Antje Orgassa Anita Zwicky 3 Juli 2014

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Jongeren over politiek
Advertisements

KWALITEITSZORG november 2012
Stilstaan bij parkeren Dat houdt ons in beweging
‘SMS’ Studeren met Succes deel 1
Wat was toen het grootste het grootste probleem van de van de FOD?
Paulus' eerste brief aan Korinthe (20) 23 januari 2013 Bodegraven.
Presentatie cliëntenonderzoek. Algemeen Gehouden in december 2013 (doorlopend tot eind januari) DoelgroepVerzondenOntvangen% LG wonen en dagbesteding.
NEDERLANDS WOORD BEELD IN & IN Klik met de muis
WAAROM? Onderzoek naar het meest geschikte traject voor de verlenging tot in Sint-Niklaas van het bestaande fietspad naast de Stekense Vaart en de Molenbeek.
1 Resultaten marktonderzoek RPM Zeist, 16 januari 2002 Door: Olga van Veenendaal, medew. Rothkrans Projectmanagement.
November 2013 Opinieonderzoek Vlaanderen – oktober 2013 Opiniepeiling Vlaanderen uitgevoerd op het iVOXpanel.
Uitgaven aan zorg per financieringsbron / /Hoofdstuk 2 Zorg in perspectief /pagina 1.
1 - RA patiënten – Februari 2009 REUMATOÏDE ARTRITIS KENNIS – OPVOLGING – PERSOONLIJKE EVALUATIE Patiëntenonderzoek Initiatief van met de steun van nv.
December 2007 Dimarso N.V., opererend onder de commerciële naam TNS Dimarso en hierna TNS Dimarso genoemd, beschikt exclusief over het auteursrecht van.
Duurzaamheid en kosten
Personalisatie van de Archis website Naam: Sing Hsu Student nr: Datum: 24 Juni 2004.
1 COVER: Selecteer het grijze vlak hiernaast met rechtsklik & kies ‘change picture’ voor een ander beeld of verwijder deze slide & kies in de menubalk.
© 2010 Noordhoff UitgeversMarketingcommunicatiestrategie.
Global e-Society Complex België - Regio Vlaanderen e-Regio Provincie Limburg Stad Hasselt Percelen.
 Deel 1: Introductie / presentatie  DVD  Presentatie enquête  Ervaringen gemeente  Pauze  Deel 2 Discussie in kleinere groepen  Discussies in lokalen.
STAPPENPLAN GRAMMATICUS.
Ronde (Sport & Spel) Quiz Night !
Annet H. de Lange Een leven lang gemotiveerd aan het werk?
Een Concert van het Nederlands Philharmonisch Orkest LES 4 1.
Een optimale benutting van vierkante meters Breda, 6 juni 2007.
Kb.1 Ik leer op een goede manier optellen en aftrekken
Tevredenheids- enquête 2012 P. Grouwels Inleiding Mogelijke antwoorden: Zeer goed: 4 sterren ****: volledig tevreden; Goed: 3 sterren ***:
© BeSite B.V www.besite.nl Feit: In 2007 is 58% van de organisaties goed vindbaar op internet, terwijl in 2006 slechts 32% goed vindbaar.
© GfK 2012 | Title of presentation | DD. Month
 Aantal verzonden vragenformulieren: 892 stuks  Aantal vragenformulieren retour: 100 stuks  Respons: 11,21% ENQUÊTE DUURZAME MONUMENTEN.
Nooit meer onnodig groen? Luuk Misdom, IT&T
FOD VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU 1 Kwaliteit en Patiëntveiligheid in de Belgische ziekenhuizen anno 2008 Rapportage over.
Meisjes en wiskunde (Waarom) is wiskunde moeilijk?
Elke 7 seconden een nieuw getal
Softwarepakket voor het catalogeren en determineren van fruitsoorten
Regelmaat in getallen (1).
1 introductie 3'46” …………… normaal hart hond 1'41” ……..
Oefeningen F-toetsen ANOVA.
Tevreden over de VDAB? 1.Vóór het meten 2.Het meten en rapporteren 3.Het verbeteren 4.De resultaten 5.Mensen en meten.
Wat levert de tweede pensioenpijler op voor het personeelslid? 1 Enkele simulaties op basis van de weddeschaal B1-B3.
1 WIJZIGINGEN UNIEK VERSLAG. 2 Agenda Verbeteringen Veranderingen formulieren Praktische herinneringen Nieuwe formulieren Sociale en culturele participatie.
In dit vakje zie je hoeveel je moet betalen. Uit de volgende drie vakjes kan je dan kiezen. Er is er telkens maar eentje juist. Ken je het juiste antwoord,
13 maart 2014 Bodegraven 1. 1Korinthe Want gelijk het lichaam één is en vele leden heeft, en al de leden van het lichaam, hoe vele ook, een lichaam.
Seminarie 1: Pythagoreïsche drietallen
Ben Bruidegom 1 Sequentiële schakelingen Toestand uitgang bepaald door:  ingangen;  vorige toestand uitgang.
ribwis1 Toegepaste wiskunde – Differentieren Lesweek 7
Inger Plaisier Marjolein Broese van Groenou Saskia Keuzenkamp
Help! ‘Niet vorderende ontsluiting’
SAMENWERKING WO EN HBO BIJ AANSLUITINGSONDERZOEK V0-HO Rob Andeweg DAIR 7 en 8 november 2007.
Cijfers Zorg en Gezondheid
EFS Seminar Discriminatie van pensioen- en beleggingsfondsen
Effectonderzoek Kwalitatief, kwantitatief & creatief in één…
Hoe gaat dit spel te werk?! Klik op het antwoord dat juist is. Klik op de pijl om door te gaan!
Eerst even wat uitleg. Klik op het juiste antwoord als je het weet.
De Dagen van de Kaaien 19, 20 & 21 maart De Kaaien op tafel - inhoud 1.Methodiek tafelgesprekken 2.Aantal tafelgesprekken en aantal deelnemers.
Op reis naar een dierentuin
Gehechtheid en psychopathie
Denktank, 2 oktober 2009 Anne van den Berg. Hoe de gehechtheidrepresentaties zich in de interactie uiten (meten met GBI):  Veilig en autonoom (coherent,
STIMULANS KWALITEITSZORG juni 2014.
De financiële functie: Integrale bedrijfsanalyse©
In opdracht van NOC*NSF
1 Amsterdam, april 2005 Drs. Frits Spangenberg Rotary Extern imago.
Culturele Atlas 2004 Gelderland en Overijssel. Culturele Atlas, Enschede ( 76)Apeldoorn ( 92) Zwolle (121)Nijmegen
1 Zie ook identiteit.pdf willen denkenvoelen 5 Zie ook identiteit.pdf.
12 sept 2013 Bodegraven 1. 2  vooraf lezen: 1Kor.7:12 t/m 24  indeling 1Korinthe 7  1 t/m 9: over het huwelijk  10 t/m 16: over echtscheiding  16.
1 Week /03/ is gestart in mineur De voorspellingen van alle groten der aarden dat de beurzen zouden stijgen is omgekeerd uitgedraaid.
Gezondheid oudere migranten in Utrecht (selectie)
Openbaar je talent Service public, talent particulier.
Transcript van de presentatie:

Antje Orgassa Anita Zwicky 3 Juli 2014 Onderzoek naar de sociaal-pragmatische vaardigheden bij volwassenen met Asperger Syndroom in relatie tot zelfregie - EBP belicht Antje Orgassa Anita Zwicky 3 Juli 2014

Antje Orgassa Anita Zwicky 3 Juli 2014 Uitdagingen Onderzoek naar de sociaal-pragmatische vaardigheden bij volwassenen met Asperger Syndroom in relatie tot zelfregie Antje Orgassa Anita Zwicky 3 Juli 2014

Vooraf “The speech and language therapist (SLT) is the professional responsible for the prevention, assessment, treatment and scientific study of human communication and related disorders. In this context human communication encompasses all those processes associated with the comprehension and production of oral and written language, as well as appropriate forms of non-verbal communication.” (adapted from Netques, 2013: 6)

Vooraf „Asperger Syndrome is a life-long developmental disability with a neurological basis. Language and communication difficulties are central to the autistic presentation.” (Lewis, Woodyatt & Murdoch, 2008: 176) Pragmatische vaardigheden zijn essentieel voor levenskwaliteit (Gantman, Kapp, Orenski & Laugeson, 2012) DSM-5: social (pragmatic) communication disorder (SCD) (American Psychiatric Association, 2013) Role van de logopedist? “The speech and language therapist (SLT) is the professional responsible for the prevention, assessment, treatment and scientific study of human communication and related disorders. In this context human communication encompasses all those processes associated with the comprehension and production of oral and written language, as well as appropriate forms of non-verbal communication” (RCSLT, 2013). An SLT is also specialized in swallowing disorders. Bis 2005 hieß dieser noch „Hilfe für das autistische Kind“ und wurde dann in „Autismus Deutschland e.V.“ umbenannt, um fortan auch Erwachsene mit ASS  einzuschließen (Vogeley, 2012). Ein Grund hierfür ist die Verbesserung der Diagnostik, wodurch in den letzten Jahren viele Erwachsene mit AS(S)  erkannt worden sind (Fangmeier et al., 2011).  Warum nicht einfach AS anstatt von ASS. Das ist doch eindeutig  ASS ist grösser

Project 2012 – 2014 Onderzoek naar de social-pragmatische vaardigheden en zelfregie bij Duits / Nederlandse volwassenen met Asperger Syndroom (AS): vergelijking van taalkundige feiten en de individuele behoeften voor de verbetering van social-pragmatische vaardigheden in de (logopedische) praktijk Assessing social-pragmatic skills and self determination in young German adults with Asperger Syndrome: comparing linguistic facts and the individual needs for improving pragmatic skills in the speech and language therapy practice

Vandaag Belichten van de sociaal-pragmatische vaardigheden gevolgd door discussie Theorie Aanpak (eerste) Bevindingen Implementatie Toekomst? Uitdaging 1: terminologie Bespreken eerste bevindingen op de 3 niveaus! Nadruk op linguistische bevindingen, want amper data op andere niveaus Assessing social-pragmatic skills and self determination in young German adults with Asperger Syndrome: comparing linguistic facts and the individual needs for improving pragmatic skills in the speech and language therapy practice

(Blankenstijn & Scheper, 2006) 1 Theorie Pragmatiek Pragmatic language refers to the use, purpose, or function of speech and language. Pragmatic language is the use of non-verbal and verbal behaviors of speech and language combined to express and respond to functions such as request for basic needs, request for assistance, protest, and persuade. Non-verbal behaviors include facial expressions, gestures, and body proximity. Verbal behaviors include voice prosody, voice stress, and voice intonation. Verbal behaviors are manipulated to change the meaning and intention of sounds, words and phrases verbally expressed in a social interaction. This pragmatic use of language follows socially mediated rules that allow others to interpret and understand another person’s intentions and motives and further enhances the meaning of particular social communication interactions. In an attempt to provide a theoretical framework, Roth and Spekman (1984) identified three broad areas into which individual pragmatic skills can be categorized: communicative intentions, presuppositions, and the organization of discourse (see figure 1). This model will be used as point of departure in present project as it is broad enough to cover the complex of abilities related to pragmatic competence. In addition, this model has often been used as a framework for constructing instruments to assess pragmatic abilities. Following Roth and Spekman (1984), communicative intention skills pertain to the breadth of intentions that a person can convey and understand, as well as the linguistic forms that an individual can use to express those intentions. Presupposition skills include the ability to assess the listener’s informational and social needs, and to adapt one’s message content and form accordingly. Presupposition skills also refer to the appropriate use of cohesive devices such as references to create a context for the listener. Organization of discourse relate to the abilities to maintain an effective conversation by turn taking, topic management, and conversational repairs. Two areas that are often added to the model in figure 1 are formal/linguistic discourse structure and communication style, both aspects that have been shown to be problematic in individuals with ASD (Blankenstijn & Scheper, 2006). Elements of formal/linguistic discourse structure are in fact already covered by communicative intention, presupposition and organization of discourse. For the sake of completeness, we explicitly refer to the use of appropriate cohesive and coherence devices that are necessary to produce and perceive any form of discourse. Communication style include paralinguistic aspects used in discourse, namely prosody, gesture/sign use, mimics, eye contact, fluency and speech rate. Communicative style (Blankenstijn & Scheper, 2006)

Pragmatiek 1 Theorie kennis van intenties; taal, spraak joint attention; samenhang, verbanden efficiënt gespreksonderhoud Pragmatiek refereert aan het al het gebruik, doelen en functies van verbaal en nonverbaal gedrag van spraak en taal. Dit betreft dus een enorme hoeveelheid aan communicatieve mogelijkheden die in elke mogelijke gespreks/interactie/etc context kunnen optreden CONTEXT STAAT DUS CENTRAAL. Deze worden door R&S samengevat in drie domeinen: 1. Communicatieve functies: omvat de breedte aan intenties, die een individu tracht over te brengen dan wel te begrijpen. Maar dit domein omvat ook de kennis, het gebruik en toepassen van alle linguïstische en discourse vormen/regels die nodig zijn om de intenties uit te drukken en te begrijpen! 2. Presupposition: omvat aspecten van ‘joint attention’, met andere woorden de vaardigheid om de emotionele, informatieve en sociale behoeften van de gesprekspartner te analyseren en opdie manier inhoud en form van de boodschap adequaat in het gesprek te gebruiken 3. Gespreksorganisatie: hier gaat het om het behoud, dus oprechthouden van een effectief gesprek/ conversatie. Het betreft bijv aspecten zoals focus (waar gaat het om – welk doel – niet afleiden), interesse in zijn tegenover/ en het onderwerp, als er misverstanden ontstaan deze op te lossen door verheldering / extra relevante gefocusde info te geven. Extra punt: Communicatieve style: paralinguisticsche en non-verbale kenmerken van taal en spraak, zoals toon (hoogte, sterkte), stemgebruik (register), stemklang - melodie (prosodie en intonatie), vloeiendheid (aarzelingen, stopwoorden, pauzes), houden, gesticulatie, oogcontact etc. Pragmatic language is the use of non-verbal and verbal behaviors of speech and language combined to express and respond to functions such as request for basic needs, request for assistance, protest, and persuade. Non-verbal behaviors include facial expressions, gestures, and body proximity. Verbal behaviors include voice prosody, voice stress, and voice intonation. Verbal behaviors are manipulated to change the meaning and intention of sounds, words and phrases verbally expressed in a social interaction. This pragmatic use of language follows socially mediated rules that allow others to interpret and understand another person’s intentions and motives and further enhances the meaning of particular social communication interactions. In an attempt to provide a theoretical framework, Roth and Spekman (1984) identified three broad areas into which individual pragmatic skills can be categorized: communicative intentions, presuppositions, and the organization of discourse (see figure 1). This model will be used as point of departure in present project as it is broad enough to cover the complex of abilities related to pragmatic competence. In addition, this model has often been used as a framework for constructing instruments to assess pragmatic abilities. Following Roth and Spekman (1984), communicative intention skills pertain to the breadth of intentions that a person can convey and understand, as well as the linguistic forms that an individual can use to express those intentions. Presupposition skills include the ability to assess the listener’s informational and social needs, and to adapt one’s message content and form accordingly. Presupposition skills also refer to the appropriate use of cohesive devices such as references to create a context for the listener. Organization of discourse relate to the abilities to maintain an effective conversation by turn taking, topic management, and conversational repairs. Two areas that are often added to the model in figure 1 are formal/linguistic discourse structure and communication style, both aspects that have been shown to be problematic in individuals with ASD (Blankenstijn & Scheper, 2006). Elements of formal/linguistic discourse structure are in fact already covered by communicative intention, presupposition and organization of discourse. For the sake of completeness, we explicitly refer to the use of appropriate cohesive and coherence devices that are necessary to produce and perceive any form of discourse. Communication style include paralinguistic aspects used in discourse, namely prosody, gesture/sign use, mimics, eye contact, fluency and speech rate. Communicative style (Blankenstijn & Scheper, 2006)

Zwicky & Orgassa (2014, 1e versie) 2 Aanpak Handboek Afname, Transcriptie, Codering & Analyse van data materiaal Zwicky & Orgassa (2014, 1e versie) Eenheid in methode

2 Aanpak Kenmerken proefpersonen Anamnese Autisme Quotiënt Vragenlijst (AQ; Baron-Cohen et al., 2001) Vragenlijst Zelfbepaaldheid Inschatting pragmatische vaardigheden Stemmingsbarometer Eenheid in methode

2 Aanpak Kenmerken proefpersonen Taaldata Anamnese Autisme Quotiënt (AQ) Vragenlijst Zelfbepaaldheid Inschatting pragmatische vaardigheden Stemmingsbarometer op de dag van de dataverzameling Levensloop Interviewmethode (LIM) (Schroots, 2002) Social Skills Performance Assessment (SSPA) (Patterson, 2001) Frog Story (Mayer, 1969) Eenheid in methode LIM semi-gestructureerd interview Monoloog met vragen gestuurd een levenslijn, een serie chronologisch geordende levensgebeurtenissen en een levensverhaal verkregen worde getrokken Levenslijn met zijn toppen en dalen benoemen Gestuurd/halfvrij narratief

2 Aanpak (n = 13) Proefpersonen AS nonAS N 7 Age (sd) 27;7 (2.8) 27;7 (2.8) 21;2 (1.9) range 23;11 – 33;1 19;1 – 24;11 AQ (sd) 32.6 (11.7) 11.7 (3.6) 12 – 50 4 – 14 M / F 2 / 5 Diagnosis AS yes no sec. education academic levels AQ: cut off: 32> Wat was de mate van autistische trekken op het moment van testafname AQ pro: snel af te nemen, test preferenties en waargenomen competenties, klinisch valide en reliabel AQ contra: weinig detail - subscaling, geen norm Alle ASers op verschillen leeftijden gediagnosticeerd => kind / jong volwassenleeftijd => heterogeniteit in “dealen met AS” / therapeutische molen Comorbiditeit: 4/7 despressie/ADHD/drop outs (hoger educatieve levels)

2 Aanpak Challenge 2: Deelnemers vinden en matchen Proefpersonen AS nonAS N 7 Age (sd) 27;7 (2.8) 21;2 (1.9) range 23;11 – 33;1 19;1 – 24;11 AQ (sd) 32.6 (11.7) 11.7 (3.6) 12 – 50 4 – 14 M / F 2 / 5 Diagnosis AS yes no sec. education academic levels All students in nonAS group Challenge 2: Deelnemers vinden en matchen

Breunsbach et al., 2014; Orgassa et al. 2014 3 Bevindingen I: vraag Onderzoek naar de sociaal-pragmatische en linguïstische vaardigheden in AS en nonAS in twee narrative genres a Hoe verschillen AS en nonAS groepen op een rollenspel-taak (Verhoeven et al., 2013) b Hoe verschillen AS en nonAS groepen op een navertel taak? (Colle et al., 2008) Breunsbach et al., 2014; Orgassa et al. 2014

3 Bevindingen I: materiaal Onderzoek naar de sociaal-pragmatische en linguïstische vaardigheden in AS en nonAS in twee narrative genres a Social Skills Performance Assessment (SSPA) (Patterson, 2001) : structured role play task (Verhoeven et al., 2013) b Frog story (Mayer, 1969): story retelling task (Colle et al., 2008)

Bevindingen a: SSPA ] (Verhoeven et al., 2013) Twee geprotocoleerde en gestandardiseerde rollen-spelen tussen participant en geschoolde onderzoeker Scene 1: Small talk met nieuwe buurman (3 min.) Scene 2: Telefoongesprek met verhuurder (3 min.) Scene 3: Interview over leven met AS (LIM) (3 min.) Training session of 90 min. Rating: Lickert Scale 1 to 5 1 reflects excessive socio-pragmatic impairment; 5 indicates little or no deficiency; 3 reflects slightly less than average performance

a SSPA ] Rating: Lickert Scale 1 tot 5 – drie onafh. beoordelaars Scenes 1, 2, 3 Onderhandelen n/a (1, 3), + (2) Algehele conversatie + Interesse Focus Duidelijkheid Vloeiendheid Affect 1 reflects excessive socio-pragmatic impairment; 5 indicates little or no deficiency; 3 reflects slightly less than average performance Interesse: interesse / motivatie in deelname aan conversatie (intentie, presuppositie) Focus: consequente concentratie/ focus op inhoud van conversatie (gespreksorganisatie) Duidelijkheid: de mogelijkheid zich duidelijk, concreet uit te drukken (organisatie, presuppositie) Vloeindheid: gemak waarmee iemand communiceert – gespreksflow (comm. Style) Affect: stemtoon, luidheid, etc (comm style)

a SSPA ] AS mean (sd) NonAS Z Sig. diff. Total Score SSPA 65,13 (8,17) 83,50 (1,90) -3,58* ✓ Raw Score Scene 1 28,88 (4,67) 39,60 (0,70) -3,67* Raw Score Scene 2 36,38 (4,37) 43,90 (1,79) -3,48* Raw Score Scene 3 34,75 (2,32) 39,40 (0,70)

a SSPA + / - / - - + / + / - + Scene 1 Scene 2 Scene 3 Small talk mean (sd) NonAS Z Sig. diff. Total Score SSPA 65,13 (8,17) 83,50 (1,90) -3,58* ✓ Raw Score Scene 1 28,88 (4,67) 39,60 (0,70) -3,67* Raw Score Scene 2 36,38 (4,37) 43,90 (1,79) -3,48* Scene 1 Scene 2 Scene 3 Small talk Tel.gesprek Interview Alg. conversation + / + / - Interesse + / - / - Focus - Duidelijkheid Vloeiendheid + Affect Onderhandelen ICPLA - Stockholm, 13th June 2014

a SSPA YEPP, SSPA onderscheidt, is gebruiksvriendelijk en efficiënt mean (sd) NonAS Z Sig. diff. Total Score SSPA 65,13 (8,17) 83,50 (1,90) -3,58* ✓ Raw Score Scene 1 28,88 (4,67) 39,60 (0,70) -3,67* Raw Score Scene 2 36,38 (4,37) 43,90 (1,79) -3,48* Raw Score Scene 3 34,75 (2,32) 39,40 (0,70) YEPP, SSPA onderscheidt, is gebruiksvriendelijk en efficiënt Challenge 3: MAAR pragmatische vaardigheden zijn niet helder gedefinieerd binnen de categorieën

b Frog Story semi-gestructureerde navertel-taak (Colle et al., 2013) semi-gestructureerde navertel-taak transcriptie en codering in ELAN door twee onderzoekers

b Frog Story ‘Useful’ materiaal Episode level Episode type: boy, dog, boy-dog Episode length: gramm. complexiteit Guiraud Index: lexicale complexiteit Utterance level Introduction of protagonists ambigous references

Episode level Utterance level [the boy hangs on top of the stags head] and [the dog was running next to them] [the boy and the dog are falling down] Utterance level [the dog wasn´t looking ahead and also fell into a lake] [the boy was feeling a bit dizzy after having thrown of the hill] Episode: a description where the focus is a single protagonist (van der Lely, 1997)

b Frog Story Useful material AS nonAS z Raw transcript % useful episodes 411 89.3 (5.3) 353 97.2 (3.2) –2.505* “Weird! For gravity reasons, that’s not possible. The dog is falling first, and later on is landing on top of the boy’s head huh.”

b Frog Story Contents AS nonAS z N ‘bruikbare’ episodes Episode type (%) boy dog boy-dog 366 mean (sd) 46 (14.0) 26 (9.6) 09 (4.7) 343 34 (7.1) 22 (6.4) 21 (9.1) - –2.236* Verbanden leggen tussen protagonisten, handelingen, objecten efficiënter

b Frog Story gramm. complexity AS nonAS z N ‘useful’ episodes Episode length (%) simple coordinate subordinate 366 mean (sd) 56.9 (15.9) 21.5 (12.6) 21.6 (6.1) 343 42.1 (11.7) 30.6 (10.8) 27.4 (14) - causale verbanden en temporele relaties tussen protagonisten, handelingen, objecten

b Frog Story Lexical diversity AS nonAS z N ‘useful’ episodes Episode length (%) simple coordinate subordinate 366 mean (sd) 56.9 (15.9) 21.5 (12.6) 21.6 (6.1) 343 42.1 (11.7) 30.6 (10.8) 27.4 (14) - Guiraud Index range 8.6 (1.4) 7.2 – 10.5 8.2 (2.1) Overall, groups are morphosyntactically and lexically comparable

b Frog Story reference & fluency AS nonAS N ‘useful’ episodes 366 343 N Introduction protagonist 14 21 range 0-3 3 N Ambiguous reference (sd) 32 (3.6) 2 (.5) 1 – 10 0 – 1 Challenge 4: Behoorlijke heterogeniteit

Böhmer et al., 2014; Östermann et al. 2014 3 Bevindingen II: vraag De mens met AS en zijn naasten 1 Wat is de eigen inschatting van mensen met AS en hun omgeving betreffende de (on)mogelijkheden van de sociaal-pragmatische vaardigheden? 2 Wat zijn de behoeften van mensen met AS en hun omgeving betreffende de (on)mogelijkheden van de sociaal-pragmatische vaardigheden? Böhmer et al., 2014; Östermann et al. 2014

3 Bevindingen II: materiaal Inschatting Zelfbestemming: Arcs Determination Scale (Wehmeyer, 1995) Communicatieve vaardigheden: VIS-V (Vragenlijst voor de Inventarisatie van Sociaal gedrag, Horwitz et al., 2004) Behoeftebepaling logopedie: eigen vragen NL: n = 2 paren AS en naaste D: n = 5 paren AS en naaste Arcs: zelfredzaamheid, zelfwaarneming Böhmer et al. (2014) hebben daarvoor een vragenlijst met 110 gesloten vragen opgezet voor de mensen met autisme en hun naasten. Naast de behoeftebepaling of logopedische therapie gewenst is of niet, zijn de proefpersonen (mensen met autisme en hun naasten) gevraagd om een inschatting te geven op hun zelfbeoordeling, daarmee is de manier van eigen vaardigheden waarnemen en op deze te reflecteren bedoelt. Daardoor kon gekeken worden of de mensen met autisme hun zelfbeoordeling realistisch inschatten. Als laatste punt was gekeken of er bepaalde gebieden zijn war therapie gewenst is. Het resultaat laat zien dat er een kleine behoefte aan therapie bestaat. Hierbij moet dit voorzichtig geïnterpreteerd worden omdat er maar weinig proefpersonen meededen (n=10). De proefpersonen met ASD hebben zich zelf meestal zo ingeschat als ook hun naast dit deden. Er was behalve bij een persoon weinig verschil uit te maken. Omdat er maar weinig proefpersonen waren, kan geen uitspraak gemaakt worden op een samenhang tussen zelfinschatting en therapiebehoefte.

Inschatting individu met AS en naaste = redelijke overeenkomst 3 Bevindingen II Challenges 3 en 4 Moeite vinden deelnemers Veel heterogeniteit Gemengde behoeften: Lage zelfinschatting => meer behoefte Hoge zelfinschatting => minder behoefte Inschatting individu met AS en naaste = redelijke overeenkomst Onduidelijkheid Wat is logopedie? Wat zijn comm./pragmatische vaardigheden? Böhmer et al. (2014) hebben daarvoor een vragenlijst met 110 gesloten vragen opgezet voor de mensen met autisme en hun naasten. Naast de behoeftebepaling of logopedische therapie gewenst is of niet, zijn de proefpersonen (mensen met autisme en hun naasten) gevraagd om een inschatting te geven op hun zelfbeoordeling, daarmee is de manier van eigen vaardigheden waarnemen en op deze te reflecteren bedoelt. Daardoor kon gekeken worden of de mensen met autisme hun zelfbeoordeling realistisch inschatten. Als laatste punt was gekeken of er bepaalde gebieden zijn war therapie gewenst is. Het resultaat laat zien dat er een kleine behoefte aan therapie bestaat. Hierbij moet dit voorzichtig geïnterpreteerd worden omdat er maar weinig proefpersonen meededen (n=10). De proefpersonen met ASD hebben zich zelf meestal zo ingeschat als ook hun naast dit deden. Er was behalve bij een persoon weinig verschil uit te maken. Omdat er maar weinig proefpersonen waren, kan geen uitspraak gemaakt worden op een samenhang tussen zelfinschatting en therapiebehoefte.

Maar, na uitleg en gesprek 3 Bevindingen II Maar, na uitleg en gesprek Nagenoeg allen geven aan trainingsbehoefte te hebben / aan te raden informeel / formeel gesprek voeren eerste contact leggen ‘small talk’ juist gebruik non-/paraverbale communicatie (oog contact, houding, gespreksstyle) begrip metaforisch taalgebruik Böhmer et al. (2014) hebben daarvoor een vragenlijst met 110 gesloten vragen opgezet voor de mensen met autisme en hun naasten. Naast de behoeftebepaling of logopedische therapie gewenst is of niet, zijn de proefpersonen (mensen met autisme en hun naasten) gevraagd om een inschatting te geven op hun zelfbeoordeling, daarmee is de manier van eigen vaardigheden waarnemen en op deze te reflecteren bedoelt. Daardoor kon gekeken worden of de mensen met autisme hun zelfbeoordeling realistisch inschatten. Als laatste punt was gekeken of er bepaalde gebieden zijn war therapie gewenst is. Het resultaat laat zien dat er een kleine behoefte aan therapie bestaat. Hierbij moet dit voorzichtig geïnterpreteerd worden omdat er maar weinig proefpersonen meededen (n=10). De proefpersonen met ASD hebben zich zelf meestal zo ingeschat als ook hun naast dit deden. Er was behalve bij een persoon weinig verschil uit te maken. Omdat er maar weinig proefpersonen waren, kan geen uitspraak gemaakt worden op een samenhang tussen zelfinschatting en therapiebehoefte. Challenge 5: Weet men wat de logopedist kan en doet?

3 Bevindingen III: vraag Het therapeutisch handelen / meningen behandelaars 1 Wie voert regie in het therapeutisch handelen bij mensen met AS? 2 Zou logopedie een meer dominante rol moeten spelen? Brenneise et al., 2014

3 Bevindingen III: materiaal Het therapeutisch handelen Meningen van beroepsgroepen 1 Vragenlijst 2 Experteninterviews

3 Bevindingen III Vraag 1 (n= 67) K1: Psychiater, Psychologen, Psychotherapeuten K2: Heilpädagogen, Sonderpädagogen, Sozialpädagogen K3: Logopäden K4: Ergotherapeuten Andere

(Heil- en Sozialpädag.) 3 Bevindingen III Vraag 1 (n=67) Interventie 1e plaats 2e plaats 3e plaats Anamnese K1 K2 (Heil- en Sozialpädag.) K3 Logo Diagnostiek Advies cliënt Advies naaste Therapie Coaching K2 Heilpädag. Challenge 5: Weet men wat de logopedist kan en doet?

(Heil- en Sozialpädag.) 3 Bevindingen III Vraag 2 (n=6 experten) Interventie 1e plaats 2e plaats 3e plaats Anamnese K1 K2 (Heil- en Sozialpädag.) K3 Logo Diagnostiek Advies cliënt Advies naaste Therapie Coaching K2 Heilpädag. Basisopleiding logopedie onvoldoende voor het werken met AS; na bijscholing => training en coaching werk bij “frühkindlicher Autismus” met focus op de taal- en communicatieve ontwikkeling => multidisciplinair werk Bij volwassenen minder problemen in de communicatie, meer sociale interactie => daarom logopedie minder noodzakelijk, maar “bitte kein Konkurrenzkampf” “Logopedie is onmisbaar omdat experts in de communicatie, die bij AS gestoord is” Diagnostiek door psychologen worden niet per se alle relevante taalaspecten getest.

4 Implementatie (On) mogelijkheden in de sociaal-pragmatische vaardigheden Logopedie is principieel gewenst (na voorlichting) Challenge 1: Terminologie Challenge 2: Deelnemers Challenge 3: Assessement Challenge 4: Heterogeniteit Challenge 5: PR Logopedie Assessing social-pragmatic skills and self determination in young German adults with Asperger Syndrome: comparing linguistic facts and the individual needs for improving pragmatic skills in the speech and language therapy practice

Ontwikkelen van logopedisch ICF profiel voor volwassen met AS 4 Implementatie Uitbreiding screeninginstrument (SSPA) - definiëren van pragmatische categorieën Ontwikkelen van logopedisch ICF profiel voor volwassen met AS PR logopedie Inventarisatie individuele (on)mogelijkheden en behoeften

4 Implementatie Ontwikkelen van logopedisch ICF profiel Diagnose: Asperger Leeftijd: 33 jaar AQ: 29

4 Implementatie Ontwikkelen van logopedisch ICF profiel

5 Toekomst Onderzoek naar de social-pragmatische vaardigheden en zelfregie bij Duits / Nederlandse volwassenen met Asperger Syndroom (AS): vergelijking van taalkundige feiten en de individuele behoeften voor de verbetering van social-pragmatische vaardigheden in de (logopedische) praktijk Assessing social-pragmatic skills and self determination in young German adults with Asperger Syndrome: comparing linguistic facts and the individual needs for improving pragmatic skills in the speech and language therapy practice

5 Toekomst Kenmerken proefpersonen Taaldata Interviewgegevens Achtergrondinfo Autisme Quotiënt (AQ) Vragenlijst Zelfbepaaldheid Inschatting pragmatische vaardigheden Stemmingsbarometer op de dag van de dataverzameling Levensloop Interviewmethode (LIM) (Schroots, 2002) Social Skills Performance Assessment (SSPA) (Patterson, 2001) Frog Story (Mayer, 1969) Eenheid in methode

5 Toekomst “The speech and language therapist (SLT) is the professional responsible for the prevention, assessment, treatment and scientific study of human communication and related disorders. In this context human communication encompasses all those processes associated with the comprehension and production of oral and written language, as well as appropriate forms of non-verbal communication.” (adapted from Netques, 2013: 6)

Casus 1 LIM

Casus 2 LIM

Scene 1 General Conversation 3,40 (0,84) -3,51* -2,69* AS mean (sd) NON-AS Z Sig. diff. Total Score SSPA 65,13 (8,17) 83,50 (1,90) -3,58* ✓ Raw score Scene 1 28,88 (4,67) 39,60 (0,70) -3,67* Raw Score Scene 2 36,38 (4,37) 43,90 (1,79) -3,48* Scene 1 Interest 3,00 (1,15) 4,90 (0,32) -3,54* Scene 2 4,10 (0,88) -2,68 X Scene 1 Fluency 3,10 (0,74) -3,89* 3,60 (0,70) 4,80 (0,42) -3,25* Scene 1 Clarity 4,10 (0,74) 5,00 (0,00) -3,14 4,50 (0,53) -2,52 Scene 1 Focus 4,10 (1,20) -2,49 -1,45 Scene 1 Affect 3,25 (0,89) -3,36* 3,38 (0,74) -3,42* Scene 1 General Conversation 3,40 (0,84) -3,51* -2,69* Scene 2 Negotiation ability 3,70 (0,82) -3,44* Scene 1 Eye contact 3,38 (0,92) 2,75 (1,16) -3,64* -3,74* ICPLA - Stockholm, 13th June 2014

Autisme Quotient (AQ; Baron-Cohen et al., 2001) LIM semi-gestructureerd interview Monoloog met vragen gestuurd een levenslijn, een serie chronologisch geordende levensgebeurtenissen en een levensverhaal verkregen worde getrokken Levenslijn met zijn toppen en dalen benoemen Gestuurd/halfvrij narratief http://web.sls.hw.ac.uk/teaching/level1/A31RH3/baron%20cohen%20AQ.pdf