De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Politieke ideologieën Beknopt overzicht. Anarchisme  Anarchisten verwerpen politieke autoriteit in al haar vormen.  Politieke autoriteit = het kwaad.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Politieke ideologieën Beknopt overzicht. Anarchisme  Anarchisten verwerpen politieke autoriteit in al haar vormen.  Politieke autoriteit = het kwaad."— Transcript van de presentatie:

1 Politieke ideologieën Beknopt overzicht

2 Anarchisme  Anarchisten verwerpen politieke autoriteit in al haar vormen.  Politieke autoriteit = het kwaad  Regelen van zaken gebeurt door vrijwillige overeenkomsten en samenwerkingsverbanden.  Twee stromingen:  Individualistisch anarchisme: vrijheid van de keuze van het individu maximaliseren. Privébezit mogelijk.  Communistisch anarchisme : Gelijkheid tussen allen en verdeling van goederen. Privébezit mag niet.

3 Anarchisme  Anarchistische experimenten plaatsgevonden in Spanje, Portugal, Mexico, Frankrijk en Rusland maar nooit doorgebroken in ons land.  Meeste anarchistische bewegingen zijn ontstaan uit vakbonden.  Ook vakbonden zijn in hun oorsprong ‘anarchistisch’ omdat er vroeger een verbod op vereniging bestond waardoor niemand kon samenspannen tegen werkgever.  semi-revolutionair karakter van vakbonden

4 Liberalisme Historisch  Liberalisme (en kapitalisme) kwamen op met de opkomst van de marktgerichte samenleving.  Initieel draaide het om rechten en vrijheden tegenover de adem en het absolutisme.  Overheid mocht zich niet moeien met de economie. Die zou zichzelf reguleren  ‘laissez-faire’ kapitalisme  Opsplitsingen ontstaan door problemen die kapitalisme met zich meebracht  sociaal- liberalisme

5 Liberalisme Principes  Individualisme: individu primeert op de groep en moet zich ten volle kunnen ontwikkelen.  Vrijheid: Vrijheid boven gelijkheid en autoriteit. Enkel ingeperkt wanneer het schade berokkend aan anderen.  Rede: Mensen zijn in staat rationele beslissingen te maken en zo vooruitgang te boeken en conflicten op te lossen.  Gelijkheid: Iedereen heeft gelijke rechten en kansen zonder dat de staat er moet voor zorgen.  Ook belangrijk zijn: tolerantie en morele neutraliteit (geen geloof opleggen) België is een liberaal land: Niet enkel de Open VLD alleen, maar alle partijen dragen gedeeltelijk deze principes in zich.

6 Conservatisme Historisch  Conservatieven wilden in de 18 de eeuw terug naar het ‘ ancien régime ’ dat vóór de Franse Revolutie heerste.  Veel variatie in conservatieve partijen.  Continentaal Europa: autocratisch en reactionair  GB en VSA: meer flexibele vorm  Ingeleid door Edmund Burke: soms moet je bepaalde dingen veranderen om essentiële dingen te behouden  In praktijk werd conservatisme, paternalisme : een staat de het land leidt zoals een vader zijn gezin.

7 Conservatisme Principes:  Traditie: Respect voor ingeburgerde gebruiken en instituties, waarden en normen.  Pragmatisme: Actie volgt iit iets dat praktisch haalbaar en mogelijk is, niet uit abstracte theorieën.  Menselijke imperfectie: Mensen zijn beperkt, afhankelijk, egoïstisch, op zoek naar veiligheid. Criminaliteit ligt in menselijke natuur.  Hiërarchie: Iedereen heeft zijn plaats in de maatschappij.  Autoriteit: Leiderschap moet van bovenaf uitgevoerd worden.  Eigendom: Belangrijk voor veiligheid en onafhankelijkheid. Eigendom is de veruitwendiging van je persoonlijkheid.

8 Socialisme Historisch  Ontwikkeld als reactie op kapitalisme ter verdediging van de werknemers.  Initieel heel revolutionair en fundamentalistisch. (zie ook Karl Marx)  2 stromingen in 19 de eeuw:  Reformisten: arbeidsklasse langzaamaan integreren in kapitalistisch systeem. (via vakbonden en politieke partijen) = socialisten vandaag  Revisionisten: Vielen terug op ideeën van Marx en worden nu doorgaans communisten genoemd.

9 Socialisme Principes:  Gemeenschap: mensen zijn sociale wezens die samen moeten leven. Nurture primeert op nature. De maatschappij moet goede mensen opvoeden.  Broederschap: Samenwerking wordt verkozen boven competitie en holisme boven individualisme.  Sociale gelijkheid: Gelijkheid van uitkomst i.p.v. gelijkheid van kansen = egalitarisme  Ook: beperking privébezit in functie van gelijkheid en nadruk op noden van mensen.

10 Communisme Historisch  Gebaseerd op Marxisme, voor het eerst toegepast in de voormalige sovjetunie. = ideaal van staatloze maatschappij  Lenin heeft aantal zaken aan theorie van Marx toegevoegd.  essentie van revolutionaire partij die touwtjes in handen heeft na de revolutie.  Sterk anti-kapitalistisch en daarom voorstanders van volledig staatsgeleide economie zonder overproductie.  Veranderingen van Stalin leiden tot dictatuur. Sinds dood Stalin hervormingen gebeurd die uiteindelijk leiden tot ophef van sovjetunie in  Landen die nog (gedeeltelijk) communistisch zijn: China, Cuba, Noord-Korea

11 Communisme Principes:  Gemeenschappelijkheid: De mens ontleent zijn identiteit aan de massa en wordt gemaakt door de gemeenschap. Holisme > individualisme.  Vervreemding: Arbeidsverdeling en specialisatie van liberalisme maakt dat mensen vervreemden van het product van hun arbeid. Mens moet voldoening krijgen uit werk.  Klassenstrijd: Klassenongelijkheid en polarisering moet opgeheven worden door een revolutie van het proletariaat.  Gemeenschappelijk bezit: alle rijkdom wordt collectief en er wordt enkel geproduceerd wat nodig is.

12 Fascisme Historisch  Vooral ontwikkeld tijdens het interbellum in Duitsland ten gevolge van het verdrag van Versailles waarin Duitsland gestraft werd voor WO1  Adolf Hitler verkozen tot staatsleider en schort alle verplichtingen van verdrag van Versailles op.  Hitler installeerde radicaal ondemocratisch regime met “Ein volk, ein reich, ein Führer” = fascisme.  Gingen in tegen het ideeëngoed van de Franse Revolutie: “1789 is dood”

13 Fascisme Principes:  Waarden: strijd, leiderschap, macht, heldenverering en oorlog.  Tegen: kapitalisme, liberalisme, individualisme, communisme  Centraal thema: sterkte door eenheid, individu betekent niets.  De nieuwe man is een held, gemotiveerd door plicht, eer en zelfopoffering voor de glorie van zijn staat, ras en absolute leider.  Jeugd wordt in Hitlerjugend opgeleid tot übermenschen = arische ras  racisme  Enorm geloof in kunnen van de eigen staat en het eigen volk.

14 Nationalisme  Soevereiniteit van het volk staat centraal.  Teruggrijpen nar het romantische idee van het volk.  Twee basisprincipes:  Zelfbeschikkingsrecht: afwijzing van vreemde overheerser  Belangen van de totaliteit primeert op belangen van individu.  Natie of volk verwijst naar: gemeenschappelijk geschiedenis of taal en cultuur  Nationalisme kan ontstaan uit verschillende oorzaken:  gemeenschappelijke kenmerken,  gemeenschappelijke politiek,  gemeenschappelijke belangen, …

15 Nationalisme  Pattriotisme: betrekking op herdenking van oorlogen.  Actieve, strijdende vormen van nationalisme gaan terug op het besef van samen geleden onrecht.  Door nadruk op de solidariteit (intern)kan nationalisme ondanks de vrijheidsgedachte van het zelfbeschikkingsrecht ook sterk samengaan met vormen van socialisme.  Extreme vorm: ontkenning van waarde van het individu  Jij bent niets, je volk is alles

16 Ecologisme Ontstaan in ‘60 en ‘70 van 20 ste eeuw uit milieubeweging, vredesbeweging en emancipatiebewegingen. Principes:  Meerkleurendemocratie of pluralisme: Het is goed dat er verschillende meningen naast elkaar bestaan. Er is geen definitieve waarheid.  Aandacht voor het milieu en ecologische crisis.  Streven naar duurzame economie die niet weegt op ecologie en niet zorgt voor sociale schuld voor volgende generaties.  Wereldwijde sociale rechtvaardigheid: levenskansen van de minst bedeelden verbeteren en beschermen tegen industrie en uitputting van grondstoffen.  Individu in verbondenheid met mensen en met de natuur.  Zorgen voor volgende generaties door beperken van vrijheid van industrie zorgt voor meer vrijheid op termijn, niet voor minder vrijheid.


Download ppt "Politieke ideologieën Beknopt overzicht. Anarchisme  Anarchisten verwerpen politieke autoriteit in al haar vormen.  Politieke autoriteit = het kwaad."

Verwante presentaties


Ads door Google