De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Opkomst van het christendom Paragraaf 4.4. De provincie Judea 1e eeuw v.C., de Romeinen pikten Judea in. (= nu Israël / Palestina) Het is het land van.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Opkomst van het christendom Paragraaf 4.4. De provincie Judea 1e eeuw v.C., de Romeinen pikten Judea in. (= nu Israël / Palestina) Het is het land van."— Transcript van de presentatie:

1 Opkomst van het christendom Paragraaf 4.4

2 De provincie Judea 1e eeuw v.C., de Romeinen pikten Judea in. (= nu Israël / Palestina) Het is het land van de Joden. Het werd een Romeinse provincie. De Joden werden slecht behandeld : hoge belastingen en vaak beledigd.

3 De Joden geloven maar in 1 god, en niet in de goden of de keizer van de Romeinen. De onderdrukking en beledigingen maakte veel joden erg boos. Ze hoopten dat hun God een afstammeling van de oude koning David zou sturen. Dat zou de Messias te zijn, en hij zou hen bevrijden van de Romeinen.

4 Joodse opstanden In 66 n.C.: een opstand begon in Jeruzalem. Duizenden Romeinse soldaten werden gedood. 4 jaar later: Romeinen namen de controle weer terug. Ze plunderden en de tempel verwoest. De tempel werd nooit herbouwd.

5 Een tweede opstand in eindigde ook slecht voor de joden dorpen werden vernietigd, en veel mensen werden gedood.

6 Op de ruïnes van Jeruzalem, bouwde keizer Hadrianus een Romeinse stad, waar de Joden niet mochten komen.

7 De Joden verspreid over het Rijk en daarbuiten. De Joden noemen dit de diaspora. (= Grieks voor verstrooiing) Joden zetten hun religie op andere plaatsen voort en bouwden synagogen daar.

8 Jezus Volgens de Bijbel, was Jezus een joodse prediker. Hij reisde vanaf Nazareth. (30 n.C., 40 jaar voor de tweede opstand) De verhalen over Jezus zijn opgeschreven jaren na zijn dood, door mensen die in hem geloofden = de Bijbel.

9 De Bijbel zegt dat hij predikte over het verzorgen van de zwakken en heb uw vijanden lief. Maar de Romeinen zagen hem als een rebel. Ze arresteerden hem en hebben hem gekruisigd alsof hij een crimineel was.

10 Zijn volgelingen geloofden dat zijn dood was bedoeld om de mensheid te bevrijden van zijn zonden. Ze geloofden ook dat hij was opgestaan uit de dood na 3 dagen en naar de hemel was opgestegen. (= hemelvaart) Als je in Jezus gelooft, kan je naar de hemel.

11 vrijdag-de-dag-dat-jezus-gekruisigd-werd/ vrijdag-de-dag-dat-jezus-gekruisigd-werd/ wat-is-hemelvaart/ wat-is-hemelvaart/

12 In het begin: zijn volgelingen waren joden. Na zijn dood; meer mensen geloven zijn verhaal. Jezus was hun verlosser (= Messias) en de zoon van God. Ze noemen hem Christus (Grieks voor Messias) Zijn volgelingen werden nu genoemd: christenen.

13 Jezus zou de hele mensheid redden. De religie werd genoemd: het christendom.

14 Christenvervolgingen Vooral in het oosten, leefden veel christenen. Het begon ook te verspreiden in Rome. In 64 n.C. verwoeste een grote brand een deel van Rome. Keizer Nero gaf de schuld aan de christenen. Ze werden gekruisigd, verbrand en gevoerd aan de honden.

15 De christenen waren onschuldig, maar ze werden al gehaat, dus waren ze een gemakkelijk doelwit. De christenen aanbidden de Romeinse goden niet, en alleen hun eigen God, zodat de Romeinen een hekel aan de christenen hadden.

16 Ook de Joden aanbaden de Romeinse goden niet, maar ze lieten de Romeinen met rust. Ze probeerde niet anderen te bekeren. De christenen hebben geprobeerd om anderen te bekeren tot hee christendom. Ze waren tegen de Romeinse manier van leven

17 3e eeuw: keizers begonnen christenen te vervolgen. Reden: er waren veel oorlogen, honger en ziektes in het keizerrijk. De goden werden gesmeekt om dit te stoppen. De christenen bleven ertegen om die goden te vereren, dus zij kregen de schuld!

18 Duizenden christenen werden gemarteld en gedood. Veel vonden het niet erg om te sterven voor hun religie, omdat ze naar de hemel gaan als een martelaar.

19 Overwinning van het christendom 313: keizer Constantijn geeft iedereen godsdienstvrijheid. Hij werd christen. Verhaal: hij werd christen na het hebben van een droom. Hij zou een oorlog met een kruis kunnen winnen. En hij won inderdaad! Dus het kruis werd het symbool voor het christendom, dat hij volgde.

20 Daarna volgden meer christenen. 392: het christendom werd de staatsgodsdienst. Er was geen religieuze tolerantie meer, iedereen moest christen zijn. Joden werden nu gediscrimineerd, omdat ze niet geloven in Jezus.

21 Andere religies werden verboden. Tempels van Romeinse goden werden kerken. Er was 1 organisatie: de rooms-katholieke kerk. Het rijk werd verdeeld in de kerk provincies onder leiding van een bisschop.

22 Het hoogste bisschop, was die van Rome: De paus. (= Vader) Hij is de leider van de kerk. Hij kan beslissen of iemand zal worden vereerd als een heilige, omdat diegene veel goede dingen deed in zijn leven.

23 Einde

24


Download ppt "Opkomst van het christendom Paragraaf 4.4. De provincie Judea 1e eeuw v.C., de Romeinen pikten Judea in. (= nu Israël / Palestina) Het is het land van."

Verwante presentaties


Ads door Google