieke alchemie Verlichting en alwetendheid Goudzoekers."— Transcript van de presentatie:

1

2 Oudheid – 17 e eeuw Praktische alchemie Steen der wijzen Mystieke alchemie Verlichting en alwetendheid Goudzoekers

3 Bekende alchemisten

4 Modellen +/- 400 B.C.

5 Modellen +/- 400 B.C. Atomos = ondeelbaar

6 Atoommodel van John Dalton 1803 Atoom is kleinste niet-ontleedbare deeltje. Molecuul opgebouwd uit verbindingen tussen atomen. Molecuul is ontleedbaar.

7 Atoommodel van Thomson 1902 Atoom is massieve bol Positief geladen deeg Her en der negatief elektron

8 Proef met kathodestralen

9 Atoommodel van Rutherford 1911 Positieve kern Elektronen cirkelen eromheen Veel lege ruimte

10 Proef met goudfolie Verwachting: deeltjes gaan rechtdoor Werkelijkheid: deeltjes verstrooien

11 Atoommodel van Bohr 1913 Elektronenconfiguratie volgens Bohrmodel SchilKLMNOPQ Nummer Max. bezetting281832

12 Theoretische verklaring voor spectrum analyse

13 Atoommodel van Sommerfeld 1916 Introduceerde subschillen in elektronenconfiguratie s – 2 elektronen p – 6 elektronen d – 10 elektronen f – 14 elektronen

14 Atoommodel van Schrödinger en Heisenberg 1926 Wolkvormige banen waar zich waarschijnlijk een elektron bevindt Kwantum mechanisch model

15 Waarom symbolen

16 Symbolen 1718

17 Mendeljev 1869 Relatie tussen eigenschappen elementen en hun atoommassa’s Geen symbolen meer

18 Periodiek systeem

19 Het elektromagnetisch spectrum

20 Spectrum analyse Een zoektocht naar nieuwe elementen R.Bunsen en R. Kirchhoff in 1860

21 Elektronen, de bron van scheikunde Elektronen configuratie De schillen en orbitalen Een atoom gebruikt de elektronen in zijn buitenste schil voor het aangaan van reacties. Hoe meer elektronen in de buitenste schil hoe meer reacties aangegaan kunnen worden. Deze reacties zijn vaak bindingen.

22 Elektronen affiniteit Een atoom wil altijd graag zijn buitenste schil vol hebben. De edelgassen hebben hun buitenste schil al vol en reageren weinig, ze hebben geen elektronen nodig. De halogenen missen 1 elektron en willen die heel graag hebben en reageren daardoor zeer sterk.

23 Elektronen affiniteit De alkali metalen hebben maar 1 elektron in hun buitenste schil, als ze die kunnen afstoten is hun volgende schil wel vol. Alkali metalen willen dus graag 1 elektron kwijt en reageren daardoor sterk. De aard alkali metalen hebben 2 elektronen in hun buitenste schil en willen die net als de alkali metalen graag kwijt en reageren ook redelijk sterk.

24 Ionen en ionisaties Elektronen kunnen uit de buitenste schillen komen of toegevoegd worden, echter het aantal protonen in de kern blijft gelijk. Dit leidt tot een ladingsverschil, het atoom is niet meer elektrisch neutraal geladen het is nu een ion. Ionogene binding (sterk, en gezamenlijk neutraal) Vb NaCl

25 Atoombinding Gezamelijk elektronen paar bij niet metalen. Vb O 2 Bij identieke atomen is deze covalente binding apolair en bij verschillende atomen kan deze polair zijn (niet lading neutraal). Vb H 2 O

26 Vier atoombindingen; enkelvoudig, dubbel, drievoudig of viervoudig. Vb waterstofcyanide molekuul

27 Moleculen Een verbinding van 2 of meer atomen Het kleinste deeltje wat nog over de eigenschappen beschikt van een stof.

28 VESPR model De vorm van moleculen

29 Geometrische structuren Emplodocus heeft de laatste jaren toch ook een beetje gelijk gekregen. Zijn piramide en cubus vormen zien we vaak terug in moleculen van het VESPR model en in kristalroosters. Ook het twaalf vlak en twintigzijdige zien we tegenwoordig terug in de koolstof nanotechnologie


Download ppt "Oudheid – 17 e eeuw Praktische alchemie Steen der wijzen Mystieke alchemie Verlichting en alwetendheid Goudzoekers."

Verwante presentaties


Ads door Google