De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

1 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Hoofdstuk 2: Mensen,

Verwante presentaties


Presentatie over: "1 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Hoofdstuk 2: Mensen,"— Transcript van de presentatie:

1 1 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Hoofdstuk 2: Mensen, Instituties en Markten Economie, een Inleiding

2 2 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Mensen, Instituties en Markten - Inhoudstafel 1.Het individuele gedragsmodel 2.Individuele beslissingen en sociale interacties 3.Arbeidsverdeling en coördinatie 4.Instituties in de reële wereld: markten, overheid, normen

3 3 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Mensen, Instituties en Markten - Inhoudstafel 1.Het individuele gedragsmodel 2.Individuele beslissingen en sociale interacties 3.Arbeidsverdeling en coördinatie 4.Instituties in de reële wereld: markten, overheid, normen

4 4 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1. Het individuele gedragsmodel  Model van rationele keuze: l Ieder probeert binnen zijn eigen beperkingen de voor hem of haar beste resultaten te bereiken l Rationele economische agent l Homo economicus  Formeel wiskundig: l Rationeel keuzegedrag:  Optimaliseren van doelstellingsfunctie  Onder beperkende voorwaarden

5 5 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1. Het individuele gedragsmodel  Rationele keuzetheorie maakt echter geen specifieke veronderstellingen over inhoud van voorkeuren l Meest eenvoudige model neemt aan dat  mensen enkel gericht zijn op hun materiële eigenbelang;  mensen perfect geïnformeerd zijn;  mensen geen beslissingsfouten maken;  beslissingen van groepen kunnen worden geanalyseerd als beslissingen van individuen  Traditioneel: individuele beslissingen staan centraal  Echter: sociale interactie en coördinatieproblemen

6 6 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1. Het individuele gedragsmodel  Bovenstaande (onrealistische) vereenvoudigingen zijn niet essentieel voor economische benadering l Recente ontwikkelingen in economische theorie:  Beperkende veronderstellingen afzwakken  Verschillen overbruggen tussen sociale wetenschap- pen Economie Sociologie Psychologie

7 7 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1. Het individuele gedragsmodel  Evenwicht: l Rationele agent vindt ‘rust’ als zijn/haar gedrag beste resultaat oplevert  In dat geval: individueel evenwicht l In relevante economische situaties zijn meerdere economische agenten betrokken l Evenwicht wordt dan bereikt wanneer geen enkele van die betrokken economische agenten zijn/haar gedrag wil aanpassen  Dus: globaal evenwicht

8 8 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Mensen, Instituties en Markten - Inhoudstafel 1.Het individuele gedragsmodel 2.Individuele beslissingen en sociale interacties 1.Individuele beslissingen 2.Sociale interacties zonder bindende afspraken: speltheorie 3.Bindende afspraken, sociale normen en overheidstussenkomst 3.Arbeidsverdeling en coördinatie 4.Instituties in de reële wereld: markten, overheid, normen

9 9 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.1. Individuele beslissingen  Student geeft zakgeld uit in boekhandel  Individueel evenwicht: l situatie waarin student boeken koopt die hem binnen gegeven budget het grootste nut opleveren

10 10 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Mensen, Instituties en Markten - Inhoudstafel 1.Het individuele gedragsmodel 2.Individuele beslissingen en sociale interacties 1.Individuele beslissingen 2.Sociale interacties zonder bindende afspraken: speltheorie 3.Bindende afspraken, sociale normen en overheidstussenkomst 3.Arbeidsverdeling en coördinatie 4.Instituties in de reële wereld: markten, overheid, normen

11 11 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.1. Spelers, strategieën en resultatenmatrix  Spel: l situatie waarbij rationele beslissingnemers rekening houden met onderlinge afhankelijkheid van hun beslissingen en resultaten  Spelers: l beslissingnemers  Zuivere strategieën: l mogelijke acties  Gemengde strategieën: l mogelijke acties met waarschijnlijkheden  Resultatenmatrix (pay-off matrix): l uitkomsten voor elke speler en elke reeks strategieën

12 12 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.2. Het gevangenendilemma

13 13 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.2. Het gevangenendilemma  Bekennen is beste optie voor speler 1 indien speler 2 blijft ontkennen l Het vermindert zijn gevangenisstraf namelijk van twee jaar tot één jaar  Maar ook als speler 2 bekent, kan speler 1 best bekennen l Hij wordt dan bestraft met acht in plaats van tien jaar cel  Ongeacht wat speler 2 doet, voor speler 1 is het altijd beter om tot bekentenissen over te gaan. l ‘Bekennen’ = dominante strategie l ‘Ontkennen’ = gedomineerde strategie

14 14 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.2. Het gevangenendilemma  Identiek dezelfde redenering voor gevangene 2 l We verwachten dat ook gevangene 2 bekent l Uiteindelijk bekennen gevangenen allebei l Verwachte oplossing is (bekennen, bekennen)  Verwachte oplossing = niet-coöperatief  Oplossing waarbij beiden ontkennen = coöperatieve oplossing

15 15 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.3. Het Nash-evenwicht  Dit is een combinatie van strategieën waarbij geen enkele speler zijn strategie wenst te wijzigen, gegeven de verwachte strategie van de andere spelers  Verwachte oplossing die bestaat uit dominante strategieën, is altijd Nash-evenwicht l Nash-evenwicht hoeft daarentegen niet in te houden dat er dominante strategieën zijn  Nash-evenwicht is algemener en meer fundamenteel dan evenwicht in dominante strategieën  Het is ook mogelijk dat er meerdere Nash-evenwichten bestaan. Of dat er geen Nash-evenwicht is

16 16 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.4. Het belang van coördinatie  Het blijft vaak een uitdaging om het gedrag van verschillende spelers op elkaar af te stemmen l Zie bijvoorbeeld volgend coördinatiespel: the battle of the sexes

17 17 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.4. Het belang van coördinatie  Belang van gecoördineerde strategieën: l Alleen indien beide partijen eenzelfde keuze maken, zijn pay-offs voor beide partijen positief en wordt een Nash- evenwicht bereikt  Er zijn twee Nash-evenwichten, en geen dominante strategieën. Het is onduidelijk welk Nash-evenwicht geselecteerd zal worden  Hierin schuilt belangrijke rol voor sociale normen

18 18 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.4. Het belang van coördinatie  Simultaan versus sequentieel spel l Simultaan: imperfecte informatie l Sequentieel: volger heeft informatie over beslissing van leider (leider kiest eerst)  Stackelberg-evenwicht beschrijft verwachte uitkomst in dergelijk, vaak voorkomend, leider-volgermodel  Sociale normen kunnen bepalen wie leidt en wie volgt

19 19 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.4. Het belang van coördinatie  Volgend coördinatiespel is makkelijker op te lossen:

20 20 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.4. Het belang van coördinatie  Coördinatie in onderstaand spel is verre van evident, zonder voorafgaande afspraken. Afspraken zijn echter makkelijk te maken:

21 21 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.5. Er is niet altijd een Nash-evenwicht in zuivere strategieën  Er zijn ook spelsituaties waarin er geen Nash-evenwicht in zuivere strategieën bestaat  Een bekend voorbeeld is het matching pennies-spel:

22 22 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2.5. Er is niet altijd een Nash-evenwicht in zuivere strategieën  Er bestaat in dit geval geen Nash-evenwicht in zuivere strategieën  Er bestaat echter wel evenwicht in gemengde strategieën l Wanneer beide spelers met 50% kans kruis kiezen, en met 50% kans munt, dan staan ze beiden onverschillig tegenover wat ander doet en hebben ze er geen van beiden belang bij om van strategie te veranderen.

23 23 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Mensen, Instituties en Markten - Inhoudstafel 1.Het individuele gedragsmodel 2.Individuele beslissingen en sociale interacties 1.Individuele beslissingen 2.Sociale interacties zonder bindende afspraken: speltheorie 3.Bindende afspraken, sociale normen en overheidstussenkomst 3.Arbeidsverdeling en coördinatie 4.Instituties in de reële wereld: markten, overheid, normen

24 24 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Bindende afspraken, sociale normen en overheidstussenkomst  Gevangenendilemma: l Verwachte uitkomst is niet altijd beste uitkomst  Battle of the sexes: l Coördinatie niet altijd evident  Oplossing: afspraken? l Vaak niet nageleefd, want in strijd met prikkels  Afspraken maken wordt makkelijker naarmate spel vaker herhaald wordt  Tit for Tat: niet-coöperatie van tegenspeler wordt gestraft met niet-coöperatie in volgende spel  Langetermijnafspraken (en sociale normen) bieden in veel gevallen langetermijnwinsten

25 25 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Bindende afspraken, sociale normen en overheidstussenkomst  Veelal zullen sociale normen niet ontstaan, of kunnen ze moeilijk worden afgedwongen, bijvoorbeeld l Wanneer respecteren van normen een gedomineerde strategie is l Of meer algemeen: wanneer normgebonden gedrag niet leidt tot Nash-evenwicht l Wanneer er weinig controle (mogelijk) is  Indien sociale normen niet spontaan ontstaan of niet worden nageleefd, kan overheidstussenkomst soelaas bieden

26 26 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Bindende afspraken, sociale normen en overheidstussenkomst l Overheid als economische agent met dwangmacht  die economische agenten tot bepaalde vormen van gedrag kan verplichten  die door dwang resultatenmatrix (vb. via straf) kan veranderen  Informele sociale instituties (normen en afspraken) en formele politieke instituties (de overheid) kunnen ertoe bijdragen efficiëntere sociale uitkomsten te bereiken

27 27 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Mensen, Instituties en Markten - Inhoudstafel 1.Het individuele gedragsmodel 2.Individuele beslissingen en sociale interacties 3.Arbeidsverdeling en coördinatie 1.Traditionele systemen 2.Bevelsystemen 3.Marktsystemen 4.Instituties in de reële wereld: markten, overheid, normen

28 28 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.1. Traditionele systemen  Tot voor enkele eeuwen domineerde traditie meeste economische activiteiten l Van vader op zoon…  Sociale normen  Maar wat met veranderingen? l Dualisme tussen traditionele rurale en moderne stedelijke economie  Zie huidige ontwikkelingslanden

29 29 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Mensen, Instituties en Markten - Inhoudstafel 1.Het individuele gedragsmodel 2.Individuele beslissingen en sociale interacties 3.Arbeidsverdeling en coördinatie 1.Traditionele systemen 2.Bevelsystemen 3.Marktsystemen 4.Instituties in de reële wereld: markten, overheid, normen

30 30 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.2. Bevelsystemen  Centrale overheid bepaalt wat er geproduceerd moet worden, hoe productie georganiseerd moet worden en wie welke geproduceerde goederen en diensten ontvangt  Centrale beslissingnemers l Meer aanpassingsvermogen dan traditionele systemen  Maar: informatie- en incentiveproblemen l Omvang van te verzamelen informatie l Kwaliteit van informatie l Economische agenten minder gemotiveerd

31 31 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Mensen, Instituties en Markten - Inhoudstafel 1.Het individuele gedragsmodel 2.Individuele beslissingen en sociale interacties 3.Arbeidsverdeling en coördinatie 1.Traditionele systemen 2.Bevelsystemen 3.Marktsystemen 4.Instituties in de reële wereld: markten, overheid, normen

32 32 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.3. Marktsystemen  Productie en verdeling op basis van beslissingen van individuele ondernemingen en gezinnen

33 33 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.3.1. Vrijwillige ruil en respect voor eigendomsrechten  Marktsysteem is gebouwd op basisprincipe van vrijwillige ruil l Geen incentiveproblemen l Geen informatieproblemen  Iedereen weet voor zichzelf wat best is  Het is echter niet evident dat vrijwillige ruil steeds door alle partijen als beste optie zal gezien worden

34 34 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.3.1. Vrijwillige ruil en respect voor eigendomsrechten  Het is echter niet evident dat vrijwillige ruil steeds door alle partijen als beste optie zal gezien worden  Beschouw volgend spel:

35 35 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.3.1. Vrijwillige ruil en respect voor eigendomsrechten  Merk op: l (ruilen, ruilen) is geen Nash-evenwicht l Zich bewapenen is dominante strategie  Systeem waarin vrije ruil domineert, veronderstelt vertrouwen en respect voor eigendomsrechten l In traditionele samenlevingen:  Via normen l In dynamische omgevingen:  Via een behoorlijk werkend rechtssysteem  Dit vereist efficiënte overheid

36 36 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.3.2. Het marktsysteem en de prijs als signaal  Kracht van marktsysteem: signaalwaarde van prijzen  Geen centrale instantie nodig om beslissingen te sturen  Vaak prijsnemerschap: verschillende spelers kunnen prijzen als gegeven beschouwen  Prijzen l verspreiden informatie doorheen systeem l creëren incentives die economische agenten ertoe aanzetten om op wijzigingen in de omgeving te reageren  Deze processen verlopen gedecentraliseerd

37 37 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.3.3. Evenwicht  Prijsnemerschap: l Individueel evenwicht kan beschreven worden zonder rekening te moeten houden beslissingen van andere economische agenten  Via prijzen komt tevens globaal evenwicht tot stand l Prijzen komen slechts tot rust wanneer  vraag = aanbod

38 38 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.3.4. Marktimperfecties en informatie  Asymmetrische informatie: l Ruiltransactie tussen beter en slechter geïnformeerde economische agenten l Voorbeeld:  Markt voor tweedehandswagens  Kwaliteit goed of slecht, enkel gekend door verkoper  Verkoper vraagt: 2100 EUR voor slechte wagen, 2700 EUR voor goede wagen  Betalingsbereidheid koper: 2400 EUR voor slechte wagen, 3000 EUR voor goede wagen  Kopers weten: twee derde van alle wagens slecht  Dus: betalingsbereidheid zakt tot verwachte waarde: 2600 EUR (=2/3*2400 EUR + 1/3*3000 EUR)

39 39 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.3.4. Marktimperfecties en informatie  Asymmetrische informatie: l Voorbeeld:  Dus: betalingsbereidheid voor willekeurige wagen zakt tot verwachte waarde: 2600 EUR (=2/3*2400 EUR + 1/3*3000 EUR)  Aanbieders vragen echter 2700 EUR voor goede wagens  Gevolg: goede wagens verdwijnen van markt  Averechtse selectie l Missing markets: risico dat markt volledig verdwijnt l Oplossing:  Vertrouwen via reputatie, controlemechanismen, …

40 40 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Mensen, Instituties en Markten - Inhoudstafel 1.Het individuele gedragsmodel 2.Individuele beslissingen en sociale interacties 3.Arbeidsverdeling en coördinatie 4.Instituties in de reële wereld: markten, overheid, normen

41 41 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 4. Instituties in de reële wereld: markten, overheid, normen  Geen enkel economisch systeem is l zuivere traditionele economie, l zuivere beveleconomie, l zuiver marktsysteem  Verdelingsaspecten: rechtvaardigheid  Analyse van overheidsoptreden l Politici en ambtenaren – eigenbelang? l Juiste incentives?  Economisch gedragsmodel: heilzaam scepticisme  Instituties zijn niet alleen onvermijdelijk, ze zijn ook wenselijk


Download ppt "1 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2010 2 – MENSEN, INSTITUTIES EN MARKTEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Hoofdstuk 2: Mensen,"

Verwante presentaties


Ads door Google