De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Moleculen en atomen Hoofdstuk 7. Moleculen Iedere zuivere stof is opgebouwd uit een eigen molecuulsoort: bv: water uit watermoleculen suiker uit suikermoleculen.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Moleculen en atomen Hoofdstuk 7. Moleculen Iedere zuivere stof is opgebouwd uit een eigen molecuulsoort: bv: water uit watermoleculen suiker uit suikermoleculen."— Transcript van de presentatie:

1 Moleculen en atomen Hoofdstuk 7

2 Moleculen

3 Iedere zuivere stof is opgebouwd uit een eigen molecuulsoort: bv: water uit watermoleculen suiker uit suikermoleculen Een stof is volledig opgebouwd uit moleculen Moleculen zijn de kleinste deeltjes van een stof.

4 Verschillende fasen In elke fase van een stof zijn er dezelfde moleculen Bv: de stoffen ijs, water en waterdamp bestaan allen uit watermoleculen.

5 Moleculen raken elkaar en staan op 1 plaats. Ze trillen. Vaste stof Moleculen trekken elkaar aan dmv vanderwaalskrachten

6 Vloeistof Moleculen raken elkaar en bewegen langs elkaar heen.

7 Moleculen die op grote afstand van elkaar door elkaar heen bewegen. Tussen deze moleculen is niets (ook geen lucht). Gas

8 Atomen

9 Moleculen zijn opgebouwd uit atomen Alle atomen van 1 soort zijn aan elkaar gelijk

10 Bij een chemische reactie gaan de moleculen kapot en worden er van de atomen nieuwe moleculen gevormd. Bv: C,H (g) + O (g) C,O (g) + H,O (g)

11 Mengsel Alle materie Zuivere stof Ontleedbare stofNiet-ontleedbare stof

12 Molecuulformules Hoeveel atomen van welke soort er in een molecuul zitten, wordt aangegeven door een molecuulformule index 5 moleculen water: 5 H 2 O coëfficiënt De stof water bestaat uit heel veel moleculen water, daarom geven we dat aan met H 2 O met de fase-aanduiding: H 2 O (s) = ijs H 2 O (l) = water H 2 O (g) = waterdamp Bv: 1 molecuul water: H 2 O O HH

13 NN Ar Formules niet-ontleedbare stoffen

14 Naamgeving ontleedbare stoffen: Distikstoftetraoxide N2O4N2O4 Formule uit naam af te leiden!

15 Reactievergelijkingen Woorden: koolstof (vast) + zuurstof (gas)  koolstofmonoöxide (gas) Symbolen: C (s) + O (g)  C,O (g) Formules: C (s) + O 2 (g)  CO (g) Maar: voor en na de reactie moet een gelijk aantal atomen aanwezig zijn!  Kloppend maken!

16 Stappen voor kloppend maken Tel aantal atomen voor en na de pijl: C (s) + O 2 (g)  CO (g) 1 C + 2 O 1 C + 1 O Verander aantal moleculen CO: C (s) + O 2 (g)  2 CO (g) 1 C + 2 O 2 C + 2 O Verander aantal moleculen C: 2 C (s) + O 2 (g)  2 CO (g) 2 C + 2 O 2 C + 2 O 

17 Huiswerk voor morgen Lezen paragraaf 7.3 Maken opgave: 17, 19, 20 Uitprinten presentatie (http://scheikunde.fellownet.com/)


Download ppt "Moleculen en atomen Hoofdstuk 7. Moleculen Iedere zuivere stof is opgebouwd uit een eigen molecuulsoort: bv: water uit watermoleculen suiker uit suikermoleculen."

Verwante presentaties


Ads door Google