De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Bibliografie Stijl Stroming • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Bibliografie Stijl Stroming • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith."— Transcript van de presentatie:

1 Bibliografie Stijl Stroming • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr

2 • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr H. Marsman Bibliografie Stijl Stroming Meulen Hendrik Marsman 1899 – 1940 Stroming: 1.expressionisme –gevoelens weergeven door werkelijkheid te vervormen, komt tot uiting door vrije vers 2.vitalisme: gericht op innerlijk van de dichter, levensdrift verheelijking. Marsman gebruikt vaak de botsing Natuur/cultuur en de angst voor de dood komt ook vaak in zijn gedichten voor

3 Paul van Ostaijen was een Vlaams dichter en prozaschrijver. Hij was op 22 februari 1986 in Antwerpen geboren en had een Nederlandse vader en een Vlaamse moeder. Hij heeft gedichten geschreven in het Vlaams, Nederlands en Duits. Na de Eerste Wereldoorlog vluchtte hij naar Berlijn. Hij verzeilde er in een diepe geestelijke crisis. In Berlijn kwam hij tevens in contact met literatoren en kunstenaars van het dadaïsme en expressionisme. Hij begon toen ook meer proza te schrijven. Vanaf 1921 begon hij ook te lijden aan tuberculose. Hij overleed op 18 maart 1928 aan de gevolgen hiervan in het dorpje Miavoye- Anthée in de Ardennen Hij was toen pas 34 jaar oud. Hij werd aanvankelijk in dit dorpje begraven, maar werd later herbegraven op het Antwerpse Schoonselhof. In 1972 is hij nog een keer begraven: hij kreeg zijn definitieve rustplaats op het erepark. Zijn 'zuivere lyriek' werd na zijn dood uitgegeven onder de titel Nagelaten gedichten. Paul van Ostaijen was een van de weinige dichters die na hun dood zoveel belangstelling voor hun werk kregen. Er werd over hem ook wel gezegd: “Hoe meer hij begraven werd, hoe meer zijn werk tot leven kwam”. Dadaïsme Het genre waarin Paul van Ostaijen voornamelijk schreef, was het Dadaïsme. Dit komt van het woord ‘ dada’ wat eigenlijk niks betekent, maar waarbij het vooral om de klank gaat. Het Dadaïsme is zelf dan ook wel opzettelijk zinloos. Ze keerden zich tegen de kunstenaars die zichzelf helemaal geweldig vonden en die zichzelf vergeleken met bijvoorbeeld Leonardo da Vinci. Dadaïsten waren ‘kunstmakers’. Ze maakten kunstwerken die alleen zijn gemaakt om te laten zien dat kunst maken eigenlijk ook niets voorstelt. De gedichten van het Dadaïsme waren vooral nonsensgedichten; ze waren vooral gericht op klankuitingen en Paul van Ostaijen stond ook bekend om zijn talrijke lettertypen, kleuren en tekeningen, die ervoor zorgden dat het vooral visuele teksten werden. De inhoud van de teksten werd uitgebeeld door hun vorm. Een voorbeeld van een door Paul van Ostaijen geschreven dadaïstisch gedicht is “Boem Paukeslag”. Er zit geen vast metrum in en het gaat puur om de klank. Dit is zijn bekendste gedicht. Expressionisme Paul van Ostaijen was naast een dadaïstische schrijver ook de belangrijkste figuur voor het expressionisme in de Nederlandstalige literatuur. De vrije verzen van het expressionisme hebben geen vast rijm, metrum of regelmatige strofebouw. De zinnen zijn vaak onvolledig en ongrammaticaal, hoofdletters en interpunctie verdwijnen. Er zijn vaak ook woordencombinaties die de emotie of gedachte zo direct mogelijk uiten, zonder belemmering van het traditionele taalgebruik. In de expressionistische poëzie wordt voornamelijk een sfeer of een gevoel opgeroepen. Het gedicht “Landschap” is een goed voorbeeld van een expressionistisch gedicht. • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr boven onder Paul van Ostaijen Bibliografie Stijl Stroming Meulen Paul van Ostaijen Stroming: 1.expressionisme 2.antikunst 3.dadaïsme Van Ostaijen staat bekend om zijn typografische- en klankgedichten

4 Jan Jacob Slauerhoff is op 15 september 1898 geboren in Leeuwarden in een protestants middenklasse gezin. Hij leed aan astma- aanvallen en om deze aanvallen te verlichten, bracht hij enkele maanden per jaar door op Vlieland bij familie. Zijn diepste wens was: naar zee te gaan. Maar zijn vader stond erop dat hij medicijnen zou gaan studeren. In zijn studententijd begon hij zijn eerste gedichten te schrijven. In 1923 kwam zijn eerste gedichtenbundel uit, genaamd Archipel. In de jaren ervoor had hij al gedichten geschreven voor lokale kranten. In dit jaar studeerde hij af. Hij vond een compromis tussen zijn toekomstverlangen en wat zijn ouders van hem verwachtten: hij werd scheepsarts. Slauerhoff was een moeilijk mens. Hij is een voorbeeld van een ‘poète maudit’, een dichter die geen raad weet met de wereld en uitwegen zoekt door middel van drank, affaires met vrouwen en poëzie. In zijn werk is er geen sprake van een echte ontwikkeling. In 1936 is zijn laatste bundel, een eerlijk zeemansgraf, uitgekomen. Hij was toen al zijn vrienden en kennissen van vroeger vergeten, onder andere door een malaria infectie die hij opliep in de jaren 30. Aan die malaria infectie is hij bezweken in 1936 op 38- jarige leeftijd. Slauerhoff behandelt in zijn gedichten dezelfde onderwerpen en hij gebruikt steeds traditioneel gerijmde poëzie. Veel gedichten gaan over persoonlijkheden die veel op hem lijken zoals ballingen, zwervers en gevloekte dichters. Vaste onderwerpen zijn opstand tegen het burgerdom, heimweenaar vroegere en betere tijden, levensvermoeidheid en doodsverlangen. Zijn gedichten klinken dus erg pessimistisch. Ook schreef hij heel veel over de zee en het verlangen naar de zee Slauerhoff is een neoromanticus. Neoromantiek /postromanticisme is een beweging die begint aan het einde van de 19 e eeuw en een herleving is van de romantiek in de kunst en literatuur. De romantische literatuur kenmerkt zich door sterk escapisme, de neiging om de alledaagse werkelijkheid te ontvluchten. Dit komt vooral tot uiting in een beschrijving van het bovennatuurlijke, geheimzinnige en exotische streken. Andere thema's die centraal staan zijn zwerflust, het zich afzetten tegen de maatschappij, het hebben van onvervulde verlangens en het reizen naar het verleden. Neoromantici reageren in het algemeen op de 'lelijke' moderne wereld van machines, nieuwe steden en welvaart. • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr boven onder J. Slauerhoff Bibliografie Stijl Stroming Meulen Slauerhoff Stroming: 1.Neoromantiek – ontevreden met zijn bestaan Slauerhoff verhaalt veel over de zee en het varen, waarmee hij laat zien dat hij zich nergens thuis voelt. Hierdoor komen er in zijn gedichten vaak verre streken voor. In zijn onrust en verlangen dicht hij ook over andere tijden, d.w.z. zijn jeugd en/of zijn toekomst. Slauerhoff gebruikt vaste vormen in zijn poëzie

5 • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr Betekenis van zijn gedichten: Jacques had een verlangen naar een ideaal verleden, wat hij niet heeft gehad, maar wist tegelijkertijd dat hij zich dit op geen enkele manier kon veroorloven. Noch door zoekend te zwerven, noch door de liefde, noch door zich terug te trekken uit de wereld. Slechts zijn dichterschap bood een weg tot omgang met dit verlangen. Zijn gedichten waren esthetisch, wat betekend dat hij ze schreef met zijn gevoel. Zijn depressieve levenshouding zorgde dan ook voor vele trieste thema's van zijn gedichten. Hij schreef over het noodlot en over de dood, maar toch schreef hij ook gedichten waarin sprake is van innerlijke rust, doordat hij al die treurigheid dankzij zijn gedichten kon laten rusten. Zijn gedachte over het noodlot is goed te zien in zijn gedicht "Zondag" uit 1931: Zondag Niet te verzoenen is het leven, Ten einde is dit wellicht nog 't meest: Te kunnen zeggen: het is even Tussen twee stilten luid geweest J.C. Bloem Bibliografie Stijl Stroming boven onder Meulen JC Bloem Stroming: 1.Neoromantiek – verlangen naar een bestaan dat hij nooit heeft kunnen leven In de gedichten van JC Bloem zit ook onrust, echter minder dan in Slauerhoff. Typerend voor Bloem is dat aan het eind van zijn gedicht (biojna) altijd een berusting en/of lichtpuntje zit. JC Bloem schrijft ook ‘zwarter’, deprimerender

6 Gerrit Achterberg was een Nederlandse dichter, hij is op 20 mei 1905 geboren in Neerlangbroek. Achterberg blonk uit op zijn school en ging na zijn schooltijd als leraar werken. Hij leerde Cathrien van Baak kennen, waar hij later een relatie mee kreeg. Hij kreeg problemen met haar familie en de relatie liep stuk toen hij dreigde zelfmoord te plegen. Hij kreeg psychische problemen. Zijn intresse voor de poëzie groeide en hij kreeg contact met de redacteur van 'de vrije bladen' Roel Houwink, dit werd min of meer zijn mentor, hij zorgde er onder andere voor dat Achterberg in verschillende bladen werd gepubliceerd. Hij kreeg een relatie met Bep van Zalingen, en verhuisde hij naar Den Haag, waarna hij zijn eerste 'echte' dichtbundel 'Afvaart' publiceerde in In de jaren hierna publiceerde hij weinig en zag zijn verloofde steeds minder. Hij ging zich agressief tegenover Bep gedragen en bedreigde haar zelfs een paar keer met zijn pistool, hun relatie eindigde. Op aandringen van de school waar hij werkte, werd hij opgenomen in een psychiatrische kliniek in Utrecht, hier werd hij na een paar maanden ontslagen met de diagnose dat hij psychopathisch was en zichzelf niet kon reguleren. Achterberg ging weer bij zijn ouders wonen, maar ze maakten veel ruzie met elkaar. Hij ging met zijn pistool op zoek naar Bep van Zalingen, maar werd gearresteerd en kwam weer in de kliniek terecht, waar hij redelijk tot rust kwam. In februari 1935 kwam hij in huis bij de alleenstaande moeder, Roel van Es, en haar dochter. Ondanks dat Achterberg zijn verloofde vaak zag, vroeg hij Roel van Es hem te trouwen en om de hand van haar dochter. Zij weigerde dit allebei. De spanningen tussen hun liepen zo hoog op dat hij zijn hospita dood schiet en haar dochter verwond. Een paar uur later gaf hij zichzelf aan bij de politie. In de gevangenis houdt hij zich bezig met dichten. Hij blijkt inderdaad een psychopaat te zijn, want hij is een gevaar voor de samenleving. Ook blijkt hij geen spijt te hebben van de moord op Roel. Na de oorlog trouwde Achterberg met zijn eerste liefde Cathrien van Baak. Achterberg ontving verschillende literaire prijzen zoals de Pinksterprijs, in 1949 de Staatsprijs voor Letterkunde, in 1950 de P.C. Hooftprijs, in 1953 de Poëzieprijs van de gemeente Amsterdam en in 1959 de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele werk. De laatste vijf jaar van zijn leven publiceerde hij nog maar drie gedichten en was hij tot rust gekomen. Achterberg stierf op 17 januari De overheersende stijlen in zijn gedichten zijn het expressionisme en later de vijftigers. Deze stromingen hebben allebei hetzelfde basis idee, de vijftigers zijn namelijk beïnvloed door het expressionisme. De kenmerken van het expressionisme en de vijftigers zijn dat er bijna geen rijm is, tenminste geen eindrijm en geen vaste versvormen en ze laten de interpunctie vaak weg. Gek genoeg zijn deze punten bijna niet terug te vinden in de gedichten van Gerrit Achterberg. Een ander kenmerk is dat de gedicht veel gevoelens bevatten en erg experimenteel zijn qua inhoud. Dat klopt echter wel, want zijn gedichten zijn qua betekenis niet meteen te begrijpen en kunnen erg dubbelzinnig zijn. Het komt er dus op neer dat Gerrit Achterberg zijn eigen stijl heeft en niet in te delen is in een stroming. Dit komt omdat hij niet veel andere gedichten las en dus niet werd beïnvloed door andere schrijvers. Gerrit Achterberg is moeilijk in te delen bij een stroming. Door de tijd heen verandert zijn stijl. • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr Gerrit Achterberg was een Nederlandse dichter, hij is op 20 mei 1905 geboren in Neerlangbroek. Achterberg blonk uit op zijn school en ging na zijn schooltijd als leraar werken. Hij leerde Cathrien van Baak kennen, waar hij later een relatie mee kreeg. Hij kreeg problemen met haar familie en de relatie liep stuk toen hij dreigde zelfmoord te plegen. Hij kreeg psychische problemen. Zijn intresse voor de poëzie groeide en hij kreeg contact met de redacteur van 'de vrije bladen' Roel Houwink, dit werd min of meer zijn mentor, hij zorgde er onder andere voor dat Achterberg in verschillende bladen werd gepubliceerd. Hij kreeg een relatie met Bep van Zalingen, en verhuisde hij naar Den Haag, waarna hij zijn eerste 'echte' dichtbundel 'Afvaart' publiceerde in In de jaren hierna publiceerde hij weinig en zag zijn verloofde steeds minder. Hij ging zich agressief tegenover Bep gedragen en bedreigde haar zelfs een paar keer met zijn pistool, hun relatie eindigde. Op aandringen van de school waar hij werkte, werd hij opgenomen in een psychiatrische kliniek in Utrecht, hier werd hij na een paar maanden ontslagen met de diagnose dat hij psychopathisch was en zichzelf niet kon reguleren. Achterberg ging weer bij zijn ouders wonen, maar ze maakten veel ruzie met elkaar. Hij ging met zijn pistool op zoek naar Bep van Zalingen, maar werd gearresteerd en kwam weer in de kliniek terecht, waar hij redelijk tot rust kwam. In februari 1935 kwam hij in huis bij de alleenstaande moeder, Roel van Es, en haar dochter. Ondanks dat Achterberg zijn verloofde vaak zag, vroeg hij Roel van Es hem te trouwen en om de hand van haar dochter. Zij weigerde dit allebei. De spanningen tussen hun liepen zo hoog op dat hij zijn hospita dood schiet en haar dochter verwond. Een paar uur later gaf hij zichzelf aan bij de politie. In de gevangenis houdt hij zich bezig met dichten. Hij blijkt inderdaad een psychopaat te zijn, want hij is een gevaar voor de samenleving. Ook blijkt hij geen spijt te hebben van de moord op Roel. Na de oorlog trouwde Achterberg met zijn eerste liefde Cathrien van Baak. Achterberg ontving verschillende literaire prijzen zoals de Pinksterprijs, in 1949 de Staatsprijs voor Letterkunde, in 1950 de P.C. Hooftprijs, in 1953 de Poëzieprijs van de gemeente Amsterdam en in 1959 de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele werk. De laatste vijf jaar van zijn leven publiceerde hij nog maar drie gedichten en was hij tot rust gekomen. Achterberg stierf op 17 januari Gerrit Achterberg was een Nederlandse dichter, hij is op 20 mei 1905 geboren in Neerlangbroek. Achterberg blonk uit op zijn school en ging na zijn schooltijd als leraar werken. Hij leerde Cathrien van Baak kennen, waar hij later een relatie mee kreeg. Hij kreeg problemen met haar familie en de relatie liep stuk toen hij dreigde zelfmoord te plegen. Hij kreeg psychische problemen. Zijn intresse voor de poëzie groeide en hij kreeg contact met de redacteur van 'de vrije bladen' Roel Houwink, dit werd min of meer zijn mentor, hij zorgde er onder andere voor dat Achterberg in verschillende bladen werd gepubliceerd. Hij kreeg een relatie met Bep van Zalingen, en verhuisde hij naar Den Haag, waarna hij zijn eerste 'echte' dichtbundel 'Afvaart' publiceerde in In de jaren hierna publiceerde hij weinig en zag zijn verloofde steeds minder. Hij ging zich agressief tegenover Bep gedragen en bedreigde haar zelfs een paar keer met zijn pistool, hun relatie eindigde. Op aandringen van de school waar hij werkte, werd hij opgenomen in een psychiatrische kliniek in Utrecht, hier werd hij na een paar maanden ontslagen met de diagnose dat hij psychopathisch was en zichzelf niet kon reguleren. Achterberg ging weer bij zijn ouders wonen, maar ze maakten veel ruzie met elkaar. Hij ging met zijn pistool op zoek naar Bep van Zalingen, maar werd gearresteerd en kwam weer in de kliniek terecht, waar hij redelijk tot rust kwam. In februari 1935 kwam hij in huis bij de alleenstaande moeder, Roel van Es, en haar dochter. Ondanks dat Achterberg zijn verloofde vaak zag, vroeg hij Roel van Es hem te trouwen en om de hand van haar dochter. Zij weigerde dit allebei. De spanningen tussen hun liepen zo hoog op dat hij zijn hospita dood schiet en haar dochter verwond. Een paar uur later gaf hij zichzelf aan bij de politie. In de gevangenis houdt hij zich bezig met dichten. Hij blijkt inderdaad een psychopaat te zijn, want hij is een gevaar voor de samenleving. Ook blijkt hij geen spijt te hebben van de moord op Roel. Na de oorlog trouwde Achterberg met zijn eerste liefde Cathrien van Baak. Achterberg ontving verschillende literaire prijzen zoals de Pinksterprijs, in 1949 de Staatsprijs voor Letterkunde, in 1950 de P.C. Hooftprijs, in 1953 de Poëzieprijs van de gemeente Amsterdam en in 1959 de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele werk. De laatste vijf jaar van zijn leven publiceerde hij nog maar drie gedichten en was hij tot rust gekomen. Achterberg stierf op 17 januari Gerrit Achterberg was een Nederlandse dichter, hij is op 20 mei 1905 geboren in Neerlangbroek. Achterberg blonk uit op zijn school en ging na zijn schooltijd als leraar werken. Hij leerde Cathrien van Baak kennen, waar hij later een relatie mee kreeg. Hij kreeg problemen met haar familie en de relatie liep stuk toen hij dreigde zelfmoord te plegen. Hij kreeg psychische problemen. Zijn intresse voor de poëzie groeide en hij kreeg contact met de redacteur van 'de vrije bladen' Roel Houwink, dit werd min of meer zijn mentor, hij zorgde er onder andere voor dat Achterberg in verschillende bladen werd gepubliceerd. Hij kreeg een relatie met Bep van Zalingen, en verhuisde hij naar Den Haag, waarna hij zijn eerste 'echte' dichtbundel 'Afvaart' publiceerde in In de jaren hierna publiceerde hij weinig en zag zijn verloofde steeds minder. Hij ging zich agressief tegenover Bep gedragen en bedreigde haar zelfs een paar keer met zijn pistool, hun relatie eindigde. Op aandringen van de school waar hij werkte, werd hij opgenomen in een psychiatrische kliniek in Utrecht, hier werd hij na een paar maanden ontslagen met de diagnose dat hij psychopathisch was en zichzelf niet kon reguleren. Achterberg ging weer bij zijn ouders wonen, maar ze maakten veel ruzie met elkaar. Hij ging met zijn pistool op zoek naar Bep van Zalingen, maar werd gearresteerd en kwam weer in de kliniek terecht, waar hij redelijk tot rust kwam. In februari 1935 kwam hij in huis bij de alleenstaande moeder, Roel van Es, en haar dochter. Ondanks dat Achterberg zijn verloofde vaak zag, vroeg hij Roel van Es hem te trouwen en om de hand van haar dochter. Zij weigerde dit allebei. De spanningen tussen hun liepen zo hoog op dat hij zijn hospita dood schiet en haar dochter verwond. Een paar uur later gaf hij zichzelf aan bij de politie. In de gevangenis houdt hij zich bezig met dichten. Hij blijkt inderdaad een psychopaat te zijn, want hij is een gevaar voor de samenleving. Ook blijkt hij geen spijt te hebben van de moord op Roel. Na de oorlog trouwde Achterberg met zijn eerste liefde Cathrien van Baak. Achterberg ontving verschillende literaire prijzen zoals de Pinksterprijs, in 1949 de Staatsprijs voor Letterkunde, in 1950 de P.C. Hooftprijs, in 1953 de Poëzieprijs van de gemeente Amsterdam en in 1959 de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele werk. De laatste vijf jaar van zijn leven publiceerde hij nog maar drie gedichten en was hij tot rust gekomen. Achterberg stierf op 17 januari Gerrit Achterberg Bibliografie Stijl Stroming Meulen Gerrit Achterberg Thematiek: 1.Verlangen naar liefde, maar vooral het zoeken naar een (verloren) geliefde Gerrit achterberg gebruikt veel woorden als ‘eeuwigheid’ in zijn gedichten, waardoor deze een geheimzinnige sfeer krijgen. Gerrit houdt erg vast aan gedichten met een expressionistische vorm. Gerrit Achterberg is samen met Leo Vroman de ‘overgang van Klassiek naar nieuw’

7 Martinus ‘Pom’ Nijhoff geboren in Den Haag op 20 april Hij ging naar een gymnasium in Den Haag. Op dit gymnasium publiceerde hij zijn eerste gedicht, Rostra gymnasiorum. Na zijn middelbare opleiding is hij rechten en Nederlands gaan studeren aan de UVA. Zijn debuut vond plaats in Hij bracht toen de wandelaar uit. In 1924 bracht hij de bundel vormen uit. In deze bundel staat het gedicht ‘De wolken’. Hij is afkomstig uit een familie van boekhandelaren, uitgevers en bibliografen. Veel voorkomende motieven in zijn werk zijn de soldaat, de moeder, het kind en ook het christendom. In zijn gedichten komt vaak het terugverlangen naar het kind zijn, het terugkijken op zijn moeder met liefde en godsdienst naar voren. Hij weet goed emoties op een eenvoudige manier naar voren te brengen in zijn gedichten. Vorm is zuiver klassiek bij Nijhoff. Stroming is moeilijk te zeggen, aangezien Nijhoff niet echt in een stroming is te plaatsen. Hij staat een beetje los van de andere dichters, een Einzelgänger. Wel gebruikt Nijhoff de zogenaamde parlando-stijl, d.w.z. dat hij in vrij gewonen spreektaal dicht. Ook heeft Nijhoff bepaalde motieven die steeds terugkomen. • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr M. Nijhoff Bibliografie Stijl Stroming Meulen Martinus Nijhoff Martinus Nijhoff staat bekend om zijn ‘stadspoëzie’. Hij schrijft gedichten met klassieke elementen, maar ook gebruikt hij parlando poëzie: poëzie die afwijkt van de klassieke t.o.v. woordkeuze, hoewel deze woorden nu vaak ook al verouderd zijn. Nijhoff schrijft vaak over vaste motieven: Moeder en kind| Soldaat | het christendom

8 Leo Vroman is geboren in 1915 te Gouda. Hij is vooral bekend als dichter, maar beschouwt zichzelf allereest als wetenschapper. Vroman is van Joodse afkomst. Hij studeerde biologie in Utrecht tot 1940 totdat hij moest vluchten uit Nederland, nadat de Duitsers binnengevallen waren. Met een zeilboot wist hij naar Engeland te reizen en ging vervolgens naar Nederlands-Indië. Hier voltooide hij zijn studie biologie. Toen de Japanners Nederlands-Indië binnenvielen, werd Vroman gevangen genomen en verbleef hij in verschillende kampen. Na de 2 e wereldoorlog ging hij bij zijn oom in New York wonen en werkte hij als wetenschappelijk onderzoeker naar bloedstolling (het vroman- effect). In zijn tijd werd hij in Nederland beschouwd als één van de grootste levende dichters. Toch bleef hij in de VS gewoon Hematoloog (iemand die zich bezighoudt met afwijkingen in het bloed). Vroman schreef al zijn gedichten in het Nederlands, behalve de gedichten bundel ‘Poems in English’. Vroman staat bekend om zijn zelfverzonnen woorden zoals: hersenkistje, peinskastje. Nog meer kenmerken van de dichtstijl van Leo Vroman: - Parlando-stijl: gesproken stijl - Anekdotische inhoud: korte of lange humoristische vertelling. Anekdotes beginnen vaak als een stukje uit het echte leven, maar kunnen uiteindelijk in complete fictie veranderen. - Experimentele kenmerken *zeer rijke beeldspraak *tamelijk vrije versvorm *woordspelletjes - Didactische aspecten: de leer van het onderwijzen, hoe men kennis het best kan worden overgedragen op de leerling. - Epische-didactische genre als de fabel of parabel: fabels of parabel met verhalende(epische) en onderwijzende(didactische) kenmerken, vaak met een morele ondertoon. Parabel: een kort verhaal gesitueerd in het dagelijks leven, met een religieuze, morele, filosofische idee. Fabel: een korte, verzonnen vertelling die een morele boodschap overbrengt. Nog meer kenmerken van de dichtstijl van Leo Vroman: - Parlando-stijl: gesproken stijl - Anekdotische inhoud: korte of lange humoristische vertelling. Anekdotes beginnen vaak als een stukje uit het echte leven, maar kunnen uiteindelijk in complete fictie veranderen. - Experimentele kenmerken *zeer rijke beeldspraak *tamelijk vrije versvorm *woordspelletjes - Didactische aspecten: de leer van het onderwijzen, hoe men kennis het best kan worden overgedragen op de leerling. - Epische-didactische genre als de fabel of parabel: fabels of parabel met verhalende(epische) en onderwijzende(didactische) kenmerken, vaak met een morele ondertoon. Parabel: een kort verhaal gesitueerd in het dagelijks leven, met een religieuze, morele, filosofische idee. Fabel: een korte, verzonnen vertelling die een morele boodschap overbrengt. • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr boven onder Leo Vroman Bibliografie Stijl Stroming Meulen Leo Vroman Vroman is makkelijk te herkennen doordat hij schrijft in een eigenstijl: hij gebruikt vaak eigen / onbegrijpelijke/ niet bestaande woorden. Hij maakt vaak gebruik van het zogenaamde ‘sinterklaasrijm’: AABBCCDD etc. Vroman gebruikt ook vaak personificatie. Leo Vroman is samen met Gerrit Achterberg de ‘overgang van Klassiek naar nieuw’

9 Lucebert Lucebert is de dichtersnaam van Lubertus Jacobus Swaanswijk. Hij is geboren op 15 september 1924 in Amsterdam. Lucebert betekent twee keer licht. Want Luce is Romaans voor licht en Bert is Germaans voor licht. Hij was een van Nederlands grootste dichters uit de 20 e eeuw. Zo heeft hij verschillende prijzen gewonnen voor zijn werken. Naast dichter was hij ook een tekenaar, kunstschilder en lithograaf. Hij trad in 1949 op als voorman van de beweging van vijftigers. Dit was een literaire beweging aan het einde van de veertiger jaren met vooral jonge dichters. De vijftigers verzetten zich tegen de opvattingen van hun voorgangers. Lucebert debuteerde in het jaar 1951 met zijn eerste album, genaamd Triangel in de jungle / de dieren der democratie. Hij trouwde in 1953 met zijn vrouw Tony koek, die hij in een café leerde kennen. Zijn gedichten staan vooral bekend als erg pessimistisch. Een bekende dichtregel van hem is ‘alles van waarde is weerloos’, deze zin staat al sinds de jaren 80 op het station Blaak in Rotterdam op het dakrand. Hij overleed op 10 mei 1994 in alkmaar. Hij had met Tony koek 5 kinderen gekregen. Tony koek stierf dit jaar pas in Maart. ……………………………………….. Dit gedicht is een typisch gedicht voor Lucebert en past dan ook meer dan goed in de literaire beweging van de vijftigers. Net als bij de expressionisten lijken de vijftigers zich af te zetten van de klassieke dichtvormen. Ook heeft Lucebert geen gebruik gemaakt van eindrijm ook typisch voor de vijftigers. Daarnaast is er ook geen interpunctie, nergens zijn punten, komma’s en vraagtekens te bekennen, dit brengt echter wel zijn voordelen mee voor het gedicht. Het zorgt er namelijk voor dat sommige zinnen om meerdere manieren te lezen zijn en dus ook een andere betekenis met zich mee kunnen dragen. Door de aparte versvorm en geen regelmaat in de lengte van versregels valt er ook geen vast metrum op aan te wijzen. Al deze boven genoemde dingen zijn dus weggelaten om te experimenteren met de dichtvormen. Toch zitten er wel nog een paar elementen in die veel gebruikt worden, zoals wat meteen opvalt enjambement, doordat er geen interpunctie wordt gebruikt lijkt iedere regel en strofe een enjambement te bezitten • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr Lucebert Bibliografie Stijl Stroming Meulen Lucebert Lucerbert gebruikt geen interpunctie ze verteld geen verhaaltjes en maakt veel gebruik van klanken, vooral binnen rijm. Lucebert staat bekend om de autonome beeldspraak. Lucebert wordt ook wel de keizer van de vijftigers genoemd.

10 Judith Herzberg, geboren in 1934 te Amsterdam, was de dochter van een Joodse schrijver. Tijdens de tweede wereldoorlog moest zij onderduiken toen haar ouders naar een concentratiekamp werden gestuurd. Pas op latere leeftijd is zij gaan schrijven. Haar debuut was in 1961 in het tijdschrift Vrij Nederland. In 1963 verscheen haar eerste dichtbundel: Zeepost. Ze schrijft niet alleen gedichten, maar ook toneelstukken. De stijl waartoe Judith Herzberg gerekend kan worden is het neorealisme. Ze schrijft nog steeds en woont afwisselend in Nederland en Israël. Neorealisme Het neorealisme is een stroming die is ontstaan in de jaren ’60 van de twintigste eeuw. Binnen het neorealisme staat het alledaagse centraal, het gewone leven, de gewone mens. Deze stroming vindt het werkelijke wonderlijker dan de fictie. Het werkelijke en alledaagse is dus ook de inspiratiebron bij de gedichten die tot het neorealisme kunnen worden gerekend. De gedichten bij deze stroming zijn anekdotisch, ze vertellen een verhaal, en er wordt geschreven in spreektaal (parlandostijl). Neorealisme Het neorealisme is een stroming die is ontstaan in de jaren ’60 van de twintigste eeuw. Binnen het neorealisme staat het alledaagse centraal, het gewone leven, de gewone mens. Deze stroming vindt het werkelijke wonderlijker dan de fictie. Het werkelijke en alledaagse is dus ook de inspiratiebron bij de gedichten die tot het neorealisme kunnen worden gerekend. De gedichten bij deze stroming zijn anekdotisch, ze vertellen een verhaal, en er wordt geschreven in spreektaal (parlandostijl). • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr Judith Herzberg Bibliografie Stijl Stroming Meulen Hertzberg kenmerken: 1.Anekdotisch 2.Neorealistisch -reactie om de 50’ers, in deze stroming worden vooral alledaagse dingen beschreven en veel parlando gebruikt.

11 Willem Jan Otten is geboren in 1951 te Amsterdam. Hij groeide op in de Amsterdamse Rivierenbuurt. In 1959 verhuisden zij naar het Noord-Hollandse Laren. Hij heeft een moeilijke jeugd gehad want zijn ouders scheidden later. Hij studeerde Engels en filosofie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en heeft voor zijn dichterscarriëre nog geschreven voor het NRC en Trouw en was bovendien gastlezer bij de Universiteit in Groningen. In 1972 verscheen zijn dichtdebuutbundel 'Een zwaluw vol zaagsel', waarvoor hij de Reina Prinsen Geerligsprijs ontving. Zijn bundel: Het wonder van de losse olifanten is zijn eerste religieuze (Katholieke) bundel uit het jaar Hij werd enkele jaren eerder katholiek omdat zijn vrouw Vonne van der Meer, zich al tot het katholicisme bekeerd had. Overige bundels: De eend. Een epyllion, Het ruim, Na de nachttrein, Paviljoenen, Op de hoge. Prijzen: onder andere: Librisliteratuurprijs, Constantijn Huygensprijs, Jan Campertprijs en Herman Gorterprijs. Een specifieke stroming is moeilijk aan te wijzen, omdat zijn gedichten niet allemaal op elkaar lijken wat betreft strofeopbouw, rijm, inhoud, en taalgebruik. Zijn poëzie is wat betreft taalgebruik van een hoog niveau. Achter veel van zijn gedichten schuilt een diepere boodschap, waarvoor niet alleen “gewone burgers”, maar ook poëtische experts redelijk met de hersenen aan het werk moeten om te achterhalen wat ermee bedoeld wordt. • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr boven onder Willem Jan Otten Bibliografie Stijl Stroming Meulen Willem Jan Otten Stroming 1.Beetje neorealisme, maar eigenlijk niet omdat Otten meer dan een gewoon verhaaltje beschrijft. Otten gebruikt vaak Water als motief. In zijn laatste jaren kwam er een vage goddienst in zijn gedichten, meestal dat hij zoekende was naar de godsdienst.

12 Stroming • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr Menno Wigman Bibliografie Stijl Meulen Hendrik Marsman 1899 – 1940 Stroming: 1.expressionisme –gevoelens weergeven door werkelijkheid te vervormen, komt tot uiting door vrije vers 2.vitalisme: gericht op innerlijk van de dichter, levensdrift verheelijking. Marsman gebruikt vaak de botsing Natuur/cultuur en de angst voor de dood komt ook vaak in zijn gedichten voor

13 Ramsey Nasr is een 37 jaar oude dichter uit Rotterdam, gedeeltelijk van Palestijnse afkomst. In 2009 hij voor vier jaar uitgeroepen tot Dichter des Vaderlands. Na in Rotterdam naar het Erasmiaans Gymnasium geweest te zijn, heeft hij aan de toneelacademie Studio Herman Teirlinck gestudeerd, om zich later bij het Zuidelijk Toneel aan te sluiten. Zijn toneelperiode duurde niet lang, want in 2000 debuteerde hij als dichter, met een gedichtenbundel ‘27 gedichten en geen lied’. Van 2006 tot 2007 is ook nog de tweede stadsdichter van Antwerpen geweest. Hij heeft echter sindsdien, ook in 2011 nog, in verschillende films en series gespeeld. boren…. Ramsey Nasr staat bekend om zijn samenlevingsgebonden gedichten, waarin in hij vaak kritiek heeft op de politiek, maar ook op de gemiddelde burger. Ook schrijft hij over onderwerpen die wijd in de publiciteit zijn geweest. Bijvoorbeeld het gedicht ‘Wiegelied’, dat gaat over Mauro Manuel, die volgens Gert Leers op het eerste oog weer terug naar Angola gestuurd moest worden. Nasr wil met dit gedicht uitdrukken, dat volgens hem niet alleen Mauro straks misschien afscheid neemt van zijn land, maar dat heel Nederland dat zometeen doet. Zo zit er in veel van zijn gedichten een diepere betekenis die verwijst naar zijn eigen mening over een onderwerp. Ramsey Nasr is best moeilijk in een stroming in te delen, aangezien hij een redelijk nieuwe dichter is. In zijn gedichten zijn soms wel meerdere stromingen te vinden. Maar als je hem toch tot een stroming in zou moeten delen, komt neorealist het meest in de buurt. De gedichten van Ramsey Nasr gaan vaak over alledaagse gebeurtenissen. Niet van één normale burger, maar vaak over de gehele samenleving in één, of wat er in de politiek zoal omgaat. • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr Ramsey Nasr Bibliografie Stijl Stroming Meulen Hendrik Marsman 1899 – 1940 Stroming: 1.expressionisme –gevoelens weergeven door werkelijkheid te vervormen, komt tot uiting door vrije vers 2.vitalisme: gericht op innerlijk van de dichter, levensdrift verheelijking. Marsman gebruikt vaak de botsing Natuur/cultuur en de angst voor de dood komt ook vaak in zijn gedichten voor

14 • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr Help • Soms is het nodig twee keer te klikken op een knop • Van de volgende dichters is geen of geen volledige informatie beschikbaar: 1.H. Marsman 2.JC Bloem 3.Menno Wigman 4.Ransey Nasr • Meer informatie:

15 Bibliografie Stijl Stroming • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith Herzberg • Willem Jan Otten • Menno Wigman • Ramsey Nasr


Download ppt "Bibliografie Stijl Stroming • H. Marsman • Paul van Ostaijen • J. Slauerhoff • J.C. Bloem • Gerrit Achterberg • M. Nijhoff • Leo Vroman • Lucebert • Judith."

Verwante presentaties


Ads door Google