Taalkennis, taalverwerving, en taalevolutie

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Het doen van eigen onderzoek
Advertisements

Semantische aspecten van verwerving
Les 2 : MODULE 1 STARRE LICHAMEN
Groep Doel bepalen Voorspellen Kennis ophalen Vragen stellen
Precht 2 Blz 53 t/m 101.
Uiterlijke structuur aanbrengen
Samen opvoeden; ouders en pedagogisch medewerkers
Schuldbelijdenis en genadeverkondiging Zingen: Psalm 26: 2, 6
Communiceren met ouders
© De Coninck Sofie en © Onze maatschappij is multicultureel.
Geletterdheid….. Wat is dat?
Taal en cognitie: Optimaliteitstheorie Henriëtte de Swart.
Een lessenserie van drie lessen
Sociolinguïstiek Bijeenkomst 3.
Inleiding taalwetenschap
Ingenieursvaardigheden
24 juni 2003Johnson en Morrill in Israel Een studie naar de Johnson Morrill Hypothese in relatie tot de Hebreeuwse taal; implementatie van bewijsnetten.
Compositionaliteit, bereik en lambda’s
En wat doet taalkunde in het programma van CKI?
De studie van betekenis
Taal en cognitie: Optimaliteitstheorie
Semantiek 1.
Taal en cognitie: Optimaliteitstheorie Henriëtte de Swart.
Grammaticale modellen
Taalkennis, taalverwerving, en taalevolutie
Taalwetenschap in de CKI-bachelor
Taal en cognitie: Optimaliteitstheorie Henriëtte de Swart.
Taal en cognitie: Optimaliteitstheorie
En wat doet taalkunde in het programma van CKI?
Klinische ontwikkelingsneuropsychologie
Geest, brein en cognitie Filosofie van de geest en Grondslagen van de cognitiewetenschap Fred Keijzer.
Categoriale Grammatica
Natuurlijke taalverwerking week 4
1 Het probleem RO Milieu Landbouw SocZekerheid Etc. LerenWerkenWonenPensioenEtc. Overheids- organisatie Burger ??? Regelgeving per domein Vraag op levensmoment.
De neurale basis van structuur in taal Gideon Borensztajn
Media & Creativiteit / Pia Terstroet (wiki)
AI91  Het Probleem  Grammatica’s  Transitie netwerken Leeswijzer: Hoofdstuk AI Kaleidoscoop College 9: Natuurlijke taal.
1 van 21 Hoofdstuk 10: Taal- en leerstoornissen Normale ontwikkeling van spraak, taal en rekenen Taal- en leerstoornissen Differentiaaldiagnose en comorbiditeit.
Parsing: Top-down en bottom-up
1. Levensbeschouwing en communicatie
Software-ontwikkeling I
Taalstoornissen bij Fronto-temporale dementie
Taaltheorie en Taalverwerking Week 5: – Natuurlijke Taal Syntax. (Uitbreiding op CFG: Features.) – Human Parsing: Center-Embedding.
AMARANTIS EXAMEN Medewerker Marketing Communicatie.
Coachen Maandag 14 juni 2006.
“Wat staat in de dikke van Dalen”
1 donderdag 20 juni 2013 vanaf Hebreeen 5 10 donderdag 20 juni 2013 vanaf Hebreeen 5 10.
Werken met BRICKS 11maart 2011 Onno Rook
Voornaamwoorden Enkele opmerkingen over. Enkele opmerkingen over het en dat Voorlopig subject De Coolsingel, het/dat is een brede straat. De Coolsingel,
ALGEMENE INFORMATIE De kinderen komen om half 9 binnen en ruimen jas en tas op. [kleine tas a.u.b.] Ouders nemen afscheid op het plein. Gymtijden: maandag.
1 XSLT processing & control Datamodellering 2006.
Semantiek De studie van betekenis. Vragen Wat is betekenis? Betekenis van wat?
Syntaxis 1. Inleiding: Combinaties Combinaties op verschillende niveaus: Lettergrepen als combinaties van fonemen. (College 3,4) Woorden als combinaties.
Zinnen 1 Henriëtte de Swart.
Semantische aspecten van verwerving
Taalkundige feiten en hypothesen
Week 3:Taal en cognitieve ontwikkeling
Ontwikkeling van het jonge kind
+ Kind in ontwikkeling deel A Thema 2 Jonge Kind.
Kind in ontwikkeling deel A
Taalbeheersing Rotterdam, 00 januari 2007 Deze week: Geen individuele begeleiding! Inleiding af Intervisie op taal en inhoud Uitleg middenstuk Zelf zoeken.
Kind in ontwikkeling deel A
Een jaar later… Inclusief praktische ervaringen van leerkrachten Jan Engelen & Nicole Goossens.
De verwerving van de verleden tijd door Nederlandstalige kinderen De invloed van het taalaanbod en semantische predisposities Margot Rozendaal Scriptiepresentatie.
Taalwetenschap op de middelbare school. Wie zijn wij?  Jiska Koemans  Marthe Scholten.
Leesboekjes Zie je het voor je? Carmen Meester.
Hoofdstuk 1 Taal en taalonderwijs
Taal en Theorie les 3.4 Wat kan er misgaan bij het spreken, verstaan en lezen? Het proces van spreken Het proces van verstaan Afasie Dyslexie.
TAAL & THEORIE 3.3 Het spreken en begrijpen van taal
Hoe is menselijke taal ontstaan?
Transcript van de presentatie:

Taalkennis, taalverwerving, en taalevolutie Henriëtte de Swart

Inleiding op vandaag Indeling van het vakgebied Formele structuur van taal. Taal in het brein: software en ‘wetware’, taal en denken. Hoe komt taal in het brein? (i) eerste taalverwerving (ii) taalevolutie

Taal en communicatie Spreker Hoorder Begrip boodschap Verstaan Horen boodschap Formulering Spreken spraakklanken

Aspecten van taalkennis Formuleren: taal en denken, kiezen van woorden, constructie van zinnen, opbouw van stukken tekst over meerdere zinnen. Spreken: klank  spraak. Horen: spraak  klank. Verstaan: klanken  zinsstructuur, betekenis van woorden en constructies.

Een vergelijking Vergelijk vraag: hoe werkt taal? Met de vraag: hoe werkt het menselijk lichaam? Opsplitsen in deelvragen naar skelet, bloedvatstelsel, spieren, etc. Elk deelgebied heeft eigen terminologie, eigen deelvragen, eigen prioriteiten. Maar samenwerking: hart is ook een spier! Spieren hechten aan skelet!

Indeling vakgebied (1) Fonetiek (fysische eigenschappen van spraak, geluidsgolven, intonatie). Fonologie (klankleer, p/b, a/o). pak/bak/bok. Fonemen hebben geen betekenis, maar zijn betekenisonderscheidend.

Indeling vakgebied (2) Morfologie (vormleer, kind/kindje). Morfeem: kleinste betekenisdragende eenheid. Syntaxis (grammatica, hij loopt  loopt hij? Jan slaat Piet  Piet slaat Jan.

Indeling vakgebied (3) Semantiek: betekenis van woorden en constructies: pen/schrijven/papier, naar/langs/richting de rivier alle/geen/de meeste boeken Pragmatiek (taal in contekst, ik/hier/nu:deixis), mogen/moeten (implicaturen).

Formele structuur Chomsky hiërarchie: indeling in klassen van formele talen naar het type formele grammatika dat alle talen binnen een bepaalde klasse kan genereren. Oorspronkelijk: informatica, toegepast op natuurlijke taal door Chomsky. http://nl.wikipedia.org/wiki/Chomsky-hi%C3%ABrarchie

Drie klassen Reguliere grammatica (finite state): Contekstvrije grammatica (push down automaat) Contekstgevoelige grammatica (lineair gebonden automaat).

Reguliere grammatica Finite state automaat: herkent reguliere grammatica. Regels: op ieder punt overgang van bepaalde toestand naar volgende toestand (graaf). Herkende talen, b.v. ababab,…; aababc,.. Etc.

Contekstvrije grammatica Push down automaat herkent contekstvrije grammatica. Niet alleen current state en regel, maar geheugen. Geheugen bestaat uit een stack: last in first out. Herkende talen, b.v. an,bn, met structuur [a [a [a …b] b] b] (phrase structure).

Recursie In principe oneindig (competence), in uitingen altijd eindig (performance). De vogels zingen mooi. De vogels waar de man naar luistert zingen mooi. De vogels waar de man die ik gisteren in de stad zag naar luistert zingen mooi. De vogels [waar [de man die ik gisteren in de stad zag] naar luistert] zingen mooi. Etc…

Contekstgevoelige grammatica Lineair gebonden automaat: geheugen is tape; regels kunnen op verschillende cellen aangrijpen. Tape is oneindig, maar alleen eindig deel toegankelijk. Restrictie op contekstgevoelige taal: geen string afbeelden op een kortere string dan zichzelf.

Nederlands ..omdat ik Jan Piet de nijlpaarden zag helpen voeren. ..weil ich Jan Piet die hippopotamus füttern helfen sag.

Taal in het brein Taal als kennissysteem: ‘software’. Opgeslagen in brein: ‘wetware’ Bij rechtshandige mensen vooral in linkerhersenhelft. Gebieden specifiek voor taal: Wernicke’s gebied (taalbegrip), Broca’s area (spraakproductie).

Taal: uniek menselijk Wat is er uniek aan menselijke taal? Drie kandidaten: (i) recursie Chomsky, Hauser and Fitch (2004) Science. (ii) dubbele articulatie (iii) parametrische variatie Homo erectus

Recursie Finiete bouwstenen + beperkt aantal regels  oneindig aantal uitdrukkingen. Recursie in finite state sekwenties: (AB)n. ABABAB,… Recursie in contextvrije talen: AnBn. AAA…BBB… Phrase structure: [A[A[AB]B]B].

Recursie in apen Fitch en Hauser (2004): Tamarin monkeys kunnen een finite state grammar leren herkennen, maar geen contextvrije, phrase structure grammatica. Claim: phrase structure grammatica (contekstvrij/gevoelig) uniek menselijk.

Link Computational Constraints on Syntactic Processing in a Nonhuman Primate W. Tecumseh Fitch and Marc D. Hauser Science 16 January 2004: Vol. 303. no. 5656, pp. 377 – 380. http://www.sciencemag.org/cgi/content/full/303/5656/377/DC1

Recursie in spreeuwen Gertner, Fenn et al. (2006), Nature: motieven (‘rattle’, ‘warble’). Sekwenties worden herkend in finite state grammar en contekstvrije grammatica. Niet alleen geheugen, generalizatie naar nieuwe patronen: regels! Vogelzang heeft geen compositionele betekenis. Phrase structure?

Link Recursive syntactic pattern learning by songbirds, byTimothy Q. Gentner, Kimberly M. Fenn, Daniel Margoliash, Howard C. Nusbaum, Nature 440, 1204 – 1207. http://www.nature.com/nature/journal/v440/n7088/abs/nature04675.html

Universele recursie? Everett (2005), Science: Pirahã geen syntactische embedding. Jan leest. Jan leest dat Marie droomt. Jan leest dat Marie droomt dat Tom kwam. ‘dat’ markeert embedding. Semantische embedding? John reads. John reads Mary dreamed. John reads Mary dreamed Tom came.

Links Dan Everett (2005) Cultural constraints on grammar and cognition in Pirahã, Cultural Anthropology 46, 621-646. More on Dan Everett: http://www.llc.ilstu.edu/dlevere/ More on Pirahã: http://en.wikipedia.org/wiki/Pirah%C3%A3_language

Dubbele articulatie Fonemen betekenisonderscheidend maar zelf geen betekenis: pak/bak/bok. Morfemen kleinste betekenisdragende elementen: kat, tafel, gezellig, kat-je, gezellig-heid. Compositionele semantiek: samenvoegen van morfemen in woorden, van woorden in zinnen.

Niet in dieren Spreeuwen: ‘rattles’ en ‘warbles’ (motieven), maar geen ‘fonemen’, geen compositionele semantiek. Vervet monkey calls: verschillende calls, voor verschillende roofdieren (arend, luipaard, slang), marginale sekwentie van calls, geen ‘fonemen’, geen compositionele semantiek.

Parametrische variatie Vogelzang van spreeuwen op verschillende geografische locaties nauwelijks verschillend. Calls van apen overal gelijk, gebaren wel groepsgebonden. Mensentaal: variatie in lexicon, parametrische variatie in fonologie, syntaxis (binnen UG).

Hoe leren kinderen taal? L1 acquisitie: verwerving van moedertaal door kinderen (± 0-5 jaar) Spontane verwerving van compleet systeem, zonder specifieke instructie.

Het eerste begin.. Verwerven klanken: vanaf baarmoeder (ritme), eerste 10 maanden. Verwerven woorden: ‘brabbelen’, 7mnd. 10-12 maanden: eerste woordjes (mama, papa). Verwerven grammatica: v.a.14 mnd.

Logisch probleem ‘Armoede’ van de stimulus: eindige verzameling zinnen. Kinderen leren in principe oneindige sekwenties produceren. ‘Negatieve’ evidentie ontbreekt: geen ongrammaticale zinnen in input. Is kennis van universele grammatica aangeboren??? Relatie taalleren/leren andere cognitieve vaardigheden. Apart taalorgaan???

Eerste woordjes.. Begrip van woorden v.a. 9 maanden. Kinderen produceren hun eerste woorden rond 10-12 maanden (mama, papa). Vanaf dat moment: 3 woorden per week, productie in isolatie.

Twee woord stadium Want bottle, no sleep, … [Engels] Baby spugen, mama komen, auto kapot,… [Nederlands] Root infinitives: nog geen werkwoordsvervoegingen, onderwerp mag worden weggelaten.

Verwerving syntaxis Voorbij 2-woord stadium: rond 20-24 maanden. Zinsformatie verschillend van volwassenengrammatica. Not making muffins, What cowboy doing?, See my doggie? Andere beentje ook wiebelen?

Een lexicon bouwen Naar basisschool: 10-15.000 woorden. Jongvolwassene: 40-60.00 woorden Kind loopt niet onder de arm met de dikke van Dale.. Zo veel, zo snel.. Hoe doen ze ’t?

Je bent ermee behept.. Conceptuele predispositie: pre-verbale kinderen hebben al begrip van objecten, eigenschappen en processen om hen heen. Taalontwikkeling en cognitieve ontwikkeling lopen parallel: kind leert zichzelf in omgeving te plaatsen.

Intentionaliteit Intentionaliteit: doelgerichtheid. Kinderen zijn gericht op leggen relatie tussen woord en begrip. ‘fast mapping’: vorm/betekenisrelatie wordt gelegd met minimale aanwijzingen, b.v. houding/ blik/ handeling volwassene.

Bootstrapping ‘bootstrapping’: verbinding van type begrip en categorie woord. Objecten-nomina, handelingen-werkwoord; agens-subject. Prototypicaliteit

Praktische principes Principle of reference Whole object principle Principle of lexical contrast ‘Principle of reference’: je gaat er vanuit dat een woord verwijst. Elke vorm heeft een betekenis

Whole object principe Hond verwijst naar hele beest, niet naar oren, staart, etc. ‘Whole object principle’: een woord verwijst naar een object als geheel, niet naar onderdelen.

Bouw een lexicon ‘Principle of lexical contrast’ of ‘mutual exclusivity assumption’: twee woorden verwijzen bij voorkeur niet naar hetzelfde. Maximaliseren contrast betekent: geen synoniemen (lente/voorjaar).

Woorden in contekst Hulp van syntactische contekst. Test: nonsense woorden. Zaf kwam binnen. Een zaf kwam binnen. Jan en Piet zafden. Jan zafte Piet. Wie is zaf/wat is een zaf/wat is zaffen?

Late verwerving (> 4 jr) Je mag twee keer een knikker laten rollen. Je mag een knikker twee keer laten rollen.