De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Opwekking 54 (in canon) Looft de Here, alle gij volken, prijst Hem, alle gij natiën, want zijn goedertierenheid is machtig over ons, en des Heren trouw.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Opwekking 54 (in canon) Looft de Here, alle gij volken, prijst Hem, alle gij natiën, want zijn goedertierenheid is machtig over ons, en des Heren trouw."— Transcript van de presentatie:

1 Opwekking 54 (in canon) Looft de Here, alle gij volken, prijst Hem, alle gij natiën, want zijn goedertierenheid is machtig over ons, en des Heren trouw is tot in eeuwigheid. Halleluja (8x)

2 Psalm 24: 1, 2 en 3 1. De aarde en haar volheid zijn des HEREN koninklijk domein, de wereld en die daarin wonen. Het land rijst uit de oceaan, rivieren breken zich ruim baan om Gods volmaakte macht te tonen.

3 Psalm 24: 1, 2 en 3 2. Wie is de mens die op zal gaan en voor Gods heilig aanschijn staan? Wie mag de tempel binnentreden? Wie niet op loze wijsheid bouwt, zijn hart en handen zuiver houdt van kwade trouw en valse eden.

4 Psalm 24: 1, 2 en 3 3. God is hem zegenrijk nabij, in 't recht des HEREN wandelt hij, de God des heils zal hem verblijden. Een nieuw geslacht gaat op in 't licht en zoekt des HEREN aangezicht, Jakob, het volk dat Hij zal leiden.

5 Psalm 119: 13 Geef mij een hart dat U met vreugde groet, geef mij verstand - daar zal ik wel bij varen -, dat ik niet haak naar zilver, goud en goed, niet gretig schatten om mij heen vergare. Als Gij de weg der wet mij weten doet, dan zal ik die ten einde toe bewaren.

6 Psalm 119: 21 De wet, o HEER, die Gij aan mij beveelt, is als een lied mij, als een spel van snaren, dat in den vreemde troostend mij omspeelt. Ik loof uw naam in nacht en in gevaren. Uw trouw hebt Gij, o HEER, mij toebedeeld, omdat ik uw geboden blijf bewaren.

7 Schriftlezing (NBV): 2 Koningen 4: 1-7 Johannes 6: 1-15

8 2 Koningen 4 : Elisa helpt een arme weduwe 1 Op een keer riep de vrouw van een van de profeten Elisa’s hulp in: ‘Mijn man, uw dienaar, die zoals u weet altijd groot ontzag had voor de HEER, is gestorven. Nu zal mijn schuldeiser komen en mijn twee kinderen als slaven meenemen.’ 2 ‘Wat kan ik voor u doen?’ vroeg Elisa. ‘Vertel me eens, wat hebt u nog in huis?’ ‘Alleen een kruikje olie, heer,’ antwoordde ze, ‘verder niets.’ 3 Toen zei Elisa: ‘Ga bij uw buren kruiken en kannen te leen vragen, lege, zo veel als u er krijgen kunt.

9 4 Als u weer thuiskomt, doe dan de deur achter u en uw kinderen dicht en giet uw olie in die kruiken en kannen over; telkens als er een vol is, neemt u een volgende.’ 5 Thuisgekomen sloot de vrouw de deur achter zich. Terwijl haar kinderen haar de kruiken en kannen een voor een aangaven, goot ze de olie over. 6 Toen ze allemaal vol waren en ze haar zoon vroeg haar de volgende aan te geven, antwoordde hij: ‘Er zijn er geen meer.’ Toen hield de olie op te vloeien. 7 De weduwe ging terug naar de godsman en vertelde hem wat er gebeurd was. ‘Die olie moet u verkopen om uw schuld af te betalen,’ zei hij. ‘En van wat er overblijft, kunnen u en uw kinderen leven.’

10 Johannes 6 : Het teken van het brood 1 Daarna ging Jezus naar de overkant van het Meer van Galilea (ook wel het Meer van Tiberias genoemd). 2 Een grote menigte mensen volgde hem, omdat ze gezien hadden welke wondertekenen hij bij zieken deed. 3 Jezus ging de berg op, en ging daar met zijn leerlingen zitten. 4 Het was kort voor het Joodse pesachfeest. 5 Toen Jezus om zich heen keek en zag dat die menigte naar hem toe kwam, vroeg hij aan Filippus: ‘Waar kunnen we brood kopen om deze

11 mensen te eten te geven?’ 6 Hij vroeg dat om Filippus op de proef te stellen, want zelf wist hij al wat hij zou gaan doen. 7 Filippus antwoordde: ‘Zelfs tweehonderd denarie zou niet voldoende zijn om iedereen een klein stukje brood te geven.’ 8 Een van de leerlingen, Andreas, de broer van Simon Petrus, zei: 9 ‘Er is hier wel een jongen met vijf gerstebroden en twee vissen – maar wat hebben we daaraan voor zo veel mensen?’ 10 Jezus zei: ‘Laat iedereen gaan zitten.’ Er was daar veel gras, en ze gingen zitten; er waren ongeveer vijfduizend mannen. 11 Jezus nam de broden, sprak het dankgebed uit en verdeelde het brood onder de mensen die er zaten. Hij gaf hun ook vis, zo veel als ze

12 wilden. 12 Toen iedereen volop gegeten had zei hij tegen zijn leerlingen: ‘Verzamel nu de overgebleven stukken brood, zodat er niets verloren gaat.’ 13 Dat deden ze en ze vulden twaalf manden met wat overgebleven was van de vijf gerstebroden die men had gegeten. 14 Toen de mensen het wonderteken dat hij gedaan had zagen, zeiden ze: ‘Hij moet wel de profeet zijn die in de wereld zou komen.’ 15 Jezus begreep dat ze hem wilden dwingen om mee te gaan en hem dan tot koning zouden uitroepen. Daarom trok hij zich terug op de berg, alleen.

13 Psalm 43: 1, 2 en 3 1. O God, kom mijn geding beslechten, verlos mij van wie U versmaadt. Boosdoeners willen met mij rechten, die niet aan trouw en waarheid hechten. Doe mij ontkomen aan hun haat, o HEER, mijn toeverlaat.

14 2 Zijt Gij dan niet mijn burcht gebleven, de sterke vesting van mijn hart? Waarom hebt Gij dan nu mijn leven aan mijn belagers prijsgegeven? Waarom ga ik gebukt van smart, gekleed in somber zwart?

15 3. O Here God, kom mij bevrijden, zend mij uw waarheid en uw licht die naar uw heilge berg mij leiden, waar Gij mij woning wilt bereiden. Geef dat ik door U opgericht kom voor uw aangezicht.

16 De kinderen gaan naar de bijbelklas Onderwerp: Simson vecht in Lechi Preek: 2 Koningen 4: 1-7

17 Opwekking Vrede zij u, vrede zij u, gelijk Mij de Vader zond, zend Ik ook u. Vrede zij u, vrede zij u, gelijk Mij de Vader zond, zend Ik ook u. 2 Blijft in mijn vrede, blijft in Mij. Mijn woord moet in u zijn, dat maakt u vrij. Blijft in mijn vrede, blijft in Mij. Mijn woord moet in u zijn, dat maakt u vrij.

18 3. Ontvangt mijn Geest, Heilige Geest. Hij zal u leiden, weest niet bevreesd. Ontvangt mijn Geest, Heilige Geest. Hij zal u leiden, weest niet bevreesd. 4. Vrede zij u, vrede zij u, gelijk Mij de Vader zond, zend Ik ook u. Vrede zij u, vrede zij u, gelijk Mij de Vader zond, zend Ik ook u.

19 De kinderen komen terug We collecteren voor: Kerk

20 20 Mededeling Gesprek met gemeente over 1 e aanzet visie

21 Bedanken Chris van Balen en Egge Groenewold

22 22

23 23

24 Gezang Grote God, wij loven U, Heer, o sterkste aller sterken! Heel de wereld buigt voor U en bewondert Uwe werken. Die Gij waart te allen tijd, blijft Gij ook in eeuwigheid.

25 Gezang Alles wat U prijzen kan, U, de Eeuw'ge, Ongeziene, looft uw liefd' en zingt ervan. Alle eng'len, die U dienen, roepen U nooit lovensmoe: ‘Heilig, heilig, heilig’ toe!

26 Gezang Heer, ontferm U over ons, open uwe Vaderarmen, stort uw zegen over ons, neem ons op in uw erbarmen. Eeuwig blijft uw trouw bestaan laat ons niet verloren gaan.

27 Zegen, te beantwoorden met:

28 Er is koffie in de pastorie Wel thuis en tot vanmiddag Vanmiddag begint de dienst om 17 uur in de Jeruzalemkerk


Download ppt "Opwekking 54 (in canon) Looft de Here, alle gij volken, prijst Hem, alle gij natiën, want zijn goedertierenheid is machtig over ons, en des Heren trouw."

Verwante presentaties


Ads door Google