De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

CONGRES EULE leven loopbaan leren Lezing en workshop Zie: www.isabellediepstraten.nlwww.isabellediepstraten.nl.

Verwante presentaties


Presentatie over: "CONGRES EULE leven loopbaan leren Lezing en workshop Zie: www.isabellediepstraten.nlwww.isabellediepstraten.nl."— Transcript van de presentatie:

1 CONGRES EULE leven loopbaan leren Lezing en workshop Zie:

2 Relatie tussen leven, leren, loopbaan VAAK wordt dit gescheiden bekeken Bij leren ligt tegenwoordig de focus op: leerstijl, leerconcept, persoonlijkheidskenmerken Bij loopbanen ligt tegenwoordig de focus op levensthema’s, passie, kernkwaliteiten MIJN ONDERZOEK Bekijk totale leven: het biografisch perspectief daadwerkelijke trajecten én persoonlijke kijk op leren, werken, vrije tijd, toekomst én: maatschappelijke bepaaldheid van trajecten en visies

3 Het biografisch perspectief Biografieën en perspectieven zijn sterk maatschappelijk bepaald: Het filmscript van de samenleving: Rol van instituties in dit filmscript? Rol van sociale categorieën en netwerken Huidige biografisch perspectief jongeren???

4 Het populaire script: de netgeneratie A social network for two

5 Wat online? Vooral communiceren: ict nieuw middel om identiteit vorm te geven 3 kernbegrippen daarbij: authenticiteit, interactiviteit, personalisering van ervaringen

6 Waarom doen ze dat allemaal? Het jeugdsociologisch script  Veranderingen in levensloop en jeugddomein  Gebruik nieuwe media draagt daaraan bij maar is tegelijk een uitingsvorm om met veranderingen om te gaan

7 Veranderingen jeugddomein LEREN IN JEUGDDOMEIN: STEEDS LANGER, STEEDS MEER

8 Van standaardbiografie naar keuzebiografie = risicobiografie BLIJVEN LEREN NODIG

9 KEUZEBIOGRAFIE=risicobiografie re=relatedhttp://www.youtube.com/watch?v=PH3DuqAAZZE&featu re=related Shibuya crossings lost in translation

10 Nieuwe normen Het leven=keuzes maken =keuze-stress en keuze-dwang: wat is je kompas? Yj0

11 Het populaire script over keuzebiografie: authenticiteit Je zou voortaan op je innerlijk kompas moeten varen Levensloopkeuzes: ook je identiteit is in het geding. Idee: alles is persoonlijk maakbaar; dus verkeerde keuzes = persoonlijk falen Een cultureel proces is hiermee tot psychologisch probleem gemaakt

12 Bestaat stabiele kern wel? Nee! Idee van een stabiele persoonlijke kern = afspiegeling van een culturele context waarin mensen nog onveranderlijke rollen hadden. Op zoek gaan naar, peinzen over je ‘ware kern’, dat werkt niet bij een keuzebiografie

13 Levensloopkeuzes geen rationeel, individueel proces Choose life trainspotting johneutah

14 Ervaringen bepalen levensloopkeuzes. Ervaringen zijn maatschappelijk bepaald. Dus nogmaals Filmscript Instituties Sociale categorieën en netwerken Dit is ook nog tijd en plaats variabel

15 Dus: we are all individuals? Monty Python’s Life of Brian eishice

16 Het script van kennissamenleving en onderwijsvernieuwing Leren op school: >>> betekenis > druk langer doorleren: > verlenging jeugdfase Al jong lange termijn keuzes maken terwijl keuzemogelijkheden>> Zelfgestuurd leren de norm (psychologisering), maar >> controle van het leerproces zelf Eigenlijke doel van zelfsturing is echter: beter toegerust zijn voor arbeidsmarkt Vandaar nadruk op zo efficiënt mogelijk leren (economisering)

17 Het script van kennissamenleving en onderwijsvernieuwing Leren op school: <<< betekenis diploma biedt geen garantie op succes meer: diploma-inflatie, > concurrentie, flexibele arbeidsidentiteit gewenst, levenslang leren nodig schoolse kennis betekenislozer in vergelijking tot wat er buiten school allemaal te leren valt kennissamenleving: andere kennis, gecreëerd in andere contexten Het nieuwe leren de oplosssing? nieuwe leren toobgom

18 Het script van kennissamenleving / onderwijsvernieuwing én jeugdsociologie Leren op school: >>> betekenis Jeugdruimte: vergroot, verlengd (juist door langere school), verzelfstandigd, ontpedagogiseerd Jeugdruimte: leerruimte waar jongeren onder elkaar als vanzelf leren: jeugdcultureel leerkapitaal Sociale netwerk: leerruimte bepalend voor hoeveelheid en soort jeugdcultureel leerkapitaal

19 Kortom: nieuwe scripts  nieuwe normen in instituties Levensloop en jeugd zijn maatschappelijke constructies  Functioneren dus als normstellend kader Niet elke jongere is er blij mee, kan er mee uit de voeten, heeft evenveel kansen goed hiermee om te gaan. Heel veel jongeren lijken in hun levensoriëntaties sterker dan ooit op oudere generaties  Kloof dreigt tussen ‘(post)moderniseringswinnaars en –verliezers’: MAAR ELKE BIOGRAFIE WORDT EEN RISICOBIOGRAFIE

20 (Visies) op leren en loopbanen hangen dus sterk samen met type biografie StandaardlevensloopGedestandaardiseerde levensloop Negatieve evaluatie Positieve evaluatie Negatieve evaluatie Positieve evaluatie Moderne standaard- oriëntaties IIIIIIIV Postmoderne oriëntaties VVIVIIVIII

21 Leerder en leerbiografie centraal Bekijk leren in licht hele biografie: Als uitkomsten van een traject op allerlei levensterreinen Verbonden met visies op leren, werken, vrije tijd, toekomst Kortom: leren is verbonden met sociaal bepaalde ervaringen

22 Leerder en leerbiografie centraal Ervaringen dus belangrijk, dus: In aanraking brengen met ‘nieuwe werelden’ Biografische exploratie: onderzoek doen in nieuwe werelden naar mensen die ze bewonderen / nieuwsgierig naar zijn Ruimte voor experiment: risico ipv strikte plannen Focus op nieuwsgierigheid ipv noodzakelijke levenslooptransities of ‘problemen’

23 Leerder en leerbiografie centraal Belang van passievolle begeleiders: –vertrouwen en respect cruciaal –evenals continuïteit en flexibiliteit Passievolle experts om ‘kunst te kunnen afkijken’

24 Leerder en leerbiografie centraal Biograficiteit centrale competentie Keuzebiografie noodzaakt tot kunnen vertellen en vormgeven van je eigen biografie. Paradox: juist in tijden van individualisering is besef invloed sociaal-culturele omgeving nodig. Daardoor krijg je zicht op je handelingsmogelijkheden. Workshop: tool om leerbio in kaart te brengen

25 WORKSHOP: INSTRUMENT LEERBIOGRAFIE TER CONCRETISERING: VERGELIJKEN VAN GEMIDDELDE VMBO-ER MET TYPE 8: Moderniseringswinnaars Ik noem ze: Nieuwe Leerders: ze kunnen actief hun eigen levensloop vormgeven en voldoen aan eisen postmoderne = kennis-, netwerk-, risico-samenleving

26 Leerbiografie, leefstijl econ, cult, soc kapitaal SOCIALE ACHTERGROND TRAJECTEN school, vrije gendertijd, werk BIOGRAF. VISIES:LEEFSTIJL leren, werk, toekomst etc. ZELFEVAULATIE econ, cult, soc kapitaal eigen SOCIALE NETWERKEN soort netwerk: bonding, bridging, netwerktype 1900Tijd: generatiecultuur  2000 Plaats: nationale, regionale cultuur

27 BLOK 1 SOCIALE ACHTERGROND Ga nu het instrument invullen: Alleen vragen van blok 1

28 BLOK 1 sociale achtergrond Ben je je bewust van context waarin je bent opgegroeid? 1.Generatie: groep mensen die in dezelfde periode en plaats is opgegroeid en daar blijvende sporen van draagt 2.Sociale herkomst: Cultureel kapitaal verzorgers Economisch kapitaal verzorgers Sociaal kapitaal: welk cult./econ. Kapitaal komt via netwerk verzorgers binnen? Opvoedingsstijl NB: in bijeenkomst 2 over leefstijlen komen we hier uitgebreid op terug 3.Ben jij in deze opzichten anders dan je ouders, gedaald of gestegen op cult, econ, sociale ladder?

29 BLOK 2, 2 E DEEL SOCIALE NETWERKEN Ga nu het instrument invullen: blok 2 vanaf vraag 31 over netwerken

30 Soort netwerk

31 4 Netwerktypen jongeren 1.Geïndividualiseerde, fluïde vriendschapsnetwerken: bonding én bridging = steun én veel en veel soortige informatie 2.Gesloten jeugdculturele scene: typische jeugdcultuur zoals Gothic, hiphop etc met heel specifieke visie op leven en zich afschermend voor ‘buitenwereld’ = bonding 3.Familieclan: alleen met familie of directe bekenden uit buurt blijven omgaan = bonding 4.Partnercentrering = bonding

32 Hoe bouwen nieuwe leerders geïndividualiseerde, fluïde netwerken op?

33 Waar zijn de netwerken van nieuwe leerders?

34 Ook volwassenen er in Als voorbeeld: mensen die met passie met hun vak bezig zijn Als mentor: deuropener naar kennis en kennissen

35 Functie van netwerken Ze kunnen je helpen ‘school, studie’ goed door te komen: omgang met leraren, keuzes, kansen, risico’s OF juist schoolkansen bederven Visie op je leven te ontwikkelen OF je juist claimen, vasthouden: groepsdruk of miskenning Nieuwe kennis en kennissen op te doen: experimenteren in nieuwe én ‘de juiste’ werelden OF je daar van weg houden Je eigen ‘kapitaal’ verzilveren: een baan, eigen bedrijf OF… Ontsnappingsmogelijkheden: je zit niet vast aan eenmaal gekozen relaties b.v. vaste vrienden, vaste baan OF…. En nogmaals: kansen sterk ongelijk verdeeld: soort zoekt soort: wat voor soort netwerk heb je en wat voor soort steun/visies en informatie wordt daardoor doorgegeven?

36 BLOK 2, 1 E DEEL BIOGRAFISCHE TRAJECTEN Ga nu het instrument invullen: Alleen vragen van blok 2 t/m vraag 31 over jouw eigen trajecten in onderwijs, vrije tijd, werk

37 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen door andere netwerken Al vroeg komen jongeren in gescheiden schooltrajecten (nog los van witte/zwarte/elitescholen): sterk bepaald door sociaal milieu: alleen als kinderen uit lager milieu naar vwo gaan, krijgen ze meer kans met andere sociale netwerken kennis te maken. Meisjes volgen conventionelere, langere trajecten en: typische jongens/meisjes richtingen/vakken: dus andere netwerken, andere ervaringen.

38 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen door andere onderwijstrajecten veel risicoweinig risico veel kansenstapeltrajecten; in-uit-in-trajecten; uitgerekte trajecten. hoge trajecten volgens onderwijslogica. weinig kansenlage trajecten volgens onderwijslogica; ouderschapstraject; in-uit-trajecten; keuze- doolhoftrajecten. middentrajecten volgens onderwijslogica.

39 School geen sleutel Nieuwe leerders gaan in alle opzichten steeds meer op elkaar lijken Maar op terrein onderwijs  Zeer verschillende trajecten: maar toch vooral de ‘veel kansen’ trajecten

40 Schooltrajecten nieuwe leerders Ze verschillen sterk in onderwijstraject, maar allemaal een ‘veel kansen’ traject Nieuwe leerders laagste herkomstmilieu snelste, meest conventionele traject i.t.t. gemiddelde jongere laagste herkomstmilieus Vrouwelijke nieuwe leerders experimenteren langst i.t.t. gemiddelde vrouwen Nieuwe leerder uit laagste milieus en vrouwen wijken hiermee af van gemiddelde beeld van hun milieu/gender Nieuwe leerders gebruiken onderwijs om tot zelfbepaling te komen: onderwijs de lokatie van waaruit ze de typische nieuwe netwerken en daarbinnen jeugdcultureel kapitaal kunnen vormen

41 Belang instituties als onderwijs Voor alle nieuwe leerders geldt: instituties gebruiken ze zolang ze biografisch relevant zijn Dat laatste lijkt dus deels door sociale herkomst en gender bepaald Vandaar juist op het onderwijsdomein verschillen tussen ‘nieuwe leerders’

42 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen door andere vrijetijdsbesteding 3 typen middelbare school: 1.Jeugdcultureel geïnspireerden: computeren, rondhangen, uitgaan, met vrienden kletsen, spelen, experimenteren 2.Cultureel geïnspireerden: deelname aan verenigingen/clubs en activiteiten als boeken lezen, knutselen, huiswerk maken, muziekinstrument bespelen 3.Combineerders

43 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen vrije tijd Kinderen hogere milieus al als kind veel contact met peers (ipv alleen, met gezin) en meer door ouders gestimuleerd tot VT Culturele dimensie vaker bij hogere milieus en meisjes Maar: hogere milieus hebben bovendien meer en gevarieerdere vrijetijdsbestedingen binnen en buiten clubs: meer kansen op groter en gevarieerdere ervaringen: omnivoren Jongens uit hogere milieus gebruiken hun netwerk meeste om jeugdcultureel kapitaal te >>: experimenteren, omgaan met vrienden met veel informele know how

44 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen door ander mediagebruik Vmbo’ers minder en minder gevarieerd internetgebruik minder continue online internet vooral voor contact met vrienden uit echte leven en daarnaast voor entertainment en snel googlen van instant kennis geen inwisselbaarheid en integratie van on- en off line leven

45 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen vrije tijd na middelbare school: 3 typen 1.Steeds minder ondernemen: weinig bronnen en inspiratie voor studie, werk ofwel toekomst 2.Combineerders: studie, bijbaan, vrije tijd in elkaars verlengde: stapeling van kapitaal bepaalt vervolgpad 3.Jeugdcultureel geïnspireerden: in vrije tijd en bijbaan passies ontdekken, los van studie: deze passies en niet zozeer studie leiden tot vervolgpad

46 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen vrije tijd - school Echter: geen samenhang tussen soort en hoeveelheid informele activiteiten en schoolsucces!!! Beste lijkt: véél culturele en veel jeugdculturele activiteiten: maar ook dat hoeft geen schoolsucces te garanderen: het kan er wel deels voor in de plaats komen: juist voor deze groep lijkt school minst relevant! Vandaar dat je juist onder deze groep een groot deel ziet dat weinig in schoolsucces investeert: kansrijke dropouts John Taylor Gatto Op school word je domhttp://www.youtube.com/watch?v=PnC4t8pxmKo&feature=related Minst kansrijk: weinig culturele en jeugdculturele activiteiten en ook geen formeel leren op school: kansarme dropouts

47 3 typen school- werktrajecten 1.Doen waarvoor je bent opgeleid of nu eenmaal in terecht bent gekomen 2.Werk volgt uit vrijetijdsactiviteiten, eigen passies: afgeronde studie niet persé nodig 3.Werk sluit aan op studie/vrije tijd/ passie NB: werkervaringen kunnen er toe leiden dat je er achter komt wat wel/niet past en weer stimuleren tot een nieuwe opleiding NB: veel wisselen van baan/taken  veel nieuwe kennis en kennissen

48 Jeugdcultureelvan kennis en kennissen leerkapitaal nieuwe leerders: heel heterogeen, maar ook vak- specifiek Broedplaatsen: Dát vermarkten ze: niche: niet geïnstitutionaliseerde creatieve, kennissectoren

49 BLOK 3 BIOGRAFISCHE VISIES Ga nu het instrument invullen: Alleen vragen van blok 3: jouw visie op leren, werken, vrije tijd, toekomst

50 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen door andere omgang met leren Instrumentele oriëntatie: leren om punten, diploma of andere prestatie te halen, omdat het er bij hoort, om later goede baan te krijgen etc.. Sociale oriëntatie: vanwege vrienden graag naar school gaan Ontwikkelingsgerichte oriëntatie: studie is interessant en/of biedt experimenteertijd

51 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen door andere omgang met leren Vmbo’ers zeggen behoefte te hebben aan instructie, maar dan liever niet in de vorm van tekst maar mondeling/voordoen en: lineair: stap voor stap en: hulp bij duiden van info gevoelig voor traditionele autoriteiten: vaststaande personen binnen eigen netwerk, gekoppeld aan een bepaalde context: b.v. leraren voor schoolzaken, ouders en vrienden voor meer persoonlijke zaken verwachten van leraren: begrip, didactische vaardigheden, vakkennis (niet begeleiden in zelfstandig leren) verstaan onder leren: leren op school van leraren: ze spreken niet hun netwerk aan om te leren: als ze met peers samenwerken heeft dat vooral betekenis van gezelligheid hebben moeite met grote hoeveelheden informatie en multitasken

52 Schools leren door nieuwe leerders Bínnen school: niet allemaal zappende, betekenisgerichte leerders Orïentaties en gedrag hangen per persoon inderdaad samen (leerstijl), maar hangen niet eenduidig samen met onderwijsresultaat Afhakers bestaan juist uit degenen met door ‘ons gewenste leerstijl’

53 Leren van nieuwe leerders Op school verschillen ze in manieren van leren, máár binnen hun netwerken hetzelfde: zappend leergedrag ontwikkelings- en betekenisgericht

54 Minor PPO Cultuur FASE 2 Bijeenkomst 1 HC: culturele confrontatie Kortom: belangrijk om zoveel mogelijk leerervaringen op te doen in rijke netwerken = leeromgevingen creëer je eigen leeromgeving Joris Methorst the projectnetwork : life hacking Martijn Aslander the projectnetwork

55 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen door andere toekomstoriëntatie Hoe kijk je aan tegen volwassen worden, hoe tegen de toekomst? Standaard- of keuzebiografie oriëntatie? 1.Verstandiger/serieuzer worden gekoppeld aan zekerheid en ‘settelen’: baan, partner, kinderen, huis VERSUS 2.Jezelf blijven ontwikkelen zonder helder beeld van dingen die daar persé bij horen: geen lange termijnplan, je niet vastleggen, je vrijheid en interesses staan centraal en daar geef je zekerheden voor op

56 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen door andere werkoriëntatie Hoe kijk je aan tegen werk? Zekerheid, vaste werktijden, geld, carrière zijn belangrijk: je ziet het pad al voor je Je wil de beste worden op bepaald gebied, steeds beter worden..: dát pad zie je voor je, rest is niet zo belangrijk Nieuwe ervaringen centraal die aansluiten bij je leefstijl: onduidelijk is nog welke paden dat zijn: dat stippel je ook niet uit, ook rest niet zo belangrijk Of zoals veel jongeren: én én én

57 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen door andere omgang met keuzes Hoe maak je keuzes? Je wensen realiseren door je omgeving aan te passen of van omgeving te veranderen versus je wensen aanpassen aan omgeving Pad uitstippelen, zekerheid/definitieve keuzes en/of succes/status/geld daarbij belangrijk versus impulsief kiezen of je door omstandigheden laten inspireren: kansen grijpen die zich voordoen, gewoon dingen uitproberen zonder plan vooraf Angst verkeerd te kiezen, blijven twijfelen versus vrij makkelijk kiezen: overal leer je van en daarna of daarnaast kies je gewoon wat anders

58 Jeugdcultureel leren: ongelijke kansen door andere toekomstoriëntatie Vmbo’ers voelen zich voor hun toekomst meer overgeleverd aan externe krachten: kiezen eerder vanuit hun beperkingen dan vanuit vertrouwen in mogelijkheden kiezen minder sterk dan hoger opgeleiden puur op basis van interesse soms beroepskeuze helder, maar geen relatie tussen opleiding en beroep vaak ook tegenstrijdige instelling: opties open houden, rustig aan willen doen, maar ook rijk willen worden, beroemd willen worden in een baan zijn zekerheid en geld voor hen heel belangrijk (belangrijker dan plezier, uitdaging, passie) in deze opzichten lijken ze sterk op hun ouders (ook als het gaat om onduidelijk of niet reëel beeld bij relatie opleiding-beroep): ouders vormen ook belangrijkste bron voor toekomstkeuzes

59 Jeugdcultureel leerkapitaal: heel specifieke oriëntatie op leren werken vrije tijd Toekomst En: leren=werken=vrije tijd=toekomst

60 BLOK 4 ZELFEVALUATIE Ga nu het instrument invullen: Alleen vragen van blok 4: zelfbeeld en evaluatie van je biografie

61 Ongelijke kansen: zelfevaluatie Gunstig voor keuzebiografie én kennissamenleving Ben je breed geïnteresseerd, nieuwsgierig, pik je gauw grote lijn, trends op en kun je daar creatief mee omgaan, iets unieks mee neerzetten? Kenmerk je je daarbij door uitdagingen opzoeken, kansen grijpen, risico nemen, hard werken, altijd bezig zijn, vertrouwen hebben, zelfverzekerd zijn Of ben je het tegenovergestelde of ergens tussenin of wil je én én? LET OP: besef je hoe zeer je dit wel/niet van thuis uit en/of je huidige netwerk meekrijgt?

62 Ongelijke kansen: zelfevaluatie Gunstig voor keuzebio en kennissamenleving Heb je gevoel van grip op en vertrouwen in je leven én een realistisch besef van de mate waarop context invloed heeft op jouw leven? Heb je manieren om met problemen om te gaan, kun je daarbij een netwerk inschakelen? LET OP: besef je hoe zeer je dit wel/niet van thuis uit en/of je huidige netwerk meekrijgt?

63 Ongelijke kansen: zelfevaluatie Wie is keuzebiografisch competent? Ben je tevreden, doe je wat je leuk vindt of zorg je dat je dat gaat doen en weet je hoe dat aan te pakken? Kun je (nu) een samenhangend levensverhaal vertellen, dat ook steeds weer opnieuw en daarin nieuwe ervaringen de juiste betekenis geven?

64 Scharnier tussen dromen en realiseren Handelen nieuwe leerder gekenmerkt door: actief individualisme (opties open, risco nemen, niet plannen, kansen grijpen) dat juist door hun netwerk ook mogelijk is maatschappelijk besef: daardoor besef van kansen en eigen (on)mogelijkheden flexibele identiteit die bijeengehouden wordt door steeds opnieuw ‘vertellen’ van je levensverhaal: hierbij betekenis kunnen geven aan eerdere ervaringen en koppelen aan nieuwe ervaringen (biografische reflectie)

65 Leerbiografie, leefstijl econ, cult, soc kapitaal SOCIALE ACHTERGROND TRAJECTEN school, vrije gendertijd, werk BIOGRAF. VISIES:LEEFSTIJL leren, werk, toekomst etc. ZELFEVAULATIE econ, cult, soc kapitaal eigen SOCIALE NETWERKEN soort netwerk: bonding, bridging, netwerktype 1900Tijd: generatiecultuur  2000 Plaats: nationale, regionale cultuur

66 Samenvatting Sociale achtergrond: –Generatie? –Econ, cult, soc kapitaal ouders/verzorgers –Opvoedingsstijl? Soorten netwerken: –Geïndividualiseerde, fluïde vriendschapsnetwerken –Gesloten jeugdculturele scene: –Familieclan –Partnercentrering Soort school- en werktraject –Kansrijk standaard/stapel/in en uittraject –Kansarm standaardtraject, uitval, keuzedoolhof Soort vrijetijdsbesteding: –Jeugdcultureel –Cultureel –Combineerders Visie op leren, werken, toekomst –Standaard- of keuzebiografische oriëntatie –Moderne of postmoderne visie op levensterreinen

67 CONGRES EULE leven loopbaan leren Lezing en workshop Zie:


Download ppt "CONGRES EULE leven loopbaan leren Lezing en workshop Zie: www.isabellediepstraten.nlwww.isabellediepstraten.nl."

Verwante presentaties


Ads door Google