De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Fundamenteel beleggen Een belegger is mede-eigenaar van het bedrijf waarvan hij aandelen bezit. De fundamentele belegger is primair geïnteresseerd in de.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Fundamenteel beleggen Een belegger is mede-eigenaar van het bedrijf waarvan hij aandelen bezit. De fundamentele belegger is primair geïnteresseerd in de."— Transcript van de presentatie:

1 Fundamenteel beleggen Een belegger is mede-eigenaar van het bedrijf waarvan hij aandelen bezit. De fundamentele belegger is primair geïnteresseerd in de kwaliteit van een bedrijf en secundair in de prijs van de aandelen van het bedrijf. Hij analyseert vooral fundamentele gegevens van een bedrijf. De technische belegger is primair geïnteresseerd in de koersen en de handelsvolumes van de aandelen van een bedrijf en secundair in de kwaliteit van het bedrijf. Hij analyseert vooral het koersverloop van de aandelen van een bedrijf. Eppo R. Kooi. Eindhoven; 21nov11.

2 Waarom fundamenteel beleggen? Fundamenteel beleggen is geschikt voor de lange termijn, bijvoorbeeld om zelf voor aanvullend pensioen te zorgen, om de toekomstige koop van een huis mogelijk te maken, om opleidingskosten van eventuele kinderen in latere jaren te kunnen bekostigen. Fundamenteel beleggen vergt minder voortdurende aandacht dan technisch beleggen. Je denkt meer in jaren en maanden. Je kunt eventueel volstaan met periodieke controle per kwartaal en het jaarlijks bijwerken van de financiële bedrijfsgegevens.

3 Hoe fundamenteel beleggen? Er zijn voor particulieren enkele doe-het-zelf methoden om fundamenteel te beleggen, zoals de DCF-methode (Discounted Cash Flow), de NAIC- of SSG-methode (Stock Selection Guide). De DCF-methode is gebaseerd op het berekenen van de huidige reële koerswaarde (fair value) van een aandeel met behulp van de geschatte toekomstige opbrengst door koerswinst en uitgekeerd dividend. De aldus berekende koers wordt vergeleken met de huidige koers op de beurzen. De SSG-methode berekent de reële koerswaarde van een bedrijf met behulp van kerncijfers uit financiële jaarverslagen en vergelijkt die waarde met de huidige koersen op de beurzen. Enkele Nederlandse en Belgische commerciële bedrijven geven koop- en verkoopadviezen via nieuwsbrieven en webpagina’s.

4 Toelichting SSG, NAIC en CoSA. De SSG-methode is het gestandaardiseerde vervolg van de medio vorige eeuw door de Amerikaanse beleggersvereniging NAIC gepropageerde wijze van fundamenteel beleggen. De methode heeft gedurende ongeveer zestig jaren getoond, dat er gemiddeld na vijf jaar vrijwel een verdubbeling van de aanvangs- waarde is verkregen. De SSG-methode gebruikt een SSG-bestand dat gestandaardiseerd de kerncijfers en andere gegevens van een bedrijf bevat. Op deze wijze zijn de kerncijfers internationaal en door verschillende bewerkingsprogramma’s te gebruiken. Een Nederlandse versie van SSG’s is de CoSA-verzameling (Computer ondersteunde Selectie van Aandelen). De CoSA-verzameling van bijna 200 SSG-bestanden is toegankelijk voor leden van HCC-beleggen, VEB en NCVB. Bekende succesvolle fundamentele beleggers: (voorheen) Benjamin Graham en Warren Buffett.

5 Hoe beoordeel je of een bedrijf goed genoeg is om er mede-eigenaar van te worden? Je wordt mede-eigenaar door aandelen van het bedrijf te kopen. De koers, anders gezegd, de prijs van een aandeel in het bedrijf zal doorgaans de waarde van het bedrijf niet correct weergeven. Het bedrijf zal derhalve over- of ondergewaardeerd zijn. Discutabele stelling: Als fundamenteel analytisch belegger ben je directer betrokken bij het wel en wee van een bedrijf en daardoor een directere bijdrager aan de economie dan een technisch analytisch belegger. De fundamentele belegger als koper van aandelen wil een beter rendement behalen dan de gangbare spaarrente. Dit houdt in, dat het bedrijf voldoende winstgevend is in de voorliggende tijd; dat de koper een ondergewaardeerd aandeel aanschaft; dat de koper ervan uitgaat, dat vroeg of laat de markt de echte waarde van het bedrijf zal ontdekken. In veel gevallen leidt dat overigens nogal eens tot meer of minder snelle overwaardering door de markt.

6 Bepalen van de reële koerswaarde van een bedrijf De fundamentele belegger heeft, alvorens aandelen te kopen, de volgende informatie nodig: Wat is de huidige reële koerswaarde van het bedrijf? Is het een bedrijf dat groeit in omzet en winst? Brengt het meer op dan een spaarrekening? Wat is de kans op winst vergeleken met de kans op verlies? Met historische kerngegevens uit jaarverslagen van het bedrijf vormen we ons een beeld van de kwaliteiten van het bedrijf en het gevoerde beleid. Met bijbehorende koerswaarden kunnen we zien hoe deze zich verhouden tot de prestaties van het bedrijf. Het gaat om de volgende kerncijfers van het te beoordelen bedrijf, omzetten, nettowinsten, eigen vermogen per aandeel, dividend per aandeel, winst per aandeel, de hoogste en de laagste koersen in de laatste vijf tot liefst tien boekjaren. Totaal maximaal 70 cijfers.

7 Kerngegevens van het bedrijf en aandeel (Imtech) We constateren dat in alle kolommen de cijfers groei laten zien, derhalve reden om nader op dit bedrijf en aandeel in te gaan.

8 Eigenschappen van groei. Als de omzet, nettowinst, eigen vermogen en winst per aandeel gemiddeld jaarlijks groeien kunnen we ook de cumulatieve procentuele groei per jaar bereken. Is de jaarlijkse groei procentueel gelijk dan is er sprake van exponentiële groei. Geven we de omzet e.d. in een grafiek semilogarithmisch weer dan wordt exponentiële groei zichtbaar als waarden op een rechte lijn. Omdat we het liefst aandelen kopen die stabiel en regelmatige groei laten zien, biedt een semilogarithmische grafiek een snelle indruk van de kwaliteit van het bedrijf. Het parallel lopen van de lijnen door de waarden van omzet en winst per aandeel is één van de beoordelingscriteria.

9 Kerngegevens grafisch weergegeven (Imtech) Visuele inspectie van groei, stabiliteit en parallelliteit ervan geeft aan dat verdere analyse zinvol is.

10 Relatie tussen winsten en koersen Bij stabiele groei van de omzet en de winst per aandeel (WpA), alsmede de parallelliteit van de omzet- en WpA- waarden, nemen we aan dat de WpA- groei in de nabije toekomst niet significant verandert. De relatie tussen de WpA- en de koerswaarden, K, drukken we uit in de koerswinst–verhouding, kw. kw = koerswaarde per aandeel(K) / winst per aandeel(WpA), dus kw = K/W en K = kw x WpA. Bij stabiele groei van de WpA nemen we aan dat ook de koersen gemiddeld een zelfde groei zullen hebben. Impliciet houdt dat in dat de kw constant wordt verondersteld. In een boekjaar variëren de koersen, K, tussen de hoogste en laagste koersen. We berekenen daarom ook de hoogste en laagste koerswaarden in de vóórliggende jaren, beide met dezelfde groei als die van de WpA, dus met dezelfde hellingen. We zullen voor beide koersprognoselijnen nog een startwaarde moeten bepalen.

11 Ligging van de koersprognoselijnen Waar de beide regressielijnen eindigen beginnen de prognoselijnen van de hoogste en laagste koersen in de vóórliggende jaren. Deze zijn getekend met iets dikkere rode en groene lijnen. De NAIC-methode neemt aan, gebaseerd op langdurige ervaring, dat de koersen in de voorliggende jaren zeer waarschijnlijk zullen liggen tussen de, al of niet berekend, laagst voorkomende koers en hoogst voorkomende koers. De hiervoor genoemde waarschijnlijkheid is het grootst in het eerste jaar na het laatste boekjaar en dus is het belangrijk de SSG’s jaarlijks te actualiseren. Voor het berekenen van de startwaarden van de koersprognoselijnen gebruiken we twee regressielijnen, één door de hoogste koersen en één door de laagste koersen in de laatste vijf boekjaren.

12 Bepalen van de koop- en verkoopgrenzen De NAIC-methode bepaalt een koop- en verkoopgrens door het eerder genoemde bereik tussen hoogste, H, en laagste koers, L, in de vóórliggende jaren in drie gelijke gebieden op te splitsen; een koopgebied, een verkoopgebied en er tussen een houdgebied; aangegeven door stippellijnen. Het koopgebied is het gebied onder de laagste stippellijn en het verkoopgebied ligt boven de hoogste stippellijn. NAIC stelt nog als extra voorwaarde voor een koopadvies, dat de “kans” op winst minstens drie keer zo groot is als de “kans” op verlies. NAIC gebruikt daarvoor de winstverliesverhouding, wv. Noemen we de huidige of recente koers R, dan is wv = (H–R)/(R-L). Dus de NAIC-koopvoorwaarde is: wv >= 3. De reële koerswaarde (fair value) heeft een wv = 1, dus H-R = R-L.

13 Samenvatting en advies op basis van de kerngegevens

14 Enkele aanvullende karakteristieken (Imtech) Exponentiële groei van het eigen vermogen per aandeel. Groei in omzet brengt extra winst met zich mee, dus zinvolle groei in omzet. Lage kw-verhouding; begint te stijgen. Winst neemt gemiddeld toe t.o.v. het eigen vermogen. Recent stijgt het eigen vermogen sneller dan de winst.

15 Deel van een tabel met NAIC-adviezen De CoSA-verzameling bevat bijna 200 SSG-bestanden. Met behulp van NAIC-criteria worden de fondsen op volgorde van beleggingswaardigheid (K, n,v) gesorteerd. Door extra filters aan te brengen wordt een kopgroep van de meest beleggingswaardige fondsen gevormd.

16 Een voorbeeld van een met behulp van de NAIC- methode samengestelde portefeuille.

17 Wijzigingen in de fundamentele voorbeeldportefeuille Bij deze portefeuille beslist het CoSA/SSG/NAIC-systeem welke fondsen aan de portefeuille zouden kunnen worden toegevoegd of welke uit de portefeuille zouden moeten worden verwijderd. In de portefeuille zaten sinds 2009 nog drie fondsen. Tot medio 2011 waren er vrijwel geen Europese fondsen geschikt om in de FA-portefeuille te worden opgenomen. Bij het lager worden van de koersen van fondsen worden ondergewaardeerde kwalitatief goede bedrijven koopwaardig.

18 Waar is informatie over fundamenteel beleggen te vinden? Bezoek de webpagina’s van en via die pagina’s andere web sites.http://www.ncvb.nl/CoSA Door op het web te zoeken naar fundamental analysis of stocks, value investing, stock selection guide e.d. Bezoek de webpagina’s van Vragen of hulp nodig: naar Deze PowerPointpresentatie over Fundamenteel beleggen, is te downloaden via de webpagina Let op: adressen van webpagina’s zijn hoofdletter gevoelig.

19 Slot Zie eventueel nog het aanhangsel op de volgende dia over PEG en RV.

20 PEG (kw/winstgroei-verhouding) en RV (relative value) PEG = (Huidige kw) / (winstprognose) Huidige kw = huidige koers / WpA in laatste boekjaar Winstprognose = WpA-groei berekend met de beschikbare boekjaarcijfers, exclusief de uitschieters. De PEG vindt zijn oorsprong in de historisch vuistregel, dat als de kw- verhouding van een fonds gelijk is aan de jaarlijkse procentuele winstgroei, de koers van het fonds reëel geprijsd is (een fair value heeft). Dus als kw = %winst/jr dan heeft de kw volgens de vuistregel een waarde die redelijk overeenkomt met de reële waarde van het bedrijf. Als 0 1 is het aandeel overgewaardeerd en als PEG ~ 1 is het aandeel goed gewaardeerd. RV = (Huidige kw) / (gemiddelde kw in de laatste vijf boekjaren) Als RV 1 is het aandeel overgewaardeerd en als RV ~ 1 is het aandeel goed gewaardeerd. Aanhangsel


Download ppt "Fundamenteel beleggen Een belegger is mede-eigenaar van het bedrijf waarvan hij aandelen bezit. De fundamentele belegger is primair geïnteresseerd in de."

Verwante presentaties


Ads door Google