CCC & CCM - Mod IBA Integrale Bedrijfsanalyse

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Samenwerken binnen netwerken:
Advertisements

Markten in het zuiden Waar begin je ?. De eerste vragen •Wat is de lokale vraag ? Zijn alle groepen hierbij betrokken (m/v; GO/NGO/bedrijven etc) •Wat.
Menselijk kapitaal van uw onderneming
De marketing-omgeving
Organisatorische vaardigheden Hoorcollege Corné Broers.
1 Wat is microfinanciering ? 2 1. De financiële behoefte.
VWO 4: Welvaart Hoofdstuk 1: Vakantie of werken
CRM: Credit Risk Management CRM: Customer Relation(ship) Management
Strategisch Plan Kempen PLATO EXPERT
Opdracht Strategieontwikkeling
CBS Microdatamiddag 8 november 2007 Voorburg 1 Martin Luppes Speerpuntprogramma Internationale Economische Relaties (SIER) Integratie van microdata uit.
Menselijk kapitaal van uw onderneming
Hoofdstuk 1 - Inleiding Wat is een organisatie? mensen middelen
Risicomanagement Beperking van vrijheid of ruimte voor kansen
strategie als een proces
Economische kringloop
Hoofdstuk 13 Bedrijfswaardering
6 februari 2007 SPK HOE BEPAAL JE DE WAARDE VAN EEN ONDERNEMING?
Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen
MVO en public relations
Welke mogelijkheden biedt ICT voor een onderneming ? William Mosseray Chief Strategy Officer - Belgacom.
Swot analyse
Marketing voor verkeerskunde
Ondernemen(d) in het onderwijs
Initiatiefnemers: Philip Idenburg (BeBright)
Business Marketing Management
J. Zonjee Toegevoegde waarde. Marktwaarde en toegevoegde waarde Overheid Bruto en netto.
Toegepaste organisatiekunde
Marketing vandaag en morgen
Consument Onderdeel marketing. Wat is marketing?.
College 2 Marketingomgeving
Budgetteren in de praktijk
De sociale economie als partner voor profitbedrijven en lokale besturen Uitdagingen voor de 5 november 2014.
Samen voor een groen en gezond Gelderland. Maarten Visschers Beleidsmedewerker duurzaam consumeren en produceren Programma: 1.Maatschappelijk verantwoord.
Procesmanagement in de praktijk Hoofdstuk 1 Procesmanagement
Strategisch account management inleiding
Initiatief doelen standaarden systemen waarden empowermentcreativiteit visie Intern Extern Flexibiliteit Controle De essentie van de ontwikkeling van medewerkers.
Figuur 3.1 Belangrijke factoren in de micro-omgeving van het bedrijf
6 e jaar 1. 1) Accountancy 2) Fiscaliteit 3) Strategie, management en organisatie 4) Varia: HRM, zakelijke communicatie, … 5) Europese en internationale.
1 CCC & CCM - Mod IBA Integrale Bedrijfsanalyse H0. Inleiding Drs. J.H. Gieskens AC CCM QT.
Basisboek Marketing Hoofdstuk 8 Marketing.
1 CCC & CCM - Mod IBA Integrale Bedrijfsanalyse H3. Bedrijfsanalyse: werkkapitaal Drs. J.H. Gieskens AC CCM QT.
1 CCC & CCM - Mod IBA Integrale Bedrijfsanalyse H3. Bedrijfsanalyse Drs. J.H. Gieskens AC CCM QT.
CCP Module 1: Theorie H1. De betekenis van BE en BA Introductie Basisbegrippen Bedrijfseconomie & Bedrijfsadministratie Drs. J.H. Gieskens AC CCM QT.
Hoger Onderwijs Wolters Noordhoff
1 CCP Module 1: Theorie H2. Financiële overzichten Introductie Basisbegrippen Bedrijfseconomie & Bedrijfsadministratie Drs. J.H. Gieskens AC CCM QT.
CC Achmea Groep 1 & 2 Blok 4: Financiering (FIN)
1 CCP Module 1: Theorie Statistiek voor Credit Managers Introductie Basisbegrippen Drs. J.H. Gieskens AC CCM QT.
1 CCM - Mod FIN B&P FIN: Beslissingen en Planning H6. Duration Drs. J.H. Gieskens AC CCM QT.
1 CCM - Mod FIN B&P FIN: Beslissingen en Planning H1. Investeringsbeslissingen Drs. J.H. Gieskens AC CCM QT.
Business IT & Management
CCP Module 1: Theorie H3. Bedrijfsresultaat en Cashflow Introductie Basisbegrippen Bedrijfseconomie & Bedrijfsadministratie Drs. J.H. Gieskens AC CCM.
1 CCC & CCM - Mod IBA Integrale Bedrijfsanalyse H7. SWOT Drs. J.H. Gieskens AC CCM QT.
Hoofdstuk 1 Wat is marketing? § 1.1De betekenis van marketing § 1.2Commerciële economie of marketing? § 1.3Het marketingconcept § 1.4 De rol van marketing.
Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen Duurzaamheid 2014 – 2015.
Hoofdstuk 6 Investeringsselectie 6.1 Bepalen investeringsbedrag 6.2 Investeringsbeoordeling 6.3 Investering bij onzekerheid 6.4 Keuze uit projecten 6.5.
1 Hoofdstuk 8 Investeringsselectie 8.1 Lange- en korte termijnbeslissingen 8.2 Investeringsselectie 8.3 Beoordelen 8.4 Methoden 8.5 Keuze uit projecten.
1 Hoofdstuk 6 Investeringsselectie. 2 Bepalen investeringsbedrag Kasstroom = cashflow Kasstroom = winst + afschrijvingen Of Ontvangsten – uitgaven (vanwege.
Hoofdstuk 4 Marketingomgeving Video’s: Kotler en anderen Vragen bespreken Onderzoek Marketingomgeving MKB 2011 en 2012 Theorie hoofdstuk 4 Marketingomgeving.
1. Strategische componenten Wat bouwen we op? Waarom bestaat Riwal? Onze overtuigingen en principes Hoe boeken we in de loop der jaren succes? 2 Visie.
Het model van de Ecokosten / Waarde Verhouding (Eco-costs / Value Ratio = EVR) en “eco-efficiente waardecreatie” dr. ir. Joost G. Vogtländer Technische.
College 2 Marketingomgeving Video’s: Kotler en anderen Vragen bespreken Onderzoek Marketingomgeving MKB 2011 en 2012 Theorie hoofdstuk 4 Marketingomgeving.
1 WERKKAPITAALBEHEE R strategisch en... statisch! Jaarcongres Credit Management Houten, donderdag 22 maart 2012 Drs. Jean Gieskens AC CCM QT.
Toezicht houden op SamenOud NVTZ Noord Nederland, 03 juni 2016.
Coöperatieve werkvormen DOEL Kennismaking met coöperatief ondernemerschap De studentencoöperatie als praktijkgerichte leervorm.
Midden in de wereld:.
Stichting De Waaier Presentatie 30 november 2017.
Internationale handel
Naar een nieuw economisch systeem
ORGANISATIE & MAATSCHAPPIJ
Transcript van de presentatie:

CCC & CCM - Mod IBA Integrale Bedrijfsanalyse H1. Profiel van de onderneming Drs. J.H. Gieskens AC CCM QT

Organisatie Samenwerkingsverband van mensen dat met behulp van middelen en door middel van processen (op systematische wijze / conform procedures) in interactie met de omgeving één of meer doelen nastreeft.

Indeling organisaties

Onderneming Onderneming = bedrijf. Organisatie in particuliere sector die streeft naar continuïteit door middel van financiële zelfstandigheid. Dit kan worden bereikt door middel van een positieve netto cashflow in de loop der tijd, ofwel: NCW > 0 ofwel: CW inflow > CW outflow

Profit is an opinion, cash is a fact* Cash is King Profit is an opinion, cash is a fact* *) profit can be loss, cash is cash!

Doelen onderneming Hoogste doel: Afgeleide doelen: - continuïteit - door positieve netto cashflow (waardecreatie) - uit verkoop goederen met toegevoegde waarde. Afgeleide doelen: Winst? MVO? Medewerkerparticipatie? Doelen afhankelijk van belanghebbenden (= stakeholders).

Stakeholders Fast, right, cheap & easy Trust, unity, profit & growth customers Stakeholders Stakeholder’s behoeften (wensen en behoeften) Purpose, care, skills & pay Legal, fair, safe & true Return, reward, figures & faith Hands, hearts, minds & voices Rules, reason, clarity & advice Capital, credit, risk & support employees suppliers regulators & communities investors Stakeholder’s bijdrage (behoeften van de organisatie)

Omgevingsanalyse: Schillenmodel Organisatie (intern) OMGEVINGSANALYSE adhv HET SCHILLENMODEL Toelichting: zie artikelenreeks 'Omgevingsanalyse' uit het Controllers Journaal van 2011 Micro Meso Macro

Economie Sociaal Demografie Technologie Linguïstisch Ecologie Organisatie Ecologie e-business Micro OMGEVINGSANALYSE adhv HET SCHILLENMODEL Toelichting: zie artikelenreeks 'Omgevingsanalyse' uit het Controllers Journaal van 2011 Meso Markt Macro Politiek

7-S Model 7-S MODEL (Tom Peters, McKinsey 7-S Model) Achtergrond Het 7-5 model beschrijft zeven belangrijke aspecten van een organisatie en fungeert als een diagnosechecklist voor de belangrijkste organisatieaspecten. Het systeem is bedoeld om de kwaliteit van organisaties te kunnen beoordelen. Daarbij wordt niet alleen aandacht besteed aan de harde kant van de onderneming, zoals strategie en organisatiestructuur, maar ook aan zachte elementen als managementstijl en personeel. Het 7-S model geeft aan waar een organisatie aandacht aan moet besteden. Het model geeft tevens aan dat er relaties tussen de factoren zijn; zo hebben bijvoorbeeld managementstijl en de inzetbaarheid van personeel met elkaar te maken. Het model wordt het 7-S model genoemd, omdat alle factoren waarmee een organisatie te maken heeft ondergebracht zijn in woorden die met een "s" beginnen. Toepassing De zeven factoren van het model zijn onderverdeeld in zogenaamde "harde s-en" en "zachte s-en". De harde factoren zijn goed vast te stellen en te identificeren. Deze zijn onder andere vastgelegd in de strategie van de onderneming, in de structuur van de organisatie, in documenten. Dit zijn Strategie, Structuur en Systemen. De zachte factoren zijn moeilijker te beschrijven omdat deze onderdeel zijn van de cultuur en het klimaat van de onderneming en steeds aan verandering onderhevig zijn. Ze worden voor het grootste deel bepaald door de mensen die er op dat moment werkzaam zijn. Hierdoor wordt de beïnvloeding van deze elementen bemoeilijkt. Ze worden de zachte factoren genoemd, maar ze kunnen een stevige impact hebben op de harde factoren. Organisaties die effectief zijn hebben een evenwicht gevonden tussen alle zeven factoren. Wanneer een factor wijzigt heeft dit bijna altijd effect op een of meerdere andere factoren. 1 Significante waarden (Shared values) De cultuur wordt door alle leden van een organisatie mede bepaald en omvat het geheel van gedeelde opvattingen, gemeenschappelijke waarden en normen. Het is het gemeenschappelijke element dat zin geeft aan de wijze waarop de organisatie functioneert. Is er sprake van een meer resultaatgerichte cultuur (veel risico's nemen) of een meer procesgerichte cultuur (risicomijdend) ? 2 Strategie (Strategy) De strategie betreft de doelstellingen van een organisatie en de wegen waarlangs de organisatie deze tracht te bereiken. Is er vanuit de geformuleerde missie een organisatiebrede overeenstemming en consistentie in doelstellingen in bijvoorbeeld een markt-, klant- of meer productgerichte benadering? 3 Structuur (Structure) De structuur van een organisatie betreft de verdeling en groepering van taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden in een afgestemde ordening van uitvoerende activiteiten en functies. Is de organisatie meer gecentraliseerd met weinig bevoegdheden voor de individuele leden of bestaat de organisatie uit meerdere autonome eenheden met elk hun eigen bevoegdheden? 4 Systemen (Systems) Systemen omvat alle formele en informele werkwijzen, procedures, voorschriften en afspraken volgens welke de processen dienen te verlopen. Essentieel is de uitvoering te vergelijken met de vastgestelde standaards, de verschillen te identificeren en in geval van een significant verschil maatregelen te nemen om te verzekeren dat alle middelen op een effectieve en efficiënte wijze worden gebruikt om de doelen van de organisatie te verwezenlijken. 5 Stijl van management (Style of Management) Stijl verwijst naar de managementstijl. Daarmee bedoelen we niet de persoonlijkheid van de personen uit het (top)management, maar wel de manier waarop handelen en gedrag van de managers op de medewerkers in de organisatie overkomen. Zijn de managers directief of meer coachend naar hun medewerkers? Doorslaggevend is niet wat er wordt gezegd. maar wat het management doet. 6 Sleutelvaardigheden (Skills) Sleutelvaardigheden focust op wat de eigen organisatie doet schitteren. Waar is de organisatie goed in? Te denken valt aan organisaties die bekend zijn vanwege de dienstverlening, innovatieve kracht of productievermogen. Werken er veel ervaren medewerkers in de organisatie die vrijheid van handelen nodig hebben of meer onervaren medewerkers bij wie een zekere sturing van bovenaf gewenst is? 7 Staf (Staff) Het personeel of de bemensing verwijst naar een aantal zaken. Enerzijds zijn dat zaken als afwezigheid, verzuim en het opleidingsniveau. Anderzijds betreft het abstractere zaken zoals motivatie en flexibiliteit van de medewerkers.