De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Les 6 Bodemprofiel, bodemkaarten. Bodemopbouw Bodemprofiel 40 cm = bewerkbare bodem 80 cm = bewortelingsdiepte 120 cm = van invloedzijnde ondergrond.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Les 6 Bodemprofiel, bodemkaarten. Bodemopbouw Bodemprofiel 40 cm = bewerkbare bodem 80 cm = bewortelingsdiepte 120 cm = van invloedzijnde ondergrond."— Transcript van de presentatie:

1 Les 6 Bodemprofiel, bodemkaarten

2 Bodemopbouw Bodemprofiel 40 cm = bewerkbare bodem 80 cm = bewortelingsdiepte 120 cm = van invloedzijnde ondergrond

3 Bodemhorizonten

4

5

6 5 Hoofdbodemtypen Veengronden – Ophoping organische stof door water Podzolgronden – Uitspoeling en inspoeling van humus, ijzer en aluminium Brikgronden – Uitspoeling en inspoeling van lutum Eerdgronden – Ophoping van organische stof door mensen Vaaggronden – Jonge gronden zonder duidelijke bodemvorming ingen/mediatheek/Paginas/Bodemkaarten.aspx ingen/mediatheek/Paginas/Bodemkaarten.aspx

7 Beekeerdgrond Diepte cm-mv HorizontKleurHumusTextuur 0-5A1Zwart tot zeer donkergrijs HumusrijkKalkloos, sterk lemig, zeer fijn zand 5-25Apg2Zeer donkergrijs Matig humeusKalkloos, sterk lemig, zeer fijn zand 25-90C1gGrijs tot licht grijs HumusarmKalkloos, sterk lemig, zeer fijn zand >90C2gGrijsHumusarmKalkrijk, leemarm, zeer fijn zand

8 Vlakvaaggrond in kalkrijk jong rivierzand met een kleidek (profielverloop 2) Diepte cm-mv HorizontKleurHumusTextuur A0-30Donker grijsbruin Matig humusarm Kalkloos, matig fijnzandige zware zavel. A/C30-40BruinHumusarmKalkrijk, kleiig matig fijn zand. Cg>40GrijsUiterst humusarm Kalkrijk, kleiarm, matig grof zand met een tussenlaag van grind.

9 Poldervaaggrond in kalkrijke jonge zeeklei Diepte cm-mv HorizontKleurHumusTextuur 0-22Ap1Donker grijsbruin Matig humusarm Kalrijk, uiterst fijnzandige lichte klei. Vrij kleine, matig ontwikkelde, afgerond- blokkige, matig poreuze elementen 22-25Ap2Idem Goed ontwikkelde, scherpblokkige, dichte elementen/ploegzool 25-50CgGrijsHumusarmKalkrijk, uiterst fijnzandige zware zavel Cg2Idem Idem, met schelpen. >80Cg3GrijsHumusarmKalkrijk, uiterst fijnzandige zware zavel. Gelaagd.

10 Leekeerdgrond in kalkrijke oude zeeklei Diepte cm-mv HorizontKleurHumusTextuur 0-25ApZwartZeer humeusKalkrijk, zeer fijnzandige zware zavel A/CgOvergang CgGrijsHumusarmZeer kalkrijk, zeer sterk gelaagde uiterst fijnzandige zware zavel en kleiig uiterst fijn zand. >110CrDonkergrijsHumusarmKalkrijk, kleiig, zeer fijn zand. Gelaagd

11 Enkeerdgrond op podzolprofiel Diepte cm-mv HorizontKleurHumusTextuur 0-25Ap1ZwartZeer humeusZwak lemig, matig fijn zand 25-75A2ZwartZeer humeusZwak lemig, matig fijn zand 75-90EGrijs tot zeer donker grijs Matig humeus tot matig humusarm Zwak lemig, matig fijn zand BhDonker geelbruin Zeer humusarm Leemarm, matig fijn zand >115CDonker geelbruin Zeer humusarm Leemarm, matig fijn zand Geheel kalkloos

12 Bodemcode fp Z g23tIII

13 Betekenis hoofdletters MZeekleigronden RRivierkleigronden VVeengronden WMoerige gronden EZ,EL, EK Dikke eerdgronden HHumuspodzolen YBruine bosgronden ZZandgronden LLeemgronden BBrikgronden

14

15 Vragen zandgronden 1Welke fragmenten hebben voor het grootste gedeelte betrekking op de zandlandschappen? 2Welke hoofdbodemtypen worden in fragment 5 Haaksbergen onderscheiden? 3Geef van een bodemtype de code en de naam. 4Wat is de relatie tussen bodemtypen en bijbehorende grondwatertrappen? 5Welke bodemtype is gebonden aan dekzandruggen en welk bodemtype is gebonden aan lager gelegen dekzanden? 6Wat is het verschil tussen een veldpodzol en een haarpodzol? 7Zijn de enkeerdgronden ontstaan uit veldpodzolen of uit beekeerdgronden?

16 Antwoorden zandgronden 1.Geel/bruin of letters Z, EZ, EL, EK, H, Y 2.Code + gwt + naam: – Hn21VI= veldpodzolgrond – zEZ21VII = hoge zwarte enkeerdgrond – pZn23III = gooreerdgrond – pZg23III = beekeerdgrond 3.Code vertalen op basis van achterkant (tabellen) fragmentenkaart, inclusief grondwatertrap (voorkant kaart) 4.Natter  beekeerdgrond, droger  veldpodzolgrond/enkeerdgrond 5.Dekzandruggen Hn21IV, dekzanden lager = pZgIII 6.Veldpodzol = hydromorf (nat) en Haarpodzol = xeromorf (droog) 7.Boeren legden akkers aan op de drogere delen. Enkeerdgronden ontstaan door ophoping van mest/organisch materiaal dat door de boeren werd opgebracht. Veldpodzolen liggen van nature hoger dan de beekeerdgronden (die te laag en te nat waren voor akkerbouw).

17

18 Profielverlopen kleigronden Voorbeelden van de profielverlopen 1 tot en met 5

19 Vragen Kleigronden 1.Welke fragmenten hebben voor het grootste deel betrekking op het rivierenlandschap? 2.Bekijk fragment 5 Bemmel. De rivier(en) zelf is (zijn) op het fragment niet zichtbaar. Waar loopt/lopen de rivieren eigenlijk? 3.Welk bodemtype treffen we vooral aan op de oeverwallen en welke vooral op de rivierkommen? 4.Welke vormen van grondgebruik komen we tegen

20 Antwoorden Kleigronden 1.Groen 2.Net buiten de kaart (rechtsboven en linksonder): op basis van de textuurklasse. In het midden van de kaart ligt zware klei, dichter bij de rivier lichtere klei. 3.Oeverwallen = Rd10A, Rivierkommen = Rn46A 4.Akkerbouw op de lichte klei van de oeverwal en tuinbouw op de zware klei van de kom.

21

22 Vragen Veengronden 1Welke fragmenten hebben voor het grootste deel betrekking op hoogveen? 2Onder welke omstandigheden vindt veenvorming plaats? 3Welke plantensoorten zijn voornamelijk bij de veenvorming betrokken?

23 Antwoorden Veengronden 1.Hoogveen: Roze fragmenten; laagveen paars/blauwpaars 2.Moerasachtige/natte omstandigheden 3.Veenmos, riet, zegge.


Download ppt "Les 6 Bodemprofiel, bodemkaarten. Bodemopbouw Bodemprofiel 40 cm = bewerkbare bodem 80 cm = bewortelingsdiepte 120 cm = van invloedzijnde ondergrond."

Verwante presentaties


Ads door Google