De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De theoretische cultuur (4) De moderne tijd: van betekenis naar structuur, van ethisch naar wetenschappelijk.

Verwante presentaties


Presentatie over: "De theoretische cultuur (4) De moderne tijd: van betekenis naar structuur, van ethisch naar wetenschappelijk."— Transcript van de presentatie:

1 De theoretische cultuur (4) De moderne tijd: van betekenis naar structuur, van ethisch naar wetenschappelijk

2 Chronologie - Theoretische cultuur  Grafische cultuur ( jaar – heden)  Magische cultuur ( – jaar)  Totemistische cultuur ( – vJ)  Religieuze cultuur (5.000 – 700 vJ)  Theoretische cultuur (700 vJ – heden)  Griekse oudheid (700 vJ – )  Romeinse oudheid (300 vJ - 300)  Middeleeuwen  Oost-Europa: het Byzantijnse rijk  West-Europa: verschillende rijken  Moderne Tijd  Renaissance

3 Van hardop naar stillezen De geboorte van de moderne tekst en een nieuwe manier van lezen

4 Van hardop lezen naar stillezen 1. Zonder klinkers, zonder spaties

5 Van hardop lezen naar stillezen 2. Met spaties, maar zonder klinkers

6 Van hardop lezen naar stillezen 3. Scriptura continua (met klinkers, zonder spaties)

7 Van hardop lezen naar stillezen 4. Scriptura continua (met leestekens)

8 Van hardop lezen naar stillezen 5. Woordscheiding en leestekens

9 Van hardop lezen naar stillezen 6. De vorm van de tekst

10 The Birth of the Modern Mind Het ontstaan van het sonnet

11 Vraag 1 Paul Oppenheimer noemt Frederick II in feite een sleutelfiguur in de culturele transformatie van middeleeuwen naar moderniteit. Onderbouw deze bewering (wees volledig!)

12 Eerdere fasen in de theoretische cultuur 1. Het Griekse bewustzijn: idealistisch  Hoofdvraag: hoe kan ik de werkelijkheid kennen  Waarneming centraal  Idealistisch (zoekt naar ideaal via concrete waarnemingen)  Individu staat centraal (vrijheid)  Representatie van de werkelijkheid  Steeds nieuwe representatievormen (originaliteit)

13 Eerdere fasen in de theoretische cultuur 2. Het Romeinse bewustzijn: pragmatisch  Hoofdvraag: hoe kan ik kennis gebruiken om de werkelijkheid naar mijn hand te zetten  Handelen centraal i.p.v. waarneming  Pragmatisch (het handelen blijft concreet)  Collectief staat centraal (trouw)  Representatie van ideologische waarden  Statische representatievormen ontleend aan de Grieken (herkenbaarheid)

14 Het middeleeuwse bewustzijn Ethisch  Hoofdvraag: hoe kan ik kennis krijgen van het goddelijke en goed handelen?  Door en door rationeel  Kloof tussen God en mens  Representatie van een hogere werkelijkheid  Gericht op het handelen (net als Romeinen)  Maar: bij Romeinen bleef dit handelen concreet  Bij de Middeleeuwers wordt het handelen abstract (het gaat om de betekenis van het handelen)

15 Het moderne bewustzijn Wetenschappelijk Frederick II kondigt een nieuwe fase aan in de theoretische cultuur: de moderne tijd (Renaissance)  Hoofdvraag: hoe kan ik de structuur van de werkelijkheid kennen  Het belangrijkste principe van de Grieken (de waarneming) keert terug, maar wordt abstract.  Het wereldbeeld wordt wetenschappelijk.  De wiskunde wordt een belangrijk model voor het denken (vertalingen uit het Arabisch van Euclides; in 1202 schrijft Fibonacci de eerste moderne verhandeling over wiskunde)  Voorbeelden: Sonnet, Centraal perspectief

16 Vraag 2 Waarover handelt zijn De arte venandi cum avibus en waarom werd dit werk door de kerk als subversief beschouwd?

17 Vraag 3a Aan het hof van Frederick II kwam ook een nieuw genre, het sonnet, tot bloei. Welke essentiële verschillen vallen er tussen het sonnet en de daaraan voorafgaande vormen van poëzie te constateren?

18 Verschillen tussen sonnet en troubadourlyriek  Troubadourlyriek:  Bedoeld om opgevoerd te worden voor een publiek (van aristocraten)  Afstand tussen dichter en zijn geliefde  Conflict is extern en in feite radicaal onpersoonlijk  Sonnet  Bedoeld om (in stilte) gelezen te worden door een lezer  Conflict is intern en juist wel persoonlijk  Emotionele problemen worden via een logische structuur ‘opgelost’

19  Nieuw genre: de sonnet  Werd als snel opgevat als een nieuwe manier van denken over de wereld  Genre dat door zijn vorm gericht was op het innerlijk (geen opvoering/muziek meer nodig)  Het sonnet roept door zijn vorm vragen op over de waarden, ideeën en bestaanswijzen van de mens, het was onzeker of de uitkomst van deze vraag overeenkwam met de leer van de kerk

20 De structuur van het sonnet  1 a  2 b kwatrijn  3 a  4 b  octaaf  5 a  6 b kwatrijn  7 a  8 b  -- wending --  9 c  10 d terzet  11 e  sextet  12 c  13 d terzet  14 e

21 Castel Del Monte in Puglia, Italië

22

23

24 Vraag 3b Waarom noemt Oppenheimer het sonnet ‘the single most significant innovation in literature in the past eight hundred years’?


Download ppt "De theoretische cultuur (4) De moderne tijd: van betekenis naar structuur, van ethisch naar wetenschappelijk."

Verwante presentaties


Ads door Google