De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Zo comfortabel mogelijk wonen met dementie. Uitgangspunten 1. Vertrouwdheid en herkenbaarheid zijn belangrijk. 2. Mensen met dementie doen steeds meer.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Zo comfortabel mogelijk wonen met dementie. Uitgangspunten 1. Vertrouwdheid en herkenbaarheid zijn belangrijk. 2. Mensen met dementie doen steeds meer."— Transcript van de presentatie:

1 Zo comfortabel mogelijk wonen met dementie

2 Uitgangspunten 1. Vertrouwdheid en herkenbaarheid zijn belangrijk. 2. Mensen met dementie doen steeds meer op hun gevoel en intuïtie. 3. Bewegen is voor iedereen, maar zeker voor mensen met dementie heel belangrijk. 4. De invloed van licht op iemands welbevinden is groot. 5. Houd het zo simpel mogelijk.

3 Beleving Het te opzichtig en/of te snel aanbrengen van aanpassingen in de leefomgeving kan soms ook leiden tot heftige reacties van de persoon met dementie.

4 Woningtechniek en hulpmiddelen Er is veel winst te halen uit juist de kleine ingrepen.

5 Suggesties voor aanpassingen

6 Oriëntatie Voor veel mensen met dementie is oriëntatie in en rond de woning een steeds groter wordend knelpunt. Men weet in of rond de woning de weg niet meer te vinden. Men weet niet waar iets ligt. Men weet niet meer hoe een bepaald apparaat werkt of waar het voor dient. Het is ook lastig te realiseren welke dag en welk moment van de dag het is.

7 Oriëntatie: Structuur in de dag  Eenvoudige geheugensteuntjes; Post-its, pictogrammen, foto’s en labels, gekleurd plakband  Centrale plek geheugensteuntjes; Whiteboard, schoolbord, grote agenda, computerscherm met mededelingen  Tijd; Een speciale geheugenklok waarop de tijd zowel in cijfers als met wijzers wordt aangegeven.

8  Een vaste plek voor belangrijke zaken zoals sleutels en portemonnee; Plaatsen die de betrokkene gewend is of indien dit niet meer gaat een plek die goed in het zicht is en een logische plaats, zoals een duidelijke ophangplaats voor sleutels  De weg vinden in huis Deuren openzetten, monteren van pictogrammen of foto’s op diverse deuren, schuifdeuren, zichtlijnen Oriëntatie: De weg vinden binnenshuis

9 Toilet in het zicht vanaf de woonkamer Oriëntatie: De weg vinden binnenshuis

10  Iets kunnen vinden in de kasten; Op diverse kastdeuren een briefje, foto of pictogram van de inhoud van de kast/lade of evt. lade vervangen door een exemplaar met plexiglas zodat men ziet wat erin zit.  Spiegels; Spiegels kunnen het oriëntatievermogen storen. Soms schrikken mensen van hun eigen reflectie. Haal zo nodig spiegels weg of plak ze af. Als er meerder mensen wonen, kan een rolgordijntje boven een spiegel een handige oplossing zijn. Oriëntatie: De weg vinden binnenshuis

11  Glazen gevels; Sommige mensen hebben last van glazen gevels die tot de grond doorlopen. Zij raken hierdoor hun oriëntatie op binnen en buiten kwijt. Dit is op te lossen door dit (gedeeltelijk) af te plakken. Soms is een bouwkundige ingreep wenselijk.  Zorg voor contrasten; Het gezichtsvermogen van de meeste mensen met dementie achteruit. Hierdoor kan het zijn dat een wit lichtknopje op een witte wand niet zichtbaar is. Dit is simpel op te lossen door contrasterende accenten aan te brengen of bijvoorbeeld de wc-bril te vervangen door een contrasterende. Oriëntatie: De weg vinden binnenshuis

12 Een contrasterende wc-bril Oriëntatie: De weg vinden binnenshuis

13  Licht; - Voorkom schemerige plekken in huis. - Niet teveel automatiseren; lampen met sensor kunnen handig zijn, maar kunnen soms ook voor schrikreacties en verwarring zorgen.  Nachtverlichting; - Routeverlichting naar toilet - Geen felle lampen! Kan mogelijke verstoring van dag –en nachtritme veroorzaken. Oriëntatie: De weg vinden binnenshuis

14  Herkennen van de woning; - Herkenningspunt aanbrengen. Bijvoorbeeld iets ophangen aan de woning, het verven van de deur in een speciale kleur of led rond de deur in kleur (slechtzienden) - NB: een hoge heg of schutting kan het zicht op de woning en daarmee de herkenbaarheid belemmeren  De weg vinden buiten; Wandeltomtom’s, vaste wandelroutes aanleren door deze regelmatig samen te lopen. Oriëntatie: De weg vinden buitenshuis

15 Veiligheid binnenshuis Gasfornuis met handbescherming en gasklep op sleutelschakelaar

16 Veiligheid binnenshuis  Het fornuis; - Het creëren van een zitplek bij een fornuis - Gasfornuis vervangen door inductiekookplaat met beschermingsmaatregelen. Let op: Vertrouwdheid is van belang; nieuw kookstel kan verwarring oproepen doordat men niet weet hij zij dit moeten bedienen - Fluitketel op gas vervangen door elektrische waterkoker. Pas op: kan ook averechts werken doordat iemand de waterkoker aanziet voor een theepot of de waterkoker op het fornuis zet - Magnetron kan alternatief zijn voor een fornuis - Fornuisknopbeschermers kunnen de bediening lastiger maken

17 Veiligheid binnenshuis  Kranen; - Een warmtebegrenzer die onder de wastafel/gootsteen gemonteerd wordt, kan voorkomen dat iemand zich verbrandt. - Thermostaatkraan kan een alternatief zijn. Let op; het risico is wel weer dat men de werking van de kraan niet meer begrijpt.  Brandmelders; Net als in iedere andere woning is het verstandig om brandmelders aan te brengen. Een gewone brandmelder die begint te loeien, kan echter voor ernstige verwarring of paniek zorgen. Kies daarom een geavanceerd model, waardoor ook de buren, thuiszorgcentrale of familie het signaal krijgt wanneer deze afgaat

18 Veiligheid binnenshuis  Alles-uit-knop; - Een alles-uit-knop is eenvoudig te monteren en zorgt ervoor dat alle elektrische apparaten bij het verlaten van de woning, in één keer uitgaan. - Het is ook mogelijk de alles-uit-knop te koppelen aan bijvoorbeeld het voordeurslot, zodat alles vanzelf uitgaat als de deur op slot gedraaid wordt.

19 Veiligheid binnenshuis  Bewegingsmelders in huis; Soms is het handig een signaal te krijgen wanneer de persoon met dementie een activiteit onderneemt in een ruimte waar op dat moment niemand anders is. Er zijn vele mogelijkheden: - Losse bewegingssensoren (bijv. onder het bed) - Deursensoren - Bedsensoren onder het matras of in het kleedje naast het bed

20 Veiligheid binnenshuis  Valgevaar; Let erop dat er zo min mogelijk opstakels liggen als randen van losse kleden, drempels of kleine dingen die op de grond staan. Zorg dat de ondergrond niet te glad, maar ook niet te ruw is. Dat betekent in elk geval geen laminaat of hoogpollig tapijt. Beugels of extra leuningen op logische plekken kunnen de veiligheid vergroten doordat extra houvast gecreëerd wordt. Zorg dat logische ‘vastgrijppunten’ zoals wastafels extra goed vastzitten Verlichting op de juiste plekken kan valgevaar verminderen. Noodverlichting voorkomt ongelukken tijdens stroomuitval

21 Veiligheid binnenshuis Vervang zoveel mogelijk klapdeuren door schuifdeuren

22 Veiligheid binnenshuis

23  Wees terughoudend met verhoogde toiletpotten! De meeste mensen zitten op een verhoogd toilet in een slechtere houding dan op een normaal toilet. Dit betekent dat zij harder moeten persen om blaas en darmen te legen, met meer verhoogde druk in de hersenen tot gevolg. Bij mensen met dementie, zeker vasculaire dementie, zijn het juist het hoofd en bloedvaten in het hoofd kwetsbaar. Alternatief: - Beugels (vóór het toilet) - Sta-op-toiletbril - Toilet in hoogte verstelbaar (max. 10 cm)

24 Veiligheid binnenshuis  Douchen; Voorkom een ‘te volle’ badkamer, geen kledingstukken op de grond Beugels Voldoende manouvreerruimte indien men geholpen wordt met wassen/douchen. Dit is op te lossen door een wastafel aan een horizontale rails te bevestigen, waardoor deze tijdelijk op zij te schuiven is. Douchestoel Anti-slipmat en anti-sliptegels

25 Veiligheid binnenshuis  Afsluiten van kasten; In sommige gevallen kan het wenselijk zijn om kasten met daarin gevaarlijke reinigingsmiddelen van een slot te voorzien. Magneetsloten kunnen een mooie, werkbare oplossing zijn. Zet vooral geen sloten op alle kasten; mensen met dementie kunnen dit als stigmatiserend ervaren.

26 Veiligheid binnenshuis  Giftige spullen; Zet geen giftige spullen in de buurt van de plek waar gegeten wordt. Planten kunnen voor iemand in de latere fases van dementie aangezien worden voor voedsel. Giftige stoffen als luchtverfrissers en schoonmaakmiddel worden ook vaak gezien als voedsel of drinken.

27 Veiligheid binnenshuis  Trap; Om te voorkomen dat iemand van de trap valt, kan een plaatsing van een traphekje wenselijk zijn. Let wel op dat dit hoger hangt dan een ‘kinderhekje’. Goede verlichting bij een trap is ook zeer belangrijk om vallen te voorkomen. Soms wordt overwogen een tweede trapleuning aan te brengen. Wees hier bij mensen met dementie voorzichtig mee. Doordat zij meer intuïtief zijn ingesteld gaan ze wellicht aan de smalle kant van de trap lopen.

28 Veiligheid binnenshuis  Medicijnen; Op een afgesloten plek Slot op medicijnkastje Modern medicijndistributiesysteem: Geavanceerde pillendozen dispensers voor baxterrollen (signaal wanneer het tijd voor medicatie) Apotheek of thuiszorgorganisatie op afstand

29 Veiligheid binnenshuis; de meterkast

30 Veiligheid binnenshuis  Lampen; Sommige (ouderwetse) spaarlampen doen er lang over voordat zij fel licht kunnen geven. Ga na waar dit onveilige situaties kan opleveren en vervang zo nodig enkele lampen (door LED).

31 Veiligheid binnenshuis  Personenalarmering; Mensen met gezondheidsproblemen krijgen vaak een ‘rode alarmknop’ (touwtje om de nek of knop aan de muur in diverse ruimtes). Dit is voor mensen met dementie schijnveiligheid! Zij drukken op de knop als dat niet nodig is en als het wel nodig is, zijn zij te verward om te drukken. Test met de persoon of hij/zij hiermee om kan gaan. Indien dit niet het geval is, kan automatische alarmering worden overwogen. Dit is gebaseerd op beweeg –en geluidssensoren. Op afstand bedienbare camera’s zien eruit als rookmelders en kunnen onderdeel uitmaken van een dergelijk systeem

32 Veiligheid buitenshuis  Weglopen; Deuren op slot is niet wenselijk en in strijd met regels en onveilig in geval van brand. Een persoon met dementie zal zich bij een gesloten deur ook opgesloten voelen, waarbij boos en zelfs agressief gedrag op kan treden. Alternatieven: - Buitendeur ‘verstoppen’ (gordijn of beplakken met foto van bijv. boekenkast) - Schutting rond de tuin, poort uit zicht halen - Laatste stuk van het pad niet doorleggen naar de poort of deur. Zo ‘verdwijnt’ de logische route naar buiten.

33

34 Veiligheid buitenshuis  Dwaaldetectie buiten; - Dementie tom-tom - GPS apparatuur om persoon mee te volgen - Mobiele telefoon met GPS

35 Veiligheid buitenshuis  Toegang tot de woning; Zorg dat de woning door hulpverleners/familie/buren altijd te betreden is. Vervang zonodig de sloten, zodat de deur ook nog te openen is, als aan de binnenkant een sleutel in het slot zit. Speciale sleutelkastjes aan de buitenkant van de woning kan handig zijn maar is ook een risico (inbraak). Op afstand bedienbare elektronische sloten kunnen een oplossing zijn.

36 Gedrag Gedragsverandering is vaak een reden waardoor thuis wonen niet langer gaat. Dit kan variëren van extreme passiviteit, tot boosheid en agressie. Te nadrukkelijke aanwezigheid van aanpassingen in –en rond de woning kan ook probleemgedrag veroorzaken. De persoon wordt dan constant gewezen op zijn beperking en wordt daar boos om. Breng aanpassingen daarom zo natuurlijk mogelijk aan. Pas op voor stigmatisering.

37 Gedrag  Licht; De invloed van licht op het welbevinden van iemand is enorm. Buitenlicht is het allerbeste. Extra (daglicht)lampen te laten branden (minimaal 1000 tot 2000 lumen). LED lampen zijn een duurzame oplossing. Zit iemand veel in een stoel, zet de stoel dan bij het raam. Als iemand overdag te weinig licht heeft ontvangen, dan slaapt hij/zij slechter. Dit verstoort het dag-nacht-ritme. Veel licht speelt een belangrijke rol in het voorkomen van depressies.

38 Gedrag  Voorkom donkere plekken; Donkere plekken, bijvoorbeeld een donker vloerkleed, kunnen angsten oproepen, omdat een persoon met dementie denkt dat hij daar in kan vallen. Drukke patronen van behang of gordijnen kunnen ook angstig zijn, omdat men daar ‘voorstellingen’ in ziet.  Kleur en detailgebruik; Een inrichting van de woning kan het best bestaan uit egale kleuren die niet glinsteren of glimmen. Dit voor komt illusies en angsten. Het gebruik van de kleur blauw voor vloerbedekking kan aangezien worden voor water.

39 Gedrag  Natuur; De aanwezigheid van platen en huisdieren heeft op veel mensen van dementie een positieve, rustgevende invloed.  Voorkom opsluiten; Iemand die zich realiseert dat hij opgesloten zit, heeft de neiging om zich hiertegen te verzetten.  Verwarming; Sommige mensen met dementie veranderen met enige regelmaat de instellingen van de thermostaat. In dat geval kunt u overwegen een thermostaat op te hangen die op afstand te regelen is of één die een beperkte bandbreedte qua temperatuurinstelling heeft. Een te warme woning leidt tot inactiviteit. Een te koude woning tot weinig comfort.

40 Bewegingsvrijheid Dementie doet zich vooral voor bij ouderen. Veel ouderen hebben te maken met een fysieke beperking. Zorg daarom dat in –en rondom de woning goed bewogen kan worden met rolstoel/rollator. De volgende aanpassingen kunnen hierbij helpen: - Sanitaire ruimte vergroten of herindelen - Inrichting minimaliseren - Deuropeningen verbreden/drempels verwijderen - Hoge stoel bij het aanrecht van de keuken - Tillift - Traplift of alle voorzieningen op begane grond

41 Kijk voor meer informatie op: ≠ U kunt de presentatie downloaden op:


Download ppt "Zo comfortabel mogelijk wonen met dementie. Uitgangspunten 1. Vertrouwdheid en herkenbaarheid zijn belangrijk. 2. Mensen met dementie doen steeds meer."

Verwante presentaties


Ads door Google