De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Johan Gyssens Hoofdverpleegkundige Spoedgevallen Rampencoördinator Universitair VerplegingsCentrum Brugmann.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Johan Gyssens Hoofdverpleegkundige Spoedgevallen Rampencoördinator Universitair VerplegingsCentrum Brugmann."— Transcript van de presentatie:

1 Johan Gyssens Hoofdverpleegkundige Spoedgevallen Rampencoördinator Universitair VerplegingsCentrum Brugmann

2 Temperatuur : Koorts Die meten we alle dagen, en dan … Koorts moet gemeten worden ? Zo ja hoe ? Koorts moet bestreden worden ? Koorts is gevaarlijk ? Zo ja vanaf welke temperatuur ? Laat de patiënt even gerust, maar voorzie wel voldoende drinken !!

3 Temperatuur : Hypothermie We denken aan wintertoestanden, maar …  Postoperatief  Oudere personen  Zweten  Sepsis  Septische shock  Geïnduceerde hypothermie  Open je ogen !!

4 Hartslag : Waarom meten we dat ? Is hypergevoelig ! Is onderhevig aan zoveel factoren ! Is het nuttig ? Indien goed gemeten … Hoe stressbestendig bent u ?

5 Bloeddruk : Hypertensie Stress Pijn Cardiaal lijden Hypotensie Hypovolemie cardiaal lijden Pijn Als dit valt, valt hij goed !!!

6 Saturatie :  Dit is niet zaligmakend !!!  Zuurstofdissociatiekurve  Correct gebruik  Is het betrouwbaar ?

7 Saturatie (2) :  CAVE :  CO  Cyanose  Koude extremiteiten  Nagellak hyper-/hypoventilatie, hypo-/hyperthermie …

8 Ademfrequentie : Bijna niemand meet het En niemand meet het correct En toch … Hypoventilatie Hyperventilatie Kussmaulademhaling Cheyne Stokesademhaling Gaspen Ronkende ademhaling (sputum) ….

9 Bewustzijn : Enkel in traumazorg ? Dit is een uiterst belangrijke Parameter !!! Hij vertelt je zoveel Beste Tool is GCS Eye movements: 1.niet openen 2.op pijn open 3.op aanspreken open 4.spontaan open Motorische reactie: 1.geen reactie op pijn 2.abnormaal strekken (decerebratie) 3.abnormaal buigen (decorticatie) 4.trekt terug op pijn 5.lokaliseert pijnprikkel 6.opdracht uitvoerend Verbale respons: T geïntubeerd 1.geen geluid makend 2.ondefinieerbare geluiden 3.onsamenhangende woorden 4.verwarde conversatie 5.georiënteerd in tijd, plaats en persoon

10 Urinedebiet : Is een perfecte indicator van de algemene toestand Hoeveel is normaal ? 0.5 a 1 ml/kg/uur Wat is het aspect van de urine ? Geur ? Kleur ? Helderheid ?

11 Huidskleur : Bleek ? Klam ? Pijn ? Blauw ? Cyanose ? Extremiteiten ? Rood ? CO intoxicatie ? Geel ? Hoe zie je dat een zwarte bloost ? Hoe zie je dat een zwarte cyanotisch is ?

12 Glycemie :  Wat lees je af, en hoe ? mg/dl of …  Ontsmetten met alkohol ?  Welk toestel ?  Welke zijn de beperkingen ?

13 Glycemie (2): Hypoglycemie  Neuroglycopenie : Concentratiestoornis, vermoeidheid, dysfasie, zwakte, gedragswijziging, coördinatiestoornissen  Stress reactie : Transpiratie, tremor, angst, tachycardie, honger

14 Glycemie (2): Hypoglycemie Reageer adequaat en NU !! Meet de glycemie en de glycurie ! Geef suiker zo snel mogelijk, indien mogelijk PO anders IV, en liefst beide. Alternatief Glucagon® IM (1mg) Vererger het niet door bij gedaald BWZ iets te laten eten !!

15 Glycemie (3) : Hyperglycemie Dorst, veel drinken en plassen Gewichtsverlies en jeuk. verzuring van het lichaam !!! (Metabole (keto)-acidose) is niet zo bij type 2 (NIDDM) Hyperventilatie (compensatoire respiratoire alkalose), acetongeur (groene appels) De aceton is ook in de urine te meten.

16 Glycemie (4) : Hyperglycemie Reageer adequaat ! Meet de glycemie Verwittig de arts Laat de patiënt drinken zoveel hij wil Start snel een infuus !! Blijf alert Ook dit kan snel gaan, zeker bij glucurie en acetonurie

17 Glycemie (5) : Valkuilen  Peritoneale dialyse  Ik voel me niet goed !!  De Ethylintoxicatie !! Vitamine B1 Lactaatacidose hyperglycemie

18 VAS :  Visuele Analoge Schaal  Werkt dit ?  Is dit objectief genoeg ?  beperkingen ?  Dring aan op pijnstilling  Ook op Morfine indien aangewezen  Er bestaat zoiets als een pijnladder

19 Hemoglobine (A1c, A2, F, H en S) : heem : Fe2+ met 4 stikstofatomen Verlies : Bloeding Anemie Fe tekort Nl waarden : mannen g/dL vrouwen g/dL HbA1c glycolysatie is een parameter voor therapietrouw Stijging van 1% geeft stijging van 35% op neuropathie

20 Hemoglobine (A1c, A2, F, H en S) : Hb A2 is een parameter boor beta Thalassemie Hb F is eveneens een parameter voor beta Thalassemie Hb H is een parameter voor alfa Thalassemie Hb S is een parameter voor Drepanocytose Zeg dus niet zomaar hemoglobine !!

21 Hematocriet :  Is het aantal rode bloedcellen per liter bloed  Stijging : EPO, deshydratatie, hoogtestage  Daling : Dilutie, hemolyse  Normale waarde pasgeborenen % <2 jaar % 2-10 jaar % volwassenen: mannen % vrouwen %

22 Rode bloedcellen : Erythrocyten  normale waarde mannen *10^ 6 mm3 vrouwen *10^6 mm3. Afwijkingen : Probleem in aanmaak : niet voldoende slechte kwaliteit Probleem in afbraak : te snel Dit heeft altijd zijn repercuties op het volledige organisme !!! Zij staan immers in voor O 2 en CO 2 transport ! Niet vergeten zij zijn de dragers van de ABO en Rh !!

23 Witte bloedcellen : Leucocyten  normale waarde mannen 4-10*10^3 mm3 vrouwen. 4-10*10^3 mm3 Afwijkingen zijn een indicatie van een infectie ! De samenstelling is echter nog veel interessanter : Differentiatie (% van het totaal aantal) (absoluut) Neutrofiel41 a a 6.7 Basofiel 0 a a 0.1 Lymfocyt19 a a 3.5 Monocyt3 a a 1.0

24 Witte bloedcellen : Leucocyten De gesegmenteerde neutrofielen lager dan 45 % spreekt men van agranulacytase.(een tekort aan neutrophielen). Bij meer dan 75 %, bacteriële infectie of een ontsteking of zelfs leukemie De eosinofiele granulocyten. Bij meer dan 5 % allergische reactie vb hooikoorts, kan ook een parasitaire infectie, zoals wormen, malaria etc De basofielen granulocyt. Verhoging bij diabetes militus en bij nefrose, ze zijn anti-coagulant

25 Witte bloedcellen : Leucocyten De lymfocyten. De cellen produceren anti-lichaampjes en neutraliseren schadelijke organisme of vernietigt deze, incl. virussen. Zij zorgen voor het immuunsysteem van ons lichaam. (Vooral de T- lymphocyten, gevormd in de thymus). Minder dan 20 % wijst op bacteriële infectie of zelfs myeloide leukemie. Meer dan 40 % wijst op een virale infectie, darm infecties, agranulocytose of lymfatische leukemie. De monocyten. Monocyten zijn macrofagen. Meer dan 10 % komt voor bij griep, leukemie, tuberculosis of bij schimmel infecties.

26 Bloedplaatjes : Trombocyten Bloedplaatjes of thrombocyten zijn de kleinste celfragmenten in het bloed. Het zijn stukjes verbrokkelde beenmergcellen (megacariocyten). Hun grootte wisselt tussen 1 en 3 µm Normale waarde à /mm³

27 Bloedplaatjes : Trombocyten Verhoogd aantal trombocyten bij: acuut bloedverlies na operatie shock maligniteiten, vooral in voortgeschreden stadia infecties weefselafbraak ijzergebrek in aansluiting op splenectomie Verlaagd aantal trombocyten bij: aplastische anemie beenmergbeschadiging (bestraling, cytostatica, vele andere geneesmiddelen, benzeen) beenmergziekten (leukemie, metastasen) toxische beschadiging van de megakaryocyten (alcohol, infectie) vitamine B12-deficiëntie of foliumzuurdeficiëntie Hypothyreoïdie, uremie, splenomegalie, massale bloeding en transfusie uitgebreide acute trombose.

28 Stolling : D-Dimeren Tijdens de bloedstolling wordt uit fibrinogeen, fibrine gevormd. factor XIII, gaat bindingen vormen D-fragmenten van fibrinomeermoleculen. Samen met de stolling (aanmaak van fibrine) treedt ook steeds fibrinolyse op, waarbij plasmine het fibrinecomplex afbreekt, met o.a. vorming van afzonderlijke D-dimeren (blijvend aan mekaar vastzittende D-fragmenten van naburige fibrinemonomeren). Bij verhoogde stolling kunnen D-dimeren aangetoond worden diepe veneuze trombose longembool of infarct, CVA, infecties, leverlijden, … Normaal < 500ng/ml bloed

29 Stolling : aPTT Activated protrombin timeNormaal 22.2 a 34.4 s Intrinsieke Maatstaf voor stollingsstoornissen Gedaalde aPTT is meestal teken van een stijging van factor 8 vaak na trauma of infectie Gestegen aPTT (verhoogde bloedingskans ! ) Tekort aan bepaalde factoren (oa congenitaal) Antilichamen ( bv Lupus) Heparinebehandeling Coumarinebehandeling

30 Stolling : PT Extrinsieke Maatstaf voor stollingsstoornissennormaal tussen 11 en 13s Het verschil ligt hem in het toevoegen van vreemde factoren Is gestegen bij : leverfalen factordeficientie Heparine, Coumarine Medicatie (salicylaten, antacida, allopurinol) Vit K deficientie Is gedaald bij :Vit K overschot Trombophlebitis INR : International normalised ratio

31 Cardiale markers : Myoglobine  Verliest stilaan aan belang  Is echter de eerste cardiale marker die wijzigt  Is familie van hemoglobine, maar houd zuurstof vast voor goede werking van de spieren  normale waarde 20 a 82 ùg/l

32 Cardiale markers : CK-MB Creatine Kinase MBnormaal < 16 U/l Dit is een perfecte marker voor infarcten !! Daarbij komt nog dat bij trombolyse deze parameter snel zal reageren Vooral belangrijk tov CK : Gestegen CK met lage CK MB beschadiging van skeletspieren Gestegen CK met hoge CK MB (ratio van 2.5 a 3) beschadiging hartspier !! CAVE : Vals positief bij nierfalen, COPD, chronisch alkoholgebruik

33 Cardiale markers : CPK  Creatine Kinase  Is niet echt specifiek CK MB BB en MM  Is belangrijk om de ratio met CK MB te bekijken  Is een parameter van spierschade  Maar is bv ook na trauma gestegen. Normale waarde : mannen < 145 vrouwen < 130 Bij zwarten is er vaak een hogere CK waarde

34 Cardiale markers : Troponine T   Er bestaan 3 vormen C, I en T normale waarde < 0.8 µg/l Ze verschillen voldoende van skeletspieren Bij hartspierschade worden deze vrijgezet Hoe groter de schade hoe groter de concentratie Stijgen vrij snel na infarcering Belangrijk is 6 uur na initiele afname te herhalen

35

36 CRP : C-Reactive Protein  CRP is een vroegtijdige, gevoelige doch aspecifieke indicator van inflammatie, weefselnecrosis of trauma.  Hoge CRP-waarden (in afwezigheid van trauma) kunnen wijzen op een bacteriële infectie  <5 mg/L  Zou infarcten kunnen voorspellen ?

37 Leverfunctie : GammaGT gammaGT, SGPT, SGOT, LDH en alcalische phosfatasen worden als routinematige levertesten uitgevoerd. gammaGT.(Gamma-glutamyl-transpetidase). Deze test is een uitstekende aanduiding voor ontstekingen van de bilaire cellen van de lever. normale waarde mannen 6-28 nU/ml vrouwen 4 tot 18 nU/ml. GammaGT stijging bij; alcoholabusus, diabetes, sommige geneesmiddelen zoals orale contraceptie, barbituraten, anti-epileptica

38 SGPT (transaminase glutamaat pyruvaat). Ook wel ALAT genoemd Normale waarde mannen < 23 nU/ml vrouwen < 19 nU/ml. Parameter voor leverschade : Bij stijging hepatitis, cirhosse, … CAVE  stollingstoornissen !! SGOT (transaminase glutamaat oxaloacetaat) ook wel ASAT genoemd Is minder specifiek voor lever komt ook in spier en hart voor Als dit gestegen is, is de toestand ernstig Normaal waarde mannen < 18 nU/ml vrouwen < 15 nU/ml. Leverfunctie : SGPT en SGOT

39 Leverfunctie : Alkalische Fosfatase De alcalische phosfatase Een verhoging van het gehalte aan Alkalische-Fosfatase in combinatie met normale ALAT en ASAT waarden wijst in de richting van een galwegaandoening. Sterk verhoogde waarden kunnen te maken hebben met galwegobstructie of met galwegziektes zoals primaire biliaire cirrose of primaire scleroserende cholangitis. Het Alkalische-Fosfatase wordt behalve in de galwegcellen ook aangemaakt in de cellen van de darm, nieren, placenta en botten. Verhoogde waarde is dus niet specifiek !! De normaal toegestane waarde bedraagt 40 tot 190.

40 Leverfunctie : LactaatDeHydrogenase Het LDH is een enzym dat aanwezig is in de lever, het hart, sommige spieren en in rode bloedcellen. Hoge LDH waarden in combinatie met lage SGOT en SGPT waarden kunnen te maken hebben met tumoren in de lever (metastasen en primaire leverkanker). Hoge LDH waarden in combinatie met hoge ALAT en ASAT waarden wijzen juist weer in de richting van hepatitis of een hartinfarct. Normale waarden mannen vrouwen

41 Nierfunctie : Ureum Ureum is het voornaamste eindproduct van de eiwitstofwisseling Ureum wordt door de nieren uitgescheiden. In het algemeen wordt het in de lever gevormd uit ammoniak, het belangrijkste afbraak product van de aminozuren, die op hun beurt weer de bouwstenen zijn van de eiwitten Ureum is giftig. Symptomen : hoofdpijn, sufheid, bleek-bruinige droge huid, met onderhuidse bloedingen, jeuk, daling eetlust, braken, adem ruikt naar ammoniak (geur van bedorven urine). Ureum wordt bij nierfalen door de huid (jeuk) en via speeksel (urinegeur van adem) uitgescheiden  Metabole acidose !! Normaal waarden voor mannen en vrouwen mg/dl.

42 Nierfunctie : Creatinine De creatinine en klaring van creatinine is een maat voor het filtratie vermogen van de nierlichaampjes (filterend vermogen) De productie is constant. Dus de concentratie van creatinine is omgekeerd evenredig is met de klaring van creatinine in de urine De normaal waarde voor het serum bedraagt voor mannen mg/100 ml en voor vrouwen mg/100 ml Creatinine klaring voor vrouwen (140-leeftijd)x gewicht(kg) = 8.5 x creatinine mg/l voor mannen :(140-leeftijd)x gewicht(kg) = 7.2 x creatinine mg/l Nl waarde mannen ml/l, bij vrouwen ml/l.

43 Pancreasfunctie : Amylase Amylase is een enzyme dat instaat voor afbraak van suikers(polysacchariden) Normale waarde : <113 U/L Stijgingen groter dan 10 keer de normale dosis : pancreatitis ! Stijgingen van 5 a 10 keer de normale dosis : ileus of duodenaal lijden of nierfalen Kleinere stijgingen licht nierfalen of speekselproblemen

44 Pancreasfunctie : Lipase Lipase is een enzyme dat instaat voor de afbraak van vetten Normale waarde : U/L Bij stijging 2 a 5 keer normale waarde pancreatitis Lichte stijging speekselproblemen, nierfalen, maagzweer Soms sterke stijging door aanwezigheid van neoplasma

45 Bloedgassen : Dit is geen verpleegkundige handeling !! Is zelfs niet toe te vertrouwen !! Langzaam preleveren Degassing en hemolyse Bloedstaal ontluchten 0.01 ml lucht geeft afwijking van 15% pO2 Binnen de 15 minuten aflezen Goed mengen

46 Oxygenatie : Druk versus saturatie pO 2 = 100mmHg 100 x 0,003ml = 0,3 ml O 2 opgelost / 100ml bloed aantal O 2 opgelost in plasma O 2 Saturatie = 98% 98 x 1,36ml O 2 x 98/100 = 19,7ml O 2 opgelost / 100ml bloed aantal O 2 gebonden per gram Hb

47 Oxygenatie : pO 2 is belangrijkste oxygenatie parameter: Bepaalt de bindingskracht van Hb voor O 2 Bepaalt hoe lang O 2 uitgewisseld wordt thv de cel.  immers hoe hoger de pO 2 hoe langer er gasuitwisseling is  immers hoe lager de pO 2 hoe korter de gasuitwisseling is

48 Oxygenatie :A-a DO 2 Alveolar-arterial oxygen difference Maat voor diffusie Formule : respiratoir quotient (luchtdruk - waterdruk) x FiO 2 - ( PaCO 2 / RQ ) } – PaO x / Idealiter resultaat = 0 mmHg Normaal resultaat = mmHg Licht afwijkend = mmHg Zwaar afwijkend = > 30 mmHg

49 Oxygenatie :IPF P0 2 / FiO 2 verhouding Normaal : 95 / 0,21 = 453 Cave: Bij IPF < 300 = Respiratoire insufficientie Bij IPF < 200 = ARDS

50 Ventilatie : CO 2 = afbraakprodukt van metabolisme Eigenschappen van CO 2 zeer goed diffundeerbaar ( capnografie : pCO 2 = EtCO 2 ) Let op PCO 2 -EtCO 2 >5mmHg = ernstig longlijden) zwaar gas (aktief uitblazen = ventilatieparameter)

51 Ventilatie : Hypoventilatie oppervlakkig ademen ( ribfracturen ) pCO 2 > 45 mmHg Hyperventilatie zeer diep in en uit ademen snel ademen = facultatief pCO 2 < 35 mmHg

52 Ventilatie : Problemen pCO 2 < 35 mmHg ( hyperventilatie ) oxygenatief falen systemische vasoconstrictie, incl. cerebrale vasoconstrictie links verschuiving (moelijker loslaten van Hb ) hypoperfusie  ischemie pCO 2 > 45 mmHg ventilatoir falen hypoxemie ( pAO 2 daalt ) Cardiac Output stijgt O 2 afgifte = gemakkelijker ( rechts verschuiving ) Bij paO 2 lager dan 60 mmHg

53 pH : Potentio Hydrogenii Graad van zuurte -logaritme [ H+] Neutrale pH = 7  ( meq H+) pH = 8  ( meq H+) pH = 6  ( meq H+)

54 pH in het bloed : Normaal 7.35 < pH < 7.45 Lager  zuur  acidose  < 7.35 Hoger  Basisch  Alkalose  > 7.45 andere voorbeelden maag 1 a 2 urine 4.5 a 6 dundarm 7 a 8

55 pH in het bloed :  Verstoort de werking van het zenuwstelsel  Verstoort het celmetabolisme  Verstoort samenstelling enzymes Henderson -Hasselbach

56 Halverwege :

57 pH in het bloed : Buffers Extra-cellulair H 2 O + CO 2 H 2 CO 3 H + + HCO 3 - Longen scheiden CO 2 uit minuutvolume stijgt (tot 30l/min) Nieren produceren of reabsorberen HCO 3 Intra-cellulair Bufferen tot 50% van zuren (hemoglobine,…) anders pH van 4.5 K + H + Bij 0.1 pH daling is er een stijging van 0.2 a 0.6 meq/l K + Normokaliemie bij acidose betekent een tekort aan K +

58 pH in het bloed : De Biochemie herleid tot niveau van het tweede studiejaar : Base HCO 3 Nieren Metabool pH = == = Zuur CO 2 Longen Respiratoir Dus : het resultaat is verbonden met de beweging van de teller en de noemer !!

59 pH in het bloed : Base HCO 3 - (22 a 26 meq) pH = = Zuur CO 2 (35 a 45 mmHg) Dus als pH > 7.45 is er een alkalose, en …. als de HCO 3 > 26 meq  Metabole Acidose als de CO 2 < 35 mmHg  Respiratoire Alkalose

60 pH in het bloed : Systematiek : pH < 7.35  CO2 < 35 en 22 < HCO3 < 26 : Resp. alkalose : Met. Alkalose pH > 7.45  CO2 > 45 en 22 < HCO3 < 26 : Resp. acidose 35 < CO2 < 45 en HCO3 < 22 : Met. acidose

61 Respiratoire Acidose : Oorzaken (1)  Neurologische stoornis met daling ademprikkel (CVA,meningitis, encephalitis, …)  Broncho-Pulmonaire problemen met daling gasuitwisseling obstructief (Astma, emphyseem, …) restrictief (pneumothorax, hemothorax …)  Thoracale problemen met daling ademmogelijkheden parietaal (spondylarthrose, ribfracturen, …) neuro-musculair (myopathie, ALS, infecties, …)

62 Respiratoire Acidose : Oorzaken (2) Andere : Anesthesie – sedatie ( peridurale anesth.) Pickwick syndroom Abdominale distensie Medicatie (mofine-achtigen, psychotopica, … ) Alkohol CO-intoxicatie Myxoedeem Compensatie van Metabole Alkalose !

63 Respiratoire Acidose : Symptomen  Oppervlakkige ademhaling  Cerebrale deterioratie ( verminderd bewustzijn, verwardheid,...)

64 Respiratoire Acidose : Behandeling(1) Indien mogelijk oorzakelijk, en … Ondersteuning ademhaling met als doel normocapnie :  Met normale pO 2 BIPAP, met relatief lage onderdruk aspiratie, Kiné, mucolytica, pijnmedicatie, …  Met gedaalde pO 2 idem met verhoogde FiO 2, en hogere onderdruk

65 Respiratoire Alkalose : Oorzaken  Met hyperoxemie :  Neurologische redenen (CVA, meningitis, … )  Medicatie (intoxicatie met salycilaten)  Metabole oorzaak (hepatische encephalopathie,.. )  Iatrogeen (slecht afgestelde respi)  Psychogeen (hyperventilatie)  andere : methemoglobinemie, Co-intoxicatie, ernstige cardiale insuffieientie

66 Respiratoire Alkalose : Oorzaken  Met Hypoxemie o Astma o Rechts Links Shunt ( levercirrose, cardiomyopathie,.. ) oV/Q mismatch ( pneumonie, longoedeem, … ) o Gedaalde gasuitwisseling (longfibrose, sarcoïdose, longoedeem, bestraalde long, …)

67 Respiratoire Alkalose : Symptomen Diep inademen ( snel?) Hoofdpijn Vertigo Verminderde concentratie Paresthesieen Tetanie Carpopedaal spasme ( Trousseau )

68 Respiratoire Alkalose : Behandeling In principe altijd oorzakelijk Zorgen voor opbouw pCO 2  ‘plastiek zak’ (masker zonder zuurstof) pO 2 indien nodig corrigeren door toediening van O 2

69 Metabole Acidose : Oorzaken Ketoacidose ( Diabetes Mellitus ) Lactaat acidose : SHOCK – Livedo reticularis, spitse neus Uremische acidose Verlies van HCO 3 ( diarree+++, GI stomata) Alcoholintoxicatie - Salicylatenintoxicatie Nierfalen - Diureticagebruik

70 Metabole Acidose : Symptomen Hyperventilatie Hoofdpijn Verwardheid Nausea en braken Convulsies Coma

71 Anion Gap Letterlijk: bres,opening, kloof in de anionen Heeft een analytische waarde, minder fysiologische Immers plasma is electroneutraal Belang: HCO 3 daling door verbruik of rechtstreeks verlies ( Na + + K + ) - ( Cl - + HCO 3 - ) of ( Na + ) - ( Cl - + HCO 3 - )

72 Anion Gap Na + HCO 3 - Cl - A-A- A-A- A-A- Normaal Acidose Hyperchloremische Acidose

73 Anion Gap Normaal anion gap, betekent een compensatie van verloren HCO 3 - door vrijzetting van Chloor normaal tussen 10 a 19 meq/l of normaal tussen 6 a 15 meq/l Verhoging van de anion gap betekent een surplus aan zuren en/of een sterk verlies aan HCO 3 -

74 Metabole acidose met hoog AG Lactaatacidose : (toegenomen productie) Co intoxicatieConvulsiesHemorragie ShockSepsisInfarct Metabole stoornis NeoplasieOntregelde Diabetes Hepatitis Keto-acidoseuremische acidosestarvation Exogene invloed MethanolSalicylaten (Aspirine®)Paraldehyde® Ethyleen-glycol isoniazide®

75 Metabole acidose met normaal AG Rechtstreeks verlies van HCO 3 - –Via GI stelsel ( diarree, ileostomie,colostomie) –Via nier: renale tubulaire acidose –Via inname medicatie zoals Acetazolamide (Diamox®), Cholestyramine(Questran®) Inname van zuren met Cl - Ook wel hyperchloremische - HCl metabole acidose genoemd - Ammonium chloride Onmogelijkheid uitscheiding H + - Pyelonefritis - hypoaldosteronisme

76 Metabole Acidose : Behandeling Altijd oorzakelijke pathologie behandelen Toedienen van NaHCO 3 ?? enkel bij groot AG en dan nog Paradoxale acidose nadeel is de daling van weefselperfusie Geen enkele studie heeft het positief effect aangetoond !!

77 Metabole Alkalose : Oorzaken  Rechtstreeks verlies van H + Persisterend braken Maagsonde en maagvocht !!!!! Diuretica Chronisch steroiden gebruik  Teveel HCO 3 ( iatrogeen )  Verlies van zuren (kunstmatige ventilatie)  Hypokaliemie (electrische neutraliteit)

78 Metabole Alkalose : Symptomen Oppervlakkige ademhaling Paresthesieën Neurologische deterioratie Musculaire hypertonie ( carpopedaal spasme ) Nausea en braken

79 Metabole Alkalose : Behandeling Deze dient altijd oorzakelijk te zijn Maar substitutie van Cl - en K + 0,3 x gewicht (kg) x (100 - serum Cl) 154 Geeft het aantal liter NaCL 0.9% nodig

80 Overzicht

81 Compensatie : Respiratoire acidose  pH < 7,35  pCO 2 > 45 mmHg  Compensatie : niets ! = pCO 2 blijft hoog  22 < HCO 3 - < 26 meq  Compensatie : HCO 3 - > 26 meq  Compensatie: pH zal iets < 7,35 blijven  Deze compensatie duurt lang (tot enkele dagen alvorens 100%)

82 Compensatie : Respiratoire alkalose  pH > 7,45  pCO 2 < 35 mmHg  Compensatie : pCO 2 blijft laag  22 < HCO 3 - < 26 meq  Compensatie : HCO 3 - < 22 meq  Compensatie: pH zal iets > 7,45 blijven  Deze compensatie duurt lang (tot enkele dagen alvorens 100%)

83 Compensatie : Metabole acidose  pH < 7,35  HCO 3 - < 22 meq  Compensatie : niets : HCO 3 - < 22 meq  35 < pCO 2 < 45 mmHg  Compensatie : pCO 2 < 35mmHg ( hyperventilatie)  Compensatie: pH zal iets < 7,35 blijven  Compensatie gaat vrij snel

84 Compensatie : Metabole alkalose  pH > 7,45  HCO 3 - > 26 meq  Compensatie : niets : HCO 3 - > 26 meq  35 < pCO 2 < 45 mmHg  Compensatie : pCO 2 > 45mmHg ( hypoventilatie)  Compensatie: pH zal iets > 7,35 blijven

85 Compensatiemechanismen (1) Respiratoire acidose ( hypoventilatie ) pH 45mmHg 22< HCO 3 - <26 Gecompenseerde respir. acidose pH 45mmHg HCO 3 - > 26 Metabole acidose pH < 7,35 35< pCO 2 <45mmHg HCO 3 - < 22 Gecompenseerde metab. Acidose pH < 7,35 pCO 2 < 35mmHg HCO 3 - < 22

86 Compensatiemechanismen (2) Respiratoire alkalose ( hyperventilatie ) pH > 7,45 pCO 2 < 35mmHg 22< HCO 3 - <26 Gecompenseerde respir. Alkalose pH > 7,45 pCO 2 < 35mmHg HCO 3 - < 22 Metabole akalose pH > 7, Gecompenseerde metabole. Acidose pH > 7,45 pCO 2 26

87 Compensatiemechanismen (3) Respiratoire Acidose Respiratoire Metabole AlkaloseAcidose Metabole Alkalose

88 Varia (1) Metabole acidose  Hyperkaliemie H + gaat naar de cel ( poging om pH te normaliseren), terwijl K + in de bloedbaan komt. Metabole alkalose  Hypokaliemie H + komt uit de cel in het bloed, ( poging om pH te normaliseren), terwijl K + uit de bloedbaan naar de cel gaat.

89 Varia (2) Hypokaliemie  metabole alkalose K + verlies ( GI,diuretica)  K + uit cel naar bloedbaan ( homeostase) en H + naar cel ( elektrische neutraliteit) = alkalose Hyperkaliemie  metabole acidose K + teveel in bloed  K + uit bloed naar de cel ( homeostase) en H + naar bloedbaan ( elektrische neutraliteit) = acidose

90 Varia (3) Metabole acidose Laag HCO 3 - wordt gecompenseerd door stijging van Cl -  hyperchloremie Metabole alkalose Veel HCO 3 - wordt gecompenseerd door verlies van Cl -  Hypochloremie

91 Varia (4) Base Excess : Het tekort aan buffers (meq basen of zuren) om 1l bloed op normale waarden te brengen, op een pH te brengen van 7,4 bij 37° en CO 2 van 40 mmHg. Normaal : -2 < BE < +2 BE < -2 = te weing basen, dus zuur ( ook HCO3 is gedaald )  metabole acidose BE > +2 = te veel basen, dus alkalisch ( ook HCO3 is gestegen )  metabole alkalose

92 EKG : 2 uur basisopleiding 4 uur ritmestoornissen 2 uur infarcten 2 uur medicatieleer (spoed) 2 uur medicatieleer (onderhoud) Regelmatige recyclage

93 ECG : Basis Het is een meting van electrische potentialen Niet van musculaire activiteit !!! In 99.9% is dit hetzelfde Probeer een normaal ECG te herkennen

94 ECG : Vorming

95 ECG : De 10 vragen 1.Wat is de frequentie ? 2.Zijn er P-toppen ? 3.Zijn de P-P intervals gelijk ? 4.Wordt iedere P gevolgd door een QRS ? 5.Is de P-Q interval normaal ? 6.Zijn de R-R intervals gelijk ? 7.Is het QRS complex normaal van vorm ? 8.Keert S terug naar de basislijn (Geen ST elevatie) ? 9.Zie ik pathologische Q’s ? (groter dan 1/3 QR) 10.Zie ik iets abnormaals ???

96 ECG : Enkele voorbeelden

97

98

99 Rx Thorax : 1.Wat zit er in de thorax ? 2.Hoe moet het eruit zien ? 3.Wat valt op ?

100

101

102

103

104

105

106

107

108

109 Wanneer alarmeren : Bij plotse wijzigingen Bij patiënt die plots niet goed is Bij patiënt die sterk achteruitgaat Of die niet goed is zonder aanwijsbare reden ! Bij ALLE ECG wijzigingen Bij ALLE dalingen in BWZ Bij ALLE nieuwe afwijkingen Bij ALLE symptomatische afwijkingen

110 Aanbevelingen : Wees waakzaam Blijf alert Blijf nieuwsgierig School je bij Weet waarover je spreekt Durf iets vragen Denk bovenal aan het welzijn van uw patiënt !!

111 Tot slot : Ik ben uiteraard altijd bereikbaar voor vragen, opmerkingen of feedback, Maar ook donaties sla ik niet af Contactgegevens : Johan Gyssens Hoofdverpleegkundige Spoedgevallen UVC Brugmann Van Gehuchtenplein Brussel 02/


Download ppt "Johan Gyssens Hoofdverpleegkundige Spoedgevallen Rampencoördinator Universitair VerplegingsCentrum Brugmann."

Verwante presentaties


Ads door Google